home.social

#jeruzalem — Public Fediverse posts

Live and recent posts from across the Fediverse tagged #jeruzalem, aggregated by home.social.

fetched live
  1. Belgische Broeders In Christus @belgischebroedersinchristus.wordpress.com@belgischebroedersinchristus.wordpress.com ·

    Verdeeldheid in Israël en haar val 3 Vlucht naar hun Heilig Land

    Roep van het Heilige Land

    Al eeuwen droomden Joden van hun Heilige Land dat hen door God toegewezen zou zijn. Beloofd door God wisten ze dat het niet zou uit blijven en dat het hen zou toekomen.

    De Volkenbond van 1919 wilde een Joodse instantie om het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Ierland te adviseren bij de vestiging van een Joods tehuis in Palestina. De oprichting ervan werd uitgesteld omdat Oost-Europese zionisten niet wilden dat niet-zionisten erbij betrokken werden. De oprichting werd uitgesteld tot 11 augustus 1929. Toen werd tijdens het 16e zionistische wereldcongres in Zürich besloten dat het in 1908 opgerichte Palestine Zionist Executive zou worden gereorganiseerd en verder zou gaan als de Jewish Agency for Palestine.

    De Jewish Agency trad op als vertegenwoordiging van de Joden in het Britse Mandaatgebied Palestina. Ook was zij verantwoordelijk voor de interne zaken van de Jisjoev, de joodse gemeenschap in Palestina. Geleidelijk aan verloren de niet-zionisten hun posities en werd het een overwegend zionistisch bureau. Het opende kantoren in Jeruzalem, Londen en Genève, en tijdens de Tweede Wereldoorlog in New York.

    Na de grote verschrikking van de Holocaust waren de Joden nog niet van de aardbol weggeveegd, al hadden sommige niet-Joden dat wel gehoopt. Na die grote vernietiging moest en zou er terug een opbouw van de joodse gemeenschap gebeuren. Sinds de Joden vanaf 1948 de mogelijkheid zagen om naar “hun Heilig Land” te trekken, hebben velen die kans dan ook waar gemaakt.

    het Heilige Land (Hebreeuws: אֶרֶץ הַקּוֹדֶשׁ Ereṣ haqQōdeš, Latijn: Terra Sancta; Arabisch: الأرض المقدسة Al-Arḍ Al-Muqaddasah of الديار المقدسة Ad-Diyar Al-Muqaddasah) wordt in de Abrahamitische religies gebruikt voor verschillende afbakeningen binnen de historische regio KanaänJeruzalem als begrip en als heilige stad neemt in deze religies een bijzondere plaats in. Verschillende godsdiensten hebben er een heiligdom. {Wikipedia}

    Politieke en religieuze motivatie

    Na de oprichting van de staat Israël in 1948 hebben veel Joden hun toevlucht gezocht in het Heilige Land, voornamelijk door migratie en immigratie. Deze beweging wordt vaak aangeduid als de Zionistische migratie of aliyah. Er waren verschillende factoren die deze migratie stimuleerden:

    Veel Joden zagen Israël als hun historische en religieuze thuisbasis en wilden terugkeren naar het land van hun voorouders. De oprichting van een joodse staat werd gezien als een belangrijke stap in de realisatie van hun nationale en religieuze aspiraties.

    Vlucht uit vervolging

    Na de Holocaust en de verwoestingen tijdens de Tweede Wereldoorlog namen joden over de hele wereld, vooral in Europa, de beslissing om naar Israël te emigreren om te ontsnappen aan antisemitisme en vervolging. Het antisemitisme was erg genoeg na de beëindiging van de Tweede Wereldoorlog niet verdwenen. Erg genoeg zag men het in het eerste kwartaal van de 21ste eeuw weer opduiken, toen in Europa, maar ook in de Verenigde Staten van Amerika, rechtse groeperingen weer opkwamen.

    Organisatie en steun

    Er ontstonden een etnonationalistische beweging en ideologie die een joods thuisland of joodse staat ondersteunde in het gebied waarin in bijbelse tijden de israëlitische koninkrijken Israël en Juda hebben gelegen.

    Toen het Volk Van God in Mesopotamië in ballingschap verbleef in de 6e eeuw vgt na de verwoesting van Jeruzalem en de Tempel van Salomo door koning Nebukadnezar II stelden zij hun hoop op Zion. De tweede deportatie na de verwoesting van de tempel van Jeruzalem in 587 vgt en mogelijk een derde deportatie (naar Egypte) in 582 vgt, na de moord op de gouverneur Gedalja vormden het begin van de later talloze Joodse gemeenschappen die permanent buiten Juda woonden, wat de Joodse diaspora wordt genoemd. De Joodse diaspora en het mislukken van de emancipatie van de Joden in de 19e eeuw werden de  twee pijlers van de zionistische beweging.

    Onder seculiere Joden ontstond in het 19e-eeuwse Europa het politieke zionisme vooral door de tegenstand van burgers rondom hen, die hen aanzagen als onterechte veroveraars van posities die zij wensten te bekleden. Vooral de welgesteldheid van bepaalde Joden stak de ogen uit van de gewone bevolking. Moorden op Joden en vernietiging van Joods eigendom door pogroms in Oost-Europa en Rusland versterkten deze visie, maar ook in West-Europa groeide het antisemitisme.

    De Zionistische beweging en organisaties zoals het Joodse Agentschap de Jewish Agency for Israel (ha-Sochnut ha-jehudit) een Israëlische niet-gouvernementele organisatie, speelden een centrale rol in het organiseren van migratie, het verstrekken van financiën, en het bieden van ondersteuning aan nieuwkomers.

    Wetten en regelingen

    Israël voerde wetten in die migranten stimuleerden, zoals de ‘Law of Return’ (Wet op de Terugkeer – 1950), waarin staat vermeld dat iedereen waar ook ter wereld die van (gedeeltelijke) Joodse komaf is, het recht heeft zich in Israël te vestigen en het Israëlische staatsburgerschap te verkrijgen. Volgens de uitgeschreven wet kan dit echter niet bekomen worden door Joden die tot een andere godsdienst zijn overgegaan. Tot april 2008 kwam dit nogal eens voor bij messiasbelijdende Joden en bij andere Joden die zich tot het christendom hadden bekeerd. Door een uitspraak van het Israëlisch hooggerechtshof op 16 april 2008 is het voor deze groep nu wel mogelijk het Israëlisch staatsburgerschap te verkrijgen.

    De nieuwe staat bood kansen voor een nieuw leven, landbouw, en het opbouwen van de samenleving, wat veel Joden aantrok. Voor velen was het een kans om van nul af aan een nieuw leven op te bouwen.

    Zo zijn er meerdere aliyah’s op gang gekomen die hebben bijgedragen aan de groei van de joodse bevolking in Israël en het versterken van de nationale identiteit van het land.

     

    +

    Voorgaande

    1. Let op de vijgenboom
    2. Kracht en koninkrijk van onze God en de autoriteit van Zijn Christus
    3. Verdeeldheid in Israël en haar val 1 Israëls ontwikkeling na het Nazitijdperk
    4. Verdeeldheid in Israël en haar val 2 Israëlieten hun houding tegenover anderen

     

    ++

    Aanvullend

    1. Bedenkingen: Gods eigen Volk
    2. 2020 jaar geleden werd de weg geopend
    3. Christenen die beweren te behoren tot het Volk van God en Israël tot hun heilig land willen uitroepen
    4. Joodse Wetten en Wetten voor Christenen
    5. Het Bethlehem uit de Christelijke traditie of uit de werkelijkheid
    6. De nacht is ver gevorderd 21 Studie 4 Nu actueel: Optreden van de kolonisten
    7. Beknopte geschiedenis van de Aliyah van Russische Joden naar Israël (1881-1991)
    8. Niet te negeren gebeurtenissen rond Joden in België
    9. Tzahal concert in Antwerpen zorgt voor beroering
    10. Islamitische terreur doet hulp aan Palestijnen verminderen
    11. Tweespalt in de benadering van het Israëli Palestijns conflict
    12. Het zijn van Gaza en Israël
    13. De westerse wereld staat erbij en kijkt ernaar
    14. Een zelfmoordmissie uit wanhoop
    15. De Logika van steeds meer Oorlog
    16. Besmeurder van het Joodse volk en Joodse geloof
    17. Een humanitaire ramp en oorlogmisdaden die moeten gestopt worden
    18. Rechtvaardig, humaan, vrij en democratisch Nederland?
    19. Terborg-sjoel herbouwd in Mevo Choron
    20. Joodse emigratie niet volgens de tijd van Nederlandse christenen
    21. Israël bashing is de norm geworden in het Westen
    22. Heeft er een Idoliseren van Israël plaats
    23. Vermindert aantal pelgrims voor Heilige Land
    24. Bedenking bij het Joodse nieuwjaar Rosh Hashanah 2024
    25. Trinitarische zendelingen die Joden tot Christus willen brengen

    Beoordeel dit:

    #AliyahZionistischeMigratieNaarIsraël #antisemitisme #eenentwintigsteEeuw #emancipatieVanDeJoden #etnonationalistischeBeweging #Europa #HeiligLand #HeiligeLand #Holocaust #Israël #Israëliet #IsraëlischeStaatsburgerschap #Jeruzalem #JewishAgencyForIsraelJoodseAgentschapVoorIsraël #JewishAgencyForPalestineJoodsAgentschapVoorPalestina #JoodsThuisland #JoodseDiaspora #Kanaän #KoninkrijkIsraël #KoninkrijkJuda #LawOfReturnWetOpDeTerugkeer1950 #mandaatgebiedPalestina #messiasbelijdendeJoden #natieIsraël #negentiendeEeuw #nietJoden #OostEuropa #OostEuropeseZionistEn #Palestina #PalestineZionistExecutive #pogromS #politiekeZionisme #seculiereJoden #VerenigdeStatenVanAmerika #VolkVanGod #Volkenbond1919 #YishuvJisjoevJodenVDBevolkingVPalestina #zesddeEeuwVgt #Zion #zionisme #ZionistischeBeweging #ZionistischeWereldorganisatieWZO #ZionistischeWereldcongres
  2. Faits divers (52)

    Zomaar een reliëf (Museum van Lleida)

    Een nieuwe aflevering in de onregelmatig verschijnende reeks faits divers, en anders dan in de vorige afleveringen, waarin ik meestal een stuk of drie onderwerpen aansneed, heb ik er vandaag een heleboel.

    Antieke seksualiteit

    Wat is de bestudering van de Oudheid eigenlijk? Eigenlijk zetten we drie stappen.

    1. We bestuderen de oude wereld om een samenleving te leren kennen die voorgoed voorbij is en wezenlijk anders.
    2. Als je meent dat de Oudheid ook belangrijk is (maar waarom zou je?), kun je de verschillen identificeren met onze wereld.
    3. Daarna zoek je voor die verschillen een verklaring om zo je eigen denkwereld beter te doorgronden. Feitelijk draait het dus om zelfkennis.

    Meestal blijft voorlichting echter beperkt tot stap één. Hoe het desondanks óók kan, kunt u lezen in dit artikel over de vrouwelijke seksualiteit. Waarom denken wij anders dan de mensen toen, en wat zegt dat over onszelf?

    Blauw zien

    Een bekende misvatting is dat de oude Grieken kleuren anders zagen, en het is waar: Homeros noemt de zee wijnrood. De Grieken leden echter niet aan kleurenblindheid: Josine Schrickx vertelde al eens over het algemene patroon waarmee talen namen geven aan kleuren. Wellicht is er een biologische verklaring voor het verschijnsel dat andere talen minder kleurnamen hebben.

    Diodoros van Sicilië

    Over Diodoros van Sicilië heb ik eerder geblogd. Hij is belangrijk, want hij biedt bijvoorbeeld de enige doorlopende geschiedenis van Griekenland in de vijfde en vierde eeuw. In dat eerdere blogje, gewijd aan de vertaling van de boeken één tot en met vijf, opperde ik dat het fijn zou zijn als de boeken over Griekenland ook eens zouden worden vertaald. En wat zo leuk is: daar blijkt een begin mee te zijn gemaakt. Dank je wel, John Nagelkerken, voor de boeken elf tot en met dertien.

    Vindonissa

    Windisch in Zwitserland is de Romeinse stad Vindonissa. Dat was tevens een belangrijke legioenbasis, waar XIII Gemina de weg naar de Alpenpassen verdedigde. Over het ontstaan van Vindonissa begint langzamerhand meer duidelijkheid te ontstaan.

    Oud manuscript (1): Paulus

    Als een tekstvondst de nationale media haalt, moet het wel iets bijzonders zijn. En jawel: er is nieuws over een zesde-eeuws manuscript met de brieven van Paulus, de zogeheten Codex H. Bernard de Montfaucon, de auteur van een beroemde achttiende-eeuwse oudheidkundige encyclopedie, heeft als eerste die Codex H geïdentificeerd en vastgesteld dat het boek op zeker moment uit elkaar was gehaald, dat de inkt van het perkament was afgeschraapt en dat de vellen vervolgens waren gebruikt voor andere doelen (een zogeheten palimpsest). Het zou natuurlijk leuk zijn als we alle bladen van het gerecyclede manuscript terugvonden, en daarbij hebben onderzoekers nu aanzienlijk succes. Nederlandse uitleg hier, wetenschappelijke publicatie daar.

    Wat betekent dat? We kennen de tekst van de brieven van Paulus toch? Ja zeker. Maar de hoofdstuk- en versindeling die wij kennen, is betrekkelijk recent. Dankzij de nieuwe informatie zien we hoe men in de Late Oudheid de tekst verdeelde, en dat zou best weleens gevolgen kunnen hebben voor de uitleg. Ter vergelijking: kijk eens waar het Scheppingsverhaal eindigt – is dat aan het einde van Genesis 1 of na de eerste regels van Genesis 2? Anders gezegd: is de zesde dag, met de schepping van de mens, de climax, of is dat de zevende dag? Dit zijn geen trivialiteiten.

    Oud manuscript (2): Caedmon

    De laatste grote gebeurtenis uit de Oudheid is het ontstaan van de islam en het Kalifaat. Beide worden ingeleid door het optreden van de profeet Mohammed. Zijn roepingsverhaal kent een wonderlijke, vrijwel contemporaine parallel in de roeping van de Ierse monnik-bard Caedmon. Dat een verhaal zich in korte tijd verplaatst van Arabië naar de Atlantische kust, zegt veel over de snelheid van de mondelinge traditie in de toenmalige wereld. Dat maakt de Ierse auteur interessant. Van een van de liederen van Caedmon is nu een manuscript gevonden. Dat werpt vanzelfsprekend geen enkel licht op de snelheid van de mondelinge informatieoverdracht, maar leuk is het wel.

    Archeologie in Jeruzalem

    Archeologie in Israël is nationalisme met andere middelen: ik schrijf al jaren over zionistische archeologie en ben niet de enige. Men leze de roman De genesis van het verraad van Martine van den Berg. Voor de actualiteit schakelen we over naar Jeruzalem, waar Palestijnen uit hun huizen worden gezet om ruimte te maken voor een archeologisch park.

    Klimaatwetenschap

    Een van de grote publieksvragen is hoe oudheidkundigen weten wat ze weten. Uitleg van de technieken waarmee ze het antieke klimaat reconstrueren is dan ook al zeker een kwart eeuw een desideratum. Gelukkig is er dit verhelderende stuk over het onderzoek van eeuwenoud ijs.

    En tot slot

    Ik had een vrolijk gesprek met Krijn Soeteman, de hoofdredacteur van de wetenschapsnieuws-website Scientias, over archeologie, oude geschiedenis en oude talen. We hadden het over de wijze waarop sensationalistische wetenschapscommunicatie de oudheidkunde beschadigt: dus over de IDOHZOtjes waarmee de classici achter andermans actualiteit aanhuppelen, over archeologen die zonder kennis van andere oudheidkundige bloedgroepen wat roeptoeteren en over bizarre toepassingen van AI. En we hadden het ook over de zaken die wél in het nieuws zouden moeten komen, want die zijn er volop. Dat vrolijke gesprek werd een podcast.

    Het ziet er niet best uit voor Libanon. Als u meer wil weten over dat geteisterde land, lees dan mijn boek. Deze blog kunt u ook volgen via een Whatsapp-kanaal.

    Deel dit: #BernardDeMontfaucon #Caedmon #DiodorosVanSicilië #FaitsDivers #Jeruzalem #JohnNagelkerken #kleurenblindheid #klimaatonderzoek #MartineVanDenBerg #palimpsest #podcast #seksualiteit #Vindonissa #Windisch #XIIIGemina #zionistischeArcheologie
  3. Faits divers (52)

    Zomaar een reliëf (Museum van Lleida)

    Een nieuwe aflevering in de onregelmatig verschijnende reeks faits divers, en anders dan in de vorige afleveringen, waarin ik meestal een stuk of drie onderwerpen aansneed, heb ik er vandaag een heleboel.

    Antieke seksualiteit

    Wat is de bestudering van de Oudheid eigenlijk? Eigenlijk zetten we drie stappen.

    1. We bestuderen de oude wereld om een samenleving te leren kennen die voorgoed voorbij is en wezenlijk anders.
    2. Als je meent dat de Oudheid ook belangrijk is (maar waarom zou je?), kun je de verschillen identificeren met onze wereld.
    3. Daarna zoek je voor die verschillen een verklaring om zo je eigen denkwereld beter te doorgronden. Feitelijk draait het dus om zelfkennis.

    Meestal blijft voorlichting echter beperkt tot stap één. Hoe het desondanks óók kan, kunt u lezen in dit artikel over de vrouwelijke seksualiteit. Waarom denken wij anders dan de mensen toen, en wat zegt dat over onszelf?

    Blauw zien

    Een bekende misvatting is dat de oude Grieken kleuren anders zagen, en het is waar: Homeros noemt de zee wijnrood. De Grieken leden echter niet aan kleurenblindheid: Josine Schrickx vertelde al eens over het algemene patroon waarmee talen namen geven aan kleuren. Wellicht is er een biologische verklaring voor het verschijnsel dat andere talen minder kleurnamen hebben.

    Diodoros van Sicilië

    Over Diodoros van Sicilië heb ik eerder geblogd. Hij is belangrijk, want hij biedt bijvoorbeeld de enige doorlopende geschiedenis van Griekenland in de vijfde en vierde eeuw. In dat eerdere blogje, gewijd aan de vertaling van de boeken één tot en met vijf, opperde ik dat het fijn zou zijn als de boeken over Griekenland ook eens zouden worden vertaald. En wat zo leuk is: daar blijkt een begin mee te zijn gemaakt. Dank je wel, John Nagelkerken, voor de boeken elf tot en met dertien.

    Vindonissa

    Windisch in Zwitserland is de Romeinse stad Vindonissa. Dat was tevens een belangrijke legioenbasis, waar XIII Gemina de weg naar de Alpenpassen verdedigde. Over het ontstaan van Vindonissa begint langzamerhand meer duidelijkheid te ontstaan.

    Oud manuscript (1): Paulus

    Als een tekstvondst de nationale media haalt, moet het wel iets bijzonders zijn. En jawel: er is nieuws over een zesde-eeuws manuscript met de brieven van Paulus, de zogeheten Codex H. Bernard de Montfaucon, de auteur van een beroemde achttiende-eeuwse oudheidkundige encyclopedie, heeft als eerste die Codex H geïdentificeerd en vastgesteld dat het boek op zeker moment uit elkaar was gehaald, dat de inkt van het perkament was afgeschraapt en dat de vellen vervolgens waren gebruikt voor andere doelen (een zogeheten palimpsest). Het zou natuurlijk leuk zijn als we alle bladen van het gerecyclede manuscript terugvonden, en daarbij hebben onderzoekers nu aanzienlijk succes. Nederlandse uitleg hier, wetenschappelijke publicatie daar.

    Wat betekent dat? We kennen de tekst van de brieven van Paulus toch? Ja zeker. Maar de hoofdstuk- en versindeling die wij kennen, is betrekkelijk recent. Dankzij de nieuwe informatie zien we hoe men in de Late Oudheid de tekst verdeelde, en dat zou best weleens gevolgen kunnen hebben voor de uitleg. Ter vergelijking: kijk eens waar het Scheppingsverhaal eindigt – is dat aan het einde van Genesis 1 of na de eerste regels van Genesis 2? Anders gezegd: is de zesde dag, met de schepping van de mens, de climax, of is dat de zevende dag? Dit zijn geen trivialiteiten.

    Oud manuscript (2): Caedmon

    De laatste grote gebeurtenis uit de Oudheid is het ontstaan van de islam en het Kalifaat. Beide worden ingeleid door het optreden van de profeet Mohammed. Zijn roepingsverhaal kent een wonderlijke, vrijwel contemporaine parallel in de roeping van de Ierse monnik-bard Caedmon. Dat een verhaal zich in korte tijd verplaatst van Arabië naar de Atlantische kust, zegt veel over de snelheid van de mondelinge traditie in de toenmalige wereld. Dat maakt de Ierse auteur interessant. Van een van de liederen van Caedmon is nu een manuscript gevonden. Dat werpt vanzelfsprekend geen enkel licht op de snelheid van de mondelinge informatieoverdracht, maar leuk is het wel.

    Archeologie in Jeruzalem

    Archeologie in Israël is nationalisme met andere middelen: ik schrijf al jaren over zionistische archeologie en ben niet de enige. Men leze de roman De genesis van het verraad van Martine van den Berg. Voor de actualiteit schakelen we over naar Jeruzalem, waar Palestijnen uit hun huizen worden gezet om ruimte te maken voor een archeologisch park.

    Klimaatwetenschap

    Een van de grote publieksvragen is hoe oudheidkundigen weten wat ze weten. Uitleg van de technieken waarmee ze het antieke klimaat reconstrueren is dan ook al zeker een kwart eeuw een desideratum. Gelukkig is er dit verhelderende stuk over het onderzoek van eeuwenoud ijs.

    En tot slot

    Ik had een vrolijk gesprek met Krijn Soeteman, de hoofdredacteur van de wetenschapsnieuws-website Scientias, over archeologie, oude geschiedenis en oude talen. We hadden het over de wijze waarop sensationalistische wetenschapscommunicatie de oudheidkunde beschadigt: dus over de IDOHZOtjes waarmee de classici achter andermans actualiteit aanhuppelen, over archeologen die zonder kennis van andere oudheidkundige bloedgroepen wat roeptoeteren en over bizarre toepassingen van AI. En we hadden het ook over de zaken die wél in het nieuws zouden moeten komen, want die zijn er volop. Dat vrolijke gesprek werd een podcast.

    Het ziet er niet best uit voor Libanon. Als u meer wil weten over dat geteisterde land, lees dan mijn boek. Deze blog kunt u ook volgen via een Whatsapp-kanaal.

    Deel dit: #BernardDeMontfaucon #Caedmon #DiodorosVanSicilië #FaitsDivers #Jeruzalem #JohnNagelkerken #kleurenblindheid #klimaatonderzoek #MartineVanDenBerg #palimpsest #podcast #seksualiteit #Vindonissa #Windisch #XIIIGemina #zionistischeArcheologie
  4. Faits divers (52)

    Zomaar een reliëf (Museum van Lleida)

    Een nieuwe aflevering in de onregelmatig verschijnende reeks faits divers, en anders dan in de vorige afleveringen, waarin ik meestal een stuk of drie onderwerpen aansneed, heb ik er vandaag een heleboel.

    Antieke seksualiteit

    Wat is de bestudering van de Oudheid eigenlijk? Eigenlijk zetten we drie stappen.

    1. We bestuderen de oude wereld om een samenleving te leren kennen die voorgoed voorbij is en wezenlijk anders.
    2. Als je meent dat de Oudheid ook belangrijk is (maar waarom zou je?), kun je de verschillen identificeren met onze wereld.
    3. Daarna zoek je voor die verschillen een verklaring om zo je eigen denkwereld beter te doorgronden. Feitelijk draait het dus om zelfkennis.

    Meestal blijft voorlichting echter beperkt tot stap één. Hoe het desondanks óók kan, kunt u lezen in dit artikel over de vrouwelijke seksualiteit. Waarom denken wij anders dan de mensen toen, en wat zegt dat over onszelf?

    Blauw zien

    Een bekende misvatting is dat de oude Grieken kleuren anders zagen, en het is waar: Homeros noemt de zee wijnrood. De Grieken leden echter niet aan kleurenblindheid: Josine Schrickx vertelde al eens over het algemene patroon waarmee talen namen geven aan kleuren. Wellicht is er een biologische verklaring voor het verschijnsel dat andere talen minder kleurnamen hebben.

    Diodoros van Sicilië

    Over Diodoros van Sicilië heb ik eerder geblogd. Hij is belangrijk, want hij biedt bijvoorbeeld de enige doorlopende geschiedenis van Griekenland in de vijfde en vierde eeuw. In dat eerdere blogje, gewijd aan de vertaling van de boeken één tot en met vijf, opperde ik dat het fijn zou zijn als de boeken over Griekenland ook eens zouden worden vertaald. En wat zo leuk is: daar blijkt een begin mee te zijn gemaakt. Dank je wel, John Nagelkerken, voor de boeken elf tot en met dertien.

    Vindonissa

    Windisch in Zwitserland is de Romeinse stad Vindonissa. Dat was tevens een belangrijke legioenbasis, waar XIII Gemina de weg naar de Alpenpassen verdedigde. Over het ontstaan van Vindonissa begint langzamerhand meer duidelijkheid te ontstaan.

    Oud manuscript (1): Paulus

    Als een tekstvondst de nationale media haalt, moet het wel iets bijzonders zijn. En jawel: er is nieuws over een zesde-eeuws manuscript met de brieven van Paulus, de zogeheten Codex H. Bernard de Montfaucon, de auteur van een beroemde achttiende-eeuwse oudheidkundige encyclopedie, heeft als eerste die Codex H geïdentificeerd en vastgesteld dat het boek op zeker moment uit elkaar was gehaald, dat de inkt van het perkament was afgeschraapt en dat de vellen vervolgens waren gebruikt voor andere doelen (een zogeheten palimpsest). Het zou natuurlijk leuk zijn als we alle bladen van het gerecyclede manuscript terugvonden, en daarbij hebben onderzoekers nu aanzienlijk succes. Nederlandse uitleg hier, wetenschappelijke publicatie daar.

    Wat betekent dat? We kennen de tekst van de brieven van Paulus toch? Ja zeker. Maar de hoofdstuk- en versindeling die wij kennen, is betrekkelijk recent. Dankzij de nieuwe informatie zien we hoe men in de Late Oudheid de tekst verdeelde, en dat zou best weleens gevolgen kunnen hebben voor de uitleg. Ter vergelijking: kijk eens waar het Scheppingsverhaal eindigt – is dat aan het einde van Genesis 1 of na de eerste regels van Genesis 2? Anders gezegd: is de zesde dag, met de schepping van de mens, de climax, of is dat de zevende dag? Dit zijn geen trivialiteiten.

    Oud manuscript (2): Caedmon

    De laatste grote gebeurtenis uit de Oudheid is het ontstaan van de islam en het Kalifaat. Beide worden ingeleid door het optreden van de profeet Mohammed. Zijn roepingsverhaal kent een wonderlijke, vrijwel contemporaine parallel in de roeping van de Ierse monnik-bard Caedmon. Dat een verhaal zich in korte tijd verplaatst van Arabië naar de Atlantische kust, zegt veel over de snelheid van de mondelinge traditie in de toenmalige wereld. Dat maakt de Ierse auteur interessant. Van een van de liederen van Caedmon is nu een manuscript gevonden. Dat werpt vanzelfsprekend geen enkel licht op de snelheid van de mondelinge informatieoverdracht, maar leuk is het wel.

    Archeologie in Jeruzalem

    Archeologie in Israël is nationalisme met andere middelen: ik schrijf al jaren over zionistische archeologie en ben niet de enige. Men leze de roman De genesis van het verraad van Martine van den Berg. Voor de actualiteit schakelen we over naar Jeruzalem, waar Palestijnen uit hun huizen worden gezet om ruimte te maken voor een archeologisch park.

    Klimaatwetenschap

    Een van de grote publieksvragen is hoe oudheidkundigen weten wat ze weten. Uitleg van de technieken waarmee ze het antieke klimaat reconstrueren is dan ook al zeker een kwart eeuw een desideratum. Gelukkig is er dit verhelderende stuk over het onderzoek van eeuwenoud ijs.

    En tot slot

    Ik had een vrolijk gesprek met Krijn Soeteman, de hoofdredacteur van de wetenschapsnieuws-website Scientias, over archeologie, oude geschiedenis en oude talen. We hadden het over de wijze waarop sensationalistische wetenschapscommunicatie de oudheidkunde beschadigt: dus over de IDOHZOtjes waarmee de classici achter andermans actualiteit aanhuppelen, over archeologen die zonder kennis van andere oudheidkundige bloedgroepen wat roeptoeteren en over bizarre toepassingen van AI. En we hadden het ook over de zaken die wél in het nieuws zouden moeten komen, want die zijn er volop. Dat vrolijke gesprek werd een podcast.

    Het ziet er niet best uit voor Libanon. Als u meer wil weten over dat geteisterde land, lees dan mijn boek. Deze blog kunt u ook volgen via een Whatsapp-kanaal.

    Deel dit: #BernardDeMontfaucon #Caedmon #DiodorosVanSicilië #FaitsDivers #Jeruzalem #JohnNagelkerken #kleurenblindheid #klimaatonderzoek #MartineVanDenBerg #palimpsest #podcast #seksualiteit #Vindonissa #Windisch #XIIIGemina #zionistischeArcheologie
  5. Faits divers (52)

    Zomaar een reliëf (Museum van Lleida)

    Een nieuwe aflevering in de onregelmatig verschijnende reeks faits divers, en anders dan in de vorige afleveringen, waarin ik meestal een stuk of drie onderwerpen aansneed, heb ik er vandaag een heleboel.

    Antieke seksualiteit

    Wat is de bestudering van de Oudheid eigenlijk? Eigenlijk zetten we drie stappen.

    1. We bestuderen de oude wereld om een samenleving te leren kennen die voorgoed voorbij is en wezenlijk anders.
    2. Als je meent dat de Oudheid ook belangrijk is (maar waarom zou je?), kun je de verschillen identificeren met onze wereld.
    3. Daarna zoek je voor die verschillen een verklaring om zo je eigen denkwereld beter te doorgronden. Feitelijk draait het dus om zelfkennis.

    Meestal blijft voorlichting echter beperkt tot stap één. Hoe het desondanks óók kan, kunt u lezen in dit artikel over de vrouwelijke seksualiteit. Waarom denken wij anders dan de mensen toen, en wat zegt dat over onszelf?

    Blauw zien

    Een bekende misvatting is dat de oude Grieken kleuren anders zagen, en het is waar: Homeros noemt de zee wijnrood. De Grieken leden echter niet aan kleurenblindheid: Josine Schrickx vertelde al eens over het algemene patroon waarmee talen namen geven aan kleuren. Wellicht is er een biologische verklaring voor het verschijnsel dat andere talen minder kleurnamen hebben.

    Diodoros van Sicilië

    Over Diodoros van Sicilië heb ik eerder geblogd. Hij is belangrijk, want hij biedt bijvoorbeeld de enige doorlopende geschiedenis van Griekenland in de vijfde en vierde eeuw. In dat eerdere blogje, gewijd aan de vertaling van de boeken één tot en met vijf, opperde ik dat het fijn zou zijn als de boeken over Griekenland ook eens zouden worden vertaald. En wat zo leuk is: daar blijkt een begin mee te zijn gemaakt. Dank je wel, John Nagelkerken, voor de boeken elf tot en met dertien.

    Vindonissa

    Windisch in Zwitserland is de Romeinse stad Vindonissa. Dat was tevens een belangrijke legioenbasis, waar XIII Gemina de weg naar de Alpenpassen verdedigde. Over het ontstaan van Vindonissa begint langzamerhand meer duidelijkheid te ontstaan.

    Oud manuscript (1): Paulus

    Als een tekstvondst de nationale media haalt, moet het wel iets bijzonders zijn. En jawel: er is nieuws over een zesde-eeuws manuscript met de brieven van Paulus, de zogeheten Codex H. Bernard de Montfaucon, de auteur van een beroemde achttiende-eeuwse oudheidkundige encyclopedie, heeft als eerste die Codex H geïdentificeerd en vastgesteld dat het boek op zeker moment uit elkaar was gehaald, dat de inkt van het perkament was afgeschraapt en dat de vellen vervolgens waren gebruikt voor andere doelen (een zogeheten palimpsest). Het zou natuurlijk leuk zijn als we alle bladen van het gerecyclede manuscript terugvonden, en daarbij hebben onderzoekers nu aanzienlijk succes. Nederlandse uitleg hier, wetenschappelijke publicatie daar.

    Wat betekent dat? We kennen de tekst van de brieven van Paulus toch? Ja zeker. Maar de hoofdstuk- en versindeling die wij kennen, is betrekkelijk recent. Dankzij de nieuwe informatie zien we hoe men in de Late Oudheid de tekst verdeelde, en dat zou best weleens gevolgen kunnen hebben voor de uitleg. Ter vergelijking: kijk eens waar het Scheppingsverhaal eindigt – is dat aan het einde van Genesis 1 of na de eerste regels van Genesis 2? Anders gezegd: is de zesde dag, met de schepping van de mens, de climax, of is dat de zevende dag? Dit zijn geen trivialiteiten.

    Oud manuscript (2): Caedmon

    De laatste grote gebeurtenis uit de Oudheid is het ontstaan van de islam en het Kalifaat. Beide worden ingeleid door het optreden van de profeet Mohammed. Zijn roepingsverhaal kent een wonderlijke, vrijwel contemporaine parallel in de roeping van de Ierse monnik-bard Caedmon. Dat een verhaal zich in korte tijd verplaatst van Arabië naar de Atlantische kust, zegt veel over de snelheid van de mondelinge traditie in de toenmalige wereld. Dat maakt de Ierse auteur interessant. Van een van de liederen van Caedmon is nu een manuscript gevonden. Dat werpt vanzelfsprekend geen enkel licht op de snelheid van de mondelinge informatieoverdracht, maar leuk is het wel.

    Archeologie in Jeruzalem

    Archeologie in Israël is nationalisme met andere middelen: ik schrijf al jaren over zionistische archeologie en ben niet de enige. Men leze de roman De genesis van het verraad van Martine van den Berg. Voor de actualiteit schakelen we over naar Jeruzalem, waar Palestijnen uit hun huizen worden gezet om ruimte te maken voor een archeologisch park.

    Klimaatwetenschap

    Een van de grote publieksvragen is hoe oudheidkundigen weten wat ze weten. Uitleg van de technieken waarmee ze het antieke klimaat reconstrueren is dan ook al zeker een kwart eeuw een desideratum. Gelukkig is er dit verhelderende stuk over het onderzoek van eeuwenoud ijs.

    En tot slot

    Ik had een vrolijk gesprek met Krijn Soeteman, de hoofdredacteur van de wetenschapsnieuws-website Scientias, over archeologie, oude geschiedenis en oude talen. We hadden het over de wijze waarop sensationalistische wetenschapscommunicatie de oudheidkunde beschadigt: dus over de IDOHZOtjes waarmee de classici achter andermans actualiteit aanhuppelen, over archeologen die zonder kennis van andere oudheidkundige bloedgroepen wat roeptoeteren en over bizarre toepassingen van AI. En we hadden het ook over de zaken die wél in het nieuws zouden moeten komen, want die zijn er volop. Dat vrolijke gesprek werd een podcast.

    Het ziet er niet best uit voor Libanon. Als u meer wil weten over dat geteisterde land, lees dan mijn boek. Deze blog kunt u ook volgen via een Whatsapp-kanaal.

    Deel dit: #BernardDeMontfaucon #Caedmon #DiodorosVanSicilië #FaitsDivers #Jeruzalem #JohnNagelkerken #kleurenblindheid #klimaatonderzoek #MartineVanDenBerg #palimpsest #podcast #seksualiteit #Vindonissa #Windisch #XIIIGemina #zionistischeArcheologie
  6. 📰 Opnieuw schalt het ‘Dood aan de Arabieren’ door de straten van bezet Jeruzalem

    nieuwsjunkies.nl/artikel/1Fp8

    🕢 19:39 | The Rights Forum
    🔸 #Dood #Jeruzalem

  7. 📰 Israël brengt Palestijnse verdachten van aanval 7 oktober voor militair tribunaal

    nieuwsjunkies.nl/artikel/1EUq

    🕚 10:55 | NOS Nieuws
    🔸 #Tribunaal #Palestijnen #Israel #Verdachte #Jeruzalem

  8. 2/2

    ✊️ ⛵️ ⛵️🚢 ⛵️ ⛵️ ⛵️ 🛳️ ⛵️

    Global Sumud Parliamentary Congress - Brussel

    "As the Global Sumud Flotilla sails toward Gaza, we convene not just to break a siege, but to dismantle the system that created it. This Congress asserts that Palestinian liberation is fundamental to global justice and that the ongoing Nakba must end."

    gscongress.org/ #FreePalestine #BreakTheSiege #Israel #genocide #apartheid #occupation #ethniccleansing #Gaza #Westbank #Jeruzalem #Flotilla #solidarity #Palestine

  9. 2/2

    ✊️ ⛵️ ⛵️🚢 ⛵️ ⛵️ ⛵️ 🛳️ ⛵️

    Global Sumud Parliamentary Congress - Brussel

    "As the Global Sumud Flotilla sails toward Gaza, we convene not just to break a siege, but to dismantle the system that created it. This Congress asserts that Palestinian liberation is fundamental to global justice and that the ongoing Nakba must end."

    gscongress.org/ #FreePalestine #BreakTheSiege #Israel #genocide #apartheid #occupation #ethniccleansing #Gaza #Westbank #Jeruzalem #Flotilla #solidarity #Palestine

  10. 2/2

    ✊️ ⛵️ ⛵️🚢 ⛵️ ⛵️ ⛵️ 🛳️ ⛵️

    Global Sumud Parliamentary Congress - Brussel

    "As the Global Sumud Flotilla sails toward Gaza, we convene not just to break a siege, but to dismantle the system that created it. This Congress asserts that Palestinian liberation is fundamental to global justice and that the ongoing Nakba must end."

    gscongress.org/ #FreePalestine #BreakTheSiege #Israel #genocide #apartheid #occupation #ethniccleansing #Gaza #Westbank #Jeruzalem #Flotilla #solidarity #Palestine

  11. 2/2

    ✊️ ⛵️ ⛵️🚢 ⛵️ ⛵️ ⛵️ 🛳️ ⛵️

    Global Sumud Parliamentary Congress - Brussel

    "As the Global Sumud Flotilla sails toward Gaza, we convene not just to break a siege, but to dismantle the system that created it. This Congress asserts that Palestinian liberation is fundamental to global justice and that the ongoing Nakba must end."

    gscongress.org/ #FreePalestine #BreakTheSiege #Israel #genocide #apartheid #occupation #ethniccleansing #Gaza #Westbank #Jeruzalem #Flotilla #solidarity #Palestine

  12. 2/2

    ✊️ ⛵️ ⛵️🚢 ⛵️ ⛵️ ⛵️ 🛳️ ⛵️

    Global Sumud Parliamentary Congress - Brussel

    "As the Global Sumud Flotilla sails toward Gaza, we convene not just to break a siege, but to dismantle the system that created it. This Congress asserts that Palestinian liberation is fundamental to global justice and that the ongoing Nakba must end."

    gscongress.org/ #FreePalestine #BreakTheSiege #Israel #genocide #apartheid #occupation #ethniccleansing #Gaza #Westbank #Jeruzalem #Flotilla #solidarity #Palestine

  13. Pontius Pilatus (4) Jezus

    Jezus voor Pilatus, zesde-eeuws handschrift

    [Dit is het vierde van zes blogjes over Pontius Pilatus. Het eerste was hier.]

    Van de diverse gebeurtenissen uit het gouverneurschap van Pontius Pilatus is de rechtszaak tegen Jezus natuurlijk het best geattesteerd en het beroemdst. Er zijn niet minder dan vier onafhankelijke verslagen: in chronologische volgorde zijn dat het evangelie van Marcus, de Joodse Oudheden van Flavius Josephus, het evangelie van Johannes en de Annalen van de Romeinse geschiedschrijver Publius Cornelius Tacitus. De lijdensverhalen van de evangelisten Matteüs en Lukas zijn afgeleid van dat van Marcus, maar bevatten informatie die authentiek zou kunnen zijn.

    Jezus’ vergrijp

    Op het eerste gezicht is het vreemd dat de Joodse leiders, met name de hogepriester Kajafas, Jezus overdroegen aan Pontius Pilatus. Natuurlijk had Jezus het komende Koninkrijk van God voorspeld, en ook had hij op het Tempelterrein de banken van de geldwisselaars omvergeworpen, maar eschatologisch gespeculeer en vandalisme waren geen redenen voor een executie. Wie in de joodse Tempel de regels overtrad, kreeg stok- of zweepslagen.

    We kunnen slechts speculeren over de reden van de uitlevering. Dat Jezus zich tijdens het nachtelijk verhoor had geïdentificeerd als de Mensenzoon die het Laatste Oordeel zou vellen, zal hogepriester Kajafas hebben ervaren als een mateloos en irritant bijgeloof, maar niet als werkelijk zorgwekkend. Een charismaticus die beweerde dat de eersten de laatsten zouden zijn en de laatsten de eersten, kon echter gevaarlijk grote menigtes op de been brengen, en dat was wel zorgwekkend. De Romeinse stedelijke elites waren doodsbang voor het grauw. (We weten dat Griekse concertredenaars het advies kregen om niet te vaak over de Griekse onafhankelijkheid te spreken omdat mensen het weleens letterlijk zouden kunnen nemen.) Een oproerkraaier van het platteland kon maar het beste worden uitgeschakeld, zal Kajafas hebben gedacht, en hij leverde Jezus uit. Misschien is dit wat er gebeurde.

    Voor Pilatus was de claim dat Jezus “koning der Joden” was, vervolgens voldoende om hem te laten executeren: kruisiging was voor hoogverraad de normale straf. Weliswaar was een messias geen koning van Judea, maar een titel als “zoon van David” deed weinig om de indruk weg te nemen. Het eerdere oproer op het tempelplein bewees dat Jezus met geweld de macht had willen grijpen. Zo simpel zag het eruit voor een Romeinse bestuurder.

    Het is zinvol hieraan toe te voegen dat Pilatus met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid geen Aramees sprak en dus de intern-joodse discussies niet kende. Hij was aangewezen op mannen als Kajafas, met wie hijzelf en zijn voorganger Valerius Gratus al jaren tot volle tevredenheid samenwerkten. Als Kajafas zei dat een messias een koning was, was er voor Pilatus geen reden om daaraan te twijfelen. En los daarvan: ook een Romeinse gouverneur behoorde tot de stedelijke elite, ook zo iemand had geen zin in een confrontatie met een kwade menigte.

    Proces

    Volgens onze oudste bron, Marcus, voelde Pontius Pilatus echter aan dat er iets niet in de haak was: “hij begreep wel dat de hogepriesters hem uit afgunst hadden uitgeleverd”.noot Marcus 15.10. Dit zou weleens kunnen zijn bevestigd door Flavius Josephus. Met zijn tekst, die bekendstaat als Testimonium Flavianum, is gerommeld, maar er is consensus over de reconstructie, die historisch logisch en taalkundig opvallend sterk is.

    In die tijd leefde Jezus, een wijs mens. Hij verrichtte namelijk wonderlijke daden en was de leraar van mensen die met vreugde de waarheid tot zich namen. Daarom had hij veel Joden en ook veel Grieken als leerlingen. Toen hij door Pilatus, bij wie hij door onze leiders was aangeklaagd, was veroordeeld tot het kruis, weigerden die leerlingen hun liefde voor hem op te geven. Daarom is de naar hem “christenen” genoemde stam nog niet verdwenen.noot Flavius Josephus, Joodse Oudheden 18.63-64.

    Dit is een merkwaardige tekst. In plaats van de aanklacht te noemen, noemt Josephus de aanklagers. Dit is des te opmerkelijker omdat de Joodse geschiedschrijver een hekel had aan opstandelingen, die hij verantwoordelijk hield voor de grote oorlog tussen de Joden en de Romeinen van 66-70. Gewoonlijk schept hij er plezier in over hun verdiende straf te schrijven. Dat hij nu de beschuldiging van hoogverraad onvermeld laat, suggereert dat hij twijfels had.

    Dat de evangeliën ons een Pontius Pilatus tonen die niet overtuigd was van de schuld van de timmerman, viel uiteraard te verwachten. Marcus en Johannes laten onafhankelijk van elkaar zien hoe de gouverneur de Joden dwong om een deel van de verantwoordelijkheid te nemen: Pilatus verklaart dat hij geen schuld kan vinden en verwijst naar Jezus als “uw koning”, waardoor de bevolking van Jeruzalem wordt gedwongen te verklaren dat ook zij willen dat de man werd gekruisigd.

    Een proces als onderhandeling

    Het is denkbaar dat de gouverneur van de gelegenheid gebruik maakte om loyaliteitsbeloften te verkrijgen. De bewering van Johannes dat de Joden zelfs verklaarden “geen andere koning te hebben dan de keizer” zou een historisch feit kunnen zijn.noot Johannes 19.15. Pilatus heeft er misschien spijt van gehad dat hij een man moest kruisigen die onschuldig leek, maar hij kan dit hebben beschouwd als een aanvaardbare prijs voor de soepele samenwerking met de tempelautoriteiten.

    Er speelt nog iets: we weten, zoals ik vorige week schreef, niet goed hoeveel speelruimte Pilatus had. Als het proces tegen Jezus plaatsvond in het voorjaar van 30 na Chr., kon hij rekenen op steun van de machtige praetoriaanse prefect Lucius Aelius Seianus in Rome. Vond het proces plaats in 33, dan stond Pilatus zwakker en kon hij door een menigte onder druk worden gezet met een argument als “als u die man vrijlaat bent u geen vriend van de keizer”.noot Johannes 19.12.

    Of het Pontius Pilatus was die zocht naar loyaliteitstoezeggingen of dat de menigte hem dwong, valt niet te weten. Wel staat vast dat de bestuurder geen conflict zocht. De evangeliën documenteren dat hij respect toont voor joodse gebruiken. Elk voor zich zijn de voorbeelden weliswaar discutabel, maar de tendens is duidelijk.

    • Matteüs laat Pilatus zijn handen wassen,noot Matteüs 27.24. wat een farizees gebruik was.
    • Johannes schrijft dat Pilatus Jezus’ tegenstanders toe om te spreken van buiten zijn hoofdkwartier, het Praetorium.noot Het betreden van het gebouw zou de joodse priesters verontreinigen, en dat vlak voor een religieus feest; Johannes 18.29.
    • Marcus en Johannes stellen onafhankelijk van elkaar dat Pilatus Jozef van Arimatea toestond de dode te begraven voor het begin van de sabbat.noot Marcus 15.43 en Johannes 19.38.

    Vooral dit laatste is opmerkelijk omdat keizer Augustus had verboden dat mensen die waren geëxecuteerd op beschuldiging van hoogverraad, een normale uitvaart zouden krijgen. Pilatus’ toestemming oogt als de daad van iemand die religieuze gevoelens wil respecteren.

    Andere arrestanten

    Tot slot nog twee vreemde aspecten. Eén: we lezen nergens dat Pilatus Jezus’ aanhangers liet arresteren. Als hij werkelijk geloofde dat Jezus met geweld een koninkrijk wilde stichten, was dit ronduit onverantwoord. Als hij het idee had dat de executie van een plattelandsmessias de prijs was die hij voor de lieve vrede moest betalen, was het echter volkomen logisch.

    Maar het vreemdste is dat Pilatus, op de dag waarop hij een man veroordeelde die op z’n kerfstok niet veel meer had dan een flinke rel, een man vrijliet die zeker wél schuldig was: Barabbas. We lezen het bij Marcus en Johannes, onafhankelijk van elkaar, wat een zekere betrouwbaarheid suggereert, maar het is raar. Dat een gouverneur elk jaar een veroordeelde crimineel zou vrijlaten, is immers ronduit bizar. Ik meen dat geen enkele wetenschapper het begrijpt, maar het is duidelijk wat de eerste christenen ervan dachten: het was ironisch dat een huns inziens onschuldige man was doodgemarteld, en een schuldige man was vrijgelaten.

    [wordt over twee weken vervolgd]

    Het ziet er niet best uit voor Libanon. Als u meer wil weten over dat geteisterde land, lees dan mijn boek. Deze blog kunt u ook volgen via een Whatsapp-kanaal.

    Zelfde tijdvak


    Een Romeinse stad

    mei 3, 2017
    Het koninkrijk Dacië

    december 30, 2019
    Romeins Jeruzalem

    augustus 6, 2023 Deel dit: #Barabbas #EvangelieVanJohannes #EvangelieVanMarcus #FlaviusJosephus #Jeruzalem #JezusVanNazaret #JozefVanArimatea #Judea #Kajafas #kruisiging #LuciusAeliusSeianus #messias #PontiusPilatus #PubliusCorneliusTacitus #TestimoniumFlavianum #ValeriusGratus
  14. Pontius Pilatus (4) Jezus

    Jezus voor Pilatus, zesde-eeuws handschrift

    [Dit is het vierde van zes blogjes over Pontius Pilatus. Het eerste was hier.]

    Van de diverse gebeurtenissen uit het gouverneurschap van Pontius Pilatus is de rechtszaak tegen Jezus natuurlijk het best geattesteerd en het beroemdst. Er zijn niet minder dan vier onafhankelijke verslagen: in chronologische volgorde zijn dat het evangelie van Marcus, de Joodse Oudheden van Flavius Josephus, het evangelie van Johannes en de Annalen van de Romeinse geschiedschrijver Publius Cornelius Tacitus. De lijdensverhalen van de evangelisten Matteüs en Lukas zijn afgeleid van dat van Marcus, maar bevatten informatie die authentiek zou kunnen zijn.

    Jezus’ vergrijp

    Op het eerste gezicht is het vreemd dat de Joodse leiders, met name de hogepriester Kajafas, Jezus overdroegen aan Pontius Pilatus. Natuurlijk had Jezus het komende Koninkrijk van God voorspeld, en ook had hij op het Tempelterrein de banken van de geldwisselaars omvergeworpen, maar eschatologisch gespeculeer en vandalisme waren geen redenen voor een executie. Wie in de joodse Tempel de regels overtrad, kreeg stok- of zweepslagen.

    We kunnen slechts speculeren over de reden van de uitlevering. Dat Jezus zich tijdens het nachtelijk verhoor had geïdentificeerd als de Mensenzoon die het Laatste Oordeel zou vellen, zal hogepriester Kajafas hebben ervaren als een mateloos en irritant bijgeloof, maar niet als werkelijk zorgwekkend. Een charismaticus die beweerde dat de eersten de laatsten zouden zijn en de laatsten de eersten, kon echter gevaarlijk grote menigtes op de been brengen, en dat was wel zorgwekkend. De Romeinse stedelijke elites waren doodsbang voor het grauw. (We weten dat Griekse concertredenaars het advies kregen om niet te vaak over de Griekse onafhankelijkheid te spreken omdat mensen het weleens letterlijk zouden kunnen nemen.) Een oproerkraaier van het platteland kon maar het beste worden uitgeschakeld, zal Kajafas hebben gedacht, en hij leverde Jezus uit. Misschien is dit wat er gebeurde.

    Voor Pilatus was de claim dat Jezus “koning der Joden” was, vervolgens voldoende om hem te laten executeren: kruisiging was voor hoogverraad de normale straf. Weliswaar was een messias geen koning van Judea, maar een titel als “zoon van David” deed weinig om de indruk weg te nemen. Het eerdere oproer op het tempelplein bewees dat Jezus met geweld de macht had willen grijpen. Zo simpel zag het eruit voor een Romeinse bestuurder.

    Het is zinvol hieraan toe te voegen dat Pilatus met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid geen Aramees sprak en dus de intern-joodse discussies niet kende. Hij was aangewezen op mannen als Kajafas, met wie hijzelf en zijn voorganger Valerius Gratus al jaren tot volle tevredenheid samenwerkten. Als Kajafas zei dat een messias een koning was, was er voor Pilatus geen reden om daaraan te twijfelen. En los daarvan: ook een Romeinse gouverneur behoorde tot de stedelijke elite, ook zo iemand had geen zin in een confrontatie met een kwade menigte.

    Proces

    Volgens onze oudste bron, Marcus, voelde Pontius Pilatus echter aan dat er iets niet in de haak was: “hij begreep wel dat de hogepriesters hem uit afgunst hadden uitgeleverd”.noot Marcus 15.10. Dit zou weleens kunnen zijn bevestigd door Flavius Josephus. Met zijn tekst, die bekendstaat als Testimonium Flavianum, is gerommeld, maar er is consensus over de reconstructie, die historisch logisch en taalkundig opvallend sterk is.

    In die tijd leefde Jezus, een wijs mens. Hij verrichtte namelijk wonderlijke daden en was de leraar van mensen die met vreugde de waarheid tot zich namen. Daarom had hij veel Joden en ook veel Grieken als leerlingen. Toen hij door Pilatus, bij wie hij door onze leiders was aangeklaagd, was veroordeeld tot het kruis, weigerden die leerlingen hun liefde voor hem op te geven. Daarom is de naar hem “christenen” genoemde stam nog niet verdwenen.noot Flavius Josephus, Joodse Oudheden 18.63-64.

    Dit is een merkwaardige tekst. In plaats van de aanklacht te noemen, noemt Josephus de aanklagers. Dit is des te opmerkelijker omdat de Joodse geschiedschrijver een hekel had aan opstandelingen, die hij verantwoordelijk hield voor de grote oorlog tussen de Joden en de Romeinen van 66-70. Gewoonlijk schept hij er plezier in over hun verdiende straf te schrijven. Dat hij nu de beschuldiging van hoogverraad onvermeld laat, suggereert dat hij twijfels had.

    Dat de evangeliën ons een Pontius Pilatus tonen die niet overtuigd was van de schuld van de timmerman, viel uiteraard te verwachten. Marcus en Johannes laten onafhankelijk van elkaar zien hoe de gouverneur de Joden dwong om een deel van de verantwoordelijkheid te nemen: Pilatus verklaart dat hij geen schuld kan vinden en verwijst naar Jezus als “uw koning”, waardoor de bevolking van Jeruzalem wordt gedwongen te verklaren dat ook zij willen dat de man werd gekruisigd.

    Een proces als onderhandeling

    Het is denkbaar dat de gouverneur van de gelegenheid gebruik maakte om loyaliteitsbeloften te verkrijgen. De bewering van Johannes dat de Joden zelfs verklaarden “geen andere koning te hebben dan de keizer” zou een historisch feit kunnen zijn.noot Johannes 19.15. Pilatus heeft er misschien spijt van gehad dat hij een man moest kruisigen die onschuldig leek, maar hij kan dit hebben beschouwd als een aanvaardbare prijs voor de soepele samenwerking met de tempelautoriteiten.

    Er speelt nog iets: we weten, zoals ik vorige week schreef, niet goed hoeveel speelruimte Pilatus had. Als het proces tegen Jezus plaatsvond in het voorjaar van 30 na Chr., kon hij rekenen op steun van de machtige praetoriaanse prefect Lucius Aelius Seianus in Rome. Vond het proces plaats in 33, dan stond Pilatus zwakker en kon hij door een menigte onder druk worden gezet met een argument als “als u die man vrijlaat bent u geen vriend van de keizer”.noot Johannes 19.12.

    Of het Pontius Pilatus was die zocht naar loyaliteitstoezeggingen of dat de menigte hem dwong, valt niet te weten. Wel staat vast dat de bestuurder geen conflict zocht. De evangeliën documenteren dat hij respect toont voor joodse gebruiken. Elk voor zich zijn de voorbeelden weliswaar discutabel, maar de tendens is duidelijk.

    • Matteüs laat Pilatus zijn handen wassen,noot Matteüs 27.24. wat een farizees gebruik was.
    • Johannes schrijft dat Pilatus Jezus’ tegenstanders toe om te spreken van buiten zijn hoofdkwartier, het Praetorium.noot Het betreden van het gebouw zou de joodse priesters verontreinigen, en dat vlak voor een religieus feest; Johannes 18.29.
    • Marcus en Johannes stellen onafhankelijk van elkaar dat Pilatus Jozef van Arimatea toestond de dode te begraven voor het begin van de sabbat.noot Marcus 15.43 en Johannes 19.38.

    Vooral dit laatste is opmerkelijk omdat keizer Augustus had verboden dat mensen die waren geëxecuteerd op beschuldiging van hoogverraad, een normale uitvaart zouden krijgen. Pilatus’ toestemming oogt als de daad van iemand die religieuze gevoelens wil respecteren.

    Andere arrestanten

    Tot slot nog twee vreemde aspecten. Eén: we lezen nergens dat Pilatus Jezus’ aanhangers liet arresteren. Als hij werkelijk geloofde dat Jezus met geweld een koninkrijk wilde stichten, was dit ronduit onverantwoord. Als hij het idee had dat de executie van een plattelandsmessias de prijs was die hij voor de lieve vrede moest betalen, was het echter volkomen logisch.

    Maar het vreemdste is dat Pilatus, op de dag waarop hij een man veroordeelde die op z’n kerfstok niet veel meer had dan een flinke rel, een man vrijliet die zeker wél schuldig was: Barabbas. We lezen het bij Marcus en Johannes, onafhankelijk van elkaar, wat een zekere betrouwbaarheid suggereert, maar het is raar. Dat een gouverneur elk jaar een veroordeelde crimineel zou vrijlaten, is immers ronduit bizar. Ik meen dat geen enkele wetenschapper het begrijpt, maar het is duidelijk wat de eerste christenen ervan dachten: het was ironisch dat een huns inziens onschuldige man was doodgemarteld, en een schuldige man was vrijgelaten.

    [wordt over twee weken vervolgd]

    Het ziet er niet best uit voor Libanon. Als u meer wil weten over dat geteisterde land, lees dan mijn boek. Deze blog kunt u ook volgen via een Whatsapp-kanaal.

    Zelfde tijdvak


    Een Romeinse stad

    mei 3, 2017
    Het koninkrijk Dacië

    december 30, 2019
    Romeins Jeruzalem

    augustus 6, 2023 Deel dit: #Barabbas #EvangelieVanJohannes #EvangelieVanMarcus #FlaviusJosephus #Jeruzalem #JezusVanNazaret #JozefVanArimatea #Judea #Kajafas #kruisiging #LuciusAeliusSeianus #messias #PontiusPilatus #PubliusCorneliusTacitus #TestimoniumFlavianum #ValeriusGratus
  15. Pontius Pilatus (3) Aquaduct

    De spaarbekkens van het aquaduct van Jeruzalem in 1905

    [Dit is het derde van zes blogjes over Pontius Pilatus. Het eerste was hier.]

    Het aquaduct en de tempelschat

    Een antieke generaal die een overwinning had geboekt, wijdde dankbaar een tiende van de buit aan de goden, meestal in de vorm van mooi edelsmeedwerk. Als later dan weer eens een oorlog uitbrak, kon een generaal huurlingen in dienst nemen door wat edelmetaal uit een tempel mee te nemen. Anders gezegd: het was al eeuwen staande praktijk dat tempels dienden als bank. Deposito en kasopname. Dat was in de Romeinse wereld niet anders, al gebruikten gouverneurs het kapitaal toen steeds vaker voor infrastructurele projecten. In tijden van Pax Romana waren er immers weinig vijanden meer en de goden hadden er geen bezwaar als deze of gene constructie het leven van de vrome vereerders vereenvoudigde.

    En dus liet Pontius Pilatus, gebruikmakend van het kapitaal in de tempel van Jeruzalem, een aquaduct bouwen voor de heilige stad; het is door archeologen teruggevonden. De bronnen lagen in de omgeving van Betlehem, waar ook spaarbekkens zijn geïdentificeerd. Het frisse water moet de hygiëne in het uit zijn voegen barstende Jeruzalem sterk hebben verbeterd. Het project bood bovendien werk aan allerlei mensen, wat des te urgenter was nu het meest arbeidsintensieve werk aan de Tempel van Herodes was afgerond.

    De Joodse geschiedschrijver Flavius Josephus verteltnoot Flavius Josephus, Joodse Oorlog 2.175-177; Joodse Oudheden 18.60-62. dat er protesten waren omdat het geld was gehaald uit dat deel van de tempelschat dat bekendstond als Korbanas, waarvan wel wordt aangenomen dat het was geoormerkt voor de ondersteuning van arme mensen. (Ik weet niet zeker of dit klopt.) Toen er een demonstratie was, zou Pilatus soldaten in burgerkleding tussen de menigte hebben geplaatst, die op een gegeven teken met de wapenstok hadden ingeslagen op de demonstranten.

    Zou het werkelijk?

    We weten niet waarop Josephus’ verslag is gebaseerd, maar mondelinge informatie is waarschijnlijk: tot en met de regering van Herodes de Grote beschikt de Joodse geschiedschrijver over geschreven bronnen, maar daarna houdt het op. In dit geval gaat het zeker om gekleurde informatie: het project had de goedkeuring van de tempelautoriteiten,noot Als dit niet zo was geweest, had Josephus immers geschreven dat Pilatus het geld had gestolen. was begonnen door koning Herodes de Grote en voltooid door koning Herodes Agrippa I (r.41-44). De credits behoorden te gaan naar de dynastie, dat vond ook Josephus (een aanhanger van Herodes Agrippa II). Dat een Romeinse bestuurder ermee van doen had gehad, was een ongemakkelijk gegeven. Pontius Pilatus diende dus zwart gemaakt te worden.

    Wat er feitelijk is gebeurd, valt niet te achterhalen, maar erg logisch is het niet dat een Romeinse magistraat zijn troepen in het geheim zou hebben ingezet. Het klinkt eerder alsof demonstranten vertrapt raakten in het gedrang en er vervolgens een schuldige moest worden aangewezen. Als er überhaupt iets waars schuilt in de beschuldiging dat er soldaten bij betrokken waren, kan het alleen maar gaan om mannen van de Ala I Sebastenorum of de Cohors I Sebastenorum, manschappen dus uit de nabijgelegen stad Samaria dus. Soldaten uit de Italische eenheden in het Judese garnizoen zouden al zijn herkend voordat ze in actie kwamen.

    Nog een laatste punt: de demonstratie lijkt te hebben plaatsgevonden tijdens een joods feest, aangezien Pontius Pilatus in Jeruzalem verbleef. Het kan de gelegenheid zijn geweest waarbij soldaten “het bloed van de Galileeërs vermengden met hun offers,”noot Lukas 13.1. maar de hyperbool kan verwijzen naar elke onregelmatigheid op het tempelplein.

    [wordt om 11:00 (Bulgaarse tijd) (ik ben in Bulgarije) vervolgd met de rechtszaak tegen Jezus]

    Het ziet er niet best uit voor Libanon. Als u meer wil weten over dat geteisterde land, lees dan mijn boek. Deze blog kunt u ook volgen via een Whatsapp-kanaal.

    Zelfde tijdvak


    Apollonios van Tyana (8)

    november 5, 2013
    Afrikaans aardewerk

    februari 24, 2019
    De messiaanse maaltijd

    januari 23, 2022 Deel dit: #aquaduct #FlaviusJosephus #HerodesDeGrote #Jeruzalem #PontiusPilatus
  16. Pontius Pilatus (2) Het begin

    Caesarea Maritima

    [Dit is het tweede van zes blogjes over Pontius Pilatus. Het eerste was hier.]

    Aankomst in Judea

    In 26 na Chr. arriveerde Pontius Pilatus, wellicht met zijn echtgenote, in zijn nieuwe residentie in Judea: Caesarea Maritima. Vrijwel onmiddellijk begonnen de problemen: soldaten hadden voorwerpen naar Jeruzalem gebracht die een overtreding vormden van de regels. Over de aard van die voorwerpen lopen de bronnen uiteen, maar het was blijkbaar heel aanstootgevend. Er ging vervolgens van alles mis.

    Over deze gebeurtenissen zijn drie bronnen. De oudste auteur is Filon van Alexandrië, die zijn informatie ontleent aan een brief die Herodes Agrippa I zou hebben gestuurd aan keizer Caligula.noot Filon, Gezantschap naar Caligula 299-305. De aanstootgevende objecten zouden schilden zijn geweest waarop de naam van de gouverneur en die van de keizer zouden hebben gestaan – een type inscriptie dat we goed kennen en dat in Caesarea zelfs is gedocumenteerd voor Pilatus. Er is niets onwaarschijnlijks aan Filons mededeling en het is moeilijk voorstelbaar dat een ere-inschrift aanstootgevend was. Ook het door Filon geschetste vervolg, dat prinsen uit de familie van koning Herodes bemiddelden, is volstrekt geloofwaardig.

    Zoals Filon het presenteert vernam prins Herodes Agrippa dat keizer Caligula had bevolen dat zijn standbeeld in de Tempel in Jeruzalem moest komen staan. Dat zou een affront zijn, en daarom schreef Agrippa een brief, waarin hij de keizer herinnerde aan het incident ten tijde van Pontius Pilatus. Keizer Tiberius zou de gouverneur van Judea hebben teruggefloten toen die dus schilden had laten aanbrengen, en Agrippa opperde in zijn brief dat Caligula iets soortgelijks zou doen. Om Tiberius als voorbeeld te kunnen typeren, moest Agrippa echter Pilatus typeren als incompetent. Dat negatieve beeld van een gouverneur kwam Agrippa bovendien goed uit, want het zou helpen bewijzen dat een Joodse koning geschikter was om over Judea te heersen – Herodes Agrippa bijvoorbeeld. Kortom, we mogen Filons verwijzing naar Pontius Pilatus, teruggaand op een tendentieus document, niet zonder meer geloven.

    De twee andere verslagen zijn geschreven door de Joodse geschiedschrijver Flavius Josephus. Hij schreef zijn Joodse Oorlog in de late jaren zeventig van de eerste eeuwnoot Flavius Josephus, Joodse Oorlog 2.169-174. en herhaalde de stof nog eens in de vroege jaren negentig in zijn Joodse Oudheden.noot Flavius Josephus, Joodse Oudheden 18.55-59. In zijn presentatie gaat het niet om schilden met inscripties, maar om veldtekens waaraan het portret van de keizer was bevestigd. Een jood zou zoiets inderdaad kunnen uitleggen als een overtreding van een van de Tien Geboden, namelijk het verbod op het maken van afbeeldingen. Josephus vertelt ook dat een deel van de bewoners naar Caesarea Maritima marcheerde, zich neerzette in de paardenracebaan (zie boven) en de nieuwe gouverneur smeekte om in te grijpen, wat deze ook deed.

    Interpretatie

    Er zijn nogal wat verschillen tussen deze twee verhalen. Beschreven schilden of veldtekens? Prinselijke bemiddeling of stedelijk protest? Het is mogelijk dat we te maken hebben met twee incidenten, maar het lijkt aannemelijker dat we twee visies hebben op dezelfde gebeurtenis. Filon kreeg zijn informatie van een prins, die de rol van zijn familie centraal stelde, terwijl Josephus zich baseert op mondelinge informatie.

    En beide auteurs hebben één ding gemeen: ze vertellen het verhaal niet vanuit het standpunt van Pontius Pilatus. Ze vertellen een Joods verhaal, waarin de nadruk is gelegd op een tegenstelling tussen Joden en Romeinen. Die was er natuurlijk, maar je kunt er ook teveel in lezen. Josephus plaatst het incident aan het begin van Pilatus’ gouverneurschap en het is heel goed mogelijk dat we te maken hebben met nieuwe, in Italië gerekruteerde eenheden (Cohors II Italica Civium Romanorum en de Cohors I Augusta) die de plaatselijke gevoeligheden nog niet kenden. In elk geval zorgde Pilatus ervoor dat de schilden of standaards werden weggehaald. Keizer Tiberius lijkt zijn gouverneur de ongelukkige start niet kwalijk te hebben genomen, want hij handhaafde Pilatus nog tien jaar.

    [Daarover volgende week meer]

    Het ziet er niet best uit voor Libanon. Als u meer wil weten over dat geteisterde land, lees dan mijn boek. Deze blog kunt u ook volgen via een Whatsapp-kanaal.

    Zelfde tijdvak


    De opstand van Tacfarinas (2)

    augustus 5, 2025
    Het vierkinderenrecht

    februari 20, 2026
    Lezen in de Oudheid

    juni 1, 2025 Deel dit: #CaesareaMaritima #Caligula #FilonVanAlexandrië #FlaviusJosephus #HerodesAgrippaI #Jeruzalem #Judea #PontiusPilatus #Tiberius
  17. Lees tip -> Netanyahu vraagt pardon om corruptiezaak te beëindigen | Netanyahu staat al vijf jaar terecht in drie met elkaar verweven zaken waarin hij wordt beschuldigd van het aannemen van gunsten | #cadeaus #corruptiezaak #gratie #gunsten #herzog #jeruzalem #netanyahu #omkoping #pardon #president |

    hbpmedia.nl/netanyahu-vraagt-p

  18. Lees tip -> Netanyahu vraagt pardon om corruptiezaak te beëindigen | Netanyahu staat al vijf jaar terecht in drie met elkaar verweven zaken waarin hij wordt beschuldigd van het aannemen van gunsten | #cadeaus #corruptiezaak #gratie #gunsten #herzog #jeruzalem #netanyahu #omkoping #pardon #president |

    hbpmedia.nl/netanyahu-vraagt-p

  19. Lees tip -> Netanyahu vraagt pardon om corruptiezaak te beëindigen | Netanyahu staat al vijf jaar terecht in drie met elkaar verweven zaken waarin hij wordt beschuldigd van het aannemen van gunsten | #cadeaus #corruptiezaak #gratie #gunsten #herzog #jeruzalem #netanyahu #omkoping #pardon #president |

    hbpmedia.nl/netanyahu-vraagt-p

  20. Jakobus de Rechtvaardige

    De dood van Jakobus de Rechtvaardige (San Marco, Venetië)

    Het leiderschap van de sicariërs, een stroming binnen het jodendom, was in handen van de afstammelingen van Judas de Galileeër; als leiders van de farizeeën komen we de familie van Gamaliël tegen; je zou van de op Jezus van Nazaret teruggaande stroming dus eveneens verwachten dat zijn verwanten er grote invloed hadden. En zo is het inderdaad. Het Nieuwe Testament noemt Jezus’ broer Jakobus als een leider van de vroege christelijke gemeenschap . Mogelijk oefende ook een broer Judas gezag uit. Op gezag van de tweede-eeuwse auteur Hegesippos weten we dat ook Judas’ kleinzonen nog een rol speelden. Ik blogde daar al eens over en ik laat het nu rusten.

    Ik wil het hebben over Jakobus, die in de vroegchristelijke literatuur bijnamen heeft als “broer van de Heer” en “de Rechtvaardige”. Hij wordt ook wel “de Mindere” genoemd, misschien om hem te onderscheiden van de Jakobus die een van de Twaalf was (en die wordt vereerd in Santiago de Compostela). In elk geval: Jezus had een broer die Jakobus heet en die in het Marcus-citaat waarover ik vorige week blogde, in één adem wordt genoemd met Joses, Judas, Simon en een onbepaald aantal zussen.noot Marcus 6.3.

    Deze Jakobus zou dus een leider zijn geweest van de vroege kerk, en meer in het bijzonder: in Jeruzalem. Dat is opmerkelijk, want de familie kwam uit Galilea. De verklaring zou kunnen zijn dat men op de naderende Jongste Dag in de heilige stad wilde zijn, maar dat is hypothetiscj. De apostel Paulus ontmoette Jakobus daar enkele keren. In de Brief aan de Galaten vertelt Paulus dat hij drie jaar na zijn bekering Petrus ging opzoeken en toen ook de apostel Jakobus, de broer van de Heer, ontmoette.noot Galaten 1.17. “Apostel” betekent hier niet “een van de Twaalf”, maar verwijst naar één van de velen die door Jezus waren uitgezonden om zijn leer ook elders te verkondigen. Logisch dus dat Paulus toevoegt dat hij geen van hen was tegengekomen in Jeruzalem.

    Paulus noemt in dezelfde Galatenbrief Jakobus met Petrus en Johannes “de drie zuilen van de kerk”.noot Galaten 2.9. Met hen zou hij later zijn overeengekomen dat zij de leer van Jezus zouden verkondigen aan de Joden en dat Paulus en Barnabas het zouden doen bij andere volken. Dit wordt in iets andere termen bevestigd door de Handelingen van de Apostelen, waar we lezen over een vergadering van de vroege christenen, die tot dezelfde beslissing komt.noot Handelingen 15.

    Dat Jakobus zeer hoog in aanzien stond bij de eerste gelovigen, blijkt ook uit het zogeheten Evangelie van de Hebreeën, waarin de opgestane Christus als eerste verschijnt aan zijn broer. Deze tekst is weliswaar vrij jong, maar documenteert de blijvende herinnering aan het leiderschap van Jakobus.

    Rechtvaardiging

    De Handelingen en de brieven van Paulus hebben vooral betrekking op de prediking onder de andere volken, maar we beschikken over een Brief van Jakobus die lijkt weer te geven wat Jezus’ broer dacht over precies datgene waar Paulus iets nieuws introduceerde, namelijk de rechtvaardiging door het geloof in Christus. Volgens de auteur is dat onvoldoende – echt geloof blijkt uit goede werken. Daar laat ik het verder even bij, want ik heb het er al eens over gehad.

    Ik leg in dat eerdere blogje trouwens ook uit dat een van de argumenten tegen authenticiteit veronderstelt dat iemand uit Galilea niet zulk goed Grieks zou kennen. Wat een onbewezen aanname is en bovendien een tikkeltje hovaardig – alsof wij de oude taal beter zouden kennen dan de mensen uit de Oudheid. Taalkundigen kunnen héél veel, en dat schrijf ik zonder ironie, maar ik zou zelf toch niet zo stellig zijn. In elk geval: er is dus discussie over de authenticiteit van de Brief van Jakobus, en volgende week kom ik daar nog eens op terug.

    Dood

    De Joodse geschiedschrijvers Flavius Josephus vertelt over de dood van Jakobus in het jaar 62. Josephus zijnde Josephus gaat het verhaal natuurlijk vooral over de officiële leiders van de Joodse gemeenschap, en dus over de relatie tussen gouverneur en hogepriester. De gouverneur, Lucceius Albinus, kreeg een conflict met  hogepriester Ananos II.

    Deze Ananos meende handig te kunnen profiteren van de situatie dat [de oude gouverneur Porcius] Festus dood was en [de nieuwe gouverneur] Albinus nog onderweg was. Hij riep een vergadering van rechters bijeen en liet daar de broer van de Jezus die Christus genoemd wordt — de man heette Jakobus — alsmede enkele anderen voorleiden. Hij beschuldigde hen ervan dat ze de Wet hadden overtreden en leverde hen uit om gestenigd te worden. De groepering echter van degenen van wie iedereen in de stad vond dat ze zich precies aan de Wet hielden en die op grond daarvan zeer goed aangeschreven stonden [de farizeeën], nam de zaak hoog op. Ze stuurden in het geheim een vertegenwoordiging naar de koning [Herodes Agrippa II] om er bij hem op aan te dringen Ananos te gelasten zich voortaan van dergelijke acties te onthouden. Het was namelijk niet de eerste keer dat hij over de schreef was gegaan. … Voor koning Agrippa vormde de zaak aanleiding Ananos als hogepriester te ontslaan – hij is drie maanden in functie geweest.noot Josephus, Joodse Oudheden 20.200-203; vert. Wes/Meijer.

    Een latere auteur, Clemens van Alexandrië, meende dat Jakobus van de tempelmuur af was gegooid, en daarna was gedood. Dit hoeft niet per se in strijd te zijn met wat Josephus schrijft, omdat de beulen bij een steniging willen dat het slachtoffer stil blijft liggen: de ongelukkige wordt dus ingegraven of men breekt hem de benen – door hem van een tempelmuur te werpen. Ik denk overigens dat we de latere bronnen beter allemaal kunnen negeren, al heb ik, zoals u al merkte, een zwak voor Hegesippos.

    Terug naar de anekdote van Josephus. Die is waanzinnig interessant. Om te beginnen vertelt ze iets over de problemen in het dagelijks bestuur van een provincie, waarin lokale gezagdragers niet altijd deden wat Rome wou. De anekdote identificeert verder de enige sadducee die we kennen, namelijk Ananos, die tijdens de Joodse Opstand leiding zou geven aan de provisorische regering in Jeruzalem. Het is verder opvallend dat Josephus, die een hekel had aan de farizeeën, weigert hen te noemen. En tot slot: de passage bewijst dat Jakobus gold als jood en dat andere joden verontwaardigd waren over de wijze waarop hij was aangepakt. In het jaar 62 was er nog geen sprake van dat de wegen van joden en christenen uiteen zouden gaan.

    [Een overzicht van deze reeks over het Nieuwe Testament is hier.]

    Deze blog, die u ook via het Whatsapp-kanaal kunt volgen, is niet mijn enige activiteit. Ik bied ook cursussen aan.

    Zelfde tijdvak


    De vogel Feniks

    april 24, 2023
    De dood van de messias (4)

    maart 30, 2018
    Het Romeinse platteland

    mei 5, 2017 Deel dit:

    #AnanosII #Barnabas #BriefAanDeGalaten #BriefVanJakobus #ClemensVanAlexandrië #EvangelieVanDeHebreeën #farizeeën #FlaviusJosephus #HandelingenVanDeApostelen #Hegesippos #HerodesAgrippaII #JakobusDeRechtvaardige #Jeruzalem #LucceiusAlbinus #NieuweTestament #Paulus #Petrus #PorciusFestus #steniging

  21. Jezus in de Tempel

    Schriftgeleerden in debat met een jonge Jezus (Acheologisch museum, Córdoba)

    Een nieuwe zondag, een nieuw blogje over het Nieuwe Testament, en vandaag gaat het over een bekend verhaal. Hier is het.noot Lukas 2.41-51; NBV21.

    Jezus’ ouders gingen jaarlijks voor het pesachfeest naar Jeruzalem. Toen hij twaalf jaar was, maakten ze weer hun gebruikelijke pelgrimstocht. Na afloop van het feest vertrokken ze naar huis, maar Jezus bleef in Jeruzalem achter zonder dat zijn ouders het wisten.

    Dat vinden wij wat raar, want ouders hebben meestal een zesde zintuig waarmee ze precies weten waar Junior zich bevindt. De evangelist Lukas anticipeert op vragen door het uit te leggen:

    In de veronderstelling dat hij zich bij het reisgezelschap bevond, reisden ze een hele dag voordat ze hem overal onder hun verwanten en bekenden begonnen te zoeken.

    Dit is interessante informatie. Hoewel we weten dat alle volken in de oude wereld pelgrimsfeesten hadden, weten we eigenlijk niet zo heel veel over de gang van zaken. Maar hier lezen we dus dat Joden met grote groepen op reis waren en dat het niet vreemd was als een kind meeliep met de familieleden, ja dat dit zó normaal was dat ouders niet eens controleerden of hun eigen zoon of dochter wel aanwezig was. Tijdens zo’n tocht lette iedereen een beetje op elkaar.

    Toen ze hem niet vonden, keerden ze terug naar Jeruzalem om hem daar te zoeken.

    Ambiguïteiten

    Ik geef het u te doen: een kind vinden in een stad waar tienduizenden mensen wonen. Het duurde dus even.

    Na drie dagen vonden ze hem in de tempel, waar hij tussen de leraren zat, terwijl hij naar hen luisterde en hun vragen stelde. Allen die hem hoorden stonden versteld van zijn inzicht en zijn antwoorden. Toen zijn ouders hem zagen, waren ze ontzet, en zijn moeder zei tegen hem: “Kind, wat heb je ons aangedaan? Je vader en ik hebben met angst in het hart naar je gezocht.”
    Maar hij zei tegen hen: “Waarom hebt u naar me gezocht? Wist u niet dat ik in het huis van mijn Vader moest zijn?”
    Maar ze begrepen niet wat hij tegen hen zei.

    Observatie één: volgens Lukas was Jozef dus nog in leven toen Jezus twaalf was, dus zeg maar in het voorjaar van het jaar 8 of misschien 9. Dat maakt het des te vreemder dat Jezus wordt aangeduid als zoon van Maria en niet, zoals je zou hebben verwacht in een patriarchale samenleving, als zoon van Jozef.noot Marcus 6.3.

    Observatie twee: ambiguïteiten als “je vader heeft je gezocht want we moeten naar huis” en “ik moet in het huis van mijn vader zijn” komen wel vaker voor in de antieke literatuur. In feite vallen alle verhalen over verkeerd begrepen orakels in deze categorie. En ook in dit verhaal begrijpen de mensen, in dit geval Jezus’ ouders, niet wat wordt gezegd. De eerste christenen hadden een abonnement op ambiguïteit, bijvoorbeeld door in een rechtszaak te verklaren dat ze op de rechter vertrouwden.

    Hij reisde met hen terug naar Nazaret en was hun gehoorzaam. Zijn moeder bewaarde alles wat er met hem gebeurd was in haar hart.

    Dit is een lief detail, en het is niet zo heel ver gezocht dat Maria een informant is geweest van de evangelist. Het wordt dan ook al eeuwen beweerd, maar er is natuurlijk weinig werkelijk bewijs.

    Karakterkwesties

    Een laatste punt nog. In de antieke literatuur hebben we allerlei anekdotes over de bijzondere jeugd van deze of gene. De jonge Alexander stelde goede vragen aan Perzische gezanten en temde een paard; de baby Herakles wurgde al een paar slangen; Theseus reinigde de istmus van Korinthe van een batterij rovers; Cyrus gedroeg zich als kind al als koning; de kleine Caligula stond enthousiast te kijken naar de martelingen en executies van terdoodveroordeelden en ook Nero gaf al vroeg blijk van zijn wrede karakter.

    Karakter: in de Oudheid was men ervan overtuigd dat dat een leven lang hetzelfde bleef. Hieruit volgde dat als iemand later erg intelligent zou zijn, of een krachtpatser, of opvallend wreed, hij dat ook als kind al moest zijn geweest. Een twaalfjarige Jezus die intelligent discussieerde met de leraren, paste goed bij de man die hij later zou zijn.

    [Een overzicht van deze reeks over het Nieuwe Testament is hier.]

    Deze blog, die u ook via het Whatsapp-kanaal kunt volgen, is niet mijn enige activiteit. Ik bied ook cursussen aan.

    Zelfde tijdvak


    Latijnse, heidense literatuur

    mei 1, 2021
    1 Henoch voor beginners

    oktober 9, 2022
    Een Arabisch eerstelingenoffer

    april 4, 2018 Deel dit:

    #EvangelieVanLukas #Jeruzalem #JezusVanNazaret #Jozef #Lukas #Maria #NieuweTestament #tempel

  22. Het Ware Kruis (1)

    Helena (Capitolijnse Musea, Rome)

    In het jaar 326 bezocht Helena, de moeder van Constantijn de Grote, het Heilig Land. Haar zoon had haar kort daarvoor de rang van augusta gegeven, wat je zou kunnen vertalen als “keizerin”, al betekent het niet dat ze beleid kon maken, uitvoeren of controleren. Ze had echter wél toegang tot de keizerlijke schatkist en kon daardoor het initiatief nemen tot bouwprojecten. In Betlehem legde ze de eerste steen voor de Geboortekerk, in Jeruzalem voor een kerk op de Olijfberg. Een van de aanwezigen was bisschop Eusebios van Caesarea, die enkele jaren later in zijn Leven van Constantijn verslag deed van het bezoek en de werkzaamheden.noot Eusebios, Leven van Constantijn 3.41-42.

    Kruisvinding

    Wat hij daarbij niet vermeldt, is dat Helena bij die gelegenheid het Ware Kruis zou hebben gevonden: het kruis waaraan Jezus dood zou zijn gemarteld. Christenen hebben de vondst eeuwenlang herdacht met het feest van de Kruisvinding.

    Een latere legende vertelt dat Helena op de plek van de Grafbasiliek niet minder dan drie kruisen zou hebben gevonden en had vastgesteld welk het echte was, door het houtwerk te gebruiken om een zieke mee aan te raken. Bij het Ware Kruis genas deze in een handomdraai. De keizerin nam dat kruis mee naar Rome, waar het nog eeuwenlang vereerd zou worden in een kerk die was ingericht in een voormalig keizerlijk paleis, de kerk van Santa Croce in Gerusalemme.

    De kapel bestaat nog steeds en u vindt er ook het bordje met het opschrift “Jezus van Nazaret, koning der Joden”, de spijkers waarmee Jezus werd vastgenageld aan het hout, doornen van de doornenkroon, een stukje van de paal waaraan Jezus was vastgebonden bij de geseling, de dwarsbalk van het kruis van de goede moordenaar, een vinger van de ongelovige Thomas en – de laatste keer dat ik er was – een bisschoppelijk goedgekeurde expositie die betoogde dat de Lijkwade van Turijn echt authentiek was en dat wetenschappers met hun koolstofdateringen er niks van begrijpen. Getuige het beledigende mailtje dat ik vorige week ontving zijn er nog steeds mensen die niet willen begrijpen wat wetenschap is.

    De kapel in de Santa Croce, Rome

    Vroege kruisverering

    De legende zijn pas later ontstaan en de vraag dringt zich op waar ze vandaan komt. Eén ding is zeker: Eusebios weet van niets, terwijl hij een ontdekking als deze, als hij er bij was geweest, zeker niet onvermeld zou hebben gelaten. Maar er circuleerden al verhalen over het kruis. Het tweede-eeuwse, apocriefe Evangelie van Petrus bevat bijvoorbeeld een exuberante beschrijving van Jezus’ opstanding, waarbij – ik verzin het ook niet – het kruis sprekend wordt opgevoerd.

    Deze tekst illustreert dat er mensen waren die het kruis beschouwden als een belangrijk onderdeel van hun geloof. Een inscriptie uit de omgeving van het Algerijnse Sétif documenteert de verering van “hout van het kruis uit het Beloofde Land” in het jaar 359.noot EDCS-70200001.. Je zou je kunnen voorstellen dat geestelijken die wilden benadrukken dat Christus weliswaar goddelijk was maar ook echt als mens had geleden, lichamelijk dus, als eersten het materiële aspect van de kruisiging hebben benadrukt. Er was in elk geval voldaan aan de voorwaarden om relikwieën van het kruis te gaan vereren.

    De eerste zekere vermelding van de verering van het kruishout in Jeruzalem is te vinden bij Egeria, een voorname pelgrim die Jeruzalem bezocht rond het jaar 383. Ze vertelt:

    Dan wordt een zetel voor de bisschop neergezet, achter het kruisbeeld dat daar nu staat. De bisschop neemt plaats op de zetel; een tafel met een linnen kleed wordt voor hem neergezet en rondom de tafel staan dia­kens. Dan brengt men een verguld zilveren kistje met daarin het heilige hout van het kruis: het wordt geopend en men haalt het eruit en het wordt op de tafel gezet, zowel het hout van het kruis als het opschrift.

    Zodra dat op tafel is gezet, houdt de bisschop met beide handen, zittend, de uiteinden van het heilig hout vast, terwijl de rondom staande diakens het bewaken. De reden van die bewaking is deze: het is gewoonte dat men een voor een naar voren komt, heel het volk, zowel gelovigen als doopleerlin­gen, en voorover buigt naar de tafel, het heilig hout kust en dan verder loopt; maar ooit, ik weet niet wanneer, heeft iemand naar men zegt erin gebeten en een stukje van het heilig hout gestolen. Daarom wordt het nu door de rond­om staande diakens bewaakt, zodat niemand die naar voren komt dat nog eens durft te doen.noot Egeria, Reisverslag 37; vert. Vincent Hunink.

    Uit de daarop volgende jaren zijn meer verslagen, waarin we de legende beginnen te herkennen. Misschien is er overigens een vermelding vóór Egeria. Kyrillos, die tussen 350 en 386 bisschop was van Jeruzalem, noemt dat in de Grafbasiliek Golgotha werd vereerd en dat “de hele wereld is gevuld met stukken kruishout”.noot Kyrillos van Jeruzalem, Mystagogische Katechese 4.10 en 13.4. Hoewel hij niet expliciet zegt dat ook in Jeruzalem het kruis werd vereerd, lijkt het er wel op. Het probleem is dat de datering van deze tekst niet helemaal duidelijk is. Steeds meer onderzoekers plaatsen ze tegen het einde van Kyrillos’ leven of nemen aan dat de teksten niet door hemzelf zijn geschreven.

    Constantijn en Helena (Madaba)

    Dit lijkt zeker: er circuleerden al vroeg verhalen over het kruis; relieken werden al vroeg overal vereerd; na 380 is er documentatie voor verering van het kruis in Jeruzalem. Je zou zeggen: het begon met de verering van crucifixen, waaruit in het derde kwart van de vierde eeuw de verering van het Ware Kruis in Jeruzalem is ontstaan, samen met de kiemen van een legende dat dit stuk hout door Helena was gevonden tijdens de regering van Constantijn.

    [Wordt vervolgd]

    Deze blog, die u ook via het Whatsapp-kanaal kunt volgen, is niet mijn enige activiteit. Ik bied ook cursussen aan.

    Zelfde tijdvak


    XIII Gemina (2)

    maart 13, 2024
    Heidendom in de Late Oudheid

    juni 28, 2016
    Paideia

    oktober 26, 2023 Deel dit:

    #ConstantijnDeGrote #Egeria #EusebiosVanCaesarea #EvangelieVanPetrus #Golgotha #Grafbasiliek #HelenaKeizerin_ #Jeruzalem #koolstofdatering #Kruisvinding #KyrillosVanJeruzalem #LijkwadeVanTurijn #Sétif #WareKruis

  23. 𝗠𝗶𝗻𝘀𝘁𝗲𝗻𝘀 15 𝗴𝗲𝘄𝗼𝗻𝗱𝗲𝗻 𝗯𝗶𝗷 𝘀𝗰𝗵𝗶𝗲𝘁𝗽𝗮𝗿𝘁𝗶𝗷 𝗶𝗻 𝗝𝗲𝗿𝘂𝘇𝗮𝗹𝗲𝗺

    Bij een schietpartij in Jeruzalem zijn ongeveer vijftien slachtoffers gevallen, meldt de Israëlische ambulancedienst. Het gaat volgens Israëlische media om gewonden, van wie er zes slecht aan toe zouden zijn. Volgens de politie zijn de 'terroristen geneutraliseerd', waarmee ze bedoelen dat de daders zijn...

    rtl.nl/nieuws/buitenland/artik

    #schietpartij #Jeruzalem #gewonden

  24. 𝗠𝗶𝗻𝘀𝘁𝗲𝗻𝘀 15 𝗴𝗲𝘄𝗼𝗻𝗱𝗲𝗻 𝗯𝗶𝗷 𝘀𝗰𝗵𝗶𝗲𝘁𝗽𝗮𝗿𝘁𝗶𝗷 𝗶𝗻 𝗝𝗲𝗿𝘂𝘇𝗮𝗹𝗲𝗺

    Bij een schietpartij in Jeruzalem zijn ongeveer vijftien slachtoffers gevallen, meldt de Israëlische ambulancedienst. Het gaat volgens Israëlische media om gewonden, van wie er zes slecht aan toe zouden zijn. Volgens de politie zijn de 'terroristen geneutraliseerd', waarmee ze bedoelen dat de daders zijn...

    rtl.nl/nieuws/buitenland/artik

    #schietpartij #Jeruzalem #gewonden

  25. 𝗠𝗶𝗻𝘀𝘁𝗲𝗻𝘀 15 𝗴𝗲𝘄𝗼𝗻𝗱𝗲𝗻 𝗯𝗶𝗷 𝘀𝗰𝗵𝗶𝗲𝘁𝗽𝗮𝗿𝘁𝗶𝗷 𝗶𝗻 𝗝𝗲𝗿𝘂𝘇𝗮𝗹𝗲𝗺

    Bij een schietpartij in Jeruzalem zijn ongeveer vijftien slachtoffers gevallen, meldt de Israëlische ambulancedienst. Het gaat volgens Israëlische media om gewonden, van wie er zes slecht aan toe zouden zijn. Volgens de politie zijn de 'terroristen geneutraliseerd', waarmee ze bedoelen dat de daders zijn...

    rtl.nl/nieuws/buitenland/artik

    #schietpartij #Jeruzalem #gewonden

  26. 𝗠𝗶𝗻𝘀𝘁𝗲𝗻𝘀 15 𝗴𝗲𝘄𝗼𝗻𝗱𝗲𝗻 𝗯𝗶𝗷 𝘀𝗰𝗵𝗶𝗲𝘁𝗽𝗮𝗿𝘁𝗶𝗷 𝗶𝗻 𝗝𝗲𝗿𝘂𝘇𝗮𝗹𝗲𝗺

    Bij een schietpartij in Jeruzalem zijn ongeveer vijftien slachtoffers gevallen, meldt de Israëlische ambulancedienst. Het gaat volgens Israëlische media om gewonden, van wie er zes slecht aan toe zouden zijn. Volgens de politie zijn de 'terroristen geneutraliseerd', waarmee ze bedoelen dat de daders zijn...

    rtl.nl/nieuws/buitenland/artik

    #schietpartij #Jeruzalem #gewonden

  27. De barmhartige samaritaan

    Barmhartige samaritaan (Rossano-codex)

    Dat je zorg draagt voor mensen die in de problemen zijn geraakt, is elementair fatsoen. En omdat dat fatsoen weleens ontbreekt, hebben we een en ander tevens vastgelegd in wetten en verdragen. Zo simpel is het. Je hebt geen antieke tekst nodig om medemenselijkheid te begrijpen. Desondanks komt, sinds de Nederlandse Tweede Kamer besloot hulp aan illegaal in ons land verblijvende mensen strafbaar te stellen, de parabel van de barmhartige samaritaannoot Ik spel natuurlijk samaritaan, want de samaritanen waren (en zijn) een antieke geloofsgemeenschap en de namen van religieuze groepen spellen we in onderkast. De burger wordt geacht de wet te kennen, dus u schudt moeiteloos Spellingsbesluit 1995, artikel 16.7, onder S uit uw mouw, en u schrijft ook jood, christen en moslim. tot vervelens toe langs.

    Ik houd er niet van de antieke literatuur te leggen in het procrustesbed der actualiteit. De Oudheid is in zichzelf voldoende interessant. Maar nu de barmhartige samaritaan ineens overal wordt geciteerd, bied ik toch wat losse aantekeningen, die ik baseer op het onvolprezen The Jewish Annotated New Testament, waarover ik al eerder schreef. (Er is een uitgebreide Nederlandse vertaling, maar die heb ik even niet bij de hand.)

    Medemenselijkheid

    De evangelist Lukas leidt het verhaal in met twee aan Jezus gestelde vragen. De eerste luidt wat iemand moet doen om het eeuwig leven te verwerven. Het antwoord is simpel:

    Heb de Heer, uw God, lief met heel uw hart en met heel uw ziel en met heel uw kracht en met heel uw verstand, en uw naaste als uzelf.noot Lukas 10.27; NBV21.

    Dit is een combinatie van Deuteronium 6.5 en Leviticus 19.18b en is een standaardantwoord. We vinden het eveneens in Lukas’ bron Marcus; de argumentatie is gebaseerd op een farizese redenatiefiguur die bekendstaat als Gezerah Shavah; we kennen deze conclusie ook uit de rabbijnse literatuur; de Romeinse auteur Plinius de Oudere zag het eveneens zo. Kortom, tot hier is er niets bijzonders aan de hand.

    Maar de wetgeleerde wilde zich rechtvaardigen en vroeg aan Jezus: “Wie is mijn naaste?”

    Toen vertelde Jezus hem het volgende: “Er was eens iemand die van Jeruzalem naar Jericho reisde en onderweg werd overvallen door rovers, die hem zijn kleren uittrokken, hem mishandelden en hem daarna halfdood achterlieten. Toevallig kwam er een priester langs, maar toen hij het slachtoffer zag liggen, liep hij met een boog om hem heen. Er kwam ook een leviet langs, maar bij het zien van het slachtoffer liep ook hij met een boog om hem heen.”noot Lukas 10.29-32.

    Je hoort regelmatig dat deze mensen geen EHBO verleenden omdat ze hun rituele reinheid moesten bewaren: het waren immers mensen die werkten in de tempel, en rituele reinheid was belangrijk. Dan raak je geen stervende aan. Alleen: het staat er simpelweg niet.

    Op en neer naar Jeruzalem

    Nu staan er wel meer dingen niet in het Nieuwe Testament. Je kunt zeggen dat onuitgesproken kon blijven wat elke toehoorder begreep. Maar het Grieks bevat een duidelijke tegenaanwijzing. In die taal, afkomstig uit een land met nogal wat bergen en dalen, loop je zelden zomaar van A naar B, maar je klimt of daalt van A naar B. En in de parabel is echt sprake van afdalen, κατέβαινεν. Het werk in de tempel zit erop en de rituele reinheid doet er dus niet langer toe.

    Waar komt dat idee van de rituele reinheid vandaan? Ik vermoed dat het samenhangt met het christelijke vooroordeel dat joden geen genadige god hadden, maar een god die hen dwong “punten te scoren” om een plaats te verwerven in de wereld die nog zou komen. Daarom, zo wilde het vooroordeel, hadden de joden eindeloos veel regeltjes. En dus een obsessie met rituele reinheid. Die veronderstelde obsessie hebben christelijke lezers in dit verhaal gelezen.

    Aäron, Levi, Israël

    De reden waarom de priester en de leviet de ongelukkige negeren, vernemen we dus niet, en is voor het verhaal ook niet belangrijk. Het priesterschap was erfelijk en een joodse priester stamde af van Mozes’ broer Aäron. Het levietschap was eveneens erfelijk: de levieten stamden af van Levi, een van de twaalf zonen van de aartsvader Jakob. De rest van de bevolking (de afstammelingen van de andere zonen van Jakob dus) staat bekend onder de verzamelnaam Israël. Na Aäron en Levi zou Israël moeten komen: de toehoorder verwachtte dat de derde passant een gewone jood zou zijn die deed wat gods grondpersoneel naliet. De schok in de parabel is dat degene die de zaken netjes afhandelt, niet de verwachte gewone jood is, maar iemand die geen deel uitmaakt van het verbondsvolk.

    Wie zich werkelijk wil verdiepen in de materie, moet ook nog even kijken naar 2 Kronieken 28.15, maar ik ga snel verder naar het einde van de vertelling. Jezus vervolgt:

    “Een samaritaan echter, die op reis was, kreeg medelijden toen hij hem zag liggen. Hij ging naar de gewonde man toe, goot olie en wijn over zijn wonden en verbond ze. Hij zette hem op zijn eigen rijdier en bracht hem naar een logement, waar hij voor hem zorgde. De volgende morgen gaf hij twee denarie aan de eigenaar en zei: ‘Zorg voor hem, en als u meer kosten moet maken, zal ik u die op mijn terugreis vergoeden.’ Wie van deze drie is volgens u de naaste geworden van het slachtoffer van de rovers?”

    De wetgeleerde zei: “De man die medelijden met hem heeft getoond.”

    Toen zei Jezus tegen hem: “Doet u dan voortaan net zo.”noot Lukas 10.33-37.

    Het antwoord van de wetgeleerde is ronduit grappig: “de man die medelijden heeft getoond”. De wetgeleerde kan het woord “samaritaan” niet eens over z’n lippen krijgen.

    Mijn boek over Libanon is verschenen. De opbrengst is geoormerkt voor Cordaid Libanon.

    PS: u kunt deze blog volgen via het Whatsapp-kanaal.

    Zelfde tijdvak


    Plinius’ landhuizen

    augustus 8, 2017
    De Bergrede (7): christenvervolging

    september 19, 2021
    Domitianus (39): Dood van een tiran

    februari 26, 2022 Deel dit:

    #barmhartigeSamaritaan #EvangelieVanLukas #GezerahShavah #Jeruzalem #leviet #NieuweTestament #priesterschap #ritueleReinheid #samaritaanseGeloofsgemeenschap

  28. De barmhartige samaritaan

    Barmhartige samaritaan (Rossano-codex)

    Dat je zorg draagt voor mensen die in de problemen zijn geraakt, is elementair fatsoen. En omdat dat fatsoen weleens ontbreekt, hebben we een en ander tevens vastgelegd in wetten en verdragen. Zo simpel is het. Je hebt geen antieke tekst nodig om medemenselijkheid te begrijpen. Desondanks komt, sinds de Nederlandse Tweede Kamer besloot hulp aan illegaal in ons land verblijvende mensen strafbaar te stellen, de parabel van de barmhartige samaritaannoot Ik spel natuurlijk samaritaan, want de samaritanen waren (en zijn) een antieke geloofsgemeenschap en de namen van religieuze groepen spellen we in onderkast. De burger wordt geacht de wet te kennen, dus u schudt moeiteloos Spellingsbesluit 1995, artikel 16.7, onder S uit uw mouw, en u schrijft ook jood, christen en moslim. tot vervelens toe langs.

    Ik houd er niet van de antieke literatuur te leggen in het procrustesbed der actualiteit. De Oudheid is in zichzelf voldoende interessant. Maar nu de barmhartige samaritaan ineens overal wordt geciteerd, bied ik toch wat losse aantekeningen, die ik baseer op het onvolprezen The Jewish Annotated New Testament, waarover ik al eerder schreef. (Er is een uitgebreide Nederlandse vertaling, maar die heb ik even niet bij de hand.)

    Medemenselijkheid

    De evangelist Lukas leidt het verhaal in met twee aan Jezus gestelde vragen. De eerste luidt wat iemand moet doen om het eeuwig leven te verwerven. Het antwoord is simpel:

    Heb de Heer, uw God, lief met heel uw hart en met heel uw ziel en met heel uw kracht en met heel uw verstand, en uw naaste als uzelf.noot Lukas 10.27; NBV21.

    Dit is een combinatie van Deuteronium 6.5 en Leviticus 19.18b en is een standaardantwoord. We vinden het eveneens in Lukas’ bron Marcus; de argumentatie is gebaseerd op een farizese redenatiefiguur die bekendstaat als Gezerah Shavah; we kennen deze conclusie ook uit de rabbijnse literatuur; de Romeinse auteur Plinius de Oudere zag het eveneens zo. Kortom, tot hier is er niets bijzonders aan de hand.

    Maar de wetgeleerde wilde zich rechtvaardigen en vroeg aan Jezus: “Wie is mijn naaste?”

    Toen vertelde Jezus hem het volgende: “Er was eens iemand die van Jeruzalem naar Jericho reisde en onderweg werd overvallen door rovers, die hem zijn kleren uittrokken, hem mishandelden en hem daarna halfdood achterlieten. Toevallig kwam er een priester langs, maar toen hij het slachtoffer zag liggen, liep hij met een boog om hem heen. Er kwam ook een leviet langs, maar bij het zien van het slachtoffer liep ook hij met een boog om hem heen.”noot Lukas 10.29-32.

    Je hoort regelmatig dat deze mensen geen EHBO verleenden omdat ze hun rituele reinheid moesten bewaren: het waren immers mensen die werkten in de tempel, en rituele reinheid was belangrijk. Dan raak je geen stervende aan. Alleen: het staat er simpelweg niet.

    Op en neer naar Jeruzalem

    Nu staan er wel meer dingen niet in het Nieuwe Testament. Je kunt zeggen dat onuitgesproken kon blijven wat elke toehoorder begreep. Maar het Grieks bevat een duidelijke tegenaanwijzing. In die taal, afkomstig uit een land met nogal wat bergen en dalen, loop je zelden zomaar van A naar B, maar je klimt of daalt van A naar B. En in de parabel is echt sprake van afdalen, κατέβαινεν. Het werk in de tempel zit erop en de rituele reinheid doet er dus niet langer toe.

    Waar komt dat idee van de rituele reinheid vandaan? Ik vermoed dat het samenhangt met het christelijke vooroordeel dat joden geen genadige god hadden, maar een god die hen dwong “punten te scoren” om een plaats te verwerven in de wereld die nog zou komen. Daarom, zo wilde het vooroordeel, hadden de joden eindeloos veel regeltjes. En dus een obsessie met rituele reinheid. Die veronderstelde obsessie hebben christelijke lezers in dit verhaal gelezen.

    Aäron, Levi, Israël

    De reden waarom de priester en de leviet de ongelukkige negeren, vernemen we dus niet, en is voor het verhaal ook niet belangrijk. Het priesterschap was erfelijk en een joodse priester stamde af van Mozes’ broer Aäron. Het levietschap was eveneens erfelijk: de levieten stamden af van Levi, een van de twaalf zonen van de aartsvader Jakob. De rest van de bevolking (de afstammelingen van de andere zonen van Jakob dus) staat bekend onder de verzamelnaam Israël. Na Aäron en Levi zou Israël moeten komen: de toehoorder verwachtte dat de derde passant een gewone jood zou zijn die deed wat gods grondpersoneel naliet. De schok in de parabel is dat degene die de zaken netjes afhandelt, niet de verwachte gewone jood is, maar iemand die geen deel uitmaakt van het verbondsvolk.

    Wie zich werkelijk wil verdiepen in de materie, moet ook nog even kijken naar 2 Kronieken 28.15, maar ik ga snel verder naar het einde van de vertelling. Jezus vervolgt:

    “Een samaritaan echter, die op reis was, kreeg medelijden toen hij hem zag liggen. Hij ging naar de gewonde man toe, goot olie en wijn over zijn wonden en verbond ze. Hij zette hem op zijn eigen rijdier en bracht hem naar een logement, waar hij voor hem zorgde. De volgende morgen gaf hij twee denarie aan de eigenaar en zei: ‘Zorg voor hem, en als u meer kosten moet maken, zal ik u die op mijn terugreis vergoeden.’ Wie van deze drie is volgens u de naaste geworden van het slachtoffer van de rovers?”

    De wetgeleerde zei: “De man die medelijden met hem heeft getoond.”

    Toen zei Jezus tegen hem: “Doet u dan voortaan net zo.”noot Lukas 10.33-37.

    Het antwoord van de wetgeleerde is ronduit grappig: “de man die medelijden heeft getoond”. De wetgeleerde kan het woord “samaritaan” niet eens over z’n lippen krijgen.

    Mijn boek over Libanon is verschenen. De opbrengst is geoormerkt voor Cordaid Libanon.

    PS: u kunt deze blog volgen via het Whatsapp-kanaal.

    Zelfde tijdvak


    De Didache

    juli 17, 2014
    Nogmaals de Zijderoute

    juni 24, 2022
    Het antieke Jemen

    februari 22, 2025 Deel dit:

    #barmhartigeSamaritaan #EvangelieVanLukas #GezerahShavah #Jeruzalem #leviet #NieuweTestament #priesterschap #ritueleReinheid #samaritaanseGeloofsgemeenschap

  29. Het Gehenna

    Het Laatste Oordeel (Catacombe van Domitilla, Rome)

    Die foto van de Duivelsbrug van afgelopen vrijdag, die maakte ik vorige week, toen ik in Breda moest zijn om een lezing te verzorgen over joodse eindtijdverwachtingen. Dat bleek een nogal complex thema, want in de Eindtijd velt de Mensenzoon het Laatste Oordeel. En dan herleven de doden, want het kan niet zo zijn dat martelaren hun beloning niet krijgen en slechte mensen onbestraft blijven. Daniël:

    Velen van hen die slapen in de aarde, in het stof, zullen ontwaken, sommigen om eeuwig te leven, anderen om voor eeuwig te worden veracht en verafschuwd.noot Daniël 12.2; NBV21.

    Gehenna

    Anders gezegd: beloningen en straffen. En zo moest ik me in mijn Bredase lezing ook bezighouden met de hel, die in het Nieuwe Testament wordt aangeduid als Gehenna. De evangelist Marcus weet meer:

    Als je hand je ten val brengt, hak hem dan af: je kunt beter verminkt het leven [d.w.z., het Paradijs] binnengaan dan in het bezit van twee handen naar de Gehenna gaan, naar het onblusbare vuur. Als je voet je ten val brengt, hak hem dan af: je kunt beter kreupel het leven binnengaan dan in het bezit van twee voeten in de Gehenna geworpen worden. En als je oog je ten val brengt, ruk het dan uit: je kunt beter met één oog het koninkrijk van God binnengaan dan in het bezit van twee ogen in de Gehenna geworpen worden, waar de wormen blijven knagen en het vuur niet dooft.noot Marcus 9.43-47; NBV21.

    Dat het Gehenna een plaats is waar je na je dood pas terechtkomt, blijkt uit een passage bij Lukas, waarin Jezus zijn vrienden voorhoudt

    niet bang [te zijn] voor degenen die wel je lichaam kunnen doden, maar daarna niets meer tegen je kunnen uitrichten. Ik zal jullie zeggen voor wie je bang moet zijn. Wees bang voor Hem die de macht heeft om iemand niet alleen te doden maar daarna ook in de Gehenna te werpen.noot Lukas 12.4-5; NBV21.

    Ook Matteüs noemt het Gehenna enkele keren, net als de auteur van de Brief van Jakobus, maar ze voegen weinig toe aan wat we uit Marcus en Lukas leren: na zijn dood wachten de zondaar knagende wormen en een onblusbaar vuur dat niet dooft.

    Hinnomdal

    En dat is nog niet zo’n gek beeld, want Gehenna is de Griekse weergave van het Hebreeuwse ge-hinnom, “Hinnomdal”, waar je dagelijks vuur en wormen kon zien. Het was namelijk de vuilnisbelt bezuiden Jeruzalem, waar afval werd verbrand. Ook de lichamen van gestenigde misdadigers werden er gedumpt als prooi voor honden, vogels en wormen.

    Maar er is meer. Vanaf de vierde eeuw v.Chr. associeerden de Joodse auteurs het Hinnomdal met de plek waar koning Achaz (r.736-725) zijn zoon had geofferd aan de god Baäl.

    Achaz deed niet wat goed is in de ogen van de Heer … en ging zelfs zo ver dat hij godenbeelden maakte voor de Baäls. Ook ontstak hij offers in het Hinnomdal en verbrandde hij zijn zonen als offer.noot 2 Kronieken 28.2-3; NBV21.

    Dit citaat uit 2 Kronieken is een bewerking van een passage uit 2 Koningen, dat het dal van Hinnom niet vermeldt. Het is echter vrij plausibel dat de door de chroniqueur toegevoegde locatie correct is, in het licht van een passage uit Jeremia. (Een tofet is de begraafplaats voor geofferde kinderen – meer hier.)

    De dag zal komen dat er niet meer gesproken wordt over Tofet of het Hinnomdal, maar over het Moorddal. Men zal de doden in Tofet begraven tot er geen plaats meer is.noot Jeremia 7.32; NBV21.

    Kortom, de beelden die de auteurs van het Nieuwe Testament gebruiken voor het Gehenna, zijn ontleend aan de vuren en het ongedierte dat iedereen kende van Jeruzalems vuilnisbelt, en verwijzen ook naar de meest afschuwelijke offers die we ons kunnen voorstellen.

    [Een overzicht van deze reeks over het Nieuwe Testament is hier.]

    PS: Prebunking

    Voor ik u achterlaat, nog even dit. Binnenkort is het Pasen, dus u krijgt de komende tijd de nodige flauwekul over u uitgestort. Dat is een oudheidkundige traditie die bekendstaat als de paashoax. In de aanloop naar Pasen verlangen journalisten die niets echt willen uitzoeken namelijk naar makkelijke kopij over het christendom, zodat oudheidkundigen die niet echt iets hebben te melden, hun persberichten de deur uitdoen, zodat academische bestuurders die de wetenschap niet echt begrijpen, tevreden zijn met de publiciteit, die uw inzicht dus niet echt wil verhelderen. Overzicht van paashoaxes: hier.

    Ook op komst: op 21 april 753 v.Chr. is Rome gesticht, toch? Nee. Daar.

    Als u wil helpen dragen in de kosten van deze blog, kunt u een van mijn boeken kopen (en lezen), zoals Goden en halfgoden. Of ga mee op reis naar Tunesië! Of kom een cursus doen. Of doneer. U kunt deze blog ook volgen via het Whatsapp-kanaal.

    Deel dit:

    #Achaz #Baäl #Eindtijd #EvangelieVanLukas #EvangelieVanMarcus #Gehenna #hel #Jeruzalem #NieuweTestament #paashoax #tofet

  30. Het Gehenna

    Het Laatste Oordeel (Catacombe van Domitilla, Rome)

    Die foto van de Duivelsbrug van afgelopen vrijdag, die maakte ik vorige week, toen ik in Breda moest zijn om een lezing te verzorgen over joodse eindtijdverwachtingen. Dat bleek een nogal complex thema, want in de Eindtijd velt de Mensenzoon het Laatste Oordeel. En dan herleven de doden, want het kan niet zo zijn dat martelaren hun beloning niet krijgen en slechte mensen onbestraft blijven. Daniël:

    Velen van hen die slapen in de aarde, in het stof, zullen ontwaken, sommigen om eeuwig te leven, anderen om voor eeuwig te worden veracht en verafschuwd.noot Daniël 12.2; NBV21.

    Gehenna

    Anders gezegd: beloningen en straffen. En zo moest ik me in mijn Bredase lezing ook bezighouden met de hel, die in het Nieuwe Testament wordt aangeduid als Gehenna. De evangelist Marcus weet meer:

    Als je hand je ten val brengt, hak hem dan af: je kunt beter verminkt het leven [d.w.z., het Paradijs] binnengaan dan in het bezit van twee handen naar de Gehenna gaan, naar het onblusbare vuur. Als je voet je ten val brengt, hak hem dan af: je kunt beter kreupel het leven binnengaan dan in het bezit van twee voeten in de Gehenna geworpen worden. En als je oog je ten val brengt, ruk het dan uit: je kunt beter met één oog het koninkrijk van God binnengaan dan in het bezit van twee ogen in de Gehenna geworpen worden, waar de wormen blijven knagen en het vuur niet dooft.noot Marcus 9.43-47; NBV21.

    Dat het Gehenna een plaats is waar je na je dood pas terechtkomt, blijkt uit een passage bij Lukas, waarin Jezus zijn vrienden voorhoudt

    niet bang [te zijn] voor degenen die wel je lichaam kunnen doden, maar daarna niets meer tegen je kunnen uitrichten. Ik zal jullie zeggen voor wie je bang moet zijn. Wees bang voor Hem die de macht heeft om iemand niet alleen te doden maar daarna ook in de Gehenna te werpen.noot Lukas 12.4-5; NBV21.

    Ook Matteüs noemt het Gehenna enkele keren, net als de auteur van de Brief van Jakobus, maar ze voegen weinig toe aan wat we uit Marcus en Lukas leren: na zijn dood wachten de zondaar knagende wormen en een onblusbaar vuur dat niet dooft.

    Hinnomdal

    En dat is nog niet zo’n gek beeld, want Gehenna is de Griekse weergave van het Hebreeuwse ge-hinnom, “Hinnomdal”, waar je dagelijks vuur en wormen kon zien. Het was namelijk de vuilnisbelt bezuiden Jeruzalem, waar afval werd verbrand. Ook de lichamen van gestenigde misdadigers werden er gedumpt als prooi voor honden, vogels en wormen.

    Maar er is meer. Vanaf de vierde eeuw v.Chr. associeerden de Joodse auteurs het Hinnomdal met de plek waar koning Achaz (r.736-725) zijn zoon had geofferd aan de god Baäl.

    Achaz deed niet wat goed is in de ogen van de Heer … en ging zelfs zo ver dat hij godenbeelden maakte voor de Baäls. Ook ontstak hij offers in het Hinnomdal en verbrandde hij zijn zonen als offer.noot 2 Kronieken 28.2-3; NBV21.

    Dit citaat uit 2 Kronieken is een bewerking van een passage uit 2 Koningen, dat het dal van Hinnom niet vermeldt. Het is echter vrij plausibel dat de door de chroniqueur toegevoegde locatie correct is, in het licht van een passage uit Jeremia. (Een tofet is de begraafplaats voor geofferde kinderen – meer hier.)

    De dag zal komen dat er niet meer gesproken wordt over Tofet of het Hinnomdal, maar over het Moorddal. Men zal de doden in Tofet begraven tot er geen plaats meer is.noot Jeremia 7.32; NBV21.

    Kortom, de beelden die de auteurs van het Nieuwe Testament gebruiken voor het Gehenna, zijn ontleend aan de vuren en het ongedierte dat iedereen kende van Jeruzalems vuilnisbelt, en verwijzen ook naar de meest afschuwelijke offers die we ons kunnen voorstellen.

    [Een overzicht van deze reeks over het Nieuwe Testament is hier.]

    PS: Prebunking

    Voor ik u achterlaat, nog even dit. Binnenkort is het Pasen, dus u krijgt de komende tijd de nodige flauwekul over u uitgestort. Dat is een oudheidkundige traditie die bekendstaat als de paashoax. In de aanloop naar Pasen verlangen journalisten die niets echt willen uitzoeken namelijk naar makkelijke kopij over het christendom, zodat oudheidkundigen die niet echt iets hebben te melden, hun persberichten de deur uitdoen, zodat academische bestuurders die de wetenschap niet echt begrijpen, tevreden zijn met de publiciteit, die uw inzicht dus niet echt wil verhelderen. Overzicht van paashoaxes: hier.

    Ook op komst: op 21 april 753 v.Chr. is Rome gesticht, toch? Nee. Daar.

    Als u wil helpen dragen in de kosten van deze blog, kunt u een van mijn boeken kopen (en lezen), zoals Goden en halfgoden. Of ga mee op reis naar Tunesië! Of kom een cursus doen. Of doneer. U kunt deze blog ook volgen via het Whatsapp-kanaal.

    Deel dit:

    #Achaz #Baäl #Eindtijd #EvangelieVanLukas #EvangelieVanMarcus #Gehenna #hel #Jeruzalem #NieuweTestament #paashoax #tofet