De Grote Piramide
De grote piramideHet liefst zou ik eens bloggen over de piramiden, over wat de Egyptenaren daar zoal van dachten en over de vraag waarom ze die grafmonumenten überhaupt construeerden. Welbeschouwd zijn het immers de eerste gebouwen die de derde dimensie verkenden. Dat spreekt voor ons vanzelf maar was ooit een nieuwe gedachte. Daar ga ik ook nog weleens over schrijven, maar ik wil eerst een ander onderwerp behandelen: hoe de Grieken erover dachten. Ze beschouwden de Grote Piramide als een van de zeven wereldwonderen, en omdat ik de meeste al eens heb beschreven (een, twee, drie, vier, vijf) wil ik vandaag numero zes afvinken. Nummer zeven komt ook nog weleens.
Twee Griekse teksten zijn hierbij relevant: een vijfde-eeuwse beschrijving door Herodotos van Halikarnassos en een veel jongere door Diodoros van Sicilië.
Herodotos’ Grote Piramide
Eerst Herodotos, die de piramiden behandelt in een overzicht van Egyptische koningen,noot Meer precies: Herodotos, Historiën 2.124-135. over wie hij soms iets heeft te vertellen. Dat lijken Egyptische volksverhalen waaraan hij Griekse informatie met weinig succes heeft geprobeerd in te passen. Na de veroveraar Sesostris, het bezoek van Helena van Troje en het sprookje van Rampsinitos en de dief, komt koning Cheops aan bod. Die heeft echt geleefd, maar niet, zoals Herodotos het wil, zo’n 750 jaar vóór hijzelf, maar ongeveer tweeëntwintig eeuwen. Zijn eigenlijke naam was Khufu en Herodotos heeft van zijn zegslieden vernomen dat deze vorst de Grote Piramide heeft gebouwd. Dat is correct en na twee millennia is dat best bijzonder.
Herodotos vertelt dat Cheops een tiranniek heerser was die zijn onderdanen eerst tien jaar afbeulde om de transportweg voor alle steenblokken aan te leggen. De constructie van de eigenlijke piramide zou twintig jaar hebben geduurd. Als afmetingen geeft Herodotos 240 bij 240 bij 240 meter. (Het is feitelijk 231 bij 231 bij 146.)
Een wieg om stenen omhoog te sjorrenVervolgens beschrijft Herodotos de bouw van de piramide, maar de passage is moeilijk te begrijpen. Een verklaring die mij overtuigde is dat Herodotos een stellage beschrijft waarin een steen ligt op een soort houten wieg met een ronde bodem. Arbeiders duwen dan aan de ene kant met een hefboom de wieg ietwat scheef en plaatsen stenen onder de omhoog gekomen ronde bodem. Daarna doen ze hetzelfde aan de andere kant, leggen daar stenen onder de wieg, en dat herhalen ze enkele keren tot ze op een hoger niveau zijn gekomen. Eén zo’n wieg is in de buurt van Thebe opgegraven, dus de techniek was aan de oude Egyptenaren bekend. Die wieg is overigens wél een millennium jonger dan de piramide, dus enige scepsis is gerechtvaardigd. Feitelijk weten we niet goed hoe de piramiden zijn gebouwd.
Meer verhalen
Gewoontegetrouw geeft Herodotos alles weer wat hij heeft gehoord, zoals hoeveel radijzen, uien en knoflook aan de arbeiders te eten is gegeven. Hij weet dat Cheops zijn dochter liet werken als prostituee om aan het kapitaal te komen dat nodig was voor de constructie, en dat zij haar klanten liet betalen met de stenen waarmee ze een kleine piramide voor zichzelf liet bouwen. Dit is ongetwijfeld een verhaal dat de Egyptenaren aan Herodotos vertelden omdat zij ook niet wisten wie de koninginnepiramiden had gebouwd.
Herodotos vervolgt met verhalen over de piramide van Chefren en de kleinere piramide van Mykerinos, en hij aarzelt niet om te vertellen dat het laatste monument ook wel werd toegeschreven aan Rodopis, een andere prostituee, die nog eens het hart van een broer van Sapfo had gestolen. Dit is flauwekul, en dat weet ook Herodotos, maar hij wil altijd alles vertellen en voelt zich genoodzaakt de hem bekende Griekse informatie te combineren met wat hij in Egypte hoorde. Na dit alles te hebben verteld, vervolgt Herodotos met informatie over latere koningen, waarin we achtereenvolgens Sheshonq I, de Nubische koningen en de koningen van de Zesentwintigste Dynastie herkennen.
Anders gezegd: Herodotos’ piramidenbouwers behoren tot de laatste fase van Egyptes legendarische verleden. Zijn informanten wisten er ook maar weinig van en verzonnen mooie verhalen bij de oude monumenten, zoals elke cultuur doet die wordt geconfronteerd met bouwwerken van vóór mensenheugenis.
De koninginnepiramiden bij de piramide van CheopsDiodoros’ Grote Piramide
Vier eeuwen na Herodotos nam Diodoros van Sicilië de pen ter hand. Net als Herodotos had hij de piramiden zelf gezien – hij kent althans Alexandrië – maar het is duidelijk dat hij Herodotos volgt. Op details wijkt hij er echter van af, zoals de naam van de bouwer: niet Cheops, maar Chemmis. Een andere afwijking is de bouwtechniek: Diodoros meldt dat de stenen naar boven zijn gebracht over hellingen van zand (“heuvels”), maar hij is kritisch genoeg om verbaasd te constateren dat zo’n zandlichaam zó groot moet zijn geweest dat er nog iets van te zien moest zijn. Ik geef hier de beschrijving in de vertaling van John Nagelkerken, die onlangs is verschenen en waarvoor ik graag even reclame maak. Zoals ik al eens eerder vertelde, verdient Diodoros het om integraal bekend te worden in onze taal.
Chemmis van Memfis is de bouwer van de grootste van de drie piramides, die gerekend worden tot de zeven wereldwonderen. … Hun omvang en het vakmanschap van de makers vervullen de toeschouwer met de diepste bewondering. De grootste heeft een vierkante basis met aan elke zijde een breedte van tweehonderd meter, de hoogte bijna honderd meter. De zijden lopen langzaam spits toe tot de top, waar ze een breedte bereiken van ruim vier meter. De piramide is volledig gebouwd van hard gesteente, wat het werk zwaar maakt, maar zorgt voor eeuwigheid. Er is minstens duizend jaar verlopen, zegt men, tot de tijd waarin wij leven, volgens sommige schrijvers zelfs meer dan drieduizend vierhonderd jaar, maar de stenen liggen tot op heden nog altijd vast op hun oorspronkelijke plaats en houden het geheel in onaantastbare staat.
Naar men zegt is het gesteente vanuit Arabia over grote afstand aangevoerd, en is de constructie uitgevoerd met behulp van opgeworpen heuvels, omdat in die tijd de hijskraan nog niet was uitgevonden. En wat het meest verbazingwekkend is: terwijl daar zo enorme werkzaamheden zijn verricht en heel het omringende gebied uit zand bestaat, is er geen enkel spoor te vinden van een opgeworpen heuvel of van de bewerking van gesteente, waardoor het lijkt dat er geen sprake is van langzame mensenarbeid, maar dat het daar plotseling als door een god in zijn totaliteit is neergezet in het omringende zand.
Sommige Egyptenaren proberen daarover wonderverhalen te vertellen, en zeggen dat de heuvels gevormd werden uit zout en salpeter en dat ze daarna de rivier daarheen lieten stromen waardoor de heuvels smolten en volledig verdwenen zonder dat mensen daarvoor moeite hoefden te doen. Maar dat is echt onzin. De vele handen die de heuvels hebben opgeworpen hebben ook al het gebruikte materiaal weer teruggebracht naar de plek waar het vandaan kwam. Naar men zegt werden 360.000 man ingezet voor de werkzaamheden en het hele gebouw werd voltooid in nog geen twintig jaar.noot Diodoros, Wereldgeschiedenis 1.64.
Tot slot: ik zei dat Diodoros integraal in het Nederlands moet worden vertaald. Het bovenstaande fragment komt uit Diodoros van Sicilië, De historische bibliotheek. Egypte. De Griekse wereld in de vijfde eeuw v.Chr. (vert. John Nagelkerken mmv Omar Ghaly; 2026). Dat betreft de boeken 1 en 11-13. Gerard Janssen vertaalde de voorafgaande boeken: Archief van de geschiedenis, deel I (boek 1, 2, 3) (2024) en Archief van de geschiedenis, deel II (boek 4, 5 en 6-10 (fragmenten) (2024). Laten we hopen dat nu ook snel de boeken 14-20 en de fragmenten van 21-32 in vertaling beschikbaar komen.
#Cheops #DiodorosVanSicilië #GerardJanssen #GrotePiramide #HerodotosVanHalikarnassos #JohnNagelkerken #Khufu #SheshonqI #wereldwonder #zevenWereldwonderen