home.social

#antes — Public Fediverse posts

Live and recent posts from across the Fediverse tagged #antes, aggregated by home.social.

  1. De eerste Bulgaren

    Gouden beker uit de Pereshchepina-schat (kopie; Nationaal Historisch Museum, Sofia)

    [Dit is het laatste van zes blogjes over de herkomst van de Slavischsprekende volken. Het eerste was hier.]

    De tweede etnogenese

    In zijn mooie boek over de Avaren onderscheidt Walter Pohl voor de Bulgaren een tweede etnogenese: het volk is voor de tweede keer ontstaan. Dat gebeurde in de vroege zevende eeuw, toen de Avaarse migratie de landkaart had hertekend, maar deze immigranten geen factor van betekenis meer vormden. Rond 635, dus na het Avaarse debacle bij Constantinopel, staakten allerlei stammen in het oostelijke Zwarte Zee-gebied de betaling van tribuut aan de Avaren. Ze clusterden samen onder een nieuwe charismatische leider, die Kubrat (of Kurt of Kubrat of Kobratos) heette en heerste over een gebied dat de Byzantijnen aanduidden als Groot-Bulgarije.

    De man was gedoopt en kon met de steun van keizer Herakleios zijn rijk vanuit zuidelijk Rusland uitbreiden langs de Zee van Azov tot aan de Beneden-Dnjepr. De vorst, khan, had een hoofdstad Fanagoria op het Tamanschiereiland, goed bereiken voor schepen uit Constantinopel. De schat die in Pereshchepina in Oekraïne is gevonden, behoorde toe aan Kubrat.

    Kubrats superfederatie overleefde zijn stichter niet. Toen hij ergens rond 655 overleed en er een nieuw volk uit Centraal-Azië aankwam (de Khazaren), viel Groot-Bulgarije uiteen in vijf delen, wat in onze bronnen wordt beschreven als een over vijf zonen verdeelde erfenis. Dat is niet in tegenspraak met het idee dat het leger van Groot-Bulgarije uiteenviel en op zoek ging naar betaalheren. Eén groep sloot zich aan bij de Avaren, een tweede verhuurde zich in Italië aan de Langobarden, een derde voegde zich bij de Khazaren, een vierde trok noordwaarts naar de Wolga, een vijfde groep, onder leiding van Kubrats zoon of kleinzoon Asparuch, trok langs de Zwarte Zee verder en bereikte de benedenloop van de Donau.

    Asparuch

    Clustering en ontclustering. De Bulgaren hadden voorgoed uit de geschiedenis kunnen verdwijnen. De Wolgagroep groeide echter uit tot een vroege staat, die een belangrijke rol zou spelen in de handel tussen de Noormannen en het Kalifaat. Over de vroege staat die aan de Donau zou ontstaan, zijn we zelfs goed op de hoogte.

    Dankzij de eerder dit jaar gepubliceerde Maronitische Wereldkroniek weten we dat Asparuchs Bulgaren de Donau overstaken in april 681, terwijl keizer Konstantijn IV, aanwezig was bij het Derde Concilie van Constantinopel. Hij voer snel naar het noorden, bereikte de Donaumonding en sloeg zijn kamp op tegenover dat van khan Asparuch. Daar werd de keizer ziek en hij verliet zijn kamp, waarna het leiderloze Byzantijnse leger werd verslagen. Konstantijn was gedwongen de aanwezigheid van de Bulgaren op de zuidelijke oever van de Donau te erkennen en kocht Asparuch af met jaarlijkse betalingen.

    Die bezat nu het goud om concurrerende leiders uit te kopen en te beginnen aan de opbouw van een bescheiden staatsapparaat: een vroege staat was aan het ontstaan. Vanuit zijn residentie in Pliska regeerde Asparuch over het gebied tussen de Donau en het Balkangebergte, waar een eeuw eerder de Antes zich tussen de laat-Romeinse bevolking hadden gevestigd. Verder naar het westen voelden andere Slavische groepen zich bedreigd door de Bulgaren en organiseerden de Serviërs en Kroaten, net bevrijd van de Avaren, zichzelf om weerstand te bieden.

    De zomerresidentie van de Bulgaarse khan bij Silistra aan de Donau

    Het ontstaan van Bulgarije

    Allerlei niet-christelijke graven zijn wel aangewezen als bewijs voor de Bulgaarse migratie, maar inmiddels staat voldoende vast dat de grens tussen christenen en heidenen niet samenviel met die tussen Byzantijnen en noorderlingen, dus dit argument is minder sterk dan het lijkt. Evengoed was de kerstening van de Bulgaren voor zowel de patriarch van Constantinopel als de keizer een belangrijk beleidsdoel.

    Wie er ondertussen met Asparuch mee waren gekomen, weten we niet goed. In zijn legergroep worden een stuk of acht verschillende stammen genoemd. Ze zijn allemaal vergeten, en de afstammelingen van de migranten zouden zich steeds meer gaan bedienen van de Slavische talen die al in hun nieuwe land werden gesproken. Ze slavificeerden.

    Feitelijk had een derde etnogenese plaatsgevonden: de huidige staat Bulgarije kan met enig recht claimen op de schouders te staan van een negentiende-eeuwse staat, die teruggreep op het Tweede Bulgaarse Rijk uit de Late Middeleeuwen, die weer teruggreep op het Eerste Bulgaarse Rijk waarvoor Asparuch de grondslagen legde en dat in de Vroege Middeleeuwen een eigen vorm van christendom vond.

    Namen en identiteiten

    Asparuchs rijk greep op zijn beurt weer terug op het rijk van Kubrat dat, na de Avaarse storm, weer teruggreep op de Bulgaren die met de Hunnen waren meegekomen. De naam “Bulgaren” bestaat dus al ruim anderhalf millennium, maar verwijst naar steeds andere mensen op steeds andere plaatsen.

    Feitelijk hebben we het over de vraag wat een etnische continuïteit is. Dat is niet alleen een naam, ze bestaat ook uit taal, toegeschreven lichamelijke kenmerken, statussymbolen en andere uiterlijke vormen, religie, gedeelde waarden, afstamming en vaak een claim op land. En dit alles moet niet alleen door de groep zelf worden erkend, maar idealiter ook door andere groepen. U kunt zelf de politieke problemen wel uittekenen, want lang niet iedereen is het over alles eens. Maar met dit voorbehoud, en nog wat andere slagen om de arm, denk ik dat verdedigbaar is dat voor de Bulgaren de continuïteit begint in het Eerste Bulgaarse Rijk.

    [Waarom deze reeks van zes blogjes, zult u zeggen. Nou, ik organiseer volgend jaar een reis naar Bulgarije en wilde toch eens uitgezocht hebben hoe al die stammen, volken, superfederaties in elkaar grepen.]

    #Antes #Asparuch #Avaren #Bulgaren #continuïteit #DerdeConcilieVanConstantinopel #Donau #EersteBulgaarseRijk #Fanagoria #Herakleios #kerstening #Khazaren #KonstantijnIV #Kubrat #MaronitischeWereldkroniek #Pliska #SlavischeTalen #WalterPohl #Wolga
  2. De proto-Bulgaren

    Gesp uit Zuid-Rusland, waar de Bulgaren in de zesde eeuw woonden (Neues Museum, Berlijn)

    [Dit is het voorlaatste van zes blogjes over de herkomst van de Slavischsprekende volken. Het eerste was hier.]

    In de vorige vier blogjes heb ik geprobeerd in kaart te brengen wat we weten kunnen over de geschiedenis van de Slavischsprekenden vanaf hun Urheimat rond de Pripjatmoerassen tot het moment waarop ze, onder de vleugels van de Avaren naar het Balkanschiereiland kwamen. Migratie speelde een heel belangrijke rol, maar ook wat ik “slavificering” heb genoemd: dat mensen de taal en gewoontes van hun Slavische buren overnamen. Dat speelde zeker een rol bij de laatste groep migranten die ik wil behandelen: de Bulgaren. Maar eerst iets anders: de vorming van vroege staten.

    Vroege staten

    Stammen clusterden tot superfederaties, die vielen weer uiteen, de stammen herclusterden en vervolgens viel opnieuw een superfederatie uiteen. Dat was echter geen eeuwige cyclus. In elk geval in wat ooit de Romeinse wereld was geweest, kwam er vanaf de zesde eeuw een einde aan. In het westen consolideerden de Visigoten hun macht in het Rijk van Toledo en de Franken deden dat in het gebied dat naar hen is vernoemd. Ze zijn te typeren als “vroege staat”, en hun zelforganisatie was deels te danken aan samenwerking met de christelijke kerk.

    Ook in Oost-Europa ontstonden vroege staten, zij het wat later. Toen de Avaren in 626 hun hand hadden overspeeld in een mislukte poging Constantinopel in te nemen, viel ook deze superfederatie uiteen en maakten de Slavische groepen zich los. Karinthië had de primeur, al snel gevolgd door het rijk van koning Samo – naar verluidt een Frank – in het gebied van de Praag-cultuur: Moravië, Bohemen en de vallei van de Elbe. Iets later ontstonden ook Groot-Moravië, het hertogdom Kroatië en het prinsdom Servië. De eerste leiders van deze vroege staten bouwden krediet op in de strijd tegen weer een groep nieuwkomers: de Bulgaren.

    De proto-Bulgaren

    Een superfederatie, uiteraard: een clustering van diverse groepen onder een charismatische leider. Daarover straks. Eerst iets over de voorgeschiedenis, en die is volslagen onduidelijk. We lezen namelijk ook over Onoguren, Utiguren en Cutriguren. Wellicht waren de Bulgaren ooit een deelgroep van een van deze stammen, of omgekeerd: dit waren Bulgaarse deelgroepen. Stamsamenlevingen zijn nu eenmaal fluïde. Het helpt niet dat latere Byzantijnse en Armeense auteurs (zoals Mozes van Chorene) de uiteenlopende noordelijke groepen, ongeacht de naam die ze zelf gebruikten, aanduiden met anachronismen als Skythen of Geten. Feitelijk weten we alleen dat er in de vijfde eeuw een kerngroep was die de Bulgaarse tradities bewaarde (de “Traditionskern”).

    De drie gur-namen en de naam “Bulgaar”, waarvoor diverse nooit helemaal overtuigende etymologieën zijn geopperd, suggereren dat we te maken hebben met mensen die een taal spraken die behoorde tot de Turkse taalfamilie. Dat past goed bij het vermoeden dat de kerngroep vanuit Centraal-Azië westwaarts is gekomen in het zog van de Hunnen. Toen het DNA-bewijs erbij kwam, bleek echter dat de eerste Bulgaren vooral verwant waren met de bevolking van Europa. Het een sluit het ander niet uit: een oostelijke krijgerselite kan heel wel zijn gefuseerd met mensen uit het zuiden van Rusland.

    Want het zuiden van Rusland, ten zuidoosten van de Slavische Penkivka-cultuur, dat is waar de Bulgaren woonden na het uiteenvallen van de Hunse superfederatie. In 480 nam keizer Zeno I Bulgaren in dienst om af te rekenen met enkele Gotische groepen, maar deze huurlingen werden verslagen. Ze hadden nu echter de weg naar het Donaugebied ontdekt, en in de volgende decennia waren er allerlei Bulgaarse invallen en plundertochten. Schrijvend in 551 heeft Jordanes het over “de dagelijkse moeilijkheden met de Bulgaren, Antes en Sclaveni”.noot Jordanes, Romana 388.

    Nog geen tien jaar later hadden de Byzantijnen grotere moeilijkheden: de Avaarse superfederatie kwam naar het westen. Volgens Menandros Protektor versloegen ze de Onoguren, om vervolgens door het gebied van de Antes verder te trekken noot Menandros, fragment 5. Waar de Slavische volken westwaarts trokken (de Ipoteşti-Cândeşti-cultuur), lijken de Bulgaren in hun gebied te zijn gebleven. Voor wat het waard is noteer ik dat de Avaarse leider Baian zou claimen dat de Utiguren en Cutriguren hem tribuut betaalden. Wat dit betekent voor de Bulgaren, is onduidelijk omdat de verhouding tussen de Bulgaren, Onoguren, Utiguren en Cutriguren onduidelijk is. Daarom gebruiken oudheidkundigen en mediëvisten voor deze vroege fase van de Bulgaarse geschiedenis wel de naam Proto-Bulgaars.

    [Dit blogje wordt vanmiddag afgerond.]

    #Antes #Avaren #Baian #Bulgaren #DNAOnderzoek #Jordanes #MenandrosProtektor #MozesVanChorene #PenkivkaCultuur #PraagCultuur #Traditionskern #vroegeStaat #ZenoI
  3. De Slavische volken (4) Oorzaken

    Onscherpe foto van een Slavische mantelspeld (Militair Museum, Belgrado)

    [Dit is het vierde van zes blogjes over de herkomst van de Slavischsprekende volken. Het eerste was hier.]

    Een oorzaak?

    Als ik de vorige drie blogjes mag samenvatten:

    • rond 550 woonden de Slavischsprekenden van de Elbe in het noordwesten tot over de Dnjepr in het zuidoosten,
    • met de Avaarse migratie trok de groep die aan de Zwarte Zee woonde, langs de Donau naar het westen

    De hamvraag is: hoe konden de Slaven zich vanuit de Pripjatmoerassen verspreiden naar zo’n groot gebied? Er zal van alles hebben gespeeld, maar ik denk dat ik drie factoren kan noemen.

    1. Zolang het Romeinse Rijk de Rijngrens bewaakte, was er emplooi voor Przeworsk-Germanen, zodat mensen uit het Elbegebied naar het westen kwamen. Dat schiep in de vierde eeuw ruimte voor de Veneti/Wenden.
    2. In het midden van de vijfde eeuw raakten door de aankomst van de superfederatie van de Hunnen allerlei groepen verplaatst.
    3. Tot slot is er de demografische catastrofe die zich voltrok rond het midden van de zesde eeuw: de Justiniaanse Epidemie ofwel de Builenpest. Deze was gelijktijdig met een klimaatcrisis.

    Grote gebieden lagen open voor kolonisten en dan hadden de boeren met de genoemde eenvoudigste technieken de beste kansen: zij konden zich op de meeste plekken vestigen. De Slavische expansie lijkt zo feitelijk het succes van de best-aanpasbare landbouw te zijn geweest, maar het vraagteken in de paragraafkop staat er natuurlijk niet voor niets.

    Terug in de tijd

    Kunnen we van de in het vorige blogje genoemde verzameling archeologische culturen uit de late zesde eeuw terug? Vermoedelijk wel. Al die archeologische culturen gaan terug op wat bekendstaat als de Kyiv-cultuur, die we kunnen plaatsen vanaf pakweg 100 na Chr. tot de aankomst van de Hunnen. Dat de Kyiv-mensen een Slavische taal spraken, valt vrij aannemelijk te maken.

    Met de Slavische talen geassocieerde archeologische culturen (klik=groot)

    Archeologisch kunnen we namelijk nog wat dieper het verleden in. De Kyiv-cultuur kwam voort uit de Zarubintsy-cultuur, die we mogen plaatsen tussen 300 v.Chr. en 100 na Chr. Het gebied van die cultuur komt mooi overeen met gebied waar de meeste Proto-Slavische riviernamen zijn te vinden: de Urheimat. Dat is een sterke aanwijzing dat de Zarubintsy-mensen een vroege Slavische taal spraken, die ze via de Kyiv-cultuur hebben doorgegeven aan de mensen van de in het vorige blogje genoemde archeologische culturen, dus de mensen waarover ook Jordanes het heeft.

    Er is geen consensus over wat er aan de Zarubintsy-cultuur voorafgaat. Ik ga er ook niet over speculeren, want met zes blogjes is dit al een te lang opstel. Maar we blijven zitten met een gat van pakweg een millennium tussen het moment waarop het Proto-Slavisch gescheiden raakte van het Proto-Baltisch en andere Indo-Europese proto-talen en het moment waarop de Zarubintsy-cultuur is ontstaan.

    [Deze zesdelige reeks wordt morgenochtend vervolgd.]

    Ik organiseer volgend voorjaar een reis naar Bulgarije. Deze blog kunt u ook volgen via een Whatsapp-kanaal.

    Zelfde tijdvak


    NWA: Nogmaals de kerstening

    december 22, 2016
    Maria, moeder van god

    december 15, 2017
    De Romeinse religie in de derde eeuw

    februari 15, 2024 Deel dit: #Antes #Avaren #Donau #Hunnen #IndoEuropeseTalen #Jordanes #JustiniaanseEpidemie #KyivCultuur #ProtoSlavisch #PrzeworskCultuur #SlavischeTalen #Urheimat #Veneti #Wenden #ZarubintsyCultuur
  4. De Slavische volken (4) Oorzaken

    Onscherpe foto van een Slavische mantelspeld (Militair Museum, Belgrado)

    [Dit is het vierde van zes blogjes over de herkomst van de Slavischsprekende volken. Het eerste was hier.]

    Een oorzaak?

    Als ik de vorige drie blogjes mag samenvatten:

    • rond 550 woonden de Slavischsprekenden van de Elbe in het noordwesten tot over de Dnjepr in het zuidoosten,
    • met de Avaarse migratie trok de groep die aan de Zwarte Zee woonde, langs de Donau naar het westen

    De hamvraag is: hoe konden de Slaven zich vanuit de Pripjatmoerassen verspreiden naar zo’n groot gebied? Er zal van alles hebben gespeeld, maar ik denk dat ik drie factoren kan noemen.

    1. Zolang het Romeinse Rijk de Rijngrens bewaakte, was er emplooi voor Przeworsk-Germanen, zodat mensen uit het Elbegebied naar het westen kwamen. Dat schiep in de vierde eeuw ruimte voor de Veneti/Wenden.
    2. In het midden van de vijfde eeuw raakten door de aankomst van de superfederatie van de Hunnen allerlei groepen verplaatst.
    3. Tot slot is er de demografische catastrofe die zich voltrok rond het midden van de zesde eeuw: de Justiniaanse Epidemie ofwel de Builenpest. Deze was gelijktijdig met een klimaatcrisis.

    Grote gebieden lagen open voor kolonisten en dan hadden de boeren met de genoemde eenvoudigste technieken de beste kansen: zij konden zich op de meeste plekken vestigen. De Slavische expansie lijkt zo feitelijk het succes van de best-aanpasbare landbouw te zijn geweest, maar het vraagteken in de paragraafkop staat er natuurlijk niet voor niets.

    Terug in de tijd

    Kunnen we van de in het vorige blogje genoemde verzameling archeologische culturen uit de late zesde eeuw terug? Vermoedelijk wel. Al die archeologische culturen gaan terug op wat bekendstaat als de Kyiv-cultuur, die we kunnen plaatsen vanaf pakweg 100 na Chr. tot de aankomst van de Hunnen. Dat de Kyiv-mensen een Slavische taal spraken, valt vrij aannemelijk te maken.

    Met de Slavische talen geassocieerde archeologische culturen (klik=groot)

    Archeologisch kunnen we namelijk nog wat dieper het verleden in. De Kyiv-cultuur kwam voort uit de Zarubintsy-cultuur, die we mogen plaatsen tussen 300 v.Chr. en 100 na Chr. Het gebied van die cultuur komt mooi overeen met gebied waar de meeste Proto-Slavische riviernamen zijn te vinden: de Urheimat. Dat is een sterke aanwijzing dat de Zarubintsy-mensen een vroege Slavische taal spraken, die ze via de Kyiv-cultuur hebben doorgegeven aan de mensen van de in het vorige blogje genoemde archeologische culturen, dus de mensen waarover ook Jordanes het heeft.

    Er is geen consensus over wat er aan de Zarubintsy-cultuur voorafgaat. Ik ga er ook niet over speculeren, want met zes blogjes is dit al een te lang opstel. Maar we blijven zitten met een gat van pakweg een millennium tussen het moment waarop het Proto-Slavisch gescheiden raakte van het Proto-Baltisch en andere Indo-Europese proto-talen en het moment waarop de Zarubintsy-cultuur is ontstaan.

    [Deze zesdelige reeks wordt zondagochtend vervolgd.]

    #Antes #Avaren #Donau #Hunnen #IndoEuropeseTalen #Jordanes #JustiniaanseEpidemie #KyivCultuur #ProtoSlavisch #PrzeworskCultuur #SlavischeTalen #Urheimat #Veneti #Wenden #ZarubintsyCultuur
  5. Moesia

    De Donau bij Ruse

    Europa kent al eeuwen twee grote handelsroutes. De ene was de corridor van de Noordzee via Rijn, Moezel, Saône en Rhône naar de Middellandse Zee. De andere stond daar haaks op en leidde naar het oosten: de Donau. De eerste landbouwers, de eerste metaalwerkers en de eerste Indo-Europees-sprekenden kwamen hierlangs stroomopwaarts, later gevolgd door Sarmaten, Hunnen, Avaren en Magyaren. Bij de Zwarte Zee zagen zij vóór zich een vruchtbaar gebied, begrensd door rechts de Donau en links het Balkangebergte. Die vruchtbare zone strekt zich uit tot Belgrado, het antieke Singidunum, waar de vlakte zich noordwaarts opende naar de Hongaarse poesta.

    De naam Moesia

    In de vijfde eeuw v.Chr. worden tussen Donau en Balkan genoemd:

    De laatste twee worden gewoonlijk gerekend tot de Thraciërs. Romeinse bronnen uit het begin van de jaartelling suggereren dat hier ooit ook Mysiërs hadden gewoond, een groep die later zou zijn verhuisd naar de Zee van Marmara. Naar hen noemden de Romeinen de regio Moesia.

    Gouden schijf met een “Thracische Ruiter” (Bjala Zlatina, Bulgarije)

    Of de Mysiërs echt eeuwen eerder uit Moesia waren vertrokken, kan ik niet beoordelen. Ik lees dat het pure fictie was, maar dat roept de vraag op waarom de Romeinen kozen voor de naam van een volk dat vier-, vijfhonderd kilometer verderop woonde. Ik lees ook dat zo’n migratie prima kan hebben plaatsgevonden in de Vroege IJzertijd, toen diverse Balkanvolken naar Anatolië migreerden, maar dat roept de vraag op waarom we uit de tussenliggende eeuwen geen vermeldingen hebben van Mysiërs of Moesiërs. In elk geval: de Romeinen gebruikten de naam Moesia voor de zuidelijke Donauoever tussen Belgrado en de Zwarte Zee.

    Romanisering

    De legioenen bereikten de Beneden-Donau al rond 75 v.Chr., maar Rome had aanvankelijk weinig belangstelling voor het gebied. De daadwerkelijke onderwerping begon pas toen Octavianus de campagne rond Aktion had gewonnen. Talloze soldaten waren naar hem overgelopen, moesten iets te doen hebben en werden richting Moesia gedirigeerd.noot Cassius Dio, Romeinse Geschiedenis 51.23.2. Hun commandant was Marcus Licinius Crassus: een kleinzoon van de Drieman en een zoon van de Caecilia Metella wier mausoleum is te zien aan de Via Appia. Misschien is dat gefinancierd met de Moesische buit.

    Venus (Kalemegdan, Belgrado)

    Het gebied gold rond 12 v.Chr. als onderworpen en werd als provincie georganiseerd op het moment waarop Rome het koninkrijk van de Odrysen in Zuid-Bulgarije annexeerde: in 45/46 na Chr. Ruim een halve eeuw zou de regio een grensstreek zijn, aangeduid als de Beneden-Donau-limes, en net als in het westen, aan de Rijn, vestigden de Romeinen er migranten. Een inscriptie vermeldt 100.000 boeren, afkomstig uit het gebied aan de overzijde van de Donau, die hier land kregen.noot EDCS-05801598.

    Tegen het einde van de eerste eeuw splitste keizer Domitianus de provincie: het oostelijke gebied, zeg maar Noord-Bulgarije, stond bekend als Moesia Inferior, en het stroomopwaarts gelegen gebied, zeg maar Servië, heette voortaan Moesia Superior. Daarin herkennen we feitelijk het gebied van de Dardaniërs. De splitsing lijkt samengehangen te hebben met de voorbereiding voor de oorlog tegen (en latere verovering van) Dacië, een koninkrijk in het zuidwesten van het huidige Roemenië.

    Reliëf uit Ratiaria (Archeologisch museum, Sofia)

    Langs de rivier lagen diverse legioenbases: Singidunum en Viminacium in Superior, Novae en Durostorum in Inferior. Rond 200 lagen hier IIII Flavia Felix, VII Claudia, I Italica en XI Claudia, die elk ieder jaar zo’n 300 rekruten aantrokken, die niet altijd uit de regio kwamen. Deze vier bases werden zo centra van de Romeinse wereldcultuur. De regio romaniseerde gestaag, en we kennen de thema’s, die immers vrij voorspelbaar zijn: de aanleg van wegen, agrarische exploitatie (met name graan, zuivel, wijn), de groei van civiele steden (zoals Nikopolis aan de Donau), de verspreiding van het Grieks en het Latijn. Even voorspelbaar is het voorbestaan van plaatselijke culten, zoals de verering van de Ruiters van de Donau.

    Late Oudheid

    Ook al voorspelbaar: de Crisis van de Derde Eeuw. Terwijl de ernst daarvan voor andere regio’s genuanceerd kan worden, waren in Moesia de gevolgen ernstig: er zijn talloze strooptochten bekend van “barbaren”. Keizer Decius was in 251 een van degenen die in de conflicten het leven liet. De “barbaren” worden in onze bronnen aangeduid met allerlei archaïsche namen, zoals “Skythen” en “Geten”. Die laatste naam, gespeld als “Goten”, zou komen te overheersen en verwijst naar de bewoners van de rond 275 door de Romeinen ontruimde gebieden aan de overzijde van de Beneden-Donau. Moesia was opnieuw een grensprovincie en de Donau was opnieuw een grensrivier.

    Constantijn de Grote (Nish)

    Her en der werden de woonplaatsen versterkt, en de grote bocht die de Donau vlak voor de Zwarte Zee maakt, werd afgesneden en versterkt met een muur van Cernavodă naar Constanța. Ondanks alle versterkingen liepen de Goten in het laatste kwart van de vierde eeuw de regio onder de voet. Hun overwinning in de slag bij Adrianopel (378) joeg een schok door de Romeinse wereld. Veel Goten bleven in Moesia en Thracië wonen; anderen traden in dienst van het Romeinse leger en hun afstammelingen zouden later, onder aanvoering van generaal Alarik, in 410 Rome plunderen.

    Het einde van de Oudheid

    De achterblijvers op de Balkan werden door het imperium geassimileerd en bekeerden zich tot het christendom. Een team onder leiding van missionaris Wulfila vertaalde voor hen het Nieuwe Testament in het Gotisch. Deze gekerstende Gotische Moesiërs dienden het Romeinse Rijk als grenssoldaten en werden daar ook netjes voor betaald. Ze hadden te maken met invallen van Hunnen, Ostrogoten en Antes, maar de Balkan bleef grosso modo Romeins bezit. Er was echter wel schade. De Byzantijnse geschiedschrijver Prokopios vermeldt dat er ten tijde van keizer Justinianus (r.527-565) herstelwerkzaamheden waren aan allerlei Moesische forten.noot Prokopios, Gebouwen 4.7.

    Byzantijnse versterkingen (Nesebar)

    In de vijfde en zesde eeuw behoorde Moesia, weliswaar van tijd tot tijd in oorlog, dus nog altijd bij de Romeinse en christelijke wereld. In het laatste kwart van de zesde eeuw arriveerden echter de Avaren, en in hun kielzog vestigden zich de Slavische volken op de Balkan. Zo groeide vanaf 681 het Eerste Bulgaarse Rijk. Daarover wil ik later nog eens bloggen, als ik begrijp hoe de vork in de steel zit.

    #Alarik #Antes #Belgrado #BenedenDonauLimes #Constanța #CrisisVanDeDerdeEeuw #Dacië #Dardaniërs #Donau #Durostorum #EersteBulgaarseRijk #Goten #IItalica #IIIIFlaviaFelix #Justinianus #Moesia #NikopolisAanDeDonau #Novae #Octavianus #Odrysen #Ostrogoten #Prokopios #Singidunum #slagBijAdrianopel #Thracië #ThracischeRuiter #Triballiërs #VIIClaudia #Viminacium #Wulfila #XIClaudia