#frygie — Public Fediverse posts
Live and recent posts from across the Fediverse tagged #frygie, aggregated by home.social.
-
De Kimmeriërs
Kimmerische of Skythische pijlpunten (Nationaal Museum van Armenië, Yerevan)De Kimmeriërs, die zijn interessant! En dat is natuurlijk omdat het bewijsmateriaal enerzijds gevarieerd is, zodat allerlei specialisten erbij komen kijken, maar anderzijds tekortschiet, zodat er geen consensus kan ontstaan. Kortom: een fijne puzzel.
Dode Kimmeriërs
Eerste bewijsmateriaal: Griekse poëzie. In de Odyssee vertelt Homeros dat Odysseus, ergens in het verre verre westen, de rand bereikt van de Okeanos, waar de stad en het land van de Kimmeriërs zich bevinden. De zon schijnt er niet, de gebieden zijn eeuwig gehuld in mist en nevel, en “steeds hangt de heilloze nacht om de diep ongelukkige mensen”.noot Homeros, Odyssee 11.14ff. Als dit u doet denken aan het dodenrijk, dan zit u goed, want niet veel later brengt Odysseus inderdaad een bezoek aan die naargeestige plek.
De Kimmeriërs zijn dus westelijke stedelingen en nogal dood, of iets dat erop lijkt. Dat is voor ons ietwat lastig, aangezien alle andere bewijs suggereert dat het gaat om noordelijke nomaden die nogal in leven zijn.
Nomaden in Anatolië
Het tweede bewijsmateriaal bestaat uit de teksten uit Mesopotamië. Diverse teksten uit Assyrië vermelden mobiele groepen die onrust veroorzaken in de noordelijke grensgebieden. Deze Kimmeriërs lijken in de achtste eeuw over de Kaukasus zuidwaarts te zijn getrokken, en bedreigden daar het koninkrijk Urartu (een oude naam voor Armenië). Koning Rusa I rukte tegen hen op, maar werd verslagen. Daarna trokken de Kimmeriërs Urartu binnen, dat ze plunderden tot aan het Urmia-meer.
Later trokken de Kimmeriërs – of een groep Kimmeriërs – westwaarts, waar ze in 710/709 Frygië bedreigden. Koning Mit-ta-a, die u vermoedelijk kent onder de naam Midas,noot Mogelijk is Midas een vorstelijke titel geweest. zag zich genoodzaakt bij de Assyrische koning Sargon II hulp te vragen, maar dat belette de Kimmerische inval niet. Mit-ta-a pleegde in 696 of 695 zelfmoord na een verloren veldslag. Over Frygië horen we daarna weinig meer; de nieuwe macht in Anatolië zou het meer westelijk gelegen Lydië zijn. Wellicht vestigden groepen Kimmeriërs zich op de Frygische hoogvlakte, waar nog altijd nomaden heen en weer trekken.
De Frygische hoogvlakteKimmeriërs in Mesopotamië
De Assyrische kronieken vermelden de Kimmeriërs nog vaker. In 679 werd een leider genaamd Teušpa samen met zijn mannen belegerd in een stad genaamd Hubušnu. Later lezen we over Kimmeriërs in de buurt van Ellipi, in Medië en in Elam, vér in het zuiden. De Assyriërs hadden blijkbaar veel tijd nodig om orde op zaken te stellen.
Er zijn speculaties, en ze zijn niet zonder aanwijzingen in de bronnen, dat ontevreden groepen in het Assyrische Rijk samenwerkten met de Kimmeriërs, of in hun aanwezigheid kansen zagen voor het bevorderen van hun eigen agenda. Omdat de Assyrische bronnen na het midden van de zevende eeuw schaarser worden, is op dit punt meer onduidelijkheid dan we zouden willen.
Het westen
Terug naar de groep of groepen in Anatolië. Frygië was ten einde gekomen, Lydië was ontstaan en kreeg te maken met Kimmerische strooptochten. De Lydische koning Gyges wist de eerste aanval af te slaan, maar sneuvelde in 644. Later plunderden de Kimmeriërs ook enkele Griekse steden in Klein-Azië. Uiteindelijk wist koning Alyattes, die u moet plaatsen tussen pakweg 600 en 560 v.Chr., een einde te maken aan deze dreiging.
Archeologie
Archeologen hebben weer ander bewijs. Zij associëren de Kimmeriërs met de zogeheten Chernogorovka-Novocherkassk-cultuur,noot Wie verzint toch zulke namen? die tussen 900 en 650 heeft bestaan op de vlakten tussen de rivieren Prut en Don. Dus zeg maar in Oekraïne, met uitlopers naar Bulgarije. Deze mensen werden vaak begraven met bogen, zwaard en speer, wat suggereert dat ze vochten als bereden boogschutters. Hun kostbaarste bezit bestond uit runderen, waarmee ze als nomaden zwierven over de vlakten.
En nu is het interessant dat Aristeas van Prokonessos – ik noemde hem al eens omdat hij voldoet aan het profiel van een sjamaan – vertelt dat de Skythen de Kimmeriërs hebben verdreven uit Oekraïne. Als dit waar is, zouden we kunnen vermoeden dat de Kimmeriërs op drift zijn geraakt, zuidwaarts over de Kaukasus zijn gegaan en daarvandaan naar Anatolië en Mesopotamië. Het probleem met deze theorie is dat er weinig voorwerpen van de Chernogorovka-Novocherkassk-cultuur zijn gevonden bezuiden de Kaukasus.
Maar ook dat is weer problematisch, want eigenlijk lijken al die steppenomaden nogal op elkaar. Ik zou althans niet goed weten wat het verschil is tussen een Kimmerische en een Skythische pijlpunt. Kortom, het tekstuele en archeologische bewijs is asymmetrisch. Zelf zou ik overigens sowieso liever denken aan “de steppenomaden”, zonder al te specifieke etnische etiketten te willen plakken.
En tot slot: er zijn theorieën dat de auteur van de Odyssee kennis had genomen van een vroeg verhaal over de Argonauten, dat dit verhaal al was gelokaliseerd in Kolchis (het huidige Georgië), en dat de beschrijving van het dodenrijk is geïnspireerd door een groep Kimmeriërs in die regio. Het onvermogen te accepteren dat we inconsistente en dus onvoldoende informatie hebben, lijkt de vader van deze vader van deze gedachte. On n’a pas besoin de cette hypothèse-là.
Deze blog, die u ook via het Whatsapp-kanaal kunt volgen, is niet mijn enige activiteit. Ik bied ook cursussen aan.
Zelfde tijdvak
De opvolging in Assyrië
september 15, 2017
Kinalua
juni 8, 2024
Anatolische talen
mei 26, 2021 Deel dit:#Alyattes #AristeasVanProkonessos #ChernogorovkaNovocherkasskCultuur #dodenrijk #Frygië #Gyges #Homeros #Kaukasus #Kimmeriërs #Kolchis #Lydië #Medië #nomadisme #Oekraïne #RusaI #SargonII #Skythen #Turkije #Urartu
-
Alexander de Grote in Pamfilië
SyllionIn het vorige blogje vertelde ik hoe Alexander de Grote in de eerste maanden van 333 v.Chr. langs de Lycische kust was getrokken. Na deze tocht kwamen de Macedoniërs aan in Pamfylië, een uitgestrekte vlakte in het zuiden van Turkije, die in het voorjaar even groen is als Holland of Vlaanderen. Net als de Grieken woonden de Pamfyliërs in met elkaar rivaliserende steden en ook hier gold dat de vijand van je buurman je vriend is. Anders gezegd: Alexander belandde in een politiek wespennest.
Het wespennest
Door zich te verbinden met het Lycische Faselis haalde hij zich een conflict op de hals met Termessos, en dat leidde er weer toe dat de Pamfylische stad Perge zich bij de Macedoniërs aansloot, wat op zijn beurt tot gevolg had dat die als vijanden werden beschouwd door de bewoners van Syllion en Aspendos. Met diplomatieke middelen zette Alexander de situatie naar zijn hand. Althans, dat dacht hij.
De Macedoniërs marcheerden verder langs de kust en bereikten de stad Side in het oosten van Pamfylië, waar de bergen, net als in Lycië, weer reikten tot aan de zee. Verder naar het oosten trekken zou betekenen dat Alexanders leger geen contact meer had met dat van Parmenion; en dat zou gevaarlijk zijn, temeer daar de bewoners van het bergland geen aanstalten maakten zich te onderwerpen. Een andere reden om terug te keren was dat de situatie in Pamfylië inmiddels toch uit de hand was gelopen. Dus maakte Alexander rechtsomkeert, maar niet dan nadat hij in Side een garnizoen had achtergelaten dat Pamfylië moest beschermen tegen de bergbewoners. Opnieuw een aanwijzing dat Alexander de gebieden waar hij doorheen trok, wilde behouden.
De rivier Eurymedon in Pamfylië, niet ver van AspendosHij richtte nu zijn aandacht eerst op Syllion, maar begreep al snel dat deze op een tafelberg gelegen stad (zie de foto bovenaan) niet was in te nemen met het kleine leger dat hem vergezelde. Het volgende aanvalsdoel was Aspendos. De bewoners gaven zich over, beloofden extra tribuut te zullen betalen en stonden een stuk land af aan Alexanders bondgenoot Perge.
Gordion
Inmiddels was de winter voorbij en aangezien de Macedonische aanvoerders hadden afgesproken hun legers in Gordion samen te voegen, was het tijd Pamfylië te verlaten en naar het noorden te marcheren. Via Sagalassos (momenteel een opgraving van de universiteit Leuven) trokken de Macedoniërs landinwaarts. Alexander liet zijn jeugdvriend Nearchos achter als satraap van Pamfylië en Lycië en wees daarnaast Antigonos Eénoog aan als de generaal die de verzetshaarden moest opruimen.
Uitzicht vanuit Sagalassos; de troepen van het stadje bezetten bij de nadering van de Macedoniërs de heuvel vooraan.Alexander zelf vervolgde ondertussen zijn weg naar het noorden. Hij passeerde Pessinos, waar hij zal hebben geofferd aan de Frygische moedergodin Kybele. De Macedoniërs trokken door een weids, hier en daar glooiend, boomloos grasland zoals nergens in Griekenland en Macedonië in deze uitgestrektheid voorkwam. Ik noemde het in het intro van het vorige blogje al. De vlakte was op een grandioze manier verlaten en de doortocht was daardoor niet zonder gevaar: het terrein was immers goed geschikt voor een onverhoedse cavalerie-aanval. Alexander moet dankbaar zijn geweest dat Parmenion het gebied al had beveiligd. Zonder problemen legde het leger ook de laatste etappes af en kwam aan in Gordion.
FrygiëGordiaanse knoop
Daar, in de oude hoofdstad van Frygië, wachtten Alexander en Parmenion op de aankomst van versterkingen uit het thuisland en op de oogst. Ik heb al eens verteld hoe de soldaten zich verveelden en hoe Alexander besloot hun wat vermaak te bieden. Er was een oude voorspelling dat wie de knoop kon ontwarren waarmee een dissel aan een bepaalde wagen was gebonden, koning zou zijn van Azië. Zoals bekend hakte Alexander, die het niet lukte de knoop los te maken en gezichtsverlies dreigde te lijden, de knoop met zijn zwaard door. De anekdote gaat feitelijk over de wijze waarop het Macedonische oppercommando een exit-strategie ontwierp: immers, “Azië” was ongedefinieerd, en Alexander kon op elk moment zeggen dat de profetie in vervulling was gegaan en opdracht geven tot de terugkeer.
Daar was op dat moment, voorjaar 333, aanleiding toe. Memnon van Rhodos, de Griekse huurlingenleider in Perzische dienst, was met een vloot actief in de Egeïsche Zee. Aangezien op elk Grieks eiland mensen woonden die hadden geprofiteerd van de heerschappij van de grote koning of een andere reden hadden de Macedoniërs te haten, boekte hij snel succes. Chios viel. Op Lesbos belegerde hij Mytilene. Hij naderde de Hellespont, waar hij Alexanders aanvoerlijnen simpel kon afsnijden.
De toekomst
Alexander reageerde op karakteristieke wijze: de aanval. Kort na het doorhakken van de Gordiaanse Knoop gelastte hij zijn verenigde leger om op te rukken, naar het oosten. Hoe het verder ging, heb ik eerder verteld: hij passeerde de Taurusbergen door de zogeheten Cilicische Poort, maakte onder verwarrende omstandigheden contact met het leger van Darius III Codomannus, en overwon. U leest hier meer over de slag bij Issos, die begin november 333 plaatsvond.
Ik vervolg deze reeks over Alexander de Grote begin juli met de belegering van de stad Tyrus. Als u niet zo lang wil wachten, kunt het verhaal ook lezen in mijn boek over de geschiedenis van Libanon, dat op donderdag 12 juni verschijnt en die avond zal worden gepresenteerd in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden. U bent welkom!
Mijn boek over Libanon verschijnt donderdag 12 juni, maar u kunt het al bestellen. De opbrengst is geoormerkt voor Cordaid Libanon. U bent welkom bij de presentatie.
PS: u kunt deze blog volgen via het Whatsapp-kanaal.
Zelfde tijdvak
Alexander de Grote op de Balkan
augustus 13, 2024
Barmhartige en andere samaritanen (1)
september 26, 2020
De vogel Feniks
april 24, 2023 Deel dit:#AlexanderDeGrote #AntigonosEénoog #Aspendos #Chios #DariusIIICodomannus #Frygië #GordiaanseKnoop #Gordion #Kybele #Lesbos #MemnonVanRhodos #Mytilene #Nearchos #Pamfylië #Parmenion #Perge #Pessinos #Side #Syllion #Termessos #Turkije
-
Alexander de Grote in Lycië
De rotsachtige kust van LyciëIn 2003 reisden mijn zakenpartner en ik Alexander de Grote achterna, dwars door Turkije. Ik heb veel mooie herinneringen aan die reis: Efes pilsen (dat overigens wordt gebrouwen in Izmir), de grafheuvels bij Troje, de weidse vlakte van Frygië, de geuren op de kruidenmarkt in Iskenderun. Maar vooral: de rotsige kust van Lycië. Alexander was hier in de eerste weken van 333 v.Chr., nadat hij veel te veel tijd had verspild aan de zinloze belegering van de havenstad Halikarnassos.
Lycië & elders
De daaropvolgende inname van de havens van Lycië was op zich nuttig, want ooit zou het resterende Perzische garnizoen wegvaren uit Halikarnassos, en als dan ook de Lycische havens niet meer in Perzische handen waren, zou het voor de Perzen lastig worden de Egeïsche Zee te bereiken. Onze bronnen besteden daarom veel aandacht aan Alexanders campagne, hoewel dat niet de belangrijkste Macedonische operatie van dat moment was. Dat was de verovering van het westelijk deel van de Koninklijke Weg, die vanaf Sardes landinwaarts liep, naar de Frygische hoofdstad Gordion. Wie die stad beheerste, had een basis om Anatolië te veroveren. Alexanders generaal Parmenion lijkt Gordion zonder slag of stoot te hebben kunnen innemen. Niet vreemd: de Perzen hadden het garnizoen laten vechten aan de Granikos, en dat hadden de meeste soldaten niet overleefd.
De Perzische tegenmaatregelen hadden, nu koning Darius III Codomannus niet beschikte over een leger in Anatolië, geen militair karakter. Het lijkt erop dat hij probeerde verdeeldheid te zaaien onder de Macedoniërs. In Parmenions leger bevond zich Alexandros van Lynkestis, de man die Alexander als eerste als koning had erkend na de moord op Filippos. Daarmee had Alexandros zich het leven gered, want twee van zijn broers zouden – zo dacht men, in het klimaat van paranoia dat de moord omgaf – betrokken zijn geweest bij de aanslag en waren terechtgesteld. Wegens die executies had hij redenen om Alexander te haten en Darius schijnt hem een vermogen in het vooruitzicht gesteld te hebben als hij de Macedonische koning uit de weg zou ruimen. Parmenion kon niet achterhalen of Alexandros gehoor aan die oproep had willen geven, maar stelde hem in verzekerde bewaring. Toen Alexander bijna vier jaar later afrekende met een samenzwering, ging de terechtstelling van Alexandros in een moeite door.
De troepen van Alexander en Parmenion waren niet de enige Macedonische legers in Anatolië. Een van onze bronnen, Diodoros van Sicilië, vermeldt dat ook andere Macedonische korpsen oprukten naar Frygië. Hun activiteit suggereert dat er nog weerstand tegen de Macedoniërs was. De aanpak van verzetshaarden bewijst echter vooral dat Alexander inmiddels van zins was het gebied te behouden.
FaselisAlexander zelf was dus in Lycië. De kustweg voerde door een spectaculair, ruig landschap zoals de Macedoniërs nog nooit hadden gezien. Alleen het Tempe-ravijn was van een even rauwe schoonheid, maar dat lag ingeklemd tussen twee bergen en niet tussen een berg en de zee. Alexanders hofpropagandist Kallisthenes vermeldt dat er, toen de Macedoniërs het havenstadje Faselis passeerden, iets wonderlijks gebeurde: de zee zou met omslaande golven een soort knieval hebben gemaakt. Welk natuurverschijnsel bedoeld kan zijn, is onduidelijk, maar dat Azië alvast voor Alexander boog was te mooi om aan het thuisfront te onthouden.
Mijn boek over Libanon verschijnt donderdag 12 juni, maar u kunt het al bestellen. De opbrengst is geoormerkt voor Cordaid Libanon. U bent welkom bij de presentatie.
PS: u kunt deze blog volgen via het Whatsapp-kanaal.
Zelfde tijdvak
Kybele in Anatolië
juli 10, 2023
De rand van de oude wereld: Al-‘Ula
april 19, 2024
Cynisme (2): Diogenes van Sinope
december 8, 2022 Deel dit:#AlexanderDeGrote #AlexandrosVanLynkestis #DariusIIICodomannus #DiodorosVanSicilië #Faselis #Frygië #Gordion #Kallisthenes #Lycië #Parmenion #Turkije