home.social

#ramses-ii — Public Fediverse posts

Live and recent posts from across the Fediverse tagged #ramses-ii, aggregated by home.social.

fetched live
  1. Wat heet mooi? Sculptuur

    Cycladenidool (Museum für Kunst und Gerwerbe, Hamburg)

    Een tijdje geleden nodigde ik u uit om te noemen wat u mooi vond. Dat had ik in 2015 al eens eerder gedaan, toen dit nog een kleiner blogje was, en ik was wel enigszins voorbereid op een respons die overeenkwam met de groei van de blog, maar de hoeveelheid schoonheid die u me toestuurde, was nogal overweldigend. Ik heb al geblogd over de mooie teksten waarmee u anderen bevoordeelde en over de mooie architectuur die we niet mogen vergeten. Vandaag een duik in de musea: welke sculptuur is een omweg waard?

    Prehistorie

    Die lijst kan alleen beginnen met een voorwerpje dat weliswaar veel te vroeg is maar ook behoort tot mijn favorieten: de Dame van Brassempouy in het museum in Saint-Germain-en-Laye (bij Parijs). Het is vijfentwintig millennia oud en gewoon prachtig. De volgende objecten uit de lijst zijn een stuk jonger: twee mensen noemden de beeldjes (“idolen”) die in het derde millennium v.Chr. zijn gemaakt op de Cycladen. Elk museum bezit wel een Cycladenidool, maar het grootste overzicht is het weinig bezochte Museum voor Cycladische Kunst in Athene.

    Amenemhet III (Louvre, Parijs)

    Egypte en het Nabije Oosten

    De Cycladenidolen vertegenwoordigen een vroege fase van Griekse kunst, in tijd gelijk met de vroegste kunst uit de Levant en Egypte. U noemde de Dame van Uruk, waarvoor een bezoek aan het helemaal niet zo onbereikbare Bagdad is vereist, en ook het groengeelzwarte stenen vaatwerk uit Jiroft, te zien in allerlei musea in het langzamerhand onbereikbare Iran. Een stuk makkelijker te bereizen is Parijs, waar in het Louvre de stèle staat van Koning Slang. Ook die dateert van rond 3000 v.Chr. Ik vind het zelf altijd weer opvallend dat de Dame van Uruk, Koning Slang en de bewoners van Jiroft tijdgenoten waren van onze hunebedbouwers.

    Iemand noemde het hiërogliefenschrift (“in het algemeen, niet per se een bepaalde tekst”) als iets dat een eigen schoonheid bezat. Ik plaats het bij de sculptuur, al had het ook bij schilderkunst geplaatst kunnen zijn. Ook genoemd: het portret van Amenemhet III in het Louvre, het Kanaänitische reliëf van een leeuw en een hond in het Israël Museum in Jeruzalem, een reliëf van Ramses II in Beiroet en het standbeeld van de Nubische koning Senkamanisken dat te zien was op de Nubië-expositie in Assen. Het staat normaalgesproken in een museum in Boston.

    Griekenland

    Die Kanaänitische stèle is ongeveer even oud als de gehoornde minoïsche godheid die iemand noemde. Ik vermoed dat het gaat om een beeld uit het Cyprusmuseum in Nicosia. Verder de enorme collectie kouroi en korai, de statische beelden van naakte mannen en geklede dames, uit het Nationaal Archeologisch Museum in Athene. Dichterbij huis is de Dame van Auxerre, een korè die in – u raadt het al – Auxerre is gevonden en nu is te zien in het Louvre. Speciale melding was er voor de “Peplos-korè” en de “Kritios-jongen” in het Atheense Akropolismuseum.

    De jongeling van Motya

    Iemand noemde niet de gouden kroon maar de bronsjes uit de “schat van Hera”, waarvoor u op reis zult moeten naar het museum van Capocolonna, in de teen van Italië. Niet ver daar vandaan zijn de bronzen Krijgers van Riace in het museum van Reggio di Calabria (“het hele museum staat overigens vol met prachtige dingen”) en als u toch in de buurt van Sicilië bent, kunt u daarheen oversteken en op het westelijkste puntje in het museum van Motya het beeld bekijken van de Jongeling van Motya.

    Vermoedelijk stelt dat beeld een wagenmenner voor, want het lijkt wel op de Wagenmenner van Delfi, die u kent uit het plaatselijke museum. Twee mensen noemden het reliëf van de “peinzende Athena” in het Akropolismuseum, iemand noemde de bronzen Athena in het museum in Peiraieus en iemand anders attendeerde op de Hermes in het museum in Olympia.

    Athena (Museum van Peiraieus)

    In de Glyptothek in München is de grafstèle van Mnesarete, “dochter van Sokrates”. Uit dezelfde tijd, namelijk de vierde eeuw v.Chr., stamt een beroemd beeld van Artemis met een hinde, waarvan diverse Romeinse kopieën bestaan, zoals de “Diana van Versailles” in het Louvre. Ook genoemd: het beeld van Hypnos in het Kunsthistorisches Museum in Wenen.

    Tot slot: iemand noemde “Bacchus, Dionysos, Pan, Silenos, Priapos, satyrs en zelfs de thyrsus. Kortom alle onbetamelijke liederlijkheden, smeerlapperij, geiligheden en mateloos gezuip”. Over een wonderlijk voorbeeld uit Dresden blogde ik hier.

    De Dame van Elche

    Hellenisme

    Ik denk weleens dat we het hellenisme zouden moeten aanduiden als “internationale stijl” omdat echt alles door elkaar heen gaat lopen. De Dame van Elche vertoont bijvoorbeeld Iberische, Griekse en Etruskische invloeden. Deze wonderlijke urn is te zien in het museum in Madrid. Andere beelden zijn dan weer heel Grieks in stijl, zoals de Apollo van de Belvedere in de Vaticaanse Musea. En waar die heel strak, bijna sereen is, is de even oude Alexandersarcofaag (in de archeologische musea van Istanbul) een barok feest.

    U noemde de “Knöchelspielerin” in het Altes Museum in Berlijn, die heel Grieks is, net als het beeld van de muze Polyhymnia in de Centrale Montemartini in Rome. In beide gevallen gaat het overigens om Romeinse kopieën van hellenistische originelen. Het internationale karakter van deze periode komt weer tot uiting in het beeld van de Stervende Galliër in de Capitolijnse Musea en het prachtige portret van – vermoedelijk – de Baktrische koning Euthydemos I (in de Torlonia-collectie).

    Ruiter van Artemision (Nationaal Archeologisch Museum. Athene)

    Ook genoemd: de energieke Ruiter van Artemision in het Nationaal Archeologisch Museum in Athene en het ontroerende Meisje van Beroia in de Antikensammlung in München. In de Capitolijnse Musea in Rome zijn ook nog de zogenaamde Brutus, het beeld van Amor en Psyche, de Doornuittrekker en de Esquilijnse Venus te zien. Eén van de kenmerken van de sculptuur van het hellenisme is dat ze extremen opzoekt: soms superklein, soms juist supergroot. Deze sectie kan niet anders dan eindigen dan met de reusachtige beelden op de Nemrud Daği.

    Rome

    “Romeinse portretbustes zijn vaak prachtig”, schreef iemand, “bijvoorbeeld die van Julius Caesar”. En iedereen viel hem bij, met de portretbuste van Agrippa in het Kunsthistorisches Museum in Wenen,noot  Hierover heb ik niets kunnen vinden. de portretbuste van Caligula in de Ny Carlsberg Glyptotek in Kopenhagen, de portretbuste van een oudere Romein in de Zwinger in Dresden, het ruiterstandbeeld van Marcus Aurelius en de buste van Commodus (allebei in de Capitolijnse Musea) en portretbustes van gewone (nou ja, rijke) Romeinen, bijvoorbeeld in Trier of het Altes Museum in Berlijn.

    Caligula (Ny Carlsberg Glyptotek, Kopenhagen)

    Als we het in een volgend blogje hebben over schilderkunst, komen ook de mummieportretten langs. Maar niet alles is portretkunst. Iemand noemde

    een torso in het museum van Vaison-la-Romaine, waaraan letterlijk handen en voeten (en ook het hoofd) ontbreken. In Pentelisch marmer uitgevoerd, begin tweede eeuw na Chr. gemaakt en waarschijnlijk Hadrianus’ liefje (maar voor wie dat fijner vindt klinken: gunsteling) Antinoüs voorstellend. Alles wijst erop dat dit één van de vele uit de Oudheid overgeleverde beelden van deze zo tragisch omgekomen jongeling is, maar helaas: het valt niet onomstotelijk te bewijzen.

    Ook de inscripties in klassieke Romeinse letters werden genoemd, “vanwege het lettertype”. (Ik reken het ook maar even tot de sculptuur, zoals ook de hiërogliefen hierboven.) Dichter bij huis attendeerde iemand op de wijdingen aan Nehalennia in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden. Ik was blij dat iemand de Bokser van het Quirinaal noemde, die staat opgesteld in een bijvertrek van het Nationaal Museum in Rome. Eigenlijk is ook dat een portret, of althans een karakterstudie. En gek genoeg is dat ook waar voor het laatste beeld: de Tetrarchen op het San Marcoplein Venetië. Vier identieke koppen, die alle vier het onverzettelijke karakter uitdrukken waarmee de machthebbers rond 300 na Chr. zich presenteerden.

    Wonderlijk genoeg noemde niemand iets uit het British Museum, waar toch best aardige sculptuur is te zien.

    #Alexandersarcofaag #AmenemhetIII #Antinoüs #Athena #BokserVanHetQuirinaal #Commodus #Cycladenidool #DameVanAuxerre #DameVanBrassempouy #DameVanElche #Doornuittrekker #EsquilijnseVenus #EuthydemosI #Hermes #Jiroft #jongelingVanMotya #kouros #krijgersVanRiace #KritiosJongen #MarcusAurelius #NemrudDaği #Polyhymnia #RamsesII #schoonheid #sculptuur #Senkamanisken #StervendeGalliër
  2. Arqueólogos egípcios descobriram uma vizinhança militar quase intacta, incluindo o enterro cerimonial de um cavalo de guerra, em uma fortaleza do reinado de Ramsés II, no delta do Nilo. O local, conhecido como Tell el-Abqain, era utilizado para proteger a fronteira ocidental do Egito.

    🔗 omniletters.com/tumulo-cavalo-

    #arqueologia #egito #ramsesii #cavalo #descoberta

  3. Wat heet mooi? Architectuur

    Skara Brae, Orkney

    Een tijdje geleden vroeg ik u te noemen wat u mooi vond uit de Oudheid en omdat de respons me overweldigde, heb ik tot nu toe alleen nog maar over mooie teksten geschreven. Vandaag neem ik u mee langs voorbeelden van architectuur waarop de lezers van deze blog elkaar attenderen. Er zitten verrassende keuzes bij.

    Prehistorie

    Eén zo’n verrassing was dat vier monumenten uit de Atlantische Prehistorie werden genoemd. Om te beginnen de megalieten van Carnac, weliswaar “strikt genomen geen Oudheid” maar wel zo’n plek waar iemands liefde voor de oude wereld kan ontluiken. Even oud als het spijkerschrift en onze hunebedden zijn de megalieten van Callanish op de Hebriden en de grafheuvel van Newgrange. Skara Brae op de Orkney-eilanden is wat jonger en werd tweemaal genoemd. Dit kleine dorp is opgegraven door niemand minder dan Gordon Childe.

    Egypte en het Nabije Oosten

    Skara Brae was bewoond in de tijd waarin de Egyptenaren leerden hoe ze piramides moesten bouwen. Iemand noemde het complex van Giza “veel mooier en vooral ontzagwekkender in het echt dan je je kunt voorstellen”. Ook genoemd werd de Kapel van Hetep-hr-achty in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden, die dateert van ongeveer 2200 v.Chr. De Witte Kapel van koning Senusret I, het oudste gebouw dat we kennen uit Karnak, is ruim twee eeuwen jonger. Het Karnakcomplex zelf werd ook genoemd.

    Karnak

    Verder werd het Graf van Nacht bij Thebe genoemd, dus niet ver van Karnak, en het praalgraf van Nefertari, de echtgenote van koning Ramses II. Uit dezelfde tijd dateren de tempels van Abu Simbel, terwijl het complex van Philae eeuwen jonger is.

    Uit het Nabije Oosten werden alleen Persepolis en Naqš-e Rustam, genoemd: de residentie van de Perzische koningen en vier van hun grafmonumenten. Irak lijdt natuurlijk nogal onder het feit dat het de onverdiende reputatie heeft onbereisbaar te zijn, terwijl het enige museum met echt opvallende architectonisch resten uit Mesopotamië, het Pergamonmuseum, voor de voorzienbare eeuwigheid is gesloten. (Het verbaasde me dat niemand Hattusa noemde.)

    Griekenland

    We gaan naar Griekenland. Het Minoïsche paleis Kato Zakros op het oostelijke puntje van Kreta werd genoemd (“inclusief de vallei der doden erachter”) en de indrukwekkende muren van Tiryns documenteren de Bronstijd.

    Tiryns

    Uit de archaïsche tijd werden de tempels van Paestum en de tempels van Agrigento genoemd – de laatste driemaal. Ik had Delfi verwacht, maar u noemde het niet. “Overstelpend indrukwekkend was de eerste aanblik van de Akropolis”, schrijft iemand, en een ander noemt “met name de entree” van de Atheense Akropolis. Een derde noemt speciaal het Erechtheion en een vierde is onder de indruk van het Parthenon, en haalt een mooie herinnering op:

    Voor het eerst op 8mm film gezien (rond 1967), terwijl mijn eerste vriendinnetje er met haar zusje onder de strakblauwe hemel tussen de zuilen speelde. Haar vader (beeldhouwer van beroep) liet deze film zien op onze lagere school, en ik besloot dat de Oudheid mijn studiegebied zou worden, ook al moest er een half jaar farmaciestudie aan te pas komen voordat die keuze definitief werd. Toen ik de tempel voor het eerst ‘live’ zag (in 1974) maakte zich een grote ontroering van mij meester.

    Ook genoemd: de resten van de school van Aristoteles tussen Vergina en Naoussa (“dichter bij de Griekse Oudheid geraakte ik niet”) en natuurlijk ook de hellenistische stad Petra.

    Rome

    Een bezoek aan Rome is incompleet zonder fietstocht langs de Via Appia, en gelukkig werd die genoemd. Meer republikeinse architectuur noemde u niet, maar wel het grafveld van Cerveteri, dat tussen de zesde en tweede eeuw in gebruik is geweest. We gaan snel verder naar de augusteïsche monumenten. Twee mensen noemden het theater van Orange, iemand noemde de brug van Mérida (“zooooo lang”) en iemand anders noemde de brug bij Rimini.

    Mérida

    Het Gouden Huis van keizer Nero kreeg als commentaar dat het “na de enige gebruiker definitief buiten gebruik werd gesteld”. Dezelfde tijd is gedocumenteerd in de verwoeste stad Herculaneum. Iemand noemde speciaal

    een houten trap in Herculaneum, in een simpel burgerhuis. De onderste treden waren nog vrijwel intact, en met elke hogere trede werd het donkerder en meer beschadigd, tot na een trede of acht de trap ophield te bestaan.

    Mij ontroeren dit soort details ook altijd, en ik begrijp helemaal waarom iemand “twee keldermuren van een Romeinse stadswoning in Tongeren” noemt. De Pont du Gard bij Nîmes werd genoemd, net als de Romeinse resten bij Arles en het aquaduct van Segovia (“zooooo hoog”). Xanten geeft een “goede indruk van de opbouw van een Romeinse stad”. Aan de andere kant van het Romeinse Rijk: Palmyra.

    Rome, een vrijwel leeg Pantheon

    En dan zijn er de resten uit de tijd van keizer Hadrianus, zoals de Muur van Hadrianus, de Romeinse weg van 124-125 en de haven van Voorburg, de Villa van Hadrianus in Tivoli. Iemand noemde het Pantheon in Rome, en iemand anders noemde het Pantheon in Rome, en weer iemand anders noemde het Pantheon in Rome (“omdat de koepel zo overweldigend perfect is”) en ook was er iemand die het Pantheon in Rome noemde, waar je weliswaar de toeristenmassa weg moet denken. “Maar dat is bij dit gebouw, waar je blik onmiddellijk naar het ‘oog’ in het plafond wordt gedwongen, niet zo heel moeilijk.”

    Iemand noemde de tombes van Hierapolis (Pamukkale) en even verderop de stad Afrodisias. Voor mij nieuw waren de catacomben in Pécs, Hongarije, “met een reconstructie van een Romeins graf”.

    Kerk van de Heilige Wijsheid, Istanbul

    Late Oudheid

    Vier mensen noemden de Hagia Sofia in Istanbul.

    Ik legde als negentienjarige sufferd alleen op treinreis het advies van een Iers-Mexicaans-Amerikaans docentenechtpaar naast me neer en bezocht eerste de aanpalende Blauwe Moskee. Tijdens feestje met Turkse studenten kreeg ik allervriendelijkst op m’n falie. Ergo: ik volg gewoon de adviezen en tips op van mensen die wel kijk op kunst en cultuur hebben, en het kwam toch nog goed.

    Tot slot noemde iemand het Clonmacnoise-klooster in Ierland, dat even oud is als de Hagia Sofia, en daarmee keren we terug waar we begonnen: in het verre westen, aan de Atlantische Oceaan.

    #AbuSimbel #Afrodisias #Agrigento #Akropolis #architectuur #Aristoteles #Athene #Clonmacnoise #Erechtheion #Giza #GordonChilde #GoudenHuis #HagiaSofia #Herculaneum #HierapolisPamukkale #Istanbul #Karnak #KatoZakros #Mérida #MuurVanHadrianus #NaqšERustam #Nîmes #Nefertari #Paestum #Palmyra #Pantheon #Pécs #Persepolis #Petra #Philae #PontDuGard #RamsesII #Rimini #schoonheid #Segovia #SenusretI #SkaraBrae #ThebeEgypte #Tiryns #Tivoli #Tongeren #ViaAppia #Voorburg #Xanten
  4. europesays.com/afrique/194879/ En Égypte, un linteau de Ramsès II relance la piste d’une cité disparue depuis plus de 3000 ans sur la route d’Horus #Archéologieégyptienne #Égypte #RamsèsII

  5. #datocurioso

    ¿Sabían que Ramsés II es el único faraón del antiguo Egipto que posee un pasaporte oficial emitido por el gobierno moderno de su país, el cual fue tramitado más de tres mil años después de su muerte?

    En 1974, un grupo de científicos egipcios detectó que la momia del faraón estaba sufriendo un acelerado proceso de deterioro causado por la proliferación de hongos. Para salvar los restos, se determinó que era necesario trasladarlos a París con el fin de someterlos a un tratamiento de radiación gamma. Sin embargo, las leyes francesas exigían que cualquier individuo, vivo o muerto, contara con documentos de identidad vigentes para ingresar legalmente al territorio nacional.

    Ante esta situación burocrática, las autoridades de Egipto emitieron un pasaporte real para la momia, el cual incluía su fotografía y los datos legales correspondientes. En el apartado dedicado a la ocupación o profesión del titular, los funcionarios escribieron la descripción: "Rey (fallecido)".

    El viaje se concretó en 1976 y, al aterrizar en el aeropuerto de Le Bourget, los restos de Ramsés II fueron recibidos con todos los honores militares que dicta el protocolo para la llegada de un jefe de Estado. Tras completar los procedimientos de conservación, la momia regresó al Museo Egipcio de El Cairo, donde permanece hasta hoy como el único soberano de la antigüedad que cruzó fronteras aéreas internacionales bajo el amparo de un documento de viaje oficial.

    Alt text via @altbot y @TeLoDescribot

    #RamsésII #Egipto #Historia #Arqueología

  6. Ramses II in Tyrus

    Ramses II op een reliëf uit Tyrus (Nationaal Museum, Beiroet)

    Tot de vele bijzondere voorwerpen in het Libanese Nationaal Museum in Beiroet behoort ook het bovenstaande reliëf. Het is niet bekend hoe het precies is gevonden, behalve dat het is gebeurd in de zuidelijke havenstad Tyrus. Dat moet in de jaren zestig of de vroeg jaren zeventig zijn geweest.

    Ramses II, jaar 4

    De voorstelling is echter duidelijk, al was het maar omdat ze zo traditioneel is: we zien rechts de Egyptische koning Ramses II, die op het punt staat enkele verslagen tegenstanders de kop in te slaan ter ere van de god Ra-Horakhty, die een lange scepter en een soort zwaard in handen heeft. Helemaal bovenaan is de zonnegod Ra te zien. Soortgelijke afbeeldingen werden al vijftien eeuwen eerder gemaakt en zouden veertien eeuwen later nog steeds worden gemaakt (zij het met de Romeinse keizer), en daaruit volgt dat we de verslagen tegenstanders niet zonder meer kunnen identificeren met een concrete vijand. Het zijn “de” vijanden van Egypte in het algemeen. Ook de stereotype tekst, vol goddelijke en koninklijke titels, verwijst niet naar een specifieke tegenstander.

    Niettemin: de namen van Ramses zijn leesbaar en uit zijn titels valt af te leiden dat de stèle is opgericht tussen zijn tweede en twintigste regeringsjaar. Dat is de periode waarin hij met de Hittieten streed om de heerschappij over de stadskoningen van Syrië. In de eerste helft van die periode bezocht Ramses de regio persoonlijk, zodat we de datering kunnen verfijnen tot het eerste van de twee decennia.

    Ramses II met wespentaille aan de Nahr al-Kalb

    Het is bovendien niet het enige reliëf dat Ramses achterliet aan de Levantijnse kust: ten noorden van Beiroet zijn aan de Nahr al-Kalb diverse reliëfs uit zijn naam aangebracht, waarop ’s konings heldendaden staan vermeld. Een soortgelijke stèle is gevonden te Quban (boven de Aswandam) en tegenwoordig in het museum in Grenoble, en dateert uit Ramses’ derde regeringsjaar. Het interessante is nu dat zowel het Quban-reliëf als een uit het vierde jaar daterend reliëf aan de Nahr al-Kalb een Ramses tonen met opvallend brede schouders en een wespentaille, net zoals in Tyrus. Omdat Ramses in jaar drie niet in de Levant was, moet bovenstaand reliëf dateren uit jaar vier: het jaar waarin hij Amurru onderwierp.

    Een nieuw fragment

    Nu is de tekst, zoals gezegd, nogal stereotiep. Maar er is toch iets meer over te zeggen. De Franse egyptologen Jean Yoyotte en Henri-Charles Loffet realiseerden zich onafhankelijk van elkaar dat een nogal onbestemd fragment uit het museum in Beiroet, geregistreerd als een oppervlaktevondst uit Tyrus, was gemaakt van dezelfde grauwe, poreuze basalt. En verrek, de hiëroglyfen waren precies even groot.

    Heel verrassend waren de conclusies niet. Primo, het toegevoegde fragment verwijst naar een concrete operatie, al is niet duidelijk welke. Het is dus niet zomaar een afbeelding van de immer en altoos zegevierende vorst. Secondo, we lezen dat het leger (dus niet slechts de vloot) naar het noorden trok. Daaruit volgt dat bovenstaande inscriptie inderdaad betrekking had op Ramses’ eerste Syrische campagne, waarmee hij Amurru inlijfde. En daaruit volgt weer dat de mannen die door Ramses zullen worden geëxecuteerd de heersers van Amurru zijn. Minimaal één heeft overigens weten te ontsnappen en kon de Hittitische koning Muwatalli II verwittigen, zodat deze in het volgende jaar mobiliseerde en oprukte naar Kadesh.

    Literatuur

    • Henri-Charles Loffet, La stèle de Ramses II de provenance de Tyr, in: Claude Doumet-Serhal, Decade. A decade of Archaeology and History in the Lebanon (1995-2004) (2004) 28-37

    [Dit was het 518e voorwerp in mijn reeks museumstukken.]

    Deze blog, die u ook via het Whatsapp-kanaal kunt volgen, is niet mijn enige activiteit. In het voorjaar organiseer ik een reis naar Bulgarije en een andere reis langs Keltische locaties.

    Zelfde tijdvak


    Ugarit

    juni 29, 2021
    Anatolische talen

    mei 26, 2021
    Die vreedzame Minoërs

    juli 30, 2021 Deel dit: #Amurru #HenriCharlesLoffet #JeanYoyotte #Libanon #MuwatalliII #NahrAlKalb #Quban #Ra #RamsesII #Tyrus
  7. De slag bij Kadesh (4)

    Hittitisch-Egyptisch verdraag (Archeologisch museum van Istanbul)

    [Laatste van vier blogjes over de Egyptisch-Hittitische Oorlog in Syrië, maar er is nog een PS. Het eerste was hier.]

    De strijd bij Kadesh was begonnen toen Hittitische strijdwagens de Orontes waren overgestoken, de Egyptische Ra-divisie in de flank hadden aangevallen en waren afgebogen naar het kamp van de Egyptische Amon-divisie, waar farao Ramses II zich bevond.

    De strijd om het kamp

    Zoals ik in het vorige blogje aangaf, kan het aantal Hittitische strijdwagens dat door de Ra-divisie heen brak, nooit groot zijn geweest, en toen die wagens aankwamen bij het Egyptische kamp, kon Ramses snel instructies geven voor een tegenaanval. In zijn eigen verslag beweert de Egyptische koning weliswaar dat er geen officier, geen wagenmenner, geen soldaat, geen schilddrager meer bij hem was, maar dat is onzin. Tegenover hooguit enkele honderden zware strijdwagens zette hij evenveel snellere strijdwagens en duizenden infanteristen. De Hittieten werden bedolven onder een regen van pijlen en hadden geen schijn van kans.

    Het lijkt erop dat Muwatalli, de Hittitische koning, heeft geweten hoe zijn strijdwagens in de problemen waren gekomen. Hij moest op een of andere manier interveniëren: was het niet om alsnog de Egyptenaren te verslaan in een veldslag die hij niet op deze manier had gepland, dan was het wel om de Egyptenaren te dwingen hun aandacht te verdelen, zodat de strijdwagens een kans kregen terug te keren. Hij zond dus troepen uit Aleppo en Karchemiš, die deel uitmaakten van het Hittitische leger, naar het Egyptische kamp.

    Voor een moment leek het alsof de Hittitische versterkingen de Egyptenaren in de problemen zouden brengen, maar korte tijd later arriveerden vanuit het westen de Ne’arin. Zoals ik al aangaf, weten we niet wat deze “jonge mannen” van onderdeel waren, maar hun aankomst deed de balans definitief doorslaan in het voordeel van de Egyptenaren. De Hittieten moesten zich terugtrekken naar de oostelijke oever van de Orontes; de mannen die op de strijdwagens waren vervoerd, stegen af en probeerden zwemmend aan de overzijde te komen, bestookt door de Egyptische boogschutters, die in alle rust konden prijsschieten.

    Het gevecht in de rivier, zoals afgebeeld in het Ramesseum (klik=groot)

    Naspel

    Het gevecht was voorbij, maar zoals wel vaker is het maar de vraag wie had gewonnen. Ramses had in elk geval een tactische overwinning behaald: de Hittitische aanval was afgeslagen en het vijandelijke leger had aanzienlijke schade geleden. In de Egyptische propaganda gold de slag bij Kadesh dan ook als een overwinning zonder weerga. Wat er niet bij staat is dat het operationele doel, de inname van Kadesh, niet was gehaald. Nu twee van zijn divisies verliezen hadden geleden, kon Ramses de door de Hittieten versterkte stad niet langer belegeren en restte slechts de aftocht richting Damascus.

    Dat wil niet zeggen dat Muwatalli de slag had gewonnen. Hij was er bepaald niet in geslaagd Ramses voor eens en altijd diets te maken wie de baas was. Hij liet zijn broer Hattusili, de latere koning, achter om de regio te verdedigen. De strijd om Syrië golfde nog enkele jaren op en neer, waarbij de Hittieten wat vaker in het voordeel waren dan de Egyptenaren. Feitelijk hadden beide partijen echter dezelfde les geleerd: men kon het eigen leger veilig inzetten tegen vazalkoningen, maar de confrontatie met een supermacht was een ander paar mouwen.

    Wat geen van beide partijen wilde, was dat er een derde supermacht zou opstaan. Maar dat was wel wat gebeurde: de Assyriërs dienden zich aan. Bovendien moest Hattusili III, die inmiddels Muwatalli was opgevolgd, zich te weer stellen in een conflict met een neef. In het eenentwintigste regeringsjaar van Ramses en het veertiende jaar van Hattusili, wellicht 1259 v.Chr., kwam het dus tot een vredesverdrag. We bezitten beide versies van de tekst, die op slechts één punt verschillen: de Egyptische versie zegt dat dat Hittieten om vrede verzochten, terwijl de Hittitische versie het omgekeerde beweert.

    [Appendix volgt]

    Deze blog, die u ook via het Whatsapp-kanaal kunt volgen, is niet mijn enige activiteit. In het voorjaar organiseer ik een reis naar Bulgarije en een andere reis langs Keltische locaties.

    Zelfde tijdvak


    Kudurru

    november 16, 2022
    Bijbelse archeologie

    oktober 19, 2015
    De vuurtoren van Byblos

    april 13, 2022 Deel dit: #Aleppo #HattusiliIII #Hittieten #Karchemiš #krijgsgeschiedenis #LateBronstijd #MuwatalliII #Orontes #RamsesII #slagBijKadesh #Syrië
  8. De slag bij Kadesh (3)

    Kadesh

    [Derde van vier à vijf blogjes over de Egyptisch-Hittitische Oorlog in Syrië. Het eerste was hier.]

    Farao Ramses II wilde de Egyptische invloed op de Syrische vazalkoningen vergroten, en had in Amurru al enig succes gehad. De Hittitische koning Muwatalli II had alle reden om verdere Egyptische expansie te beletten en trok daarom zuidwaarts. Behalve het leger dat hij had meegenomen uit zijn hoofdstad Hattusa, waren er contingenten uit Anatolische en Syrische steden en streken. Eén daarvan wordt in een Egyptische tekst aangeduid als Drdny, een groep die we ook kennen als een van de Zeevolken. Deze naam wordt wel gevocaliseerd als Dardanoi, wat in de Ilias de koninklijke familie is van Troje. Nee, ik beweer niet dat er bewijs is dat een Priamos, een Hektor of een Alexandros aanwezig is geweest in Kadesh, maar wel dat denkbaar is dat we hier twee echo’s horen van dezelfde naam uit dertiende-eeuws Noordwest-Anatolië.

    Muwatalli’s krijgsplan

    Hoe dat ook zij, Muwatalli bezette Kadesh, waar hij een Egyptische aanval verwachtte. Misschien verwachtte hij die vanuit Amurru in het westen, langs de Nahr al-Kabir, waar inderdaad de Egyptische Ne’arin waren geland. Misschien was Muwatalli’s krijgsplan dat hij wachtte tot het vijandelijke leger was samengetrokken, zodat in één groot, beslissend gevecht kon worden afgerekend met de vijand. Die zou dan weten dat de Hittitische legers oppermachtig waren. Hij bezette alvast de oostelijke oever van de Orontes, zodat de Egyptische troepen zich konden opstellen op de westelijke oever.

    De slag bij Kadesh (klik=groot)

    Deze reconstructie van het krijgsplan is plausibel, maar is wel gebaseerd op de aanname dat de Hittieten steeds dezelfde aanpak hadden: de vijand naar open terrein brengen, waar het superieure Hittitische leger altijd in het voordeel zou zijn. Die strijdwijze kan best hebben bestaan, maar doorgaans streden de Hittieten tegen stadstaatjes en niet tegen een gelijkwaardige vijand, zoals Egypte. De reconstructie veronderstelt bovendien dat men het in de Late Bronstijd onrechtvaardig vonden een vijand onverhoeds aan te vallen, wat ons wat vreemd in de oren klinkt, maar de toenmalige vorsten hadden de gewoonte oorlogsverklaringen nauwgezet te rechtvaardigen, wat suggereert dat ze oorlog opvatten als iets dat zich diende te voltrekken volgens recht en regels. Mocht deze reconstructie van Muwatalli’s krijgsplan correct zijn, en dat weten we dus niet zeker, dan was de slag bij Kadesh niet de veldslag die hij en Ramses hadden voorbereid.

    Contact

    Ramses’ hoofdmacht arriveerde niet vanuit het westen, maar vanuit het zuiden. Helemaal vooraan kwam de Amon-divisie, met Ramses zelf. De Ra-, Ptah- en Seth-divisies volgden door een woud dat Labwi wordt genoemd. We krijgen de indruk dat ze niet één gesloten colonne vormden, maar op enige afstand van elkaar oprukten. Als in de Late Bronstijd inderdaad een norm bestond dat veldslagen pas werden aangegaan als beide partijen zich hadden kunnen opstellen, was getrennt marschieren, vereint schlagen natuurlijk mogelijk. Maar nogmaals: we weten over de Bronstijd-krijgskunst meer niet dan wel.

    Ramses en Amon-divisie sloegen hun kamp op ten noordwesten van Kadesh, en ontdekten dat de Hittieten al aanwezig waren. Daarop stuurde de koning een bode naar de andere divisies, met het bevel voort te maken. Hij trof de Ra-divisie aan bij het oversteken van de Orontes. Een andere boodschapper zal naar de Ne’arin in het westen zijn gegaloppeerd.

    De Hittitische aanval

    De Ra-divisie – die bestond uit vele duizenden infanteristen alsmede honderden stijdwagens – was nog maar net de Orontes over, toen ze in de flank werd aangevallen door Hittitische strijdwagens, die bij een andere voorde de rivier waren overgestoken. De mannen hadden al een flinke afstand gemarcheerd en waren vermoedelijk niet op hun allerenergiekst toen ze zich te weer moesten stellen tegen de vijandelijke aanval. En dat lukte dus niet: de zware Hittitische strijdwagens braken dwars door de gelederen heen en zwenkten toen naar het noorden, in de richting van de Amon-divisie.

    Deze manoeuvre is ronduit vreemd. Je zou hebben verwacht dat na deze aanval de Hittitische infanterie zich stortte op de Ra-divisie, maar dit gebeurde niet, of niet in voldoende mate. Wat je niet zou hebben verwacht is dat de Hittitische strijdwagens zich richtten op de duizenden infanteristen en snellere strijdwagens van de Amon-divisie. Het wordt helemaal merkwaardig als we bedenken dat er weliswaar een voorde was in de Orontes, maar dat strijdwagens niet zo makkelijk een rivier oversteken. Aangezien de Egyptenaren werden verrast, moet de Hittitische oversteek snel zijn verlopen, wat betekent dat het aantal strijdwagens nooit heel groot kan zijn geweest.

    Eén hypothese is dat de Hittitische strijdwagens helemaal de bedoeling niet hadden de slag te openen, maar bezig waren het veld te verkennen, en niet wisten dat de Ra-divisie al zo ver was opgerukt, en dat ze naar de Amon-divisie zwenkten omdat ze niet wisten dat die zich daar al bevond. Dit veronderstelt echter dat vanaf de oostelijke Orontesoever de stofwolk niet was te zien die de Ra-troepen hadden opgeworpen en dat ook de opmars van de Amon-divisie niet was waargenomen. Dat is zeer onwaarschijnlijk, maar wie een betere hypothese weet, mag het zeggen.

    [wordt vervolgd]

    Deze blog, die u ook via het Whatsapp-kanaal kunt volgen, is niet mijn enige activiteit. In het voorjaar organiseer ik een reis naar Bulgarije en een andere reis langs Keltische locaties.

    Zelfde tijdvak


    Zarathuštra

    augustus 28, 2015
    Hittitisch vredesverdrag

    mei 19, 2013
    De eerste vermelding van Jahweh?

    juni 8, 2022 Deel dit: #Amurru #Hittieten #krijgsgeschiedenis #LateBronstijd #MuwatalliII #NahrAlKabir #Orontes #RamsesII #slagBijKadesh #strijdwagen #Syrië
  9. De slag bij Kadesh (2)

    Ramses II met de blauwe khepresh-oorlogskroon (Staatliche Sammlung für Ägyptische Kunst, München)

    [Tweede van vier à vijf blogjes over de Egyptisch-Hittitische Oorlog in Syrië. Het eerste was hier.]

    De Egyptisch-Hittitische Oorlog om Syrië kwam niet uit de lucht vallen. Ooit, in de vijftiende eeuw v.Chr., had Toetmoses III, de Egyptische leger tot aan de Eufraat gebracht en hij claimde te regeren over de hele Levant. Er zijn online nog volop landkaarten te vinden die Egypte en de regio tot aan de Eufraat een en dezelfde kleur geven, alsof het hele gebied behoorde bij één staat onder één vorst. Feitelijk ging het om een verzameling kleine en grote vazalstaatjes, die zo loyaal waren aan de farao als deze interesse toonde. Egyptologen hebben wel gemeend dat de Egyptische invloed afbrokkelde ten tijde van farao Echnaton, die meer bezig zou zijn geweest met religie dan met de buitengewesten, maar dit beeld is gebaseerd op het uit diens regeringstijd overgeleverde staatsarchief (de Amarna-brieven). Uit de tijd van zijn voorgangers hebben we zoveel documentatie niet, en vermoedelijk was hun greep op de regio even los.

    Amurru

    Een van de vazalstaatjes was Amurru, dat u moet zoeken in het noordwesten van Libanon, langs de Nahr al-Kabir. Deze stroom, die weliswaar “grote rivier” heet maar feitelijk nogal klein is, is belangrijk omdat hier een zeer goed begaanbare weg ligt van de zee naar het binnenland; deze doorgang tussen de bergen staat bekend als de “Homs Gap” en het strategisch belang werd nog eeuwenlang erkend. Zo bouwden de Kruisvaarders de Krak des Chevaliers om deze weg te bewaken. Aan het einde van deze corridor ligt de vruchtbare Orontesvlakte, met daarin de stad Kadesh.

    Amurru was zich ten tijde van Echnaton zelfstandiger gaan gedragen en had een conflict met Byblos met succes afgerond. Ik vertelde al eens dat de plaatselijke koning Rib-Hadda van Byblos had moeten vluchten en geen enkele steun uit Egypte had gekregen. Toen koning Ramses II aan de macht kwam, besloot hij zijn gezag te herstellen. Hij had voldoende succes om de koning van Amurru te verdrijven, en deze riep daarop de hulp in van de Hittitische koning Muwatalli II, die besloot naar het zuiden te trekken om Kadesh te beschermen en liefst ook Amurru te heroveren.

    Naar Kadesh

    Een groot conflict was onafwendbaar toen Ramses in 1274 opnieuw noordwaarts trok. Een vloot bracht troepen naar de monding van de Nahr al-Kabir. Deze boottocht diende mede om de vazalkoningen in Tyrus, Sidon, Beiroet of Byblos duidelijk te maken wie er de baas was. De rest van het leger, gecommandeerd door de koning zelf, arriveerde vanuit het zuiden, zeg maar via het huidige Israël, door de Bekaavallei en langs de bovenloop van de Orontes. Beide legers zouden samenkomen bij Kadesh.

    Ramses’ leger bestond uit vier divisies: de Amon-divisie uit Thebe, de Ra-divisie uit Heliopolis, de Ptah-divisie uit Memfis en de Seth-divisie uit Tanis. Het over zee aangekomen onderdeel heette Ne’arin, “jonge kerels”, maar het lijken geen rekruten te zijn geweest. Het kan gaan om een eliteonderdeel of om Levantijnse bondgenoten. Ook waren er Nubiërs en Sherden, en die laatsten zou u kunnen kennen als een van de Zeevolken.

    Muwatalli en zijn familieleden, die de diverse Hittitische onderdelen commandeerden, arriveerden eerder en bezetten Kadesh. Hun kamp sloegen ze op ten oosten van de stad, waar ze zich opmaakten voor een strijd die ze eigenlijk niet goed kenden. Hun tactiek bestond meestal uit het plunderen van een landstreek om zo de bevolking te dwingen vanuit hun versterkte steden te komen, waarna het Hittitische leger ze in het vrije veld kon verslaan, omdat het eigenlijk altijd numeriek en professioneel superieur was. Van zo’n oorlog kon bij Kadesh geen sprake zijn.

    Model van een strijdwagen uit de Late Bronstijd, gevonden in Kamed el-Loz, Libanon (Nationaal Museum, Beiroet)

    Strijdwagens

    Strijdwagens speelden tijdens de slag bij Kadesh een belangrijke rol. Of beter: de Egyptische bronnen concentreren zich op dit wapen, hoewel de meeste manschappen behoorden tot de infanterie. De strijdwagens trekken echter de aandacht. Ze dienden voor de verplaatsing van boogschutters, maar het is niet helemaal duidelijk of die schoten terwijl de wagens reden. Zelfs al bedient een menner de teugels, dan nog kun je als boogschutter moeilijk richten, terwijl voor een ongericht spervuur veel meer boogschutters moeten worden ingezet dan in Ramses’ leger aanwezig waren. Misschien waren de strijdwagens wel niet meer dan taxi’s om boogschutters te verplaatsen, ongeveer zoals de Ilias beschrijft. We weten het weer eens niet.

    Aan de overzijde waren de Hittitische strijdwagens, die behalve een menner en een boogschutter een schilddrager vervoerden. Wegens het gewicht waren deze wagens wat robuuster gebouwd en minder wendbaar dan de Egyptische. De aanwezigheid van schilddragers suggereert dat zulke wagens dichter bij het front kwamen dan strijdwagens zonder schilddragers, en inderdaad zouden de strijdwagens in Kadesh zo worden ingezet. Of dat ook de bedoeling was, is echter de vraag, zoals we morgen zullen zien.

    [wordt vervolgd]

    Deze blog, die u ook via het Whatsapp-kanaal kunt volgen, is niet mijn enige activiteit. In het voorjaar organiseer ik een reis naar Bulgarije en een andere reis langs Keltische locaties.

    Zelfde tijdvak


    De Leidse Amunpapyrus

    februari 5, 2021
    Glimmende schatten uit de Bronstijd

    februari 2, 2021
    Lineair-B

    mei 5, 2014 Deel dit: #AmarnaBrieven #Echnaton #Hittieten #khepresh #krijgsgeschiedenis #LateBronstijd #MuwatalliII #NahrAlKabir #Orontes #RamsesII #RibHadda #Sherden #slagBijKadesh #strijdwagen #Syrië #ToetmosesIII
  10. De slag bij Kadesh (1)

    Hittitische oorlogsgoden, Yazilikaya

    Een van de tradities op de Mainzer Beobachter is het vervolgverhaal rond kerst. Vorig jaar ging het over Cornelis de Bruijn en het jaar ervoor blogde Kees Alders over de Romeinse Stoa. In 2017 ging het over joodse retorica. Nogal vaak bestond het vervolgverhaal uit krijgsgeschiedenis, omdat dat genre zich goed leent voor een doorlopend verhaal: in 2022 blogde ik over de Makkabeeën, het jaar ervoor over Xenofons tocht naar Kounaxa, in 2018 behandelde ik de Tweede Punische Oorlog, in 2016 schreef ik over de speurtocht naar de Trojaanse Oorlog en in 2014 begon deze traditie met een overzicht van het Ardennenoffensief. (Dit vind ik nog altijd een van de betere delen van deze blog.) In 2015, 2019 en 2020 was er geen vervolgverhaal, en dit jaar behandel ik de slag bij Kadesh. Opnieuw krijgsgeschiedenis, opnieuw een onderwerp dat weinig heeft te maken met vrede op aarde. Maar soit.

    De simpelste samenvatting: in de slag bij Kadesh, die plaatsvond in de eerste helft van de dertiende eeuw v.Chr., stond de Egyptische koning Ramses II tegenover de Hittitische koning Muwatalli II. De inzet van het gevecht was de heerschappij in de vallei van de rivier de Orontes. Wie de slag won, is niet helemaal duidelijk, en is eigenlijk ook niet zo belangrijk, want het feitelijke resultaat was dat de twee partijen leerden dat ze beter geen open veldslagen konden aangaan. Vijftien jaar later tekenden ze een vredesverdrag.

    Datering

    Dat waren de kale feiten. Maar u merkt al dat er veel onzekerheden zijn. Over de uitslag, maar ook over de datum. Het gevecht is weleens geplaatst in 1285 v.Chr., terwijl de laatste halve eeuw 1274 geldt als de beste benadering. Maar ook dat is slechts een slag in de lucht.

    Ik heb al eens verteld dat dit jaartal is gebaseerd op een synchronisme met Assyrië, en dat dat de Assyrische koningslijst op een of twee plaatsen vorsten na elkaar plaatst die feitelijk gelijktijdig regeerden. De lijst lijkt te lang, het verleden is wat minder diep. Anders gezegd: de veldslag kan ook in 1260 of 1251 hebben plaatsgevonden.

    Wat gebeurde in een veldslag?

    Onze onzekerheid heeft echter vooral te maken met het feit dat we geen idee hebben van wat er nu eigenlijk is gebeurd. Dat is voor de Oudheid natuurlijk niet zo vreemd: we weten heel vaak minder dan je zou afleiden uit de eenduidige lemma’s van de Wikipedia of, ik noem eens wat, Livius.org. In het geval van de slag bij Kadesh leek enig optimisme echter gerechtvaardigd, aangezien we beschikken over diverse bronnen:

    • Een Egyptisch gedicht, bekend uit onder meer Luxor, Karnak, Abydos en een papyrus;
    • Het “rapport” of “bulletin”: een standaardtekst bij reliëfs;
    • Aanvullende teksten die soms bij de afbeeldingen staan;
    • Verschillende verwijzingen in de Hittitische correspondentie.

    Dat lijkt veel informatie, en in elk geval komt ze van twee kanten, en bovendien is van het Hittitische materiaal nog lang niet alles uitgegeven. Maar evengoed gaat het om weinig informatie.

    Bovendien is er discussie over de aard van oorlogvoering in de Late Bronstijd. Waren die strijdwagens alleen maar verrijdbare geschutplatforms of dienden ze voor snelle aanvallen? En indien dit laatste: hoe schadelijk waren ze nu feitelijk? Bestond er een alom aanvaarde culturele norm over de wijze waarop je een veldslag vocht en zo ja, was de Hittitische aanval bij Kadesh daarmee in strijd?

    Kortom: vragen te over. En dus een leuk onderwerp voor een korte reeks blogjes. Wordt vandaag dus vervolgd, en wel om 11:00.

    Deze blog, die u ook via het Whatsapp-kanaal kunt volgen, is niet mijn enige activiteit. In het voorjaar organiseer ik een reis naar Bulgarije en een andere reis langs Keltische locaties.

    Zelfde tijdvak


    De Leidse Amunpapyrus

    februari 5, 2021
    Glimmende schatten uit de Bronstijd

    februari 2, 2021
    Lineair-B

    mei 5, 2014 Deel dit: #AbydosEgypte #Hittieten #Karnak #krijgsgeschiedenis #LateBronstijd #Luxor #MuwatalliII #Orontes #RamsesII #slagBijKadesh #Syrië
  11. Au musée du Caire, ces touristes tombent dans le bassin de Ramsès II

    vid.freedif.org/w/bpGXLZckRFUr

  12. Face aux colosses de Ramsès II, difficile de ne pas être impressionné. Abu Simbel, témoin de la grandeur pharaonique, défie le temps et raconte une histoire millénaire, sculptée dans la pierre et sauvée des eaux du Nil.

    flic.kr/p/2qK8Pbg

    #Égypte #AbuSimbel #RamsesII #Patrimoine #Histoire #Archéologie #Photographie #Flickr

  13. Die Mumie von Ramses II

    Ausgerechnet in der Nase hatte die #Mumie von #RamsesII #Pfeffer – aber es zeigt, wie gut die Handelsbeziehungen zu dieser Zeit waren. Und es zeigt, welche Würzmittel, zumindest in der Oberschicht, bekannt waren. Doch was in lang vergangenen Kulturen auf dem #Speiseplan landete, das kann man heutzutage mit moderner Technik erforschen. Zum Beispiel mit der Analyse von #Zahnstein:

    buff.ly/3v7gUoW

  14. 🇪🇬 Ein Pharao kommt nach Köln! 🏛️
    "Ramses II. hat alle verrückt gemacht" 🤯
    Besucht die Ausstellung in Köln und entdeckt die faszinierende Welt des größten ägyptischen Herrschers. 🏆
    #RamsesII #Ägypten #Ausstellung #Köln #Geschichte #Kultur #Reise

    🔗 n-tv.de/panorama/Ausstellung-i

  15. 🇪🇬#Egipt‎ul recuperează o statuie a lui 👑#RamsesII, furată în urmă cu peste treizeci de ani.

    🔗 wp.me/p9KpFA-3ylu

    #Știri

  16. Gli Shardana, il temibile popolo guerriero. Durante l’età del bronzo, circa 1600 anni prima di Cristo, una moltitudine di popoli imperversò nelle acque del mar mediterraneo, e tra questi i più feroci e temuti furono gli Shardana. Ma chi erano questi antichi navigatori del mare? E qual è la loro origine? Oriente o Occidente?

    #anticheciviltà #Egitto #mercenari #popolodelmare #RamsesII #sardegna #shardana

    scienzamagia.eu/misteri-ufo/gl

  17. „Regele regilor”: Expoziția de la #Paris dedicată faraonului #RamsesII a atras peste 800.000 de vizitatori și va continua la Sydney.

    🔗 wp.me/p9KpFA-3ahN

    #News #Știri #Franța

  18. "La Suisse restitue à l'Égypte un fragment de statue de Ramsès II, vieux de plus de 3 400 ans.
    Volé entre la fin des années 1980 et le début des années 1990, le morceau de statue a transité par plusieurs pays avant d'arriver en Suisse et d'être finalement confisqué par les autorités locales."
    francetvinfo.fr/culture/patrim
    #GeeksAnciens #ÉgypteAncienne #Égypte #Suisse #archéologie #archéodon #diplomatie #RamsesII

  19. Dans la cité antique d’Abydos, dans le sud de l’Égypte, des archéologues américains de l'université de New York qui fouillaient le temple de Ramsès II ont mis au jour plus de 2 000 têtes de béliers momifiées. Elles devraient permettre d’en savoir plus sur le temple du pharaon et les activités qui s’y déroulaient.
    liberation.fr/sciences/archeol
    #archéologie #Égypte #ÉgypteAncienne #RamsèsII #bélier #pharaon #histoire #archéodon #histodon

  20. Auch lange nach seinem Tod verehrten die alten Ägypter den berühmten Pharao Ramses II. In der Kultstätte Abydos opferte man dem König mumifizierte Widderköpfe. Hunderte davon.#Ramses #RamsesII #Abydos #Osiris #Archäologe #Grabung #Tempel #Totentempel #Seti #Pharao #Äypten #Nil #Kult #Nekropole #König #Dynastie #NeuesReich #AltesReich #Ptolemäer #ptolemäisch #Kultur
    Altes Ägypten: Widderköpfe für Ramses
  21. Le sarcophage de #RamsesII, star des pharaons avec #Toutankhamon, revient en #France 🇫🇷, près d'un demi-siècle après son exposition à #Paris en 1976. ➡️ Ce sera la pièce maitresse d'une grande exposition-événement

Share on Mastodon

Enter the server where you have an account.