home.social

#turunuelo — Public Fediverse posts

Live and recent posts from across the Fediverse tagged #turunuelo, aggregated by home.social.

  1. De verledens van Spanje (1)

    Het beeld van Leovigild, vóór het koninklijk paleis in Madrid, claimt de laatantieke vorst als voorloper van de koningen van Spanje.

    Archeologische vondsten zeggen eigenlijk maar weinig. Ze moeten worden geïnterpreteerd: die scherven vormden ooit een kruik, die kruik bevatte olijfolie, de klei van die kruik komt uit de vallei van de Guadalquivir, en omdat ze is opgegraven in Rome duidt die kruik op handel. Maar ook zo’n geïnterpreteerde vondst is niet waarom wij, als samenleving, de mogelijkheid garanderen dat wetenschappers hun intellect, tijd en energie besteden aan archeologie. Wat kan het ons immers schelen dat Rome negentien eeuwen geleden Spaanse olijfolie importeerde? Wat hebben wij, om met Halbe Zijlstra te spreken, aan opgegraven potten en pannen, geïnterpreteerd of niet?

    Die vraag kunnen we ook stellen bij historische gebeurtenissen. U en ik worden niet gelukkiger of wijzer als we weten dat in de late eerste eeuw na Chr. de Romeinse gemeentewetten in Spanje volgens een standaardmodel zijn geharmoniseerd. Er is méér nodig om zulke gegevens betekenis te geven. De resultaten van archeologisch en historisch onderzoek, en ook dat van het onderzoek van classici, krijgen pas zin als ze in een groter kader zijn geplaatst.

    Ontstaansgeschiedenis

    Eén zo’n kader, populair in de negentiende eeuw maar niet per se onzinnig, is dat van de ontstaansgeschiedenis. In deze visie wordt het verhaal over het verleden zó verteld dat het vooruit lijkt te wijzen naar het heden, dat het zodoende tegelijk legitimeert. Voor Spanje was dat lange tijd een verhaal over een eenheid die was geschapen in de Oudheid, toen de Romeinen één romaanse taal oplegden en het stedelijk landschap schiepen, en toen het Rijk van Toledo het gehele Iberische Schiereiland beheerste. Laatstgenoemde eenheidsstaat was christelijk geweest, en de herinnering hieraan was altijd aanwezig gebleven.

    De Arabische invloed op Spanje was in deze visie slechts oppervlakkig geweest; niet alleen was de Spaanse islam wezenlijk anders zijn dan die in de kerngebieden, maar in het Emiraat van Córdoba zouden ook altijd vitale christelijke minderheden hebben bestaan. Tegelijk zouden het noordelijke koninkrijk Asturië en zijn opvolgerstaten altijd het Rijk van Toledo hebben willen herstellen. De eenwording van de christelijke koninkrijken Castilië en Aragón en de onderwerping van het islamitische Granada (1492) waren daarom eigenlijk onvermijdelijk geweest. Het waren simpelweg uitingen van de Spaanse nationale identiteit. Tot de meest uitgesproken verdedigers van deze visie behoorde Claudio Sánchez-Albornoz, die van 1962 tot 1971 premier was van de Spaanse republikeinse regering in ballingschap.

    Een geschiedbeeld als dit beschrijft hoe de eigen groep is ontstaan. Zolang de continuïteit sociaalwetenschappelijk en overtuigend is bewezen, is daar niets mis mee, maar er is ook een nadeel: er is geen ruimte voor wat afwijkt. In dit voorbeeld is er nauwelijks ruimte voor de groepen Basken en Catalanen die zichzelf niet beschouwen als Spanjaarden. Het beschreven geschiedbeeld laat ook weinig ruimte aan joden, moslims en niet-katholieke christenen.noot Vergelijk Nederland: “wij” waren lange tijd Germaans, Nederlandssprekend en protestants. Minister-president Drees meende nog dat een katholiek eigenlijk geen secretaris-generaal van een departement kon zijn.

    Aanpassing

    Alle geschiedbeelden veranderen. Daarbij spelen allerlei factoren een rol, waaronder nogal wat factoren die eigenlijk geen rol mogen spelen, zoals politieke wenselijkheid of selectief verworven extra data. Zo ook in Spanje. Het geschetste beeld was nationalistisch en katholiek, en hoewel het niet per se rechts was, was het wel de dood van Franco die ruimte schiep voor andere visies, waardoor het idee van “één Spanje” werd genuanceerd. Het perspectief verschoof naar convivencia, middeleeuws Spanje als verzameling samen levende culturen. Het is te lezen als een erkenning van de Baskische en Catalaanse identiteit. Deze omslag had dus iets te maken met de veranderde politieke windrichting, en dat gold eveneens voor de gegroeide aandacht voor El-Andalus.

    De jaren tachtig zagen ook een uitbreiding van het archeologische databestand. Niet alleen was er ruilverkaveling in Andalusië, maar ook veranderden projectontwikkelaars de Spaanse costa’s in een vastgoedparadijs, waardoor er eindeloos veel vondsten kwamen uit het gebied langs de Guadalquivir en uit de kustregio. Zo kwam er aandacht voor de vroege verstedelijking van Spanje, vóór de komst van de Romeinen. Die is een feit, maar bedenk: heuvelforten en stedelijke nederzettingen zijn makkelijker te vinden dan herders die hun kuddes verplaatsen over de eeuwenoude cañadas. De toegevoegde data waren dus selectief: ze documenteerden grote nederzettingen, maar niet de rest van de toenmalige wereld, en het ging vooral over Andalusië en de Iberische kuststrook. (Dat is een van de redenen waarom de huidige opgraving van Turuñuelo, die ik al eens aanstipte, vlakbij de Portugese grens, zo belangrijk is.)

    Anders gezegd: de perspectiefwisseling die rond 1975 inzette, is politiek of cultureel bepaald en inhoudelijk niet zo best onderbouwd.noot Dit is natuurlijk wat in Nederland is gebeurd toen de Germanen werden ingeruild voor de Romeinse limes: vaderlands verleden maakte plaats voor pan-Europees verleden, en het gegroeide Romeinse databestand was tot stand gekomen doordat Romeinse forten opvallender zijn dan Germaanse zwervende erven. In het jargon van de wetenschapsleer: de context of discovery is alleszins begrijpelijk, maar er zijn vraagtekens te plaatsen bij de justification of discovery. (U mag “perspectiefwisseling” lezen in plaats van discovery.)

    [Wordt vervolgd]

    Deze blog kunt u ook volgen via een Whatsapp-kanaal. In september organiseer ik een reis Algerije en waarom die de moeite waard is leest u hier.

    Zelfde tijdvak


    Corona & papyri

    maart 14, 2020
    Maximalisme en minimalisme

    april 19, 2021
    Kwakgeschiedenis: de “vrede” van keizer Augustus

    december 1, 2011 Deel dit: #Asturië #ClaudioSánchezAlbornoz #contextOfDiscovery #emiraatVanCórdoba #FranciscoFranco #Granada #justificationOfDiscovery #RijkVanToledo #Turuñuelo
  2. De Dame van Elche

    De Dame van Elche (Nationaal Archeologisch Museum, Madrid)

    Ik heb nog nooit iemand ontmoet die bij het zien van een afbeelding van de Dame van Elche, niet onder de indruk was. Niet dat ik dit heb getoetst door middel van een representatief bevolkingsonderzoek, maar alleen al uit het afgelopen halve jaar herinner ik me een stuk of vijf mensen die zich er ongevraagd positief over uitlieten.

    Ontdekking

    Het beeld is in 1897 gevonden bij Elche (of Elx, zoals men ter plekke zegt), waar een antieke stad lag die de Grieken Helike noemden en de Romeinen Ilici. Lange tijd is beweerd dat de ontdekker een veertienjarige jongen was die Manuel Campello heette. Zo’n verhaal past goed bij het format “niet-archeoloog doet ontdekking en zorgt dat het bij de autoriteiten komt en het blijkt belangrijk en nou is de wetenschap heel erg blij”. Archeologen gebruiken dit format graag om mensen ervan te overtuigen vondsten te melden. Dat die vondsten zelden werkelijk belangrijk zijn, wordt er nooit bij gezegd, en ik voel me altijd wat ongemakkelijk als ik weer lees dat een kind, een wandelaar of een soldaat die een schuttersputje aan het graven was, een vondst deed en meldde. Wetenschappelijke persberichten moeten werkelijke informatie delen, niet nudgen.

    Dat gezegd zijnde: dit keer was de vondst werkelijk belangrijk. In de hoop meer te ontdekken over de precieze vindplaats, hebben onderzoekers uit Alicante een tijdje geleden het ontdekkingsverhaal nog eens gecontroleerd. Over de vindplaats ontdekte men weinig van belang, maar over de vondst ontdekte men wel iets: het bleek dat de echte ontdekker een arbeider was die Antonio Maciá heette. Die is uit het verhaal weggeschreven terwijl de landeigenaar, die wél Manuel Campello heette, is veranderd in een kind. Alles om het format te handhaven. Het geval staat natuurlijk niet op zichzelf: ik blogde al eens over de vergeten Egyptische fotografen en over de gezusters Agnes en Margaret Smith.

    Maar wat is het?

    Maar wat is dit? Het beeld dateert uit de vierde eeuw v.Chr. en archeologen rekenen het tot de Iberische cultuur, wat de naam is die ze gebruiken voor het oosten van Spanje vanaf pakweg 500 v.Chr. (en dus niet voor het hele Iberische Schiereiland). Die mensen spraken een eigen taal, hadden een eigen schrift en een eigen materiële cultuur, die duidelijk Karthaagse en Griekse invloeden had ondergaan. De beeldhouwer die verantwoordelijk is voor de Dame van Elche, heeft weleens een Grieks beeld gezien in het even verderop gelegen Alicante (het antieke Leukè Akra ofwel Lucentum).

    Het beeld baarde meteen opzien en er waren claims dat het een vervalsing moest zijn. De weinige voorbeelden van Iberische sculptuur leken hier nauwelijks op. Inmiddels kennen we meer van zulke vrouwenbeelden, afkomstig uit gecontroleerde opgravingen, zodat de argumenten die destijds golden, geen opgeld meer doen. Die andere beelden staan met de Dame van Elche samen opgesteld in het Nationaal Archeologisch Museum in Madrid, en je ziet meteen welk beeld het meesterwerk is. Recent zijn in Turuñuelo (richting Portugese grens) soortgelijke beelden gevonden, die iets ouder zijn en de indruk wekken dat de portretkunst op het Iberische Schiereiland een autonome ontwikkeling is, begonnen in het gebied van Tartessos.

    Nogmaals de Dame van Elche

    Het beeld is nu niet meer beschilderd, we moeten het doen me de sculptuur zelf. Het meest opvallende zijn de sieraden: drie halskettingen met amuletten, een met juwelen versierde diadeem en twee ronde, trommelachtige schijven op de slapen. Ook de andere beelden hebben zulke “trommels”. Volgens mij zijn ze daarmee uniek. Ik kan me althans niet herinneren ooit soortgelijke sieraden te hebben gezien.

    De eerste interpretatie was dat het beeld een Moorse koningin voorstelde, maar het was al snel duidelijk dat het ouder was. De Eerste Hoofdwet van de Archeologie zijnde de Eerste Hoofdwet van de Archeologie redeneerden de archeologen vervolgens dat dit wel een godin zou zijn, meer precies de Karthaagse Tanit. Inmiddels is onderzoek gedaan naar de binnenkant van het beeld, waarin nog altijd sporen waren te vinden van menselijke as, zodat we nu weten dat het feitelijk een urn is. Het doet in de verte denken aan de Etruskische, mensvormige urnen die “canopen” worden genoemd.

    Nationaal symbool

    Zoals gezegd: het beeld maakt en maakte indruk. Menigeen wilde het kopen. Iemand als Pablo Picasso, gefascineerd door niet-klassieke kunstvormen, zag het als een pure, authentieke uiting van een Iberisch volk dat nog niet aan Rome was onderworpen. Uiteindelijk is het voor een schamel bedrag verkocht aan het Louvre. Dat was tegen het zere been van menig Spanjaard, want waarom moest dit elegante portret nou naar Parijs?

    Bankbiljet met de Dame van Elche

    Dictator Francisco Franco maakte daarom nogal een punt van de teruggave en kort na de Tweede Wereldoorlog keerde het voorwerp inderdaad terug naar Spanje, waar Franco het presenteerde als een nationaal symbool. Het stond bijvoorbeeld op de bankbiljetten. Ging het bij Picasso nog om pure Iberische kunst, in sommige rechtse kringen was de Dame van Elche een uiting van een genetisch puur volk.

    Voor zover ik iets weet van Spanje – en dat is niet veel – heeft de Dame van Elche inmiddels niet meer zo’n nare bijbetekenis. Het is echter, zo zag ik een tijdje geleden, nog onverminderd bewonderenswaardig mooi.

    [Dit was het 519e voorwerp in mijn reeks museumstukken.]

    Deze blog, die u ook via het Whatsapp-kanaal kunt volgen, is niet mijn enige activiteit. In het voorjaar organiseer ik een reis naar Bulgarije en een andere reis langs Keltische locaties.

    Zelfde tijdvak


    Joodse literatuur (3)

    mei 21, 2014
    Dood in Babylon (2)

    juni 13, 2014
    De vos in de Bijbel en bij Aristoteles

    november 16, 2023 Deel dit: #DameVanElche #Elche #FranciscoFranco #nudging #PabloPicasso #Spanje #Tartessos #Turuñuelo
  3. De Dame van Elche

    De Dame van Elche (Nationaal Archeologisch Museum, Madrid)

    Ik heb nog nooit iemand ontmoet die bij het zien van een afbeelding van de Dame van Elche, niet onder de indruk was. Niet dat ik dit heb getoetst door middel van een representatief bevolkingsonderzoek, maar alleen al uit het afgelopen halve jaar herinner ik me een stuk of vijf mensen die zich er ongevraagd positief over uitlieten.

    Ontdekking

    Het beeld is in 1897 gevonden bij Elche (of Elx, zoals men ter plekke zegt), waar een antieke stad lag die de Grieken Helike noemden en de Romeinen Ilici. Lange tijd is beweerd dat de ontdekker een veertienjarige jongen was die Manuel Campello heette. Zo’n verhaal past goed bij het format “niet-archeoloog doet ontdekking en zorgt dat het bij de autoriteiten komt en het blijkt belangrijk en nou is de wetenschap heel erg blij”. Archeologen gebruiken dit format graag om mensen ervan te overtuigen vondsten te melden. Dat die vondsten zelden werkelijk belangrijk zijn, wordt er nooit bij gezegd, en ik voel me altijd wat ongemakkelijk als ik weer lees dat een kind, een wandelaar of een soldaat die een schuttersputje aan het graven was, een vondst deed en meldde. Wetenschappelijke persberichten moeten werkelijke informatie delen, niet nudgen.

    Dat gezegd zijnde: dit keer was de vondst werkelijk belangrijk. In de hoop meer te ontdekken over de precieze vindplaats, hebben onderzoekers uit Alicante een tijdje geleden het ontdekkingsverhaal nog eens gecontroleerd. Over de vindplaats ontdekte men weinig van belang, maar over de vondst ontdekte men wel iets: het bleek dat de echte ontdekker een arbeider was die Antonio Maciá heette. Die is uit het verhaal weggeschreven terwijl de landeigenaar, die wél Manuel Campello heette, is veranderd in een kind. Alles om het format te handhaven. Het geval staat natuurlijk niet op zichzelf: ik blogde al eens over de vergeten Egyptische fotografen en over de gezusters Agnes en Margaret Smith.

    Maar wat is het?

    Maar wat is dit? Het beeld dateert uit de vierde eeuw v.Chr. en archeologen rekenen het tot de Iberische cultuur, wat de naam is die ze gebruiken voor het oosten van Spanje vanaf pakweg 500 v.Chr. (en dus niet voor het hele Iberische Schiereiland). Die mensen spraken een eigen taal, hadden een eigen schrift en een eigen materiële cultuur, die duidelijk Karthaagse en Griekse invloeden had ondergaan. De beeldhouwer die verantwoordelijk is voor de Dame van Elche, heeft weleens een Grieks beeld gezien in het even verderop gelegen Alicante (het antieke Leukè Akra ofwel Lucentum).

    Het beeld baarde meteen opzien en er waren claims dat het een vervalsing moest zijn. De weinige voorbeelden van Iberische sculptuur leken hier nauwelijks op. Inmiddels kennen we meer van zulke vrouwenbeelden, afkomstig uit gecontroleerde opgravingen, zodat de argumenten die destijds golden, geen opgeld meer doen. Die andere beelden staan met de Dame van Elche samen opgesteld in het Nationaal Archeologisch Museum in Madrid, en je ziet meteen welk beeld het meesterwerk is. Recent zijn in Turuñuelo (richting Portugese grens) soortgelijke beelden gevonden, die iets ouder zijn en de indruk wekken dat de portretkunst op het Iberische Schiereiland een autonome ontwikkeling is, begonnen in het gebied van Tartessos.

    Nogmaals de Dame van Elche

    Het beeld is nu niet meer beschilderd, we moeten het doen me de sculptuur zelf. Het meest opvallende zijn de sieraden: drie halskettingen met amuletten, een met juwelen versierde diadeem en twee ronde, trommelachtige schijven op de slapen. Ook de andere beelden hebben zulke “trommels”. Volgens mij zijn ze daarmee uniek. Ik kan me althans niet herinneren ooit soortgelijke sieraden te hebben gezien.

    De eerste interpretatie was dat het beeld een Moorse koningin voorstelde, maar het was al snel duidelijk dat het ouder was. De Eerste Hoofdwet van de Archeologie zijnde de Eerste Hoofdwet van de Archeologie redeneerden de archeologen vervolgens dat dit wel een godin zou zijn, meer precies de Karthaagse Tanit. Inmiddels is onderzoek gedaan naar de binnenkant van het beeld, waarin nog altijd sporen waren te vinden van menselijke as, zodat we nu weten dat het feitelijk een urn is. Het doet in de verte denken aan de Etruskische, mensvormige urnen die “canopen” worden genoemd.

    Nationaal symbool

    Zoals gezegd: het beeld maakt en maakte indruk. Menigeen wilde het kopen. Iemand als Pablo Picasso, gefascineerd door niet-klassieke kunstvormen, zag het als een pure, authentieke uiting van een Iberisch volk dat nog niet aan Rome was onderworpen. Uiteindelijk is het voor een schamel bedrag verkocht aan het Louvre. Dat was tegen het zere been van menig Spanjaard, want waarom moest dit elegante portret nou naar Parijs?

    Bankbiljet met de Dame van Elche

    Dictator Francisco Franco maakte daarom nogal een punt van de teruggave en kort na de Tweede Wereldoorlog keerde het voorwerp inderdaad terug naar Spanje, waar Franco het presenteerde als een nationaal symbool. Het stond bijvoorbeeld op de bankbiljetten. Ging het bij Picasso nog om pure Iberische kunst, in sommige rechtse kringen was de Dame van Elche een uiting van een genetisch puur volk.

    Voor zover ik iets weet van Spanje – en dat is niet veel – heeft de Dame van Elche inmiddels niet meer zo’n nare bijbetekenis. Het is echter, zo zag ik een tijdje geleden, nog onverminderd bewonderenswaardig mooi.

    [Dit was het 519e voorwerp in mijn reeks museumstukken.]

    Deze blog, die u ook via het Whatsapp-kanaal kunt volgen, is niet mijn enige activiteit. In het voorjaar organiseer ik een reis naar Bulgarije en een andere reis langs Keltische locaties.

    Zelfde tijdvak


    Joodse literatuur (3)

    mei 21, 2014
    Dood in Babylon (2)

    juni 13, 2014
    De vos in de Bijbel en bij Aristoteles

    november 16, 2023 Deel dit: #DameVanElche #Elche #FranciscoFranco #nudging #PabloPicasso #Spanje #Tartessos #Turuñuelo
  4. De persoonlijke faits divers (39)

    Opgraving in Turuñuelo (©IAM-CSIC)

    Deze aflevering in de onregelmatig verschijnende reeks faits divers, de negenendertigste alweer, bevat vooral nieuws dat eigenlijk totaal onbelangrijk is en vermoedelijk alleen mijzelf boeit (Apeldoorn), inspireert (vissaus), irriteert (Egypte), fascineert (Tartessos) en vleit (doorlezen tot het einde).

    ***

    Apeldoorn

    Wie van Barneveld naar Apeldoorn fietst, komt over de Asselse Heide. Daar zijn nog de kuilen te zien waar mensen ooit de klapperstenen vonden waaruit ze ijzeroer wonnen. De Veluwse beekjes en de later aangelegde sprengen zijn eveneens ijzerhoudend.noot Ik hoorde nog vorige week iemand vertellen dat haar broer ergens in de jaren zeventig in het ijzerhoudende water was gevallen en dat diens kleren niet meer schoon te wassen waren. Aan de andere kant van Apeldoorn, in de richting van de IJssel, lagen drassige gebieden, waar moeraserts werd gewonnen. Omdat de plek dus quasi-letterlijk drijft op ijzer, speculeerden de medewerkers van het toenmalige archeologisch museum Moerman een halve eeuw geleden dat het erts via Apeldoorn verhandeld moest zijn geweest met het Romeinse leger, dat gestationeerd was aan de Rijn bij Arnhem. Het was immers slechts een dag lopen van producent naar consument.

    Nu konden de museummedewerkers dat wel bedenken, maar destijds ontbrak in Apeldoorn ieder bewoningsspoor uit de Romeinse tijd. Een jaar of wat geleden vond men in het westen van de huidige stad echter bewijs voor een voor Germaanse begrippen vrij grote nederzetting. Als ik me goed herinner, werd dat toen ook meteen met de ertshandel in verband gebracht. Inmiddels is er ook bewijs dat er boeren hebben gewoond in Apeldoorn.

    Groot nieuws is dit vanzelfsprekend niet. Het is slechts dataverwerving en dataverwerving is een voorwaarde voor wetenschap en geen wetenschap. Maar als oud-Apeldoorner vind ik dit dus wel leuk.

    Vissaus

    Nog een trivialiteit, al is het een serieuze: onderzoekers hebben de samenstelling van antieke vissaus (garum) ontdekt, waarbij de crux is dat ze niet alleen graten vonden in de kuipen waarin de vis wekenlang lag te rotten, maar dat ze die graten ook nog geschikt konden maken voor DNA-onderzoek. Met dit onderzoek worden geen grote sociaalwetenschappelijke vragen opgelost of zelfs maar gesteld, maar het is een nieuw soort inzicht, mogelijk door nieuwe methoden. En dat is wetenschappelijke vernieuwing.

    Voor wie nu zelf vissaus wil maken: sommige producenten gebruikten ansjovis, andere sardine, en daarnaast maakte men gebruik van sprot en okselzeebrasem. Die smurrie stinkt behoorlijk, dus mijn advies is: haal een fles Vietnamese vissaus bij uw toko.

    Geen vissaus. wel vis (Archeologisch museum, Sousse)

    Egypte

    Een claim die veel media haalde: een Brits onderzoeksteam slaagde erin het vrijwel complete DNA van een oude Egyptenaar uit te lezen en deed isotopenonderzoek, zodat ze veel over de overledene te weten konden komen. Inclusief het feit dat die onder zijn voorouders ook Mesopotamiërs had. Alle bombarie kan echter niet verhullen dat er weinig nieuws was. Het enige nieuwe is dat voor het eerst antiek Egyptisch genoom vrijwel compleet is uitgelezen. Men is dus verder dan ooit gelopen langs een al bekende weg, zeg maar een soort afstandsrecord. Zoiets is eigenlijk alleen relevant voor de laboratoriummensen, zoals het behalen van het hoogste punt van een nieuw huis alleen interessant is voor bouwvakkers.

    Daniel Soliman van het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden geeft in De Volkskrant bovendien als commentaar dat we aan één Egyptenaar niet zo veel hebben. Wat we nodig hebben, is een representatieve steekproef van de gehele bevolking. Wat we zeker niet nodig hebben, is berichtgeving waarin het enige nieuwsfeit bestaat uit een laboratorium-record. Terwijl je van wetenschap blij kunt worden, trokken de onderzoekers nu de aandacht tot geen enkel nieuw inzicht, boden ze antwoord op geen enkele vraag en riepen ze enkel een gevoel op van verveling.

    Spanje

    In Spanje tonen ze hoe het beter kan. Archeologen herkennen daar in het zuiden een IJzertijdcultuur die ze Tartessos noemen, naar een uit Griekse bronnen bekende halflegendarische stad voorbij de Zuilen van Herakles. Rond 500 v.Chr. verplaatste het Tartessische kerngebied zich van de vallei van de Guadalquivir naar het noorden, naar de Guadiana. Een van de belangrijkste opgravingen daar in het binnenland is Turuñuelo, waar onlangs een zuil is opgegraven van marmer, e dat bleek helemaal van het eiland Marmara afkomstig.

    Die pilaar is natuurlijk slechts dataverwerving en het dagdagelijkse proces van normale wetenschap vormt geen nieuws. Je kunt het echter gebruiken om de aandacht te trekken naar iets wezenlijkers, en kijk: de Spaanse media plaatsen de vondst wél in een bredere context, namelijk het groeiende bewijs voor de uitgestrektheid van de antieke handelsnetwerken. Door Griekse kooplieden vervoerde producten bereikten niet alleen de Andalusische kust, maar ook het binnenland.

    Ik ga nog een stap verder. Aangezien je dezelfde route in twee richtingen kunt afleggen, benadrukt deze conclusie de noodzaak dat we bij het analyseren van de Griekse cultuur meer dan ooit rekening moeten houden met invloeden uit Iberië.

    Vanitas vanitatum

    Tot slot: ik ben onlangs geïnterviewd in het wetenschapsprogramma van de Amsterdamse stadsomroep Salto. U kunt het hier beluisteren. Wat ik niet zag aankomen maar superleuk vind, is dat Science Guide, zeg maar de online-krant van de Nederlandse universiteiten, het oppikte. En ik zou een slechte leugenaar zijn als ik ontkende te hebben gebloosd toen ik las dat deze blog een snoepwinkel is voor Oudheidliefhebbers en misschien wel een van de mooiste in ons taalgebied. U leest het verhaal hier en als de betaalmuur te hoog blijkt, leest u het daar.

    Mijn boek over Libanon is verschenen. De opbrengst is geoormerkt voor Cordaid Libanon.

    PS: u kunt deze blog volgen via het Whatsapp-kanaal.

    Deel dit:

    #Apeldoorn #DNAOnderzoek #FaitsDivers #garum #ijzer #isotopenonderzoek #Spanje #Tartessos #Turuñuelo #vanitasVanitatum

  5. He hecho mi primerito #MDT (modelo digital del terreno) sobre las Casas del #Turuñuelo y aunque ha tenido su miga, el resultado final es decente. Ha sido muy interesante y seguro que iré haciendo más en el futuro.

    #modelado #blender 

  6. He hecho mi primerito #MDT (modelo digital del terreno) sobre las Casas del #Turuñuelo y aunque ha tenido su miga, el resultado final es decente. Ha sido muy interesante y seguro que iré haciendo más en el futuro.

    #modelado #blender 

  7. He hecho mi primerito #MDT (modelo digital del terreno) sobre las Casas del #Turuñuelo y aunque ha tenido su miga, el resultado final es decente. Ha sido muy interesante y seguro que iré haciendo más en el futuro.

    #modelado #blender