home.social

#jezus-van-nazaret — Public Fediverse posts

Live and recent posts from across the Fediverse tagged #jezus-van-nazaret, aggregated by home.social.

fetched live
  1. Pontius Pilatus (4) Jezus

    Jezus voor Pilatus, zesde-eeuws handschrift

    [Dit is het vierde van zes blogjes over Pontius Pilatus. Het eerste was hier.]

    Van de diverse gebeurtenissen uit het gouverneurschap van Pontius Pilatus is de rechtszaak tegen Jezus natuurlijk het best geattesteerd en het beroemdst. Er zijn niet minder dan vier onafhankelijke verslagen: in chronologische volgorde zijn dat het evangelie van Marcus, de Joodse Oudheden van Flavius Josephus, het evangelie van Johannes en de Annalen van de Romeinse geschiedschrijver Publius Cornelius Tacitus. De lijdensverhalen van de evangelisten Matteüs en Lukas zijn afgeleid van dat van Marcus, maar bevatten informatie die authentiek zou kunnen zijn.

    Jezus’ vergrijp

    Op het eerste gezicht is het vreemd dat de Joodse leiders, met name de hogepriester Kajafas, Jezus overdroegen aan Pontius Pilatus. Natuurlijk had Jezus het komende Koninkrijk van God voorspeld, en ook had hij op het Tempelterrein de banken van de geldwisselaars omvergeworpen, maar eschatologisch gespeculeer en vandalisme waren geen redenen voor een executie. Wie in de joodse Tempel de regels overtrad, kreeg stok- of zweepslagen.

    We kunnen slechts speculeren over de reden van de uitlevering. Dat Jezus zich tijdens het nachtelijk verhoor had geïdentificeerd als de Mensenzoon die het Laatste Oordeel zou vellen, zal hogepriester Kajafas hebben ervaren als een mateloos en irritant bijgeloof, maar niet als werkelijk zorgwekkend. Een charismaticus die beweerde dat de eersten de laatsten zouden zijn en de laatsten de eersten, kon echter gevaarlijk grote menigtes op de been brengen, en dat was wel zorgwekkend. De Romeinse stedelijke elites waren doodsbang voor het grauw. (We weten dat Griekse concertredenaars het advies kregen om niet te vaak over de Griekse onafhankelijkheid te spreken omdat mensen het weleens letterlijk zouden kunnen nemen.) Een oproerkraaier van het platteland kon maar het beste worden uitgeschakeld, zal Kajafas hebben gedacht, en hij leverde Jezus uit. Misschien is dit wat er gebeurde.

    Voor Pilatus was de claim dat Jezus “koning der Joden” was, vervolgens voldoende om hem te laten executeren: kruisiging was voor hoogverraad de normale straf. Weliswaar was een messias geen koning van Judea, maar een titel als “zoon van David” deed weinig om de indruk weg te nemen. Het eerdere oproer op het tempelplein bewees dat Jezus met geweld de macht had willen grijpen. Zo simpel zag het eruit voor een Romeinse bestuurder.

    Het is zinvol hieraan toe te voegen dat Pilatus met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid geen Aramees sprak en dus de intern-joodse discussies niet kende. Hij was aangewezen op mannen als Kajafas, met wie hijzelf en zijn voorganger Valerius Gratus al jaren tot volle tevredenheid samenwerkten. Als Kajafas zei dat een messias een koning was, was er voor Pilatus geen reden om daaraan te twijfelen. En los daarvan: ook een Romeinse gouverneur behoorde tot de stedelijke elite, ook zo iemand had geen zin in een confrontatie met een kwade menigte.

    Proces

    Volgens onze oudste bron, Marcus, voelde Pontius Pilatus echter aan dat er iets niet in de haak was: “hij begreep wel dat de hogepriesters hem uit afgunst hadden uitgeleverd”.noot Marcus 15.10. Dit zou weleens kunnen zijn bevestigd door Flavius Josephus. Met zijn tekst, die bekendstaat als Testimonium Flavianum, is gerommeld, maar er is consensus over de reconstructie, die historisch logisch en taalkundig opvallend sterk is.

    In die tijd leefde Jezus, een wijs mens. Hij verrichtte namelijk wonderlijke daden en was de leraar van mensen die met vreugde de waarheid tot zich namen. Daarom had hij veel Joden en ook veel Grieken als leerlingen. Toen hij door Pilatus, bij wie hij door onze leiders was aangeklaagd, was veroordeeld tot het kruis, weigerden die leerlingen hun liefde voor hem op te geven. Daarom is de naar hem “christenen” genoemde stam nog niet verdwenen.noot Flavius Josephus, Joodse Oudheden 18.63-64.

    Dit is een merkwaardige tekst. In plaats van de aanklacht te noemen, noemt Josephus de aanklagers. Dit is des te opmerkelijker omdat de Joodse geschiedschrijver een hekel had aan opstandelingen, die hij verantwoordelijk hield voor de grote oorlog tussen de Joden en de Romeinen van 66-70. Gewoonlijk schept hij er plezier in over hun verdiende straf te schrijven. Dat hij nu de beschuldiging van hoogverraad onvermeld laat, suggereert dat hij twijfels had.

    Dat de evangeliën ons een Pontius Pilatus tonen die niet overtuigd was van de schuld van de timmerman, viel uiteraard te verwachten. Marcus en Johannes laten onafhankelijk van elkaar zien hoe de gouverneur de Joden dwong om een deel van de verantwoordelijkheid te nemen: Pilatus verklaart dat hij geen schuld kan vinden en verwijst naar Jezus als “uw koning”, waardoor de bevolking van Jeruzalem wordt gedwongen te verklaren dat ook zij willen dat de man werd gekruisigd.

    Een proces als onderhandeling

    Het is denkbaar dat de gouverneur van de gelegenheid gebruik maakte om loyaliteitsbeloften te verkrijgen. De bewering van Johannes dat de Joden zelfs verklaarden “geen andere koning te hebben dan de keizer” zou een historisch feit kunnen zijn.noot Johannes 19.15. Pilatus heeft er misschien spijt van gehad dat hij een man moest kruisigen die onschuldig leek, maar hij kan dit hebben beschouwd als een aanvaardbare prijs voor de soepele samenwerking met de tempelautoriteiten.

    Er speelt nog iets: we weten, zoals ik vorige week schreef, niet goed hoeveel speelruimte Pilatus had. Als het proces tegen Jezus plaatsvond in het voorjaar van 30 na Chr., kon hij rekenen op steun van de machtige praetoriaanse prefect Lucius Aelius Seianus in Rome. Vond het proces plaats in 33, dan stond Pilatus zwakker en kon hij door een menigte onder druk worden gezet met een argument als “als u die man vrijlaat bent u geen vriend van de keizer”.noot Johannes 19.12.

    Of het Pontius Pilatus was die zocht naar loyaliteitstoezeggingen of dat de menigte hem dwong, valt niet te weten. Wel staat vast dat de bestuurder geen conflict zocht. De evangeliën documenteren dat hij respect toont voor joodse gebruiken. Elk voor zich zijn de voorbeelden weliswaar discutabel, maar de tendens is duidelijk.

    • Matteüs laat Pilatus zijn handen wassen,noot Matteüs 27.24. wat een farizees gebruik was.
    • Johannes schrijft dat Pilatus Jezus’ tegenstanders toe om te spreken van buiten zijn hoofdkwartier, het Praetorium.noot Het betreden van het gebouw zou de joodse priesters verontreinigen, en dat vlak voor een religieus feest; Johannes 18.29.
    • Marcus en Johannes stellen onafhankelijk van elkaar dat Pilatus Jozef van Arimatea toestond de dode te begraven voor het begin van de sabbat.noot Marcus 15.43 en Johannes 19.38.

    Vooral dit laatste is opmerkelijk omdat keizer Augustus had verboden dat mensen die waren geëxecuteerd op beschuldiging van hoogverraad, een normale uitvaart zouden krijgen. Pilatus’ toestemming oogt als de daad van iemand die religieuze gevoelens wil respecteren.

    Andere arrestanten

    Tot slot nog twee vreemde aspecten. Eén: we lezen nergens dat Pilatus Jezus’ aanhangers liet arresteren. Als hij werkelijk geloofde dat Jezus met geweld een koninkrijk wilde stichten, was dit ronduit onverantwoord. Als hij het idee had dat de executie van een plattelandsmessias de prijs was die hij voor de lieve vrede moest betalen, was het echter volkomen logisch.

    Maar het vreemdste is dat Pilatus, op de dag waarop hij een man veroordeelde die op z’n kerfstok niet veel meer had dan een flinke rel, een man vrijliet die zeker wél schuldig was: Barabbas. We lezen het bij Marcus en Johannes, onafhankelijk van elkaar, wat een zekere betrouwbaarheid suggereert, maar het is raar. Dat een gouverneur elk jaar een veroordeelde crimineel zou vrijlaten, is immers ronduit bizar. Ik meen dat geen enkele wetenschapper het begrijpt, maar het is duidelijk wat de eerste christenen ervan dachten: het was ironisch dat een huns inziens onschuldige man was doodgemarteld, en een schuldige man was vrijgelaten.

    [wordt over twee weken vervolgd]

    Het ziet er niet best uit voor Libanon. Als u meer wil weten over dat geteisterde land, lees dan mijn boek. Deze blog kunt u ook volgen via een Whatsapp-kanaal.

    Zelfde tijdvak


    Een Romeinse stad

    mei 3, 2017
    Het koninkrijk Dacië

    december 30, 2019
    Romeins Jeruzalem

    augustus 6, 2023 Deel dit: #Barabbas #EvangelieVanJohannes #EvangelieVanMarcus #FlaviusJosephus #Jeruzalem #JezusVanNazaret #JozefVanArimatea #Judea #Kajafas #kruisiging #LuciusAeliusSeianus #messias #PontiusPilatus #PubliusCorneliusTacitus #TestimoniumFlavianum #ValeriusGratus
  2. Het scheiden der wegen

    Schema van het scheiden der wegen (klik=groot)

    Het is niet voor het eerst dat ik schrijf over het scheiden van de wegen van joden en christenen. Voor negentiende-eeuwse christenen was dat simpel: er was een Oud Verbond en omdat de joden Jezus van Nazaret niet hadden erkend als messias, was er een Nieuw Verbond, waarin de joden als verbondsvolk waren vervangen door de christenen. En voor joden was het ook al simpel: christendom was monotheïsme voor de export, maar niet het onversneden echte spul. Beide groepen – de negentiende-eeuwse christenen en de negentiende-eeuwse joden – claimden het tempeljodendom als hun eigen erfgoed en meenden dat de andere religie zich van de rechte leer had afgesplitst.

    De geschiedenis van het christendom werd lange tijd eigenlijk even simpel voorgesteld. Ooit was er een zuivere kerk geweest, waar links en rechts aftakkingen van waren, met één orthodoxe stroming die in een rechte lijn vanaf de apostelen ging naar het eigen kerkgenootschap.

    Al in de negentiende eeuw stond vast dat het complexer was. De Dode Zee-rollen en de publicatie van vroegchristelijke bronnen hebben dat bevestigd. Ik verzorg over deze materie weleens een cursus, en onlangs maakte ik daarbij het schema dat u hierboven ziet. Het is in deze vorm gemaakt door Kees Huijser, die wel vaker het grafische werk voor deze blog verzorgt. Ik beweer niet dat dit overzicht correct is; er is geen verband of lijn die niet ook anders kan zijn; maar het schema helpt om de stof te ordenen.

    Pluriform jodendom

    Helemaal links ziet u de situatie rond het jaar 150 v.Chr. In zijn Joodse Oorlog en Joodse Oudheden gebruikt de Joodse geschiedschrijver Flavius Josephus ongeveer dit moment om de stromingen te introduceren die volgens hem het normale jodendom vertegenwoordigen: de farizeeën, de sadduceeën en de essenen.

    Het is plausibel dat deze drie stromingen ontstonden door het conflict dat ligt besloten in de Dode Zee-rol die bekendstaat als 4QMMT, “Enige werken der Wet”. Volgens een mogelijke interpretatie richtte de auteur zich tot hogepriester Jonathan, om hem te waarschuwen voor de eerste farizeeën (“Belialsoverleg”) en te brengen tot de juiste, vroeg-sadducese opvattingen. Toen de hogepriester niet akkoord ging, splitste de groep rond de auteur van deze brief zich van de sadduceeën af en vormde de groep van de essenen. Althans, dat is een mogelijk scenario, dat is gebaseerd op de aanname dat de Dode Zee-rollen door de essenen zijn geschreven. Dat is maar de vraag.

    Als deze aanname correct is, zijn er ook meerdere esseense groepen geweest; de Dode Zee-rollen documenteren verschillen in opvatting en verschillende woonplaatsen. Ook de farizeeën waren verdeeld; vanaf het begin van de jaartelling waren er twee hoofdstromingen. De sicariërs, waarvan nogal eens wordt genegeerd dat ze ook niet-joodse leden hadden, waren overigens een farizese afsplitsing. De meeste joodse stromingen overleefde de ondergang van Jeruzalem in 70 niet.

    Het scheiden der wegen

    De Jezusbeweging kende ook twee takken, waarvan de joodse tak is vertegenwoordigd in de Didache (al zijn er andere interpretaties) en de niet-joodse in de brieven van Paulus en de evangeliën. Die zijn geschreven rond 70 (Marcus) en in de generatie er na. Er zijn geleerden die het evangelie van Johannes dan weer heel vroeg plaatsen en beweren dat dat “een game-changer” is, maar ik geloof er helemaal niks van. Ik noem het echter om nog eens te benadrukken dat het schema ook maar een vereenvoudiging is, ja een oververeenvoudiging.

    Meer oververeenvoudiging: Jochanan ben Zakkai organiseerde het rabbinaat en baseerde zich daarbij op een van de twee farizese stromingen. Helemaal onwaar is het niet, maar het rabbijnse jodendom dat zo kwam te ontstaan, heeft bredere wortels dan alleen het farizeïsme. De optekening van de Mishna, een verzameling rabbijnse wijsheid, toont dat joods leven mogelijk is in een samenleving die niet joods is. Er zijn geen Joodse machthebbers, met andere woorden – een gevolg van de opstand van Bar Kochba. Na 136 na Chr. moest men achttien eeuwen wachten voor een nieuwe Joodse staat in het land van Israël.

    Die Bar Kochba-opstand had een einde gemaakt aan de joodse christenen. Althans, daarvoor zijn aanwijzingen. Het is weer niet zo zeker allemaal. Wat wél zeker is, is dat op dat moment de rabbijnse joden en de christenen al uit elkaar aan het gaan waren. De door de Romeinse keizer Domitianus met ongebruikelijke hardheid geïnde belasting die bekendstaat als Fiscus Judaicus speelde daarbij een belangrijke rol, maar er waren meer factoren, waarover discussie bestaat.

    Pluriform christendom

    De andere, niet-joodse christenen waren verdeeld over allerlei oriëntaties en ideeën, die ik in dit schema achterwege heb gelaten. Egypte was een fabriek aan nieuwe opvattingen. In de tweede helft van de tweede eeuw organiseerde Eirenaios van Lyon het nieuwe geloof, en zijn opvattingen staan aan het begin van de proto-orthodoxie.

    Er zijn op dat moment andere opvattingen. Montanisme, die het martelaarschap verheerlijken; gnostici, met een complexe mythe en eigen teksten, bekend uit Nag Hammadi. En er zijn nog meer opvattingen, die we niet altijd even goed kennen. De meeste mensen die Christus vereerden, deden dat in combinatie met de oude goden, en de scheiding van het langzaam groeiende rabbijnse jodendom was ook niet scherp. Over deze ideeën zijn we slecht geïnformeerd omdat latere, orthodoxe kopiisten dit materiaal zelden kopieerden. Soms, zoals in een hymne waarin Christus aan Apollo wordt gelijkgesteld, schemert er iets door.

    De keuze van Constantijn

    De bekering van Constantijn betekende dat het exclusivistische christendom (dat stelde dat als je Jezus vereerde, je hem als enige godheid aanvaardde en dus niet, zoals in de Oudheid gewoon was, de nieuwe god combineerde met de verering van de andere goden) de wind in de zeilen kreeg. Iets preciezer: binnen dit exclusivistische christendom steunde hij de proto-orthodoxe groep. Met het Concilie van Nikaia, dit jaar zeventien eeuwen geleden, werd dit de staatskerk van het Romeinse Rijk.

    Was de proto-orthodoxie de belangrijkste groep binnen het derde-eeuwse christendom, en was Constantijns specifieke keuze daarom voorspelbaar? Of was de proto-orthodoxie een van de vele christelijke oriëntaties, en was zijn keuze persoonlijk? Ik voor mij denk het laatste, maar er zijn geleerdere mensen die denken dat het proto-orthodoxe christendom dominant was, en sommigen denken dat die dominantie begon met Eirenaios, anderen denken dat het al eerder het geval was.

    Wat ik maar zeggen wil: dit schema is handig voor onderwijsdoelen, en wat mij betreft mag iedereen het gebruiken. Als je er maar bij zegt dat elk aspect discutabel is.

    Deze blog, die u ook via het Whatsapp-kanaal kunt volgen, is niet mijn enige activiteit. Ik bied ook cursussen aan.

    Zelfde tijdvak


    Caesar aan het werk

    april 12, 2023
    Velleius Paterculus (8)

    maart 8, 2016
    Herders in de velden

    december 25, 2020 Deel dit:

    #4qmmt #constantijnDeGrote #didache #dodeZeeRollen #domitianus #eersteConcilieVanNikaia #eirenaiosVanLyon #essenen #exclusivistischeChristenen #farizeeen #fiscusJudaicus #flaviusJosephus #gnosis #jezusVanNazaret #jochananBenZakkai #jonathanDeMakkabeeer #messias #mishna #montanisme #nagHammadi #nietExclusivistischeChristenen #sadduceeen #scheidenDerWegen #sicariers

  3. Jezus in de Tempel

    Schriftgeleerden in debat met een jonge Jezus (Acheologisch museum, Córdoba)

    Een nieuwe zondag, een nieuw blogje over het Nieuwe Testament, en vandaag gaat het over een bekend verhaal. Hier is het.noot Lukas 2.41-51; NBV21.

    Jezus’ ouders gingen jaarlijks voor het pesachfeest naar Jeruzalem. Toen hij twaalf jaar was, maakten ze weer hun gebruikelijke pelgrimstocht. Na afloop van het feest vertrokken ze naar huis, maar Jezus bleef in Jeruzalem achter zonder dat zijn ouders het wisten.

    Dat vinden wij wat raar, want ouders hebben meestal een zesde zintuig waarmee ze precies weten waar Junior zich bevindt. De evangelist Lukas anticipeert op vragen door het uit te leggen:

    In de veronderstelling dat hij zich bij het reisgezelschap bevond, reisden ze een hele dag voordat ze hem overal onder hun verwanten en bekenden begonnen te zoeken.

    Dit is interessante informatie. Hoewel we weten dat alle volken in de oude wereld pelgrimsfeesten hadden, weten we eigenlijk niet zo heel veel over de gang van zaken. Maar hier lezen we dus dat Joden met grote groepen op reis waren en dat het niet vreemd was als een kind meeliep met de familieleden, ja dat dit zó normaal was dat ouders niet eens controleerden of hun eigen zoon of dochter wel aanwezig was. Tijdens zo’n tocht lette iedereen een beetje op elkaar.

    Toen ze hem niet vonden, keerden ze terug naar Jeruzalem om hem daar te zoeken.

    Ambiguïteiten

    Ik geef het u te doen: een kind vinden in een stad waar tienduizenden mensen wonen. Het duurde dus even.

    Na drie dagen vonden ze hem in de tempel, waar hij tussen de leraren zat, terwijl hij naar hen luisterde en hun vragen stelde. Allen die hem hoorden stonden versteld van zijn inzicht en zijn antwoorden. Toen zijn ouders hem zagen, waren ze ontzet, en zijn moeder zei tegen hem: “Kind, wat heb je ons aangedaan? Je vader en ik hebben met angst in het hart naar je gezocht.”
    Maar hij zei tegen hen: “Waarom hebt u naar me gezocht? Wist u niet dat ik in het huis van mijn Vader moest zijn?”
    Maar ze begrepen niet wat hij tegen hen zei.

    Observatie één: volgens Lukas was Jozef dus nog in leven toen Jezus twaalf was, dus zeg maar in het voorjaar van het jaar 8 of misschien 9. Dat maakt het des te vreemder dat Jezus wordt aangeduid als zoon van Maria en niet, zoals je zou hebben verwacht in een patriarchale samenleving, als zoon van Jozef.noot Marcus 6.3.

    Observatie twee: ambiguïteiten als “je vader heeft je gezocht want we moeten naar huis” en “ik moet in het huis van mijn vader zijn” komen wel vaker voor in de antieke literatuur. In feite vallen alle verhalen over verkeerd begrepen orakels in deze categorie. En ook in dit verhaal begrijpen de mensen, in dit geval Jezus’ ouders, niet wat wordt gezegd. De eerste christenen hadden een abonnement op ambiguïteit, bijvoorbeeld door in een rechtszaak te verklaren dat ze op de rechter vertrouwden.

    Hij reisde met hen terug naar Nazaret en was hun gehoorzaam. Zijn moeder bewaarde alles wat er met hem gebeurd was in haar hart.

    Dit is een lief detail, en het is niet zo heel ver gezocht dat Maria een informant is geweest van de evangelist. Het wordt dan ook al eeuwen beweerd, maar er is natuurlijk weinig werkelijk bewijs.

    Karakterkwesties

    Een laatste punt nog. In de antieke literatuur hebben we allerlei anekdotes over de bijzondere jeugd van deze of gene. De jonge Alexander stelde goede vragen aan Perzische gezanten en temde een paard; de baby Herakles wurgde al een paar slangen; Theseus reinigde de istmus van Korinthe van een batterij rovers; Cyrus gedroeg zich als kind al als koning; de kleine Caligula stond enthousiast te kijken naar de martelingen en executies van terdoodveroordeelden en ook Nero gaf al vroeg blijk van zijn wrede karakter.

    Karakter: in de Oudheid was men ervan overtuigd dat dat een leven lang hetzelfde bleef. Hieruit volgde dat als iemand later erg intelligent zou zijn, of een krachtpatser, of opvallend wreed, hij dat ook als kind al moest zijn geweest. Een twaalfjarige Jezus die intelligent discussieerde met de leraren, paste goed bij de man die hij later zou zijn.

    [Een overzicht van deze reeks over het Nieuwe Testament is hier.]

    Deze blog, die u ook via het Whatsapp-kanaal kunt volgen, is niet mijn enige activiteit. Ik bied ook cursussen aan.

    Zelfde tijdvak


    Latijnse, heidense literatuur

    mei 1, 2021
    1 Henoch voor beginners

    oktober 9, 2022
    Een Arabisch eerstelingenoffer

    april 4, 2018 Deel dit:

    #EvangelieVanLukas #Jeruzalem #JezusVanNazaret #Jozef #Lukas #Maria #NieuweTestament #tempel

  4. Judas Iskariot

    Dertig Tyrische sjekels (Bibelhaus, Frankfurt)

    Ik denk dat er, met de mogelijke uitzondering van Maria Magdalena, geen nieuwtestamentische bijrolspeler is die meer de aandacht heeft getrokken dan Judas Iskariot. Een deel van de verklaring is natuurlijk dat zo weinig over hem bekend is. Je kunt er van alles bij verzinnen.  En dat is in de afgelopen eeuwen dan ook gedaan. We weten echter weinig met voldoende zekerheid. Hij behoorde tot Jezus’ inner circle, De Twaalf. De evangelist Johannes weet dat Judas de gemeenschappelijke kas beheerde (12.6 en 13.29). Verder weten we dat Judas Jezus uitleverde aan de autoriteiten en dat hij kort na Jezus’ marteldood ook zelf dood was.

    Iskariot

    En o ja, zijn bijnaam was Iskariot. Maar we weten niet wat het betekent. Eén verklaring is in elk geval weinig plausibel: dat het zou zijn afgeleid van sicarius, “dolkdrager”. Er zijn namelijk maar heel weinig Latijnse leenwoorden in het Aramees en Hebreeuws. Je moet dan ook nog verklaren waarom de twee eerste letters zijn verwisseld. Zoiets komt wel voor maar is ongebruikelijk.

    Ik hecht iets meer waarde aan de theorie dat Iskariot komt van een Semitische vorm als sgr, verwijzend naar iemand die een ander uitlevert: “Judas de Uitleveraar” dus. Voordeel van deze theorie is dat we er geen Latijn bij hoeven halen maar blijven in de sfeer van het Aramees. Ook hier is echter wat filologisch goochelwerk nodig.

    Optie drie: het gaat om een plaatsaanduiding. Hij kwam uit het dorpje Keriot-Chesron dat wordt genoemd in Jozua 15.25. Het is niet onmogelijk maar het is onzeker of dit dorpje nog bestond. Er waren zeven eeuwen verstreken sinds de compositie van Jozua, eeuwen waarin de topografie veranderde door de Babylonische Ballingschap. Waar Chesron is gebleven, is weer een andere vraag.

    Misschien het aantrekkelijkst is dat de naam is afgeleid van škr, wat Iskariot zoiets zou laten betekenen als “man van de leugen”. Het past goed bij de wijze waarop Joden elkaar destijds uitscholden. Ook in de Dode-Zee-rollen is sprake van een “man van de leugen” ofwel “leugenspuier”. Dit is dus aantrekkelijk, plausibel zelfs, maar bewezen is het echter allerminst.

    Uitlevering

    Waarom Judas zijn meester aangaf bij de tempelautoriteiten, we weten het niet.  Het Evangelie van Marcus kent geen motief. Pas als Judas het aanbod heeft gedaan, komen de beruchte dertig zilverlingen ter sprake (14.10-11). Matteüs draait de volgorde om als Judas zijn meester als bij opbod verkoopt (26.15). Hebzucht is een eigenschap die ook Johannes in Judas’ schoenen schuift. Lukas ziet het anders: zijn Judas is door de duivel bezeten (22.3).

    Ik attendeer erop dat Judas zijn meester uitleverde. Hij was behulpzaam bij een arrestatie die de autoriteiten met het oog op de openbare orde noodzakelijk achtten. Uit niets valt op te maken dat Judas wilde dat Jezus zou worden gedood.

    Dan nog even de prijs: dertig zilverstukken. Het Griekse woord is ἀργύρια, wat vrijwel zeker slaat op de Tyrische sjekels die in de Tempel gangbaar waren. Die hadden een waarde van vier drachme, wat de totale prijs dus brengt op 120 drachmen. Dat is ongeveer viermaal het maandloon van een soldaat of een geschoolde arbeider. Een fors bedrag, maar de tempelautoriteiten zullen het een kleine prijs hebben gevonden om te beletten dat Jezus zijn programma zou uitvoeren: een revolutionaire opstand waarin de laatsten de eersten zouden zijn.

    Dood

    Matteüs schrijft dat Judas, toen Jezus niet alleen was gearresteerd maar ook werd geëxecuteerd …

    … zag dat Jezus ter dood veroordeeld was, kreeg hij berouw. Hij bracht de dertig zilverstukken naar de hogepriesters en oudsten terug en zei: “Ik heb een zonde begaan door een onschuldige uit te leveren.” Maar zij zeiden: “Wat gaat ons dat aan? Zie dat zelf maar op te lossen!” Toen smeet hij de zilverstukken de tempel in, vluchtte weg en verhing zich. (27.3-5)

    De Handelingen van de Apostelen vertellen iets anders.

    Bij een val werd zijn buik opengereten, zodat zijn ingewanden naar buiten kwamen. (1.8)

    Het kan niet allebei waar zijn, maar in de middeleeuwse iconografie werden de twee tradities gecombineerd. Dat levert vrij gruwelijke plaatjes op van gehangenen wier darmen uit de buik barsten. Historische waarde hebben die vanzelfsprekend niet.

    Speculaties

    We zijn met die plaatjes beland in het rijk van de speculatie, waarop ik aan het begin van dit blogje al attendeerde. We hoeven het er niet lang over te hebben, maar ik noem er twee.

    • Dat Judas Jezus zou hebben aangegeven omdat de situatie uit de hand liep (zoals gesuggereerd in Jesus Christ Superstar) is natuurlijk vriendelijk: het is een aardiger motief dan geldzucht. Maar het bronnenmateriaal geeft geen aanleiding tot deze speculatie.
    • Dat Judas Jezus geheel niet zou hebben verraden, zoals ooit met veel fanfare naar buiten gebracht door het zogeheten Jesus Seminar, betekent eveneens dat je terzijde schuift wat in de bronnen staat.

    Het enige wat we weten is dat de bronnen zeggen dat Judas Jezus uitleverde en dat jongere bronnen hebzucht noemen als motief. Dat is alles. Meer willen weten is, zoals de Fransen zeggen, hannibalisme.

    [Wordt vervolgd. Een overzicht van deze reeks over het Nieuwe Testament is hier.]

    Het ziet er niet best uit voor Libanon. Als u meer wil weten over dat geteisterde land, lees dan mijn boek. Deze blog kunt u ook volgen via een Whatsapp-kanaal.

    Zelfde tijdvak


    De Cypriotische stad Salamis

    juli 9, 2024
    De opstand van Tacfarinas (3)

    augustus 5, 2025
    Machaerus

    juni 13, 2020 Deel dit: #apostel #EvangelieVanJohannes #EvangelieVanLukas #EvangelieVanMarcus #EvangelieVanMatteüs #HandelingenVanDeApostelen #hogepriesterschap #JesusChristSuperstar #JesusSeminar #JezusVanNazaret #JudasIskariot #NieuweTestament #zilverstuk
  5. Het pro-actieve Paasstukje

    De kruisiging van de historische Jezus was gruwelijker dan op deze middeleeuwse afbeelding (Keulen, St. Maria im Kapitol).

    Binnenkort is het Pasen en aangezien journalisten altijd druk zijn met andere zaken, zullen ze voor het jaarlijkse paasstukje wel terugvallen op ongecontroleerde kopij. Dat is elk jaar raak. Als u oudheidkundige kul wil verspreiden, is dit het moment om een persbericht over de historische Jezus de deur uit te doen. Voor wie daarentegen juist géén oudheidkundige kul in de media wil hebben, is dit het moment voor prebunking. Daarom heb ik wat naderende misverstanden op een rijtje gezet.

    1 Judea was politiek onrustig

    Populair gemaakt door Jesus Christ Superstar en later Fik Meijer. Gebaseerd op kritiekloos gebruik van Flavius Josephus, die echter een heel eigen visie heeft op de aanloop naar de grote oorlog tussen Joden en Romeinen van 66-70. Volgens hem was de oorzaak gelegen in een “vierde filosofie” die “aan het Jodendom vreemd” was, waarmee Josephus de groep bedoelt die we kennen als de Sicariërs. Deze streed aan het begin van de jaartelling tegen de Romeinen en speelde zestig jaar later een kleine rol bij het uitbreken van de Joodse Oorlog. Josephus claimt continuïteit en om die te bewijzen noemt hij allerlei opstandelingen, maar die zitten stuk voor stuk in de periode tussen 36 en 66. Over de daaraan voorafgaande periode, waarin historische Jezus dus leefde, weet hij domweg geen rebellen te noemen. Die continue onrust in Judea bewijst hij dus niet. De wetenschappelijke conclusie dat het wel meeviel past bij de inschatting van Tacitus, die de situatie ten tijde van keizer Tiberius (r.14-37) samenvat met één woord: quies.

    2 De historische Jezus was een zeloot

    In Nederland verdedigd door Charles Vergeer en internationaal door Reza Aslan, over wie ik meer dan eens heb geblogd. Met “zeloot” bedoelen ze dan: iemand die met georganiseerd geweld tegen de Romeinen streed. Probleem is dat het woord gewoon “fanatiekeling” betekent en niet per se duidt op geweld. Er zijn wel gewelddadige fanatieke eenlingen bekend – er was er een tijdens de Makkabeeënopstand bijvoorbeeld – maar als georganiseerde beweging zijn de zeloten niet bekend vóór de oorlog tegen de Romeinen, die uitbrak in 66 na Chr. Dat Jezus een Simon de Zeloot als leerling had, wil alleen zeggen dat de man fanatiek was.

    3 De historische Jezus was als een lammetje zo vredelievend

    Kleinchristelijke kitsch. Iemand die zijn tegenstanders toevoegt dat hun moeders seks hadden met een slang is geen onschuldig christelijk koorknaapje. Jezus’ boodschap was dan ook niet vredelievend: het naderende oordeel zou niet het begin zijn van een Utopia waarin “alle Menschen werden Brüder” maar het begin van een door God zelf geregeerde wereld waarin de rijken zouden worden bestraft. De laatsten zouden de eersten zijn en de eersten de laatsten. De toenmalige autoriteiten apprecieerden dat niet en dat kostte Jezus, nadat hij op het tempelplein een rel had veroorzaakt, uiteindelijk het leven.

    4 Judas heeft Jezus niet verraden

    Ooit naar voren gebracht door een groep onderzoekers die bekendstaat als het Jesus Seminar. De simpele waarheid is dat de evangeliën en de Handelingen zeggen van wel en dat we niet méér weten. Als het niet waar is, gaat het terug op een gerucht dat al snel na Jezus’ dood de ronde deed, want niet alleen is het in diverse onderling onafhankelijke bronnen te vinden, ook het criterium van de gêne is van toepassing. Dat Jezus is verraden door iemand uit eigen kring, was iets dat niet viel weg te moffelen.

    Overigens heeft Judas Jezus niet zozeer verraden als wel uitgeleverd, wat wezenlijk anders is. Meer daarover hier.

    5 De Joden hebben Christus gedood

    Antisemitische gouwe ouwe. Kruisiging was geen Joodse straf. Als Jezus een Joodse wet had overtreden, zou hij zijn gegeseld of misschien gestenigd. (Het “misschien” is afhankelijk van het antwoord op de vraag of de Tempelautoriteiten de doodstraf mochten opleggen, wat weer afhankelijk is van de vraag of Judaea een provincie was, wat weer een antwoord veronderstelt op de vraag wat het Latijnse provincia in de vroege eerste eeuw betekende.) Jezus is veroordeeld door de Romeinse prefect Pontius Pilatus op grond van een Romeins vergrijp: Jezus zou hebben geclaimd koning van de Joden te zijn – het opschrift op het kruis.

    6 Pontius Pilatus was procurator

    Broodje aap van Karel Deurloo en Nico ter Linden, die dachten dat Tacitus het beter wist dan Pilatus zelf.

    Tja.

    7 Jezus stierf niet aan het kruis

    Gaat terug op de gnosis, is overgenomen in de Koran en wordt nu nog verdedigd door mensen die aannemen dat een kruisiging in z’n werk ging zoals op moderne afbeeldingen. Misschien houd je dat inderdaad een paar uur vol, zoals de mensen die zich op de Filipijnen aan het kruis laten slaan. De in onze tijd gangbare afbeeldingen van een kruisiging gaan echter terug op een middeleeuwse traditie – zie de Lijkwade van Turijn of het plaatje hierboven – en hebben weinig van doen met wat de Romeinen deden.

    Ik ga u de details niet uitleggen om redenen die ik al eens heb toegelicht. Voor geweldsporno kunt u terecht bij Tom Holland. Neem van mij aan: een executie door middel van kruisiging was smeriger, gemener, pijnlijker en ook effectiever dan de middeleeuwers zich konden voorstellen.

    8 De “leerling die Jezus liefhad” was wel/niet Johannes

    Zie Dan Brown c.s. De genoemde leerling, een ooggetuige bij de kruisiging en de auteur van het vierde evangelie, lijkt bekend te zijn geweest aan de lezers van dat evangelie. Dat is alles wat we weten. De identificatie van die leerling met Johannes is niet meer dan een traditie. Dat de leerling Maria Magdalena is, is te vinden bij Dan Brown en niet zwakker of sterker dan de identificatie met Johannes.

    Ik schreef in de vorige alinea dat de leerling in kwestie aan de lezers van het vierde evangelie bekend lijkt te zijn geweest. Die nuance hangt samen met een recente hype: het Johannes-evangelie zou “a forgery” zijn. Dat is het gehijg waarmee iemand eigenlijk alleen wil zeggen dat de auteur ten onrechte beweert een ooggetuigenverslag te leveren. Misschien zie ik iets over het hoofd, maar ik herken het probleem niet. De auteurs van antieke bronnen deden wel vaker alsof ze dingen hadden gezien die ze alleen van horen zeggen hadden; Herodotos’ verzinsels over Babylon en de eenhoorns van Julius Caesar zijn voorbeelden. De grens tussen feit en fictie lag destijds ergens anders en het wezen van de wetenschappelijke tekstuitleg is al een eeuw of twee dat we een route zoeken tussen de Skylla der goedgelovigheid en de Charybdis der hyperscepsis.

    Oudheidkundigen nemen ooggetuigenclaims dus met een korreltje zout en proberen vooral de eigenlijke informatie te toetsen. Een kort voor Pasen naar buiten gebrachte hype verandert de interpretatie van het Johannesevangelie niet. Kortom: het is weer bellenblazerij, business as usual.

    9 Jezus stond wel/niet op uit de dood

    Het punt waar de wetenschappelijke criteria dienen te worden verbeterd. Ik behandelde de materie hier en daar.

    10 De christenen namen het kruismotief over van anderen

    En wel de Egyptische anch, maar on n’a pas besoin de cette hypothèse. Zeker sinds de Dode Zee-rollen bekend zijn, is duidelijk dat elk aspect van het vroege christendom perfect past in het voorrabbijnse jodendom. Er is dus, om de totstandkoming van een nieuwe halachische stroming te beschrijven, geen reden om ver weg in Egypte parallellen te zoeken terwijl in Judea, dichtbij huis, parallellen zijn die meer verklaren.

    Andere paashoaxen:

    1. Jezus was eigenlijk Mithras (weerlegd maar in Nederland nieuw leven ingeblazen door Trouw);
    2. Jezus was eigenlijk Manu;
    3. De Jordaanse loden fake-codex (in Nederland in het Algemeen Dagblad, in Historia en in Trouw);
    4. Jezus heeft niet bestaan (Pasen viel in 2015 laat en misschien was dit bericht in Trouw iets te vroeg om een echte paashoax te zijn, maar Trouw vertikte het afdoende te rectificeren dus ik noem het toch even);
    5. De radioactieve straling die de Lijkwade van Turijn maakte kwam vrij bij een aardbeving (Huffington Post, Phys.org en Eurekalert);
    6. Jezus was hermafrodiet;
    7. Witte Donderdag en het Laatste Avondmaal waren op woensdag (Parool);
    8. Het graf van de familie van Jezus zou zijn geïdentificeerd (weerlegging).

    In september organiseer ik een reis Algerije en waarom die de moeite waard is leest u hier. Deze blog kunt u ook volgen via een Whatsapp-kanaal.

    Zelfde tijdvak


    Messias en Mensenzoon

    juni 30, 2024
    Rijk in Pompeii: Terentius Neo

    november 28, 2022
    Tollenaars en zondaars

    februari 8, 2012 Deel dit: #historischeJezus #hyperscepsis #JesusChristSuperstar #JesusSeminar #JezusVanNazaret #kruisiging #LaatsteAvondmaal #Lijdensverhaal #Makkabeeënopstand #Pasen #prebunking #sicariërs #zeloten
Share on Mastodon

Enter the server where you have an account.