home.social

#julesprast — Public Fediverse posts

Live and recent posts from across the Fediverse tagged #julesprast, aggregated by home.social.

  1. De herberg van geborgenheid: kanttekeningen bij de Avatamsaka-commentaren van Edel Maex

    Gedurende de laatste weken van het jaar 2024 her-publiceerden we tekst en beeld van auteurs. In 2025 gaan we daar mee door. In onderstaande tekst, geplaatst op 17 februari 2013, een analyse van Jules Prast.

    In zijn commentaren op de Avatamsaka Sutra benadrukt Edel Maex de waarde van de ontmoeting van zelf en ander in naakte openheid. Dat schept ruimte voor nieuwe verbinding.

    Prachtig zoals Edel Maex in deel acht van zijn commentaren op de Avatamsaka Sutra verschillende tijdlijnen samenbrengt: het ideaal van de ‘geïndividueerde’ mens in de wetenschappelijke psychologie in de eerste helft van de twintigste eeuw en de opkomst van het boeddhisme in de tweede helft van die eeuw, in een tijd waarin individuele mensen op zoek gingen naar geluk en zelfbevestiging.

    Wat een woordenrijkdom. Wat een beeldenrijkdom. Wat een warme, doorleefde gloed van levenservaring valt je als lezer ten deel. Wat een sfeer ook van geborgenheid. In deze herberg is voor een ieder plaats.

    Mythologisch

    Ik heb die acht afleveringen vanavond nog eens herlezen. Het thema van geborgenheid loopt als een rode draad door alle acht heen evenals dat van openheid, naakte openheid zelfs, de openheid waarin alleen ‘in het voorbijgaan van het voorbijgaan’ jijzelf en de ander elkaar werkelijk kunnen ontmoeten. Zelf is ander.

    De Avatamsaka Sutra is dikker dan de Bijbel en vol wollige mythologische passages die mijzelf wel eens huiverig maken de rest voor vol aan te zien. Maar Edel Maex herinnert aan een uitspraak van Thich Nhat Hanh dat je oog moet hebben voor de poëtische intentie waarmee de hoofdstukken van deze sutra door de generaties heen zijn samengesteld. Dat helpt me dan weer op weg.

    Onwillekeurig schiet mij het beeld te binnen van Eihei Dogen’s Shobogenzo. Als je de acht afleveringen tot dusver van Edel Maex achter elkaar legt, dan ontvouwt zich een reeks leerredes die het begin zouden kunnen zijn van een soortgelijk opus magnum, een uitnodiging tot het mee-ervaren van het gedachtengoed van zen in het begin van de eenentwintigste eeuw. Misschien overdrijf ik een beetje. Ik bedoel dit echter niet badinerend, maar als een compliment, een dat de verwachting des te groter maakt naar het ‘wordt vervolgd’ waarmee ieder deel van het feuilleton eindigt.

    Interzijn

    De Avatamsaka Sutra is een product van het Chinese boeddhisme van de school van het interzijn (Huayen). Hetzelfde interzijn dat Thich Nhat Hanh heeft geïnspireerd tot zijn geëngageerde boeddhisme van tegenwoordig. Dat interzijn is al eeuwenlang een bouwsteen van zen: met één zandkorrel heb je het hele universum in je handen.

    Over interzijn las ik eerder vandaag ook Thanissaro Bhikkhu, in zijn e-boek The Shape of Suffering. A Study of Dependent Co-Arising uit 2008 (hier gratis te downloaden). Hij wijst er fijntjes op dat de Boeddha van de Pali Canon, in tegenstelling tot latere boeddhistische leraren, in het interzijn geen verbindende grond zag, maar juist een uitdrukking van het lijden, een die in een analytisch proces van grondige introspectie ontrafeld moet worden wil je als mens tot bevrijding geraken (p. 11).

    Dus toch een scheur in de muur van de herberg van de geborgenheid?

    “Hier is de plaats van hen, die zittend in meditatie zichzelf tot uitdrukking brengen, en wel op alle wegen van het bestaan.” (Avatamsaka Sutra) Het perspectief van Thanissaro Bhikkhu op wat er in die meditatie dan tot uitdrukking zou moeten komen, lijkt te verschillen van dat van Edel Maex.

    Zelf zie ik dat anders. Juist in de historische horizon die Edel Maex hanteert bij zijn eigentijdse interpretatie van de Avatamsaka Sutra zit ook de ontsnappingsroute besloten om te ontkomen aan de ogenschijnlijke tegenstelling tussen het oudere en het jongere boeddhisme.

    “History is an unending dialogue between the past and the present,” zei de Britse historicus E.H. Carr (What is History?, 1961). Net zoals het boeddhisme zich in zijn eigen wordingsgeschiedenis ‘for the better or the worse’ heeft gevormd uit verschillende stromingen, zo ligt in de schoot van heden en toekomst de uitdaging verscholen om oud en nieuw te verbinden en te verzoenen.

    Asymmetrisch

    Verandering komt niet zelden asymmetrisch, uit onverwachte hoek. Dat maakt het vaak des te moeilijker en spannender in de ander jezelf te ontmoeten. Nu speelt het zich niet af binnen je familie, maar tussen families. De globalisering zorgt zo voor haar eigen drukpunten van naakte openheid voor het boeddhistische stamverband dat zich maar al te graag in eigen kerkjes verschuilt nu de verre neven en nichten van weleer binnen gezichtsafstand komen.

    Menig boeddhistisch leraar van naam heeft publiekelijk de hoop geuit dat vereniging onder het banier van ‘One Dharma’ in het verschiet ligt. Nu de volgelingen nog.

    De geest van openheid die Edel Maex op gezag van de Avatamsaka Sutra vertolkt, zou ik graag zo opvatten: als een uitnodiging om in de onvermijdelijke pijn van de onderlinge verbroedering, in het existiële kraken en schuren van gekoesterde doctrines en heilverwachtingen, een unieke kans te ontwaren om de Dharma verder te brengen en klaar te maken voor komende generaties.

    Een nieuwe synthese van zelf en ander als wenkend perspectief voor de boeddhistische wereld? Ik zou in ieder geval graag hopen op iets meer onderlinge handreiking, met behoud van eigenheid. Er moeten mensen opstaan die een pad uitzetten van dialoog. Wellicht dat het initiatief kan komen van de zengemeenschap, van de vertegenwoordigers van een traditie die er als geen andere een track record op nahoudt zichzelf bij herhaling te kunnen ‘revolutioneren’.

    Dit is een automatisch geplaatst bericht via ActivityPub.

    #Avatamsakasoetra #EdelMaex #geborgenheid #JulesPrast #oneDharma #soetra
    #Avatamsakasoetra #EdelMaex #geborgenheid #JulesPrast #oneDharma #soetra

  2. De herberg van geborgenheid: kanttekeningen bij de Avatamsaka-commentaren van Edel Maex

    Gedurende de laatste weken van het jaar 2024 her-publiceerden we tekst en beeld van auteurs. In 2025 gaan we daar mee door. In onderstaande tekst, geplaatst op 17 februari 2013, een analyse van Jules Prast.

    In zijn commentaren op de Avatamsaka Sutra benadrukt Edel Maex de waarde van de ontmoeting van zelf en ander in naakte openheid. Dat schept ruimte voor nieuwe verbinding.

    Prachtig zoals Edel Maex in deel acht van zijn commentaren op de Avatamsaka Sutra verschillende tijdlijnen samenbrengt: het ideaal van de ‘geïndividueerde’ mens in de wetenschappelijke psychologie in de eerste helft van de twintigste eeuw en de opkomst van het boeddhisme in de tweede helft van die eeuw, in een tijd waarin individuele mensen op zoek gingen naar geluk en zelfbevestiging.

    Wat een woordenrijkdom. Wat een beeldenrijkdom. Wat een warme, doorleefde gloed van levenservaring valt je als lezer ten deel. Wat een sfeer ook van geborgenheid. In deze herberg is voor een ieder plaats.

    Mythologisch

    Ik heb die acht afleveringen vanavond nog eens herlezen. Het thema van geborgenheid loopt als een rode draad door alle acht heen evenals dat van openheid, naakte openheid zelfs, de openheid waarin alleen ‘in het voorbijgaan van het voorbijgaan’ jijzelf en de ander elkaar werkelijk kunnen ontmoeten. Zelf is ander.

    De Avatamsaka Sutra is dikker dan de Bijbel en vol wollige mythologische passages die mijzelf wel eens huiverig maken de rest voor vol aan te zien. Maar Edel Maex herinnert aan een uitspraak van Thich Nhat Hanh dat je oog moet hebben voor de poëtische intentie waarmee de hoofdstukken van deze sutra door de generaties heen zijn samengesteld. Dat helpt me dan weer op weg.

    Onwillekeurig schiet mij het beeld te binnen van Eihei Dogen’s Shobogenzo. Als je de acht afleveringen tot dusver van Edel Maex achter elkaar legt, dan ontvouwt zich een reeks leerredes die het begin zouden kunnen zijn van een soortgelijk opus magnum, een uitnodiging tot het mee-ervaren van het gedachtengoed van zen in het begin van de eenentwintigste eeuw. Misschien overdrijf ik een beetje. Ik bedoel dit echter niet badinerend, maar als een compliment, een dat de verwachting des te groter maakt naar het ‘wordt vervolgd’ waarmee ieder deel van het feuilleton eindigt.

    Interzijn

    De Avatamsaka Sutra is een product van het Chinese boeddhisme van de school van het interzijn (Huayen). Hetzelfde interzijn dat Thich Nhat Hanh heeft geïnspireerd tot zijn geëngageerde boeddhisme van tegenwoordig. Dat interzijn is al eeuwenlang een bouwsteen van zen: met één zandkorrel heb je het hele universum in je handen.

    Over interzijn las ik eerder vandaag ook Thanissaro Bhikkhu, in zijn e-boek The Shape of Suffering. A Study of Dependent Co-Arising uit 2008 (hier gratis te downloaden). Hij wijst er fijntjes op dat de Boeddha van de Pali Canon, in tegenstelling tot latere boeddhistische leraren, in het interzijn geen verbindende grond zag, maar juist een uitdrukking van het lijden, een die in een analytisch proces van grondige introspectie ontrafeld moet worden wil je als mens tot bevrijding geraken (p. 11).

    Dus toch een scheur in de muur van de herberg van de geborgenheid?

    “Hier is de plaats van hen, die zittend in meditatie zichzelf tot uitdrukking brengen, en wel op alle wegen van het bestaan.” (Avatamsaka Sutra) Het perspectief van Thanissaro Bhikkhu op wat er in die meditatie dan tot uitdrukking zou moeten komen, lijkt te verschillen van dat van Edel Maex.

    Zelf zie ik dat anders. Juist in de historische horizon die Edel Maex hanteert bij zijn eigentijdse interpretatie van de Avatamsaka Sutra zit ook de ontsnappingsroute besloten om te ontkomen aan de ogenschijnlijke tegenstelling tussen het oudere en het jongere boeddhisme.

    “History is an unending dialogue between the past and the present,” zei de Britse historicus E.H. Carr (What is History?, 1961). Net zoals het boeddhisme zich in zijn eigen wordingsgeschiedenis ‘for the better or the worse’ heeft gevormd uit verschillende stromingen, zo ligt in de schoot van heden en toekomst de uitdaging verscholen om oud en nieuw te verbinden en te verzoenen.

    Asymmetrisch

    Verandering komt niet zelden asymmetrisch, uit onverwachte hoek. Dat maakt het vaak des te moeilijker en spannender in de ander jezelf te ontmoeten. Nu speelt het zich niet af binnen je familie, maar tussen families. De globalisering zorgt zo voor haar eigen drukpunten van naakte openheid voor het boeddhistische stamverband dat zich maar al te graag in eigen kerkjes verschuilt nu de verre neven en nichten van weleer binnen gezichtsafstand komen.

    Menig boeddhistisch leraar van naam heeft publiekelijk de hoop geuit dat vereniging onder het banier van ‘One Dharma’ in het verschiet ligt. Nu de volgelingen nog.

    De geest van openheid die Edel Maex op gezag van de Avatamsaka Sutra vertolkt, zou ik graag zo opvatten: als een uitnodiging om in de onvermijdelijke pijn van de onderlinge verbroedering, in het existiële kraken en schuren van gekoesterde doctrines en heilverwachtingen, een unieke kans te ontwaren om de Dharma verder te brengen en klaar te maken voor komende generaties.

    Een nieuwe synthese van zelf en ander als wenkend perspectief voor de boeddhistische wereld? Ik zou in ieder geval graag hopen op iets meer onderlinge handreiking, met behoud van eigenheid. Er moeten mensen opstaan die een pad uitzetten van dialoog. Wellicht dat het initiatief kan komen van de zengemeenschap, van de vertegenwoordigers van een traditie die er als geen andere een track record op nahoudt zichzelf bij herhaling te kunnen ‘revolutioneren’.

    Dit is een automatisch geplaatst bericht via ActivityPub.

    #Avatamsakasoetra #EdelMaex #geborgenheid #JulesPrast #oneDharma #soetra
    #Avatamsakasoetra #EdelMaex #geborgenheid #JulesPrast #oneDharma #soetra

  3. De boeddhanatuur van Adolf Hitler

    Vandaag herpubliceren we in het BD een tekst van Jules Prast die hij in september 2013 schreef onder de naam Taigu. Dit jaar wordt herdacht dat het tachtig jaar geleden is dat de Tweede Wereldoorlog en de verschrikkingen van het nazibewind eindigden.

    De ware aard is van oorsprong rein, maar niemand heeft een ware en oprechte aard.

    Had Hitler boeddhanatuur? Het is weer eens wat anders dan de vraag van de klassieke mu-koan, of een hond boeddhanatuur heeft.

    Taitetsu Unno, auteur van het boek River of Fire, River of Water, geeft een verrassend antwoord op deze vraag. Hij voert een zenmeester op die zei dat zelfs Adolf Hitler boeddhanatuur had, zij het dat deze zich nooit had gemanifesteerd. Maar volgens Unno zou Shinran (1173-1263), de Japanse monnik die het Shinboeddhisme stichtte, het hiermee niet eens zijn geweest.

    Shinran is in de geschiedenis van het boeddhisme een interessante figuur omdat hij zo’n scherp oog had voor de beperkingen van mensen en van de condition humaine. Volgens Unno was Shinran ervan overtuigd dat hijzelf hoegenaamd geen boeddhanatuur had. “De ware aard is van oorsprong rein, maar niemand heeft een ware en oprechte aard,” schreef Shinran. Wat een verschil met zijn tijdgenoot Dogen die in zijn beroemde verhandeling Bussho (opgenomen in het verzamelwerk Shobogenzo) verklaart dat alle levende wezens ‘door en door’ boeddhanatuur zíjn.

    Moeras

    Ik zie Shinran als een ‘reality check’ voor wie in het post-Maslow tijdperk al te optimistisch meent dat je met mindfulness en meditatie jezelf aan je haren kunt optrekken uit het moeras. Mindfulness en meditatie zijn een stap op weg naar het betreden van de stroom, maar in de visie van Shinran is het vrijwel onmogelijk dat mensen zich ermee op eigen kracht kunnen losmaken van de gehechtheden en de illusies die ze binden aan deze wereld.

    Shinran ontmaskert het zekerheidsgevoel van de valse heiligheid: in dit leven geen bevrijding. Het snijdt de vluchtroute af voor mindfulness en meditatie als spiritueel escapisme. Het opent de ramen voor een besef van ‘s levens felheid, van de grilligheid waaraan wij, mensen, in ons bestaan blootstaan. Tegenover de eigen kracht waarmee mensen hun verlossing aan zichzelf proberen te voltrekken, stelt Shinran de ‘anderkracht’ van vertrouwen in de compassie van Amida Boeddha.

    Wollen deken

    Zijn wij onder de zware druk die individualisering en industrialisering mentaal op ons leggen, niet te ver doorgeschoten in onze hunkering naar heil? ‘Geluk is een gewoonte,’ kopte Trouw boven een interview met Thich Nhat Hanh toen deze vorig jaar Nederland bezocht. Je kunt de Vietnamese zenleraar en vredesactivist niet een diep inzicht in de Dharma ontzeggen, maar hij voedt in een onbedoeld effect mogelijk wel ons verlangen om het heil naar ons toe te halen, als een warme, wollen deken waaronder we alles smoren wat zou kunnen dissoneren. Shinran staat echter te allen tijde klaar om die deken weg te rukken.

    Het Shinboeddhisme van Shinran is een aftakking van het eeuwenoude Reine Land-boeddhisme. Edel Maex schreef daar in de zomer van 2012 een verhelderend artikel over in het Boeddhistisch Dagblad. Het Reine Land-boeddhisme verschilt in een aantal belangrijke opzichten van andere boeddhistische scholen, maar deelt in het gemeenschappelijke doel van ons te doen ontwaken in de realisatie van ons oorspronkelijk gelaat.


    De volledige titel van Taitetsu Unno’s boek is River of Fire, River of Water. An Introduction to the Pure Land Tradition of Shin Buddhism (1998). Klik hier voor een uitgebreid (Engels) citaat uit dit boek, waarop ik dit blogartikel baseer.
    Dit is het zevende deel in een serie ‘Bronnen van het boeddhisme’ waarin ik de Dharma op een eigentijdse manier bevraag, op zoek naar verbinding tussen traditie en de ervaring van vandaag; klik hier voor de andere delen.

     

    Dit is een automatisch geplaatst bericht via ActivityPub.

    #AdolfHitler #boeddhanatuur #JulesPrast #Maslow #mindfulness #Shinran
    #AdolfHitler #boeddhanatuur #JulesPrast #Maslow #mindfulness #Shinran