home.social

#orfiek — Public Fediverse posts

Live and recent posts from across the Fediverse tagged #orfiek, aggregated by home.social.

  1. De Thraciërs (2)

    De godin Bendis op een panter (Rogozen-schat, Archeologisch museum, Vratsa)

    [Dit is het tweede van zeven blogjes over de Thraciërs. Het eerste was hier.]

    Sociale stratificatie

    De in het vorige blogje genoemde handel en de exploitatie van goudmijnen zorgden voor rijkdom. En rijkdom schiep sociale stratificatie: koning, adel, krijgers, boeren. Het is geen toeval dat de Odrysen, die het dichtst bij het Perzische Rijk en de Griekse stadstaten woonden, in de vijfde eeuw v.Chr. als eersten een eigen koninkrijk bouwden. Zij hadden de beste mogelijkheden om handel te drijven. Later volgden ook de andere gebieden.

    Maar de maatschappelijke verschillen zijn al eerder gedocumenteerd. Toen de Perzen tegen het einde van de zesde eeuw de regio onderwierpen, was er al een archeologisch herkenbare elite die pronkte met Griekse en Perzische voorwerpen. (Ik blogde al eens over de Rogozen-schat, gevonden bij de Triballiërs in het noordwesten, waar een kruikje bij zit waarvan de decoratie lijkt te zijn geïnspireerd door de Perzische leeuw-stier-reliëfs.) Niet dat de Thraciërs zelf geen kunst maakten. In de vorstelijke residenties was emplooi voor edelsmeden. Hun producten zijn aangetroffen in tal van graftombes (tumuli in jargon) en zijn beeldschoon.

    Een opvallend detail is dat als het koningschap eenmaal is ontstaan, de vorst afstand neemt tot zijn onderdanen: hij leefde apart, in een citadel. De adel woonde er in de buurt, in het dorp woonden boeren die druiven, gerst, rogge en tarwe verbouwden; en de herders zwierven daarbuiten. Deze ruimtelijke indeling was in de oude wereld uiteraard heel gangbaar.

    Koningsmasker van goud uit Svetitsa (Archeologisch museum, Sofia)

    Godsdienst

    De Thraciërs waren grotendeels ongeletterd, maar zoals ik al schreef hebben Griekse auteurs over hen geschreven. Omdat ze een Indo-Europese taal spraken, mogen we ook de historische taalkunde in stelling brengen, en de conclusies daarvan zijn bevestigd door de archeologie.

    Het lijkt erop dat bij de Thraciërs de koning een soort middelaar is geweest tussen de goden en de mensen. Daarom had hij allerlei priesterlijke taken. Hij stamde ook af van de goden – Herodotos identificeert de koninklijke stamvader als Hermesnoot Herodotos, Historiën 5.8. – en was daarom onverslaanbaar in oorlogstijd. Dat was althans de ideologie, die we denken te herkennen in de decoratie van het edelsmeedwerk.

    Dezelfde Herodotos meldt dat de Thraciërs alleen de goden Artemis, Dionysos en Ares vereren.noot Herodotos, Historiën 5.8. Dit zijn Griekse namen. Van de twee eerste is bekend dat ze corresponderen met de natuurgodin Bendis en een (inderdaad Dionysos-achtige) zoon van de oppergod genaamd Zagreus. Ik heb niet kunnen achterhalen welke oorlogsgod schuil gaat achter Herodotos’ Ares, maar het ontbreekt niet aan Thracische reliëfs van ridders. Daarover zo meteen meer.

    Romeinse afbeelding van de Thracische Orfeus (Archeologisch museum, Stara Zagora)

    Orfiek

    Een van Zagreus’ leerlingen was Orfeus, die – net als de koning – bemiddelde tussen mensen en goden. Aan hem schreven de Thraciërs al hun wijsheid toe, die de vorm had van allerlei bezweringen, wapendansen en rituelen, waarmee de deelnemers zouden kunnen delen in de onsterfelijkheid van de goden. Een mooi voorbeeld is de man die begraven is met de cocon van een rups. Bij die rituelen zou het draaien om een cyclisch proces van leven, sterven en herleven, wat in de kunst tot uiting zou worden gebracht door herhaalde motieven (meanders, spiralen…) en ook een steeds herhaalde afwisseling van kleuren: rood voor het sterven, zwart voor het graf en wit voor de hernieuwing.

    En goud! Goud representeerde al sinds de Bronstijd de zon, de bron van alle leven. Archeologen maken – volgens mij terecht – heel veel van de associatie tussen zonneschijn en goudglans, maar ik noteer wel dat Herodotos geen zonnegod vermeldt dat alleen de hellenistische – dus: vrij late – auteur Alexandros Polyhistor beweert dat de Thraciërs Dionysos/Zagreus gelijkstelden aan de zonnegod.

    Thracische Ruiter (Letnitsa-schat, Regionaal Historisch museum, Lovech)

    De Thracische Ruiter

    Een van de opvallendste afbeeldingen uit de Thracische kunst staat bekend als de Thracische Ruiter. Er moeten er honderden zijn, misschien wel duizenden. Steeds zien we een bewapende ruiter, die nu eens op jacht is en bijvoorbeeld een everzwijn achtervolgt, dan weer een slang bij een boom aanvalt, of terugkeert van het front met het hoofd van een verslagen tegenstander in z’n bagage. Zo nu en dan draagt hij een hoorn des overvloeds, wat dan wellicht het symbool is van de onderwereld. Reliëfs als deze zijn ook bekend uit Roemenië, en daaruit kennen we de naam van de Thracische Ruiter: Ἥρως, “Heros”. Dat is overigens ook het Griekse woord voor held, dus het kan ook een titel zijn, of een als eigennaam gebruikte titel.

    In de diverse gebieden lijkt de Thracische Ruiter met diverse goden of mythologische figuren te zijn geassocieerd: de Griekse genezende godheid Asklepios, de orakelgod Apollo, Dionysos/Zagreus, en wellicht ook Ares. Die is immers (volgens Herodotos althans) belangrijk geweest, past goed bij de bewapende ruiter en is niet ergens te plaatsen. Afbeeldingen zijn er tot ver in de derde eeuw na Chr. en wellicht is er een verband met de dubbele “ruiters van de Donau” waarover ik eerder blogde.

    En misschien is de Thracische Ruiter ook wel een weergave van de oppergod. Herodotos noemt Zalmoxis, waarvan hij zegt dat die ook wel Gebeleïzis heet. Die laatste naam wordt ook anders gespeld, maar het gaat zeker om dezelfde Indo-Europese naam als die waarvan Zeus en Jupiter zijn afgeleid: de donderende hemelgod die aan het hoofd van het pantheon stond. Dat Zalmoxis in de hemel verbleef, blijkt uit (alweer) Herodotos, die vertelt dat de Geten

    om de vier jaar een man uitloten die aan Zalmoxis al hun wensen en verlangens van dat tijdstip kenbaar moet maken. Dat gaat als volgt in zijn werk: zij wijzen een aantal mannen aan die ieder drie speren vasthouden. Dan wordt door een groep anderen de persoon die de boodschap aan Zalmoxis moet overbrengen aan handen en voeten beetgepakt en in de lucht gegooid zodat hij op de speerpunten terechtkomt. Komt hij bij die val om, dan betekent dit volgens hen dat de god hun welgezind is.noot Herodotos, Historiën 4.94; vert. Hein van Dolen.

    Of dit werkelijk zo is gegaan, waag ik te betwijfelen. Het past me net iets te goed bij Herodotos’ tendens om de Thracische barbarij wat aan te dikken. Maar het bevestigt wel dat Zalmoxis in de hemel was.

    [Wordt morgen vervolgd]

    In september organiseer ik een reis Algerije en waarom die de moeite waard is leest u hier. Deze blog kunt u ook volgen via een Whatsapp-kanaal.

    Zelfde tijdvak


    De kat en haar naam

    maart 11, 2024
    “Woestijnkunst” (bij gebrek aan betere naam)

    juni 1, 2019
    Misverstand: Mensenrechten

    mei 5, 2020 Deel dit: #AlexandrosPolyhistor #Ares #Artemis #barbaren #Bendis #Dionysos #goud #grafheuvel #Hermes #HerodotosVanHalikarnassos #IndoEuropeseTalen #koningschap #LetnitsaSchat #Odrysen #Orfiek #RogozenSchat #ruitersVanDeDonau #Thracië #ThracischeRuiter #Triballiërs #Zagreus #Zalmoxis #zon
  2. Sjamanisme

    Detail van een kruikje uit de schat van Sânnicolau Mare; mogelijk een sjamaan in extase (Nationaal Museum, Boedapest)

    Je begroef graankorrels in de aarde en in het voorjaar ontstonden daaruit grote halmen. De overstromende rivier bracht de dood over de uiterwaarden, maar in het voorjaar was de vallei vruchtbaar. Je gooide dode bladeren, maaisel, schillen en ander afval op de composthoop, en na verloop van tijd werden daaruit maden en wormen geboren. Moderne biologen denken er anders over, maar het was niet onlogisch dat men in de Oudheid dacht dat nieuw leven alleen kon ontstaan uit de dood en dat de twee onlosmakelijk met elkaar samenhingen.

    Er waren feitelijk twee werelden: die van de levenden en die van de doden. Soms maakten ze contact: het is vooral mooi gedocumenteerd in de Keltische verhalen, maar alle volken hadden gedenkdagen waarin de doden even wat dichterbij waren. De Romeinen kenden bijvoorbeeld de Lemuria, waarbij ze rituelen uitvoerden om niet tot rust gekomen doden te verdrijven uit de woonhuizen. Daarnaast waren er religieus specialisten die de oversteek van de ene naar de andere wereld konden maken; onderzoekers noemen hen sjamanen.

    Een universeel verschijnsel

    Dat is een beetje een onhandig begrip. Het is in 1692 geïntroduceerd in het boek Noord en Oost Tartarye van Nicolaes Witsen: de geleerde Amsterdamse burgemeester die Peter de Grote naar Holland haalde en Cornelis de Bruijn naar Moskovië stuurde. Witsen beschrijft hoe het sjamanisme bestond in Siberië. Zo’n sjamaan werkte zich in trance, maakte zo contact met de andere wereld en kon daar antwoord krijgen op allerlei vragen: wanneer komt er een einde aan de regen? hoe kan ik genezen van mijn ziekte? kunnen de doden ons helpen bij de jacht door de dieren weg te leiden uit hun schuilplaatsen?

    Witsens sjamaan

    Aangezien opgewekte religieuze extase op veel plaatsen is gedocumenteerd, is wel geopperd dat het gaat om een vroeg, universeel stadium van religie. Het gevaar van overgeneralisering ligt echter op de loer. Er zijn naast overeenkomsten tussen de diverse rituelen immers ook verschillen, en daarom is sjamanisme, zoals gezegd, een wat onhandig begrip. Het helpt bovendien niet dat New Age-achtige stromingen zich de term hebben toegeëigend. Het is wellicht het beste het begrip te beperken tot Centraal-Eurazië en de daarvan afgeleide culturen, zoals de Yupik-cultuur in Alaska en andere culturen uit de Nieuwe Wereld. (Het precolumbiaanse sjamanisme wordt mooi uitgelegd in het Museum aan de Stroom in Antwerpen.)

    Sjamanisme is niet – of niet alleen – een vroeg religieus stadium, want het bestaat nog steeds. Misschien heeft u twee jaar geleden de Mongoolse speelfilm City of Wind gezien. Die toont niet alleen een beginnende sjamaan, die gewoon naar school moet en een vriendinnetje krijgt, maar ook diens werkwijze: met behulp van muziek en het roken van hennep raakt hij in trance. In andere culturen betrad de sjamaan de andere wereld door te vasten en te braken, of juist door een dieet van hallucinogene planten en paddenstoelen. Sjamanen van de Peruviaanse Chavin-cultuur (pakweg 900 tot 400 v.Chr.) verwondden zichzelf. Sommige mensen zijn speciaal gevoelig; de protagonist van City of Wind vertelt last te hebben gehad van epileptische aanvallen.

    Een in trance verkerende sjamaan offert zichzelf door zijn darmen uit te trekken (Museum aan de Stroom, Antwerpen)

    Sjamanen hebben weleens (net als berserkers) het gevoel te zijn veranderd in dieren. Een vogel betreedt de bovenwereld immers wat makkelijker dan u en ik, terwijl vissen wat eenvoudige kunnen duiken naar de benedenwereld.

    Skythische sjamanen

    Sjamanisme is vermoedelijk niet het eerste waaraan u denkt bij de antieke wereld, maar er zijn wel degelijk sporen. Het is bekend dat de oude Perzen sjamanistische rituelen hadden waarbij ze de roesdrank haoma dronken, gebaseerd op vliegenzwam. De Griekse onderzoeker Herodotos van Halikarnassos kent sjamanistische praktijken bij de Skythen,noot Herodotos, Historiën 4.74-75. die leefden in Oekraïne, zuidelijk Rusland en de Centraal-Aziatische gebieden waar de Perzen hun haoma vandaan haalden. De archeologen die de Pazyryk-grafheuvels opgroeven, vonden daar trommels. Hoewel de Griekse auteurs niet alles goed begrepen, en hoewel een trommel soms gewoon een muziekinstrument is, staat niet ter discussie dat we bij de Skythen en Perzen te maken hebben met sjamanisme.

    Om die reden is de Animal Style van de steppenomaden wel uitgelegd als weergave van de sjamanistische transformatie naar een dierengedaante. Het motief van de rape in the sky zou, zo bezien, weleens een opstijgende sjamaan kunnen voorstellen. Zie het plaatje helemaal bovenaan. Ik zou overigens niet meteen mijn geld inzetten op deze herinterpretatie.

    Grieks sjamanisme

    In het oude Griekenland is te wijzen op het orfisme, dat was gebaseerd op het verhaal van Orfeus, die dankzij zijn muziek contact kon maken met de wereld van de doden. Bij Homeros lezen we over de waarzegger Melampous, die op zeker moment bezeten zou zijn geweest door een geest.noot Homeros, Odyssee 15.234. Persoonlijk vind ik dit niet zo’n sterk voorbeeld, maar we lezen ook over Hermotimos van Klazomenai, over wie Plinius de Oudere vertelt dat diens

    ziel zijn lichaam placht te verlaten en rond te dolen en dan allerlei nieuwtjes, die alleen een ooggetuige kon weten, uit verre streken meebracht. Ondertussen lag zijn lichaam er levenloos bij tot zijn vijanden … het verbrandden en zijn ziel bij terugkomst als het ware van haar omhulsel beroofden.noot Plinius de Oudere, Natuurlijke Historie 7.174.

    Herodotos van Halikarnassos noemt Aristeas van Prokonessos, die ooit voor dood zou zijn neergevallen en later, toen hij weer bij zijn positieven was gekomen, zou hebben verteld dat hij zes jaar lang had gereisd. Het intrigerende is dat hij bij die reis de Issedonen zou hebben bezocht, die we voorbij de Skythen in Centraal-Azië moeten zoeken. Aristeas bezocht ook de Hyperboreërs, “zij die voorbij de noordenwind wonen”, in het dodenrijk.noot Herodotos, Historiën 4.14-15. Ook Plinius kent deze Aristeas en weet te melden dat degenen die hem voor dood hadden zien neervallen, hadden gezien dat zijn ziel in vogelgedaante was weggevlogen.noot Plinius de Oudere, Natuurlijke Historie 7.174.

    Er zijn meer voorbeelden uit de archaïsche periode, maar die laat ik wat ze zijn. Waar het op neerkomt is dat er sporen van sjamanisme lijken te zijn in de Griekse religie. Dat zal wel een erfenis uit de Proto-Indo-Europese tijd zijn, en het is een wonderlijke gedachte dat de Griekse cultuur via Centraal-Eurazië, Siberië en Alaska verbonden is met de Amerika’s. En om heel eerlijk te zijn: hoe fascinerend zo’n mogelijk contact ook is, en hoezeer we het ook moeten overwegen, we moeten oppassen voor overgeneralisatie en ik weet ook niet of het wel zo heel veel verheldert.

    Mijn boek over Libanon is verschenen. De opbrengst is geoormerkt voor Cordaid Libanon.

    PS: u kunt deze blog volgen via het Whatsapp-kanaal.

    Zelfde tijdvak


    Prokopios (slot)

    september 25, 2024
    Mohammed en de joden

    oktober 18, 2024
    Het ontstaan van de islam (1)

    december 21, 2011 Deel dit:

    #AnimalStyle #archaïschePeriode #AristeasVanProkonessos #ChavinCultuur #CityOfWind #epilepsie #haoma #HermotimosVanKlazomenai #HerodotosVanHalikarnassos #Hyperboreërs #Issedonen #Lemuria #Melampous #Mongolië #NicolaesWitsen #Oekraïne #Orfeus #Orfiek #Pazyryk #PliniusDeOudere #RapeInTheSky #Siberië #sjamanisme #Skythen #YupikCultuur