#het-loo — Public Fediverse posts
Live and recent posts from across the Fediverse tagged #het-loo, aggregated by home.social.
-
Eerlijk is eerlijk: ik was wat sceptisch over paleis #HetLoo, maar ik ben in één ochtend van zeer conservatief zeer enthousiast geworden, en toen moest het mooiste deel nog komen.
-
Eerlijk is eerlijk: ik was wat sceptisch over paleis #HetLoo, maar ik ben in één ochtend van zeer conservatief zeer enthousiast geworden, en toen moest het mooiste deel nog komen.
-
Eerlijk is eerlijk: ik was wat sceptisch over paleis #HetLoo, maar ik ben in één ochtend van zeer conservatief zeer enthousiast geworden, en toen moest het mooiste deel nog komen.
-
Eerlijk is eerlijk: ik was wat sceptisch over paleis #HetLoo, maar ik ben in één ochtend van zeer conservatief zeer enthousiast geworden, en toen moest het mooiste deel nog komen.
-
Eerlijk is eerlijk: ik was wat sceptisch over paleis #HetLoo, maar ik ben in één ochtend van zeer conservatief zeer enthousiast geworden, en toen moest het mooiste deel nog komen.
-
Paleis Het Loo
Een beschilderd bord met Paleis Het LooToen in 1979 het bestaan van een bastaardzoon van prins Hendrik bekend werd, grapten Apeldoorners dat de oud-hovelingen van paleis Het Loo er alleen in Apeldoorn al vier kenden. Apeldoorners herinnerden ook dat koningin Wilhelmina eens een soldaat had beloond voor opvallende plichtsbetrachting. En Apeldoorners wisten dat Wilhelmina, toen onduidelijk was of haar echtgenoot Hendrik was overleden, opperde een krat bier naast het sterfbed te zetten: “Als die er morgen nog staat, is ’ie dood.” Er was, toen ik in Apeldoorn woonde, nogal wat oral history over de bewoners van paleis Het Loo.
Niet alles was waar, maar het Apeldoorn waar ik opgroeide, hield van het paleis. Een speels grapje was altijd mogelijk. Een leuk gebruik was dat mensen die daar in de buurt kwamen wonen, van de buurtvereniging een bos margrieten kregen. Dat die later verpieterden, lag voor de hand.
Restauratie
Ik haal nu herinneringen op aan het Apeldoorn van bijna een halve eeuw geleden. Koningin Juliana, koningin Beatrix en koning Willem-Alexander resideerden niet in Apeldoorn, de laatste hovelingen hebben hun verhalen in hun graf meegenomen en het paleis is niet meer het statige witte gebouw waarin Wilhelmina woonde, met die prachtige Engelse tuin, dat stijlvolle antifeodale memento voor de paleisbewoners. Alles is nu anders. Het Loo is na 1977 teruggebracht naar de situatie rond 1700, toen stadhouder-koning Willem III het paleis construeerde. De muren zijn niet langer wit en de oorspronkelijke tuin is herbouwd vanaf de oorspronkelijke fundamenten.
De jeep van BernhardAls metterwoon Amsterdammer geworden oud-Apeldoorner zwolg ik in een nostalgisch verlangen naar het échte paleis, waar tenminste een échte koningin had geresideerd. De terugrestauratie vond ik kitsch. Anton Pieck, zeg maar, maar dan voor tientallen miljoenen guldens. En o ja, er was in 2023 nog een restauratie van de restauratie geweest, dus ik had geen al te hoge verwachtingen toen ik onlangs een kijkje ging nemen in Het Loo. Mijn scepsis bleek echter niet gerechtvaardigd. Totaal niet gerechtvaardigd zelfs.
Stal, tunnel, paleis
Eigenlijk bestaat het complex uit vijf delen. Het eerste is het gebouw van de koninklijke stallen, waar auto’s en rijtuigen staan opgesteld. Hier is ook het verrijdbare optrekje te zien waarin Wilhelmina verbleef als ze ergens ging schilderen, en de jeep van prins Bernhard. Ik had mijn vriendin beloofd dat ze de Glazen Koets zou zien, maar die was elders.
De toegang tot het eigenlijke paleis is door een ondergrondse ruimte, die iets heeft van een tunnel. Aan de zijkant is een wat kleine expositie over het huis van Oranje, die vooral bedoeld lijkt om buitenlandse bezoekers de achtergrondinformatie te geven die nodig is om het paleis beter te begrijpen. Dat de Oranjes niet altijd even keurig zijn geweest, is van begin af aan duidelijk, want ongeveer het eerste wat je ziet is documentatie rond de gerechtelijke moord op Oldenbarnevelt. Je verneemt ook dat koning Willem III bekendstond als “koning gorilla” en dat – dit is toch wel gênant – de troon van Willem-Alexander is bekleed met gordijnstof. Natuurlijk is het een selectie, en ik meen dat de Lockheed-affaire ontbrak, maar ik was verrast hoe zonder sycofantisme in zeer kort bestek de benodigde informatie werd verstrekt. Te meer omdat koning Lodewijk Napoleon niet ontbrak, hoewel de expositie is gewijd aan een andere dynastie.
De grote trapDeel drie: het paleis zelf. De diverse vertrekken zijn ingericht in de stijl van diverse bewoners, van de sobere slaapkamer van Willem III via een vertrek in beginnende Jugendstil van koningin Sophie en de jachttrofeeën van prins Hendrik naar het TL-licht in de zitkamer van prins Bernhard. Triest vond ik dat in de kinderkamer van Wilhelmina de poppen stonden in de kast: het meisje mocht er alleen naar kijken. Het is maar wat je een vorstenschool noemt. Het trappenhuis met schilderingen van Ottomaanse edelen is echt schitterend en terecht beroemd. Een leuk detail is in alle kamers het tapijt, dat de textuur van het onderliggende hout weergeeft, zodat de bezoekers dat niet beschadigen maar wel een indruk krijgen van hoe het parket eruitzag.
Wijsneus die ik ben kon ik niet laten praatjes te maken met de zaalwachters, en ik was diep onder de indruk van hun kennis. Iemand die gewoon even uitlegt hoe vernis wordt vervangen: het zijn niet de zaken die ik dagelijks verneem. Gelukkig was er een suppoost die het witte paleis van Wilhelmina mooier vond dan het gerestaureerde Loo, maar ik kan alleen zeggen dat het teruggerestaureerde paleis veel mooier en beter is dan ik had verwacht. Ik ben in één ochtend van uiterst conservatief uiterst enthousiast geworden. En toen moest het mooiste die middag nog komen.
De paleistuinenTuin en park
Achter het paleis liggen de tuinen, het vierde deel van het complex, en zoals gezegd opnieuw aangelegd op de oude fundamenten. De fontein was destijds letterlijk een hoogtepunt, want Willem III wilde dat die hoger spoot dan de fonteinen in Versailles. Ik zag die nu voor het eerst en ja: die is indrukwekkend. Het water werd ooit aangevoerd door de sprengen op de oostelijke flank van de Veluwe, die ook het water brachten naar de Apeldoornse papiermolens. Ik vond het opmerkelijk dat de molenaars in de zomer niet meer mochten werken, omdat het paleis alle water nodig had.
Mijn ouders namen ons vroeger altijd op zondag mee naar het park achter het paleis. Ooit graasde daar olifant Hans. Dit park is – zo leerde ik nu – voor een deel te danken aan Willem III, die belangstelling had voor bomen en planten, en aan prins Hendrik, die bossen liet planten (en er everzwijnen uitzette voor de jacht). Je liep destijds niet zo makkelijk als nu van de paleistuin-in-restauratie naar het bos: eigenlijk mocht het niet, maar mijn vader hielp ons over een hek klimmen, en de marechaussee en de boswachters deden daarover niet moeilijk. Dit deel van het paleiscomplex was mijn vader dierbaar, want hij heeft er in de Hongerwinter nog stobben mogen rooien.
De veldvijverBierkrat
Natuurlijk is er geen koe zo bont of zit er een vlekje aan. In de expositieruimte die aan de Oranje-dynastie is gewijd, is voortdurend het geluid te horen van een filmpje. Dat leidt vreselijk af, zodat bezoekers nauwelijks informatie opnemen. (De identiteit van Victor Baarn blijft dus een goed bewaard staatsgeheim.) Ikzelf realiseer me pas sinds twee jaar wat een hel museumbezoek moet zijn voor mensen met hyperacusis,noot Ik stond met iemand in de Paestum-expositie in het Rijksmuseum van Oudheden, waar we meeluisterden naar het lawaaierige intro van de expositie over Romeins Limburg in de ruimte ernaast. Er liepen mensen weg – niet alleen uit de Limburgse expositie, maar zelfs uit die over Paestum. en het stelt me sindsdien teleur dat musea, waar mensen toch professioneel nadenken over inclusiviteit, rolstoeltoegankelijkheid of een “prikkelarm” uurtje wel voldoende vinden.
En tot slot nog een persoonlijker puntje van kritiek: de nostalgicus die ik ben, miste de Apeldoornse oral history een beetje. Ik had wel willen horen of dat verhaal waar was over die bierkrat bij het sterfbed van prins Hendrik.
Deze blog kunt u ook volgen via een Whatsapp-kanaal.
Zelfde tijdvak
Hypothetische geschiedschrijving
december 29, 2023
Cornelis de Bruijn in Giza
oktober 8, 2020
Cornelis de Bruijn (4) Egypte
december 24, 2024 Deel dit: #Apeldoorn #HetLoo #inclusiviteit #KoningWillemIII #koninginSophie #KoninginWilhelmina #LodewijkNapoleon #oralHistory #prinsBernhard #prinsHendrik #StadhouderKoningWillemIII #WillemAlexander -
Paleis Het Loo
Een beschilderd bord met Paleis Het LooToen in 1979 het bestaan van een bastaardzoon van prins Hendrik bekend werd, grapten Apeldoorners dat de oud-hovelingen van paleis Het Loo er alleen in Apeldoorn al vier kenden. Apeldoorners herinnerden ook dat koningin Wilhelmina eens een soldaat had beloond voor opvallende plichtsbetrachting. En Apeldoorners wisten dat Wilhelmina, toen onduidelijk was of haar echtgenoot Hendrik was overleden, opperde een krat bier naast het sterfbed te zetten: “Als die er morgen nog staat, is ’ie dood.” Er was, toen ik in Apeldoorn woonde, nogal wat oral history over de bewoners van paleis Het Loo.
Niet alles was waar, maar het Apeldoorn waar ik opgroeide, hield van het paleis. Een speels grapje was altijd mogelijk. Een leuk gebruik was dat mensen die daar in de buurt kwamen wonen, van de buurtvereniging een bos margrieten kregen. Dat die later verpieterden, lag voor de hand.
Restauratie
Ik haal nu herinneringen op aan het Apeldoorn van bijna een halve eeuw geleden. Koningin Juliana, koningin Beatrix en koning Willem-Alexander resideerden niet in Apeldoorn, de laatste hovelingen hebben hun verhalen in hun graf meegenomen en het paleis is niet meer het statige witte gebouw waarin Wilhelmina woonde, met die prachtige Engelse tuin, dat stijlvolle antifeodale memento voor de paleisbewoners. Alles is nu anders. Het Loo is na 1977 teruggebracht naar de situatie rond 1700, toen stadhouder-koning Willem III het paleis construeerde. De muren zijn niet langer wit en de oorspronkelijke tuin is herbouwd vanaf de oorspronkelijke fundamenten.
De jeep van BernhardAls metterwoon Amsterdammer geworden oud-Apeldoorner zwolg ik in een nostalgisch verlangen naar het échte paleis, waar tenminste een échte koningin had geresideerd. De terugrestauratie vond ik kitsch. Anton Pieck, zeg maar, maar dan voor tientallen miljoenen guldens. En o ja, er was in 2023 nog een restauratie van de restauratie geweest, dus ik had geen al te hoge verwachtingen toen ik onlangs een kijkje ging nemen in Het Loo. Mijn scepsis bleek echter niet gerechtvaardigd. Totaal niet gerechtvaardigd zelfs.
Stal, tunnel, paleis
Eigenlijk bestaat het complex uit vijf delen. Het eerste is het gebouw van de koninklijke stallen, waar auto’s en rijtuigen staan opgesteld. Hier is ook het verrijdbare optrekje te zien waarin Wilhelmina verbleef als ze ergens ging schilderen, en de jeep van prins Bernhard. Ik had mijn vriendin beloofd dat ze de Glazen Koets zou zien, maar die was elders.
De toegang tot het eigenlijke paleis is door een ondergrondse ruimte, die iets heeft van een tunnel. Aan de zijkant is een wat kleine expositie over het huis van Oranje, die vooral bedoeld lijkt om buitenlandse bezoekers de achtergrondinformatie te geven die nodig is om het paleis beter te begrijpen. Dat de Oranjes niet altijd even keurig zijn geweest, is van begin af aan duidelijk, want ongeveer het eerste wat je ziet is documentatie rond de gerechtelijke moord op Oldenbarnevelt. Je verneemt ook dat koning Willem III bekendstond als “koning gorilla” en dat – dit is toch wel gênant – de troon van Willem-Alexander is bekleed met gordijnstof. Natuurlijk is het een selectie, en ik meen dat de Lockheed-affaire ontbrak, maar ik was verrast hoe zonder sycofantisme in zeer kort bestek de benodigde informatie werd verstrekt. Te meer omdat koning Lodewijk Napoleon niet ontbrak, hoewel de expositie is gewijd aan een andere dynastie.
De grote trapDeel drie: het paleis zelf. De diverse vertrekken zijn ingericht in de stijl van diverse bewoners, van de sobere slaapkamer van Willem III via een vertrek in beginnende Jugendstil van koningin Sophie en de jachttrofeeën van prins Hendrik naar het TL-licht in de zitkamer van prins Bernhard. Triest vond ik dat in de kinderkamer van Wilhelmina de poppen stonden in de kast: het meisje mocht er alleen naar kijken. Het is maar wat je een vorstenschool noemt. Het beroemde trappenhuis met schilderingen van Ottomaanse edelen is echt schitterend en terecht beroemd. Een leuk detail is in alle kamers het tapijt, dat de textuur van het onderliggende hout weergeeft, zodat de bezoekers dat niet beschadigen maar wel een indruk krijgen van hoe het parket eruitzag.
Wijsneus die ik ben kon ik niet laten praatjes te maken met de zaalwachters, en ik was diep onder de indruk van hun kennis. Iemand die gewoon even uitlegt hoe vernis wordt vervangen: het zijn niet de zaken die ik dagelijks verneem. Gelukkig was er een suppoost die het witte paleis van Wilhelmina mooier vond dan het gerestaureerde Loo, maar ik kan alleen zeggen dat het teruggerestaureerde paleis veel mooier en beter is dan ik had verwacht. Ik ben in één ochtend van uiterst conservatief uiterst enthousiast geworden. En toen moest het mooiste die middag nog komen.
De paleistuinenTuin en park
Achter het paleis liggen de tuinen, het vierde deel van het complex, en zoals gezegd opnieuw aangelegd op de oude fundamenten. De fontein was destijds letterlijk een hoogtepunt, want Willem III wilde dat die hoger spoot dan de fonteinen in Versailles. Ik zag die nu voor het eerst en ja: die is indrukwekkend. Het water werd ooit aangevoerd door de sprengen op de oostelijke flank van de Veluwe, die ook het water brachten naar de Apeldoornse papiermolens. Ik vond het opmerkelijk dat de molenaars in de zomer niet meer mochten werken, omdat het paleis alle water nodig had.
Mijn ouders namen ons vroeger altijd op zondag mee naar het park achter het paleis. Ooit graasde daar olifant Hans. Dit park is – zo leerde ik nu – voor een deel te danken aan Willem III, die belangstelling had voor bomen en planten, en aan prins Hendrik, die bossen liet planten (en er everzwijnen uitzette voor de jacht). Je liep destijds niet zo makkelijk als nu van de paleistuin-in-restauratie naar het bos: eigenlijk mocht het niet, maar mijn vader hielp ons over een hek klimmen, en de marechaussee en de boswachters deden daarover niet moeilijk. Dit deel van het paleiscomplex was mijn vader dierbaar, want hij heeft er in de Hongerwinter nog stobben mogen rooien.
De veldvijverBierkrat
Natuurlijk is er geen koe zo bont of zit er een vlekje aan. In de expositieruimte die aan de Oranje-dynastie is gewijd, is voortdurend het geluid te horen van een filmpje. Dat leidt vreselijk af, zodat bezoekers nauwelijks informatie opnemen. (De identiteit van Victor Baarn blijft dus een goed bewaard staatsgeheim.) Ikzelf realiseer me pas sinds twee paar jaar wat een hel museumbezoek moet zijn voor mensen met hyperacusis,noot Ik stond met iemand in de Paestum-expositie in het Rijksmuseum van Oudheden, waar we meeluisterden naar het lawaaierige intro van de expositie over Romeins Limburg in de ruimte ernaast. Er liepen mensen weg – niet alleen uit de Limburgse expositie, maar zelfs uit die over Paestum. en het stelt me sindsdien teleur dat musea, waar mensen toch professioneel nadenken over inclusiviteit, rolstoeltoegankelijkheid of een “prikkelarm” uurtje wel voldoende vinden.
En tot slot nog een persoonlijker puntje van kritiek: de nostalgicus die ik ben, miste de Apeldoornse oral history een beetje. Ik had wel willen horen of dat verhaal waar was over die bierkrat bij het sterfbed van prins Hendrik.
Deze blog kunt u ook volgen via een Whatsapp-kanaal.
Zelfde tijdvak
Ashura in 1704
augustus 7, 2022
Kwakgeschiedenis: pyrrhonisme
juli 12, 2016
De Europese canon (21-25)
mei 31, 2024 Deel dit: #Apeldoorn #HetLoo #inclusiviteit #KoningWillemIII #koninginSophie #KoninginWilhelmina #LodewijkNapoleon #oralHistory #prinsBernhard #prinsHendrik #StadhouderKoningWillemIII #WillemAlexander -
Paleis Het Loo
Een beschilderd bord met Paleis Het LooToen in 1979 het bestaan van een bastaardzoon van prins Hendrik bekend werd, grapten Apeldoorners dat de oud-hovelingen van paleis Het Loo er alleen in Apeldoorn al vier kenden. Apeldoorners herinnerden ook dat koningin Wilhelmina eens een soldaat had beloond voor opvallende plichtsbetrachting. En Apeldoorners wisten dat Wilhelmina, toen onduidelijk was of haar echtgenoot Hendrik was overleden, opperde een krat bier naast het sterfbed te zetten: “Als die er morgen nog staat, is ’ie dood.” Er was, toen ik in Apeldoorn woonde, nogal wat oral history over de bewoners van paleis Het Loo.
Niet alles was waar, maar het Apeldoorn waar ik opgroeide, hield van het paleis. Een speels grapje was altijd mogelijk. Een leuk gebruik was dat mensen die daar in de buurt kwamen wonen, van de buurtvereniging een bos margrieten kregen. Dat die later verpieterden, lag voor de hand.
Restauratie
Ik haal nu herinneringen op aan het Apeldoorn van bijna een halve eeuw geleden. Koningin Juliana, koningin Beatrix en koning Willem-Alexander resideerden niet in Apeldoorn, de laatste hovelingen hebben hun verhalen in hun graf meegenomen en het paleis is niet meer het statige witte gebouw waarin Wilhelmina woonde, met die prachtige Engelse tuin, dat stijlvolle antifeodale memento voor de paleisbewoners. Alles is nu anders. Het Loo is na 1977 teruggebracht naar de situatie rond 1700, toen stadhouder-koning Willem III het paleis construeerde. De muren zijn niet langer wit en de oorspronkelijke tuin is herbouwd vanaf de oorspronkelijke fundamenten.
De jeep van BernhardAls metterwoon Amsterdammer geworden oud-Apeldoorner zwolg ik in een nostalgisch verlangen naar het échte paleis, waar tenminste een échte koningin had geresideerd. De terugrestauratie vond ik kitsch. Anton Pieck, zeg maar, maar dan voor tientallen miljoenen guldens. En o ja, er was in 2023 nog een restauratie van de restauratie geweest, dus ik had geen al te hoge verwachtingen toen ik onlangs een kijkje ging nemen in Het Loo. Mijn scepsis bleek echter niet gerechtvaardigd. Totaal niet gerechtvaardigd zelfs.
Stal, tunnel, paleis
Eigenlijk bestaat het complex uit vijf delen. Het eerste is het gebouw van de koninklijke stallen, waar auto’s en rijtuigen staan opgesteld. Hier is ook het verrijdbare optrekje te zien waarin Wilhelmina verbleef als ze ergens ging schilderen, en de jeep van prins Bernhard. Ik had mijn vriendin beloofd dat ze de Glazen Koets zou zien, maar die was elders.
De toegang tot het eigenlijke paleis is door een ondergrondse ruimte, die iets heeft van een tunnel. Aan de zijkant is een wat kleine expositie over het huis van Oranje, die vooral bedoeld lijkt om buitenlandse bezoekers de achtergrondinformatie te geven die nodig is om het paleis beter te begrijpen. Dat de Oranjes niet altijd even keurig zijn geweest, is van begin af aan duidelijk, want ongeveer het eerste wat je ziet is documentatie rond de gerechtelijke moord op Oldenbarnevelt. Je verneemt ook dat koning Willem III bekendstond als “koning gorilla” en dat – dit is toch wel gênant – de troon van Willem-Alexander is bekleed met gordijnstof. Natuurlijk is het een selectie, en ik meen dat de Lockheed-affaire ontbrak, maar ik was verrast hoe zonder sycofantisme in zeer kort bestek de benodigde informatie werd verstrekt. Te meer omdat koning Lodewijk Napoleon niet ontbrak, hoewel de expositie is gewijd aan een andere dynastie.
De grote trapDeel drie: het paleis zelf. De diverse vertrekken zijn ingericht in de stijl van diverse bewoners, van de sobere slaapkamer van Willem III via een vertrek in beginnende Jugendstil van koningin Sophie en de jachttrofeeën van prins Hendrik naar het TL-licht in de zitkamer van prins Bernhard. Triest vond ik dat in de kinderkamer van Wilhelmina de poppen stonden in de kast: het meisje mocht er alleen naar kijken. Het is maar wat je een vorstenschool noemt. Het trappenhuis met schilderingen van Ottomaanse edelen is echt schitterend en terecht beroemd. Een leuk detail is in alle kamers het tapijt, dat de textuur van het onderliggende hout weergeeft, zodat de bezoekers dat niet beschadigen maar wel een indruk krijgen van hoe het parket eruitzag.
Wijsneus die ik ben kon ik niet laten praatjes te maken met de zaalwachters, en ik was diep onder de indruk van hun kennis. Iemand die gewoon even uitlegt hoe vernis wordt vervangen: het zijn niet de zaken die ik dagelijks verneem. Gelukkig was er een suppoost die het witte paleis van Wilhelmina mooier vond dan het gerestaureerde Loo, maar ik kan alleen zeggen dat het teruggerestaureerde paleis veel mooier en beter is dan ik had verwacht. Ik ben in één ochtend van uiterst conservatief uiterst enthousiast geworden. En toen moest het mooiste die middag nog komen.
De paleistuinenTuin en park
Achter het paleis liggen de tuinen, het vierde deel van het complex, en zoals gezegd opnieuw aangelegd op de oude fundamenten. De fontein was destijds letterlijk een hoogtepunt, want Willem III wilde dat die hoger spoot dan de fonteinen in Versailles. Ik zag die nu voor het eerst en ja: die is indrukwekkend. Het water werd ooit aangevoerd door de sprengen op de oostelijke flank van de Veluwe, die ook het water brachten naar de Apeldoornse papiermolens. Ik vond het opmerkelijk dat de molenaars in de zomer niet meer mochten werken, omdat het paleis alle water nodig had.
Mijn ouders namen ons vroeger altijd op zondag mee naar het park achter het paleis. Ooit graasde daar olifant Hans. Dit park is – zo leerde ik nu – voor een deel te danken aan Willem III, die belangstelling had voor bomen en planten, en aan prins Hendrik, die bossen liet planten (en er everzwijnen uitzette voor de jacht). Je liep destijds niet zo makkelijk als nu van de paleistuin-in-restauratie naar het bos: eigenlijk mocht het niet, maar mijn vader hielp ons over een hek klimmen, en de marechaussee en de boswachters deden daarover niet moeilijk. Dit deel van het paleiscomplex was mijn vader dierbaar, want hij heeft er in de Hongerwinter nog stobben mogen rooien.
De veldvijverBierkrat
Natuurlijk is er geen koe zo bont of zit er een vlekje aan. In de expositieruimte die aan de Oranje-dynastie is gewijd, is voortdurend het geluid te horen van een filmpje. Dat leidt vreselijk af, zodat bezoekers nauwelijks informatie opnemen. (De identiteit van Victor Baarn blijft dus een goed bewaard staatsgeheim.) Ikzelf realiseer me pas sinds twee paar jaar wat een hel museumbezoek moet zijn voor mensen met hyperacusis,noot Ik stond met iemand in de Paestum-expositie in het Rijksmuseum van Oudheden, waar we meeluisterden naar het lawaaierige intro van de expositie over Romeins Limburg in de ruimte ernaast. Er liepen mensen weg – niet alleen uit de Limburgse expositie, maar zelfs uit die over Paestum. en het stelt me sindsdien teleur dat musea, waar mensen toch professioneel nadenken over inclusiviteit, rolstoeltoegankelijkheid of een “prikkelarm” uurtje wel voldoende vinden.
En tot slot nog een persoonlijker puntje van kritiek: de nostalgicus die ik ben, miste de Apeldoornse oral history een beetje. Ik had wel willen horen of dat verhaal waar was over die bierkrat bij het sterfbed van prins Hendrik.
Deze blog kunt u ook volgen via een Whatsapp-kanaal.
Zelfde tijdvak
Reinerus Neuhusius (2)
juni 4, 2015
Kapitalisme
juli 16, 2011
Hermes in Amsterdam
september 21, 2016 Deel dit: #Apeldoorn #HetLoo #inclusiviteit #KoningWillemIII #koninginSophie #KoninginWilhelmina #LodewijkNapoleon #oralHistory #prinsBernhard #prinsHendrik #StadhouderKoningWillemIII #WillemAlexander -
Paleis Het Loo
Een beschilderd bord met Paleis Het LooToen in 1979 het bestaan van een bastaardzoon van prins Hendrik bekend werd, grapten Apeldoorners dat de oud-hovelingen van paleis Het Loo er alleen in Apeldoorn al vier kenden. Apeldoorners herinnerden ook dat koningin Wilhelmina eens een soldaat had beloond voor opvallende plichtsbetrachting. En Apeldoorners wisten dat Wilhelmina, toen onduidelijk was of haar echtgenoot Hendrik was overleden, opperde een krat bier naast het sterfbed te zetten: “Als die er morgen nog staat, is ’ie dood.” Er was, toen ik in Apeldoorn woonde, nogal wat oral history over de bewoners van paleis Het Loo.
Niet alles was waar, maar het Apeldoorn waar ik opgroeide, hield van het paleis. Een speels grapje was altijd mogelijk. Een leuk gebruik was dat mensen die daar in de buurt kwamen wonen, van de buurtvereniging een bos margrieten kregen. Dat die later verpieterden, lag voor de hand.
Restauratie
Ik haal nu herinneringen op aan het Apeldoorn van bijna een halve eeuw geleden. Koningin Juliana, koningin Beatrix en koning Willem-Alexander resideerden niet in Apeldoorn, de laatste hovelingen hebben hun verhalen in hun graf meegenomen en het paleis is niet meer het statige witte gebouw waarin Wilhelmina woonde, met die prachtige Engelse tuin, dat stijlvolle antifeodale memento voor de paleisbewoners. Alles is nu anders. Het Loo is na 1977 teruggebracht naar de situatie rond 1700, toen stadhouder-koning Willem III het paleis construeerde. De muren zijn niet langer wit en de oorspronkelijke tuin is herbouwd vanaf de oorspronkelijke fundamenten.
De jeep van BernhardAls metterwoon Amsterdammer geworden oud-Apeldoorner zwolg ik in een nostalgisch verlangen naar het échte paleis, waar tenminste een échte koningin had geresideerd. De terugrestauratie vond ik kitsch. Anton Pieck, zeg maar, maar dan voor tientallen miljoenen guldens. En o ja, er was in 2023 nog een restauratie van de restauratie geweest, dus ik had geen al te hoge verwachtingen toen ik onlangs een kijkje ging nemen in Het Loo. Mijn scepsis bleek echter niet gerechtvaardigd. Totaal niet gerechtvaardigd zelfs.
Stal, tunnel, paleis
Eigenlijk bestaat het complex uit vijf delen. Het eerste is het gebouw van de koninklijke stallen, waar auto’s en rijtuigen staan opgesteld. Hier is ook het verrijdbare optrekje te zien waarin Wilhelmina verbleef als ze ergens ging schilderen, en de jeep van prins Bernhard. Ik had mijn vriendin beloofd dat ze de Glazen Koets zou zien, maar die was elders.
De toegang tot het eigenlijke paleis is door een ondergrondse ruimte, die iets heeft van een tunnel. Aan de zijkant is een wat kleine expositie over het huis van Oranje, die vooral bedoeld lijkt om buitenlandse bezoekers de achtergrondinformatie te geven die nodig is om het paleis beter te begrijpen. Dat de Oranjes niet altijd even keurig zijn geweest, is van begin af aan duidelijk, want ongeveer het eerste wat je ziet is documentatie rond de gerechtelijke moord op Oldenbarnevelt. Je verneemt ook dat koning Willem III bekendstond als “koning gorilla” en dat – dit is toch wel gênant – de troon van Willem-Alexander is bekleed met gordijnstof. Natuurlijk is het een selectie, en ik meen dat de Lockheed-affaire ontbrak, maar ik was verrast hoe zonder sycofantisme in zeer kort bestek de benodigde informatie werd verstrekt. Te meer omdat koning Lodewijk Napoleon niet ontbrak, hoewel de expositie is gewijd aan een andere dynastie.
De grote trapDeel drie: het paleis zelf. De diverse vertrekken zijn ingericht in de stijl van diverse bewoners, van de sobere slaapkamer van Willem III via een vertrek in beginnende Jugendstil van koningin Sophie en de jachttrofeeën van prins Hendrik naar het TL-licht in de zitkamer van prins Bernhard. Triest vond ik dat in de kinderkamer van Wilhelmina de poppen stonden in de kast: het meisje mocht er alleen naar kijken. Het is maar wat je een vorstenschool noemt. Het beroemde trappenhuis met schilderingen van Ottomaanse edelen is echt schitterend en terecht beroemd. Een leuk detail is in alle kamers het tapijt, dat de textuur van het onderliggende hout weergeeft, zodat de bezoekers dat niet beschadigen maar wel een indruk krijgen van hoe het parket eruitzag.
Wijsneus die ik ben kon ik niet laten praatjes te maken met de zaalwachters, en ik was diep onder de indruk van hun kennis. Iemand die gewoon even uitlegt hoe vernis wordt vervangen: het zijn niet de zaken die ik dagelijks verneem. Gelukkig was er een suppoost die het witte paleis van Wilhelmina mooier vond dan het gerestaureerde Loo, maar ik kan alleen zeggen dat het teruggerestaureerde paleis veel mooier en beter is dan ik had verwacht. Ik ben in één ochtend van uiterst conservatief uiterst enthousiast geworden. En toen moest het mooiste die middag nog komen.
De paleistuinenTuin en park
Achter het paleis liggen de tuinen, het vierde deel van het complex, en zoals gezegd opnieuw aangelegd op de oude fundamenten. De fontein was destijds letterlijk een hoogtepunt, want Willem III wilde dat die hoger spoot dan de fonteinen in Versailles. Ik zag die nu voor het eerst en ja: die is indrukwekkend. Het water werd ooit aangevoerd door de sprengen op de oostelijke flank van de Veluwe, die ook het water brachten naar de Apeldoornse papiermolens. Ik vond het opmerkelijk dat de molenaars in de zomer niet meer mochten werken, omdat het paleis alle water nodig had.
Mijn ouders namen ons vroeger altijd op zondag mee naar het park achter het paleis. Ooit graasde daar olifant Hans. Dit park is – zo leerde ik nu – voor een deel te danken aan Willem III, die belangstelling had voor bomen en planten, en aan prins Hendrik, die bossen liet planten (en er everzwijnen uitzette voor de jacht). Je liep destijds niet zo makkelijk als nu van de paleistuin-in-restauratie naar het bos: eigenlijk mocht het niet, maar mijn vader hielp ons over een hek klimmen, en de marechaussee en de boswachters deden daarover niet moeilijk. Dit deel van het paleiscomplex was mijn vader dierbaar, want hij heeft er in de Hongerwinter nog stobben mogen rooien.
De veldvijverBierkrat
Natuurlijk is er geen koe zo bont of zit er een vlekje aan. In de expositieruimte die aan de Oranje-dynastie is gewijd, is voortdurend het geluid te horen van een filmpje. Dat leidt vreselijk af, zodat bezoekers nauwelijks informatie opnemen. (De identiteit van Victor Baarn blijft dus een goed bewaard staatsgeheim.) Ikzelf realiseer me pas sinds twee paar jaar wat een hel museumbezoek moet zijn voor mensen met hyperacusis,noot Ik stond met iemand in de Paestum-expositie in het Rijksmuseum van Oudheden, waar we meeluisterden naar het lawaaierige intro van de expositie over Romeins Limburg in de ruimte ernaast. Er liepen mensen weg – niet alleen uit de Limburgse expositie, maar zelfs uit die over Paestum. en het stelt me sindsdien teleur dat musea, waar mensen toch professioneel nadenken over inclusiviteit, rolstoeltoegankelijkheid of een “prikkelarm” uurtje wel voldoende vinden.
En tot slot nog een persoonlijker puntje van kritiek: de nostalgicus die ik ben, miste de Apeldoornse oral history een beetje. Ik had wel willen horen of dat verhaal waar was over die bierkrat bij het sterfbed van prins Hendrik.
Deze blog kunt u ook volgen via een Whatsapp-kanaal.
Zelfde tijdvak
Ashura in 1704
augustus 7, 2022
Kwakgeschiedenis: pyrrhonisme
juli 12, 2016
De Europese canon (21-25)
mei 31, 2024 Deel dit: #Apeldoorn #HetLoo #inclusiviteit #KoningWillemIII #koninginSophie #KoninginWilhelmina #LodewijkNapoleon #oralHistory #prinsBernhard #prinsHendrik #StadhouderKoningWillemIII #WillemAlexander -
https://www.europesays.com/be-fr/141957/ L’absence inexpliquée de l’impératrice Masako lors de la séance photo officielle au palais Het Loo #BE #BEFr #Belgique #Belgium #EmpereurNaruhito #HetLoo #Impu00e9ratriceMasako #International #WorldNews
-
https://www.europesays.com/be-fr/140623/ L’empereur Naruhito et l’impératrice Masako sont arrivés aux Pays-Bas et retrouvent le château Het Oude Loo #BE #BEFr #Belgique #Belgium #EmpereurNaruhito #HetLoo #Impu00e9ratriceMasako #VisiteD'u00c9tat
-
https://www.europesays.com/nl/186756/ Eindelijk duidelijk wat Ottomanen in Het Loo doen: ‘Politiek meesterwerk’ #BreakingNews #BreakingNews #Dutch #FeaturedNews #FeaturedNews #Headlines #HetLoo #Hoofdpunten #LatestNews #LatestNews #Nederland #Nederlanden #Nederlands #Netherlands #News #Nieuws #NL #TopStories #TopStories #Voorpaginanieuws
-
We gaven ons buurmeisje een uitje voor haar verjaardag. Vandaag vegakroketten in de balzaal en de tentoonstelling met koninklijke kleding. En kamertje verhuren in de trein. #HetLoo
-
We gaven ons buurmeisje een uitje voor haar verjaardag. Vandaag vegakroketten in de balzaal en de tentoonstelling met koninklijke kleding. En kamertje verhuren in de trein. #HetLoo
-
We gaven ons buurmeisje een uitje voor haar verjaardag. Vandaag vegakroketten in de balzaal en de tentoonstelling met koninklijke kleding. En kamertje verhuren in de trein. #HetLoo
-
We gaven ons buurmeisje een uitje voor haar verjaardag. Vandaag vegakroketten in de balzaal en de tentoonstelling met koninklijke kleding. En kamertje verhuren in de trein. #HetLoo
-
Een olifant genaamd Hans
Hans (Muséum d’histoire naturelle, Bourges)Het leukste van het bezoek aan een ‘nieuwe’ stad is een kaart maken met het plaatselijk belang, dan de boekwinkels, de tweedehands boekwinkels en de musea. Dat levert altijd verrassingen op. Zo waren wij laatst in Bourges, en wat een leuke stad is dat. In de eerste plaats natuurlijk de kathedraal die op elke kaart hoort te staan met de bovenaards mooie ramen.
Maar dan. Als je er op een dag bent dat alleen het stadspaleis van Jacques Coeur open is, en de rest dicht, dan ga je na dat bezoek naar het Muséum d’histoire naturelle. Het museum ligt op een moeilijk te vinden locatie in een buitenwijk. In eerste aanblik is het vooral educatief gericht, met een rez-de-chaussée-rondleiding door het menselijk lichaam. Op de eerste verdieping wordt de inrichting van het museum leuker met paleontologie, mineralogie, met verwijzing naar de negentiende-eeuwer Georges Cuvier, en de twintigste-eeuwer Gabriel Fouchier, die een dubbelfunctie had als én ‘monseigneur’, religieuze functionaris, in Bourges, én wetenschappelijk directeur van het museum. Deze functies beten elkaar niet in zijn persoon. Integendeel, zijn persoonlijke collecties kwamen in het museum terecht en hij had een belangrijke rol in het uitbreiden van de collectie. Hij werd tenslotte in dankbaarheid ook naamgever van het museum.
Hans en Parkie
Ga je dan vanaf de tweede verdieping van het hoofdgebouw naar de annexe, dan is daar op de de rez-de-chaussée de afdeling opgezette dieren. Het meest opvallende dier is een grote zwarte opgezette olifant, en dat blijkt Hans te zijn. Het verhaal van Hans is fascinerend.
Een medewerker van het museum, Philippe Candegabe, heeft er een geweldig boek van gemaakt, L’incroyable histoire de l’éléphant Hans (2016). Hans is gestorven in 1802 en had toen een veelbewogen leven achter zich. Hij was als babyolifant, samen met een vrouwelijk exemplaar, Parkie, in 1786 gevangen op Ceylon, en per schip naar Nederland vervoerd als cadeau voor stadhouder Willem V. Willem had een privé-menagerie bij Het Loo in Apeldoorn, waar Hans en Parkie tenslotte terecht kwamen. Zo’n menagerie was deels prestige, deels wetenschap, maar vooral ook vermaak. In het kader wetenschap was de anatoom Petrus Camper de grote man, en er zijn nog een paar prachtige tekeningen van Hans van de hand van Camper, die nu nog zijn te vinden in de collectie van het Rijksmuseum. Een daarvan siert de omslag van het boek van Candegabe.
Roof
Candegabe beschrijft de contemporaine Ceylonese omstandigheden en de politieke omstandigheden van Willem, en tenslotte de persoonlijke omstandigheden van Hans en Parkie, met veel oog voor detail. De rust van Hans en Parkie wordt in 1794 verstoord als het wetenschappelijk roofteam uit Parijs uit naam van overwinnaars in de Eerste Coalitieoorlog de openbare collecties in de Nederlanden komt plunderen en de buit naar Parijs versleept. Het bekendste voorbeeld is de mosasaurus uit Maastricht.
Men komt echter ook in Apeldoorn om Hans en Parkie af te voeren, en dat levert een aantal treurige en hilarische scenes op. Hans en Parkie willen niet afzonderlijk vervoerd worden. Er wordt geprobeerd om Hans te verdoven met een teil wijn, en dat levert wat onduidelijk resultaat op. Tenslotte komen beide olifanten in Parijs en bleven daar samen nog een aantal jaren, bestudeerd door tekenaars, wetenschappers als Cuvier, en vooral door veel nieuwsgierig publiek.
Als ze in een periode wat somber overkomen wordt er ook een concert voor de olifanten georganiseerd, en de reactie op de verschillende muziek wordt onderzocht. Het lijkt alsof vooral Parkie er van geniet.
Hoe zet ik een olifant op?
Als Hans na een korte ziekte in 1802 overlijdt is Parkie ontroostbaar en huilt. Toch zal zij (‘le veuvage de Parkie’) pas vijftien jaar later overlijden, en dan na haar dood hetzelfde lot als Hans ondergaan, dissectie door Cuvier en nauwkeurige verslaglegging met ook tekeningen van dit proces door deskundige tekenaars. Er werd besloten om Hans op te zetten en dat was een procedure waar nog niet veel ervaring mee was als het om een zo’n groot dier ging. Aan het opzetten werd veel zorg besteed om het resultaat er zo natuurlijk mogelijk uit te laten zien, en na twee jaar was het klaar. Hans en Parkie worden tenslotte, opgezet, weer verenigd in het Cabinet van het Jardin des plantes waar ze in een opstelling met een aantal andere grote dieren decennia blijven staan.
In 1931 viel de beslissing dat de opstelling van de afdeling zoölogie van het nationaal museum vernieuwd moest worden. De onderdelen van de opstelling werden aan de verschillende kleinere Franse musea aangeboden. Gabriel Foucher is er snel bij en meldt zich voor Hans. Zo belandt Hans in 1932 in Bourges, maar door de verplaatsingen eerder, en de verplaatsingen die nog zullen volgen in Bourges, gaat Hans’ conditie achteruit, zodat in 1989 een uitgebreide restauratie noodzakelijk is. In de jaren negentig besloot men herkomstonderzoek te doen van Hans, wat resulteerde in het fascinerende verslag van Candegabe.
In 2028 zal Bourges culturele hoofdstad van Europa zijn en daar wordt nu al hard aan gewerkt. Het is de moeite waard om ook Hans te bezoeken.
[Een gastbijdrage van Dirk Herderschee. Dank je wel Dirk!]
Deze blog kunt u ook volgen via een Whatsapp-kanaal.
Zelfde tijdvak
De familie As-Sadr
augustus 23, 2023
Perzen, Grieken en pseudohistorici (4)
mei 12, 2021
Positivisme
november 12, 2018 Deel dit: #Apeldoorn #Bourges #Coalitieoorlogen #HetLoo #mosasaurus #olifant #PetrusCamper #PhilippeCandegabe #StadhouderWillemV -
Koningin Wilhelmina
Koningin WilhelminaHet volgende verhaal speelt eind 1945 (misschien begin 1946), en ik vertel het na zoals het mij is verteld door de conciërge van mijn middelbare school, die het op zijn beurt had van zijn vader, die het weer had gehoord van iemand die erbij was betrokken. Waarschijnlijk kloppen niet alle details: ik zal zo meteen een punt noemen dat ik niet geloofwaardig vind. Het is echter een goed verhaal om de laatste dag van augustus niet onopgemerkt te laten voorbijgaan.
Nederland was bevrijd maar de situatie was nog lang niet normaal. Het eten en benzine waren nog op de bon en ’s Rijks Munt had nog geen eigen munten kunnen slaan. We hadden echter weer een eigen regering en koningin Wilhelmina was terug in eigen land. Ze had haar intrek genomen in paleis Het Loo, een plaats waar ze erg van schijnt te hebben gehouden. De grasvelden voor het paleis had ze laten inzaaien met graan, want het was ieders taak, ook die van de regerende vorstin, om ervoor te zorgen dat er voldoende te eten zou zijn. (Dit detail heb ik kunnen verifiëren.)
De koningin was net vijfenzestig geworden – 31 augustus was haar verjaardag – en was nog vitaal genoeg om te gaan wandelen, het liefst alleen. Dat kon makkelijk, want achter Het Loo liggen uitgestrekte bossen. Wilhelmina verliet dus het paleis, maakte een boswandeling en kwam terug toen het al donker was.
Bij de paleisdeur was inmiddels echter de nachtwacht opgesteld, die om een of andere reden niet wist dat de koningin nog buiten was. Hij stond dus wat verbaasd toen een oudere dame kwam aanlopen en zei dat ze naar binnen wilde. Hij informeerde naar haar papieren, maar de vrouw zei dat ze er doorgaans van uitging dat haar onderdanen hun koningin kenden. De soldaat herkende haar echter niet. De vrouw leek immers niet op de vrouw die stond afgebeeld op de vooroorlogse munten.
Nu ik dit schrijf, schiet me te binnen dat het wel raar is dat die soldaat blijkbaar nooit een krant had gelezen. Van de andere kant: men werd in 1945 minder met beelden gebombardeerd dan wij in 2013, er bestond nog geen beeldcultuur zoals wij die hebben, dus wie weet is het inderdaad mogelijk dat iemand de koningin niet herkende.
Hoe dit ook zij, de koningin kon niet bewijzen wie ze was en de soldaat weigerde haar binnen te laten. Gelukkig bedacht Wilhelmina dat ze in haar tas haar trouwboekje bij zich had. (Nog zo’n vreemd detail. Hadden mensen destijds een trouwboekje bij zich?) De soldaat las daarin dat de vrouw was getrouwd met prins Hendrik, begreep dat de dame voor hem inderdaad de koningin was, putte zich uit in verontschuldigingen en zal onhandig hebben gesalueerd terwijl hij de deur opende.
Zal hij die nacht nog geslapen hebben? Onze conciërge vertelde het niet. Wat hij wel vertelde was dat de soldaat de volgende dag bij zijn commandant werd geroepen. De hele hofhouding – en hiertoe behoorde de vader van onze conciërge – was op de hoogte van het voorval. Wat de hofhouding niet wist omdat de commandant het persoonlijk aan de soldaat moest vertellen, was dat deze met onmiddellijke ingang was gepromoveerd wegens uitzonderlijke plichtsbetrachting.
Deze blog kunt u ook volgen via een Whatsapp-kanaal.
Zelfde tijdvak
De schat van Eberswalde
januari 7, 2023
Een plakboek met archeologieplaatjes
april 13, 2026
Oorlog in Nijmegen (9)
februari 7, 2020 Deel dit: #Apeldoorn #HetLoo #KoninginWilhelmina