#euratom201170 — Public Fediverse posts
Live and recent posts from across the Fediverse tagged #euratom201170, aggregated by home.social.
-
Toezicht op kernafval: ANVS aan tafel bij het beleid dat ze controleert
Zet de Belgische en de Nederlandse nucleaire toezichthouder naast elkaar, en het verschil springt eruit. Het Federaal Agentschap voor Nucleaire Controle (FANC) publiceerde in mei zijn advies over het langetermijnplan van NIRAS, de Belgische afvalorganisatie, voor hoogradioactief afval. Het FANC is daarin niet mals: de locatiekeuze moet sneller, uitstel noemt het agentschap ronduit "een ethische noodzaak" omdat de rekening anders bij volgende generaties komt te liggen, en er moet een onafhankelijke 'garant' komen voor het participatietraject. Stevige, principiële taal. En openbaar.
In Nederland is zulke kritiek nauwelijks te vinden. Niet omdat er niets op aan te merken valt, maar omdat de ANVS die kritiek niet levert. Via een Woo-verzoek kreeg Laka de interne stukken waarmee de ANVS commentaar gaf op het concept van het Nationaal Programma Radioactief Afval (NPRA) en de bijbehorende Routekaart eindberging. Daaruit blijkt waar de ANVS haar energie in stak: in november 2024 zette een medewerker 57 opmerkingen in de kantlijn van het concept-NPRA. Op één na gaan ze allemaal over feitjes. Urenco werd ten onrechte vergunninghouder van kerncentrale Dodewaard genoemd – dat is GKN. Een zin over de eigenaar van COVRA "klopt niet". Een verdrag werd niet bij de officiële naam genoemd. En meermaals moest worden benadrukt dat de bedrijfsduurverlenging van Borssele nog geen gelopen race is.
De enige opmerking die verder gaat dan taalkundig bijschaven, wijst op een internationale aanbeveling (van de IAEA-missie IRRS) om regels te maken voor afvalacceptatiecriteria. Ook dat is een technisch-juridisch punt. Over de kern van het beleid zelf – hoe snel de locatiekeuze moet gaan, hoeveel afval de nieuwe kerncentrales gaan opleveren – zegt de ANVS niets.
Waarom dat zo is, wordt duidelijk uit een andere mail, van begin maart 2025. Daarin overleggen ANVS-medewerkers of ze überhaupt een officiële inspraakreactie zullen indienen op het concept-NPRA. In die mail beschrijft de ANVS haar eigen rol: het is aan haar om te zorgen dat het afvalbeheer "nu en in de toekomst" veilig is, maar dat gebeurt volgens haarzelf pas "tijdens vergunningverlening, toezicht en handhaving". Met andere woorden: pas wanneer er ooit eens een vergunning wordt aangevraagd voor de eindberging of voor een nieuwe kerncentrale. Niet nu, in de fase waarin het NPRA het tempo, de locatiekeuze-aanpak en de toekomstige afvalberg vastlegt. Precies de vragen die het FANC over het Belgische plan wél stelt, vallen zo buiten wat de ANVS zichzelf als taak toebedeelt – en dat nota bene op het moment dat er nog iets aan te veranderen valt. Ook veelzeggend: uit dezelfde mail blijkt dat het ministerie van IenW de ANVS niet eens persoonlijk had uitgenodigd om als adviseur aan te schuiven bij de publieksbijeenkomsten over het NPRA - terwijl de ANVS toch voorlichting als wettelijke taak heeft.
Wat er wél met de ANVS-correcties is gebeurd, valt te checken in de uiteindelijke ontwerpversies van NPRA en Routekaart. Urenco is inderdaad niet meer vergunninghouder van Dodewaard, de bedrijfsduurverlenging heet nu overal "mogelijk", en de aanbeveling over acceptatiecriteria staat erin. Op dat detailniveau werkte het systeem dus prima. Maar de rol die de ANVS daarbij speelde, was die van een meelezende collega, wier suggesties het ministerie naar eigen inzicht kon overnemen of niet. Sterker: de ANVS schrijft zelf dat haar inbreng maar "deels" is overgenomen. Dat is iets anders dan een onafhankelijke toezichthouder die publiekelijk een oordeel velt over de vraag of het beleid zelf wel deugt.
Dat verschil is niet toevallig. Het NPRA vermeldt terloops dat de ANVS bij haar oprichting in 2015 nog een rol had in de voorbereiding van het afvalbeleid, maar dat die taak sinds mei 2020 is overgegaan naar het ministerie van IenW zelf. Sindsdien schrijft niet de ANVS het NPRA, maar de beleidsdirectie van de eigen minister – dezelfde minister die politiek verantwoordelijk is voor precies het beleid waarop de ANVS moet toezien. Het FANC staat in België institutioneel losser van de beleidsmakers en heeft een wettelijke adviesrol die uitmondt in een openbaar document. Dat de ANVS haar bevindingen in plaats daarvan per mail en in track changes deelt met collega's op hetzelfde ministerie, past bij een toezichthouder die aan dezelfde tafel zit als degene die ze eigenlijk moet controleren. Het verklaart ook meteen waarom Laka een Woo-verzoek nodig had om er iets van te weten te komen.
Het kabinet kondigde en fikse koerswijziging aan: het loslaten van 2100 als beslismoment, twee nieuwe kerncentrales, langer open blijven van Borssele, mogelijk kleine reactoren. Dat de ANVS geen van die keuzes ter discussie stelt, zegt dan waarschijnlijk minder over het ontbreken van vragen, en meer over de ruimte die de toezichthouder zichzelf in deze rol toekent.
Het defintieve NPRA wordt dit najaar verwacht, en wordt dan aan de Kamer voorgelegd
#Euratom201170 #FANC #Woo -
Toezicht op kernafval: ANVS aan tafel bij het beleid dat ze controleert
Zet de Belgische en de Nederlandse nucleaire toezichthouder naast elkaar, en het verschil springt eruit. Het Federaal Agentschap voor Nucleaire Controle (FANC) publiceerde in mei zijn advies over het langetermijnplan van NIRAS, de Belgische afvalorganisatie, voor hoogradioactief afval. Het FANC is daarin niet mals: de locatiekeuze moet sneller, uitstel noemt het agentschap ronduit "een ethische noodzaak" omdat de rekening anders bij volgende generaties komt te liggen, en er moet een onafhankelijke 'garant' komen voor het participatietraject. Stevige, principiële taal. En openbaar.
In Nederland is zulke kritiek nauwelijks te vinden. Niet omdat er niets op aan te merken valt, maar omdat de ANVS die kritiek niet levert. Via een Woo-verzoek kreeg Laka de interne stukken waarmee de ANVS commentaar gaf op het concept van het Nationaal Programma Radioactief Afval (NPRA) en de bijbehorende Routekaart eindberging. Daaruit blijkt waar de ANVS haar energie in stak: in november 2024 zette een medewerker 57 opmerkingen in de kantlijn van het concept-NPRA. Op één na gaan ze allemaal over feitjes. Urenco werd ten onrechte vergunninghouder van kerncentrale Dodewaard genoemd – dat is GKN. Een zin over de eigenaar van COVRA "klopt niet". Een verdrag werd niet bij de officiële naam genoemd. En meermaals moest worden benadrukt dat de bedrijfsduurverlenging van Borssele nog geen gelopen race is.
De enige opmerking die verder gaat dan taalkundig bijschaven, wijst op een internationale aanbeveling (van de IAEA-missie IRRS) om regels te maken voor afvalacceptatiecriteria. Ook dat is een technisch-juridisch punt. Over de kern van het beleid zelf – hoe snel de locatiekeuze moet gaan, hoeveel afval de nieuwe kerncentrales gaan opleveren – zegt de ANVS niets.
Waarom dat zo is, wordt duidelijk uit een andere mail, van begin maart 2025. Daarin overleggen ANVS-medewerkers of ze überhaupt een officiële inspraakreactie zullen indienen op het concept-NPRA. In die mail beschrijft de ANVS haar eigen rol: het is aan haar om te zorgen dat het afvalbeheer "nu en in de toekomst" veilig is, maar dat gebeurt volgens haarzelf pas "tijdens vergunningverlening, toezicht en handhaving". Met andere woorden: pas wanneer er ooit eens een vergunning wordt aangevraagd voor de eindberging of voor een nieuwe kerncentrale. Niet nu, in de fase waarin het NPRA het tempo, de locatiekeuze-aanpak en de toekomstige afvalberg vastlegt. Precies de vragen die het FANC over het Belgische plan wél stelt, vallen zo buiten wat de ANVS zichzelf als taak toebedeelt – en dat nota bene op het moment dat er nog iets aan te veranderen valt. Ook veelzeggend: uit dezelfde mail blijkt dat het ministerie van IenW de ANVS niet eens persoonlijk had uitgenodigd om als adviseur aan te schuiven bij de publieksbijeenkomsten over het NPRA - terwijl de ANVS toch voorlichting als wettelijke taak heeft.
Wat er wél met de ANVS-correcties is gebeurd, valt te checken in de uiteindelijke ontwerpversies van NPRA en Routekaart. Urenco is inderdaad niet meer vergunninghouder van Dodewaard, de bedrijfsduurverlenging heet nu overal "mogelijk", en de aanbeveling over acceptatiecriteria staat erin. Op dat detailniveau werkte het systeem dus prima. Maar de rol die de ANVS daarbij speelde, was die van een meelezende collega, wier suggesties het ministerie naar eigen inzicht kon overnemen of niet. Sterker: de ANVS schrijft zelf dat haar inbreng maar "deels" is overgenomen. Dat is iets anders dan een onafhankelijke toezichthouder die publiekelijk een oordeel velt over de vraag of het beleid zelf wel deugt.
Dat verschil is niet toevallig. Het NPRA vermeldt terloops dat de ANVS bij haar oprichting in 2015 nog een rol had in de voorbereiding van het afvalbeleid, maar dat die taak sinds mei 2020 is overgegaan naar het ministerie van IenW zelf. Sindsdien schrijft niet de ANVS het NPRA, maar de beleidsdirectie van de eigen minister – dezelfde minister die politiek verantwoordelijk is voor precies het beleid waarop de ANVS moet toezien. Het FANC staat in België institutioneel losser van de beleidsmakers en heeft een wettelijke adviesrol die uitmondt in een openbaar document. Dat de ANVS haar bevindingen in plaats daarvan per mail en in track changes deelt met collega's op hetzelfde ministerie, past bij een toezichthouder die aan dezelfde tafel zit als degene die ze eigenlijk moet controleren. Het verklaart ook meteen waarom Laka een Woo-verzoek nodig had om er iets van te weten te komen.
Het kabinet kondigde en fikse koerswijziging aan: het loslaten van 2100 als beslismoment, twee nieuwe kerncentrales, langer open blijven van Borssele, mogelijk kleine reactoren. Dat de ANVS geen van die keuzes ter discussie stelt, zegt dan waarschijnlijk minder over het ontbreken van vragen, en meer over de ruimte die de toezichthouder zichzelf in deze rol toekent.
Het defintieve NPRA wordt dit najaar verwacht, en wordt dan aan de Kamer voorgelegd
#Euratom201170 #FANC #Woo -
Europese Commissie evalueert radioactiefafval-richtlijn
De Europese Commissie is een openbare raadpleging gestart over de evaluatie van de Euratom‑richtlijn 2011/70 (beheer van radioactief afval en verbruikte splijtstof). Deze consultatie loopt van 27 maart tot en met 19 juni 2026.
Met deze raadpleging verzamelt de Commissie input over de vraag of het huidige EU‑kader daadwerkelijk zorgt voor veilig, verantwoordelijk en betrouwbaar beheer van kernafval. Daarbij gaat het met name om de uitvoering in de lidstaten, waar het in de praktijk vaak misgaat.
De Commissie vraagt expliciet ook om reacties van maatschappelijke organisaties, wetenschappers en het brede publiek. Dat is belangrijk, want beslissingen over kernafval gaan over risico’s en verantwoordelijkheden die generaties lang doorwerken.Iedereen kan deelnemen door het invullen van een online vragenlijst
#Euratom201170 #NPRA -
OFL start met maken participatieplan voor besluitvorming eindberging kernafval
Het Overlegorgaan Fysieke Leefomgeving (OFL) is officieel van start gegaan met het voorbereiden van een participatieplan voor de besluitvorming over de eindberging van kernafval. Op dinsdag 17 maart vond in Utrecht hiervoor de eerste bijeenkomst van "de deskundigengroep" plaats. Met dit traject zet het ministerie van IenW een eerste stap naar eindberging, zoals geadviseerd door het Rathenau Instituut. Het ontwerpen van het participatieplan is onderdeel van het 'Actieplan Eindberging' en als zodanig onderdeel van de ontwerp-'routekaart naar eindberging'.
De bijeenkomst op 17 maart werd geleid door OFL-voorzitter Johan van de Gronden en geopend door het ministerie van IenW. Het OFL heeft voor het opstellen van het participatieplan vertegenwoordigers van uiteenlopende partijen uitgenodigd: naast kennisorganisaties als TNO, RIVM en de TU Delft en landelijke en regionale overheden, namen ook COVRA en Urenco deel, evenals de Vereniging van waterbedrijven (Vewin) en NGO's, waaronder Laka. Voor de zomervakantie staat een volgende bijeenkomst gepland.
Het feitelijke opstellen van het participatieplan ligt bij het ontwerpteam onder leiding van de OFL-voorzitter. Zij streven het plan in het najaar aan de staatssecretaris van IenW aan te bieden.
Bij de start van de bijeenkomst deelde het ministerie van IenW desgevraagd mee dat het Nationaal Programma Radioactief Afval — met daarin de reactie de ruim 1600 ingediende zienswijzen — waarschijnlijk pas in het najaar van 2026 naar de Tweede Kamer komt. Het door het OFL op te stellen participatieplan is namelijk onderdeel van het nationaal radioactief afval beleid. Alleen is het het nationaal beleid nog niet officieel vastgesteld: Niet alleen zijn er vanuit de noordelijke provincies er heel veel kritische zienswijzes op ingediend, de vertraging wordt ook veroorzaakt door het opnieuw opstellen van het milieueffectrapport, nadat de Commissie mer had geconcludeerd dat het eerdere Mer ondermaats was.
De bedoeling is dat het op te stellen participatieplan wordt opgenomen in het Actieprogramma Eindberging Radioactief Afval (AERA), dat eind 2027 naar de Tweede Kamer gaat. De inzet van het kabinet is om in 2050 de definitieve beslissingen over de eindberging van kernafval te nemen — over beheermethode, locatie.
Laka krijgt van het traject een beetje een déja vu gevoel. Maar de hernieuwde politieke wind voor kernenergie maakt deelname voor Laka toch relevant: zo kan ze haar zorgen over kernafval in ieder geval in dit traject op de agenda houden.
#AERA #Euratom201170 #NPRA #OFL -
KPMG: Nederland mist samenhang en regie in kernafvalbeleid
Een woensdag gepubliceerd KPMG‑rapport over de voorbereidende fase van eindberging van kernafval laat zien dat Nederland structureel afwijkt van onze buurlanden: In België, Frankrijk, Duitsland en het VK ligt het beleid voor kernafval én kernenergie bij één ministerie. In Nederland is dat gescheiden, wat volgens KPMG een risico is voor samenhang en besluitvorming. Gek is verder dat het governance-onderzoek waarin KPMG dit opmerkt een bijlage is bij een Kamerbrief van 19 december, die dus pas gisteren openbaar is gemaakt.
Het KPMG-onderzoek naar de mogelijke organisatie van de aanleg van een eindberging is vorig jaar door VVD-staatssecretaris Aartsen besteld als advies over hoe Nederland de organisatie voor de voorbereidende fase van eindberging adequaat kan opzetten. KPMG omschrijft haar rapport als een onderdeel van voorbereiding op de voorbereiding van eindberging en geeft de handschoen ook weer terug aan de staatssecretaris: Het rapport is een “eerste verkenning” en kan alleen dienen als input voor IenW’s plan van aanpak richting 2027. Het lijkt er ook een beetje op dat IenW met dit adviestraject eigenlijk nog snel allemaal knopen wil doorhakken voordat het echter participatieproces in 2027 start. Terwijl je toch zou verwachten dat ook de inrichting van de organisatie van de eindberging open zou staan voor inspraak?
In 2010 stelde de regering al vast dat het politiek en maatschappelijk wenselijk kan zijn om concrete stappen richting eindberging van kernafval te zetten voordat vergunningen voor nieuwe kerncentrales worden verleend. KPMG concludeert nu dat in België, Duitsland, Frankrijk en het VK het ministerie dat verantwoordelijk is voor het beleid rondom kernafval óók verantwoordelijk is voor kernenergiebeleid. Daarmee is er, volgens KPMG, in die landen samenhang tussen productie van kernafval, eindberging, financiering en veiligheid. In Nederland zijn die verantwoordelijkheden echter nog steeds gescheiden: Het ministerie van Klimaat en Groene Groei plant vier kerncentrales, en IenW is verantwoordelijk voor het kernafval. U kunt raden wat dat doet voor de samenhang.
KPMG identificeert verder financiering van eindberging internationaal als sleutelfactor. In het rapport geeft KPMG echter aan dat dit buiten scope was: "De scenario’s bevatten diverse openstaande punten en keuzes, bijvoorbeeld over de precieze invulling van de geïdentificeerde verantwoordelijkheden en de te maken afspraken, die IenW mogelijk samen met betrokken stakeholders nader dient te onderzoeken, daar dit binnen de scope en tijdslijnen van dit onderzoek niet mogelijk was.". In de Kamerbrief van 19 december is wel aangegeven dat er onder meer voor financiën nog een apart 'spoor' loopt.
Ondertussen laat de IenW-begeleidingscommissie bij het KPMG-onderzoek, vooruitlopend op dit financiële spoor, wel alvast twee belangrijke financieringsscenario's voor eindberging van kernafval buiten dit onderzoek (sheet 127): Dat de Staat de financiering beheert, of dat kernafvalproducenten verplicht zélf sparen voor eindberging. Alsof financiering nu goed geregeld is.
In de Kamerbrief van 19 december staat tenslotte ook nog dat KPMG haar onderzoek heeft gebaseerd op ervaringen in het buitenland, en ook op de bouw van Pallas-kernreactor in Petten. In het nu gepubliceerde stuk staat alleen helemaal niets over Pallas...?
#AERA #Euratom201170 #KPMG -
Scenariostudie: multinationale eindberging kernafval gaat niet gebeuren
Een maand geleden zette het ministerie van IenW stilletjes een in de routekaart eindberging aangekondigde studie naar een multinationale eindberging online. De door NRG-PALLAS uitgevoerde scenariostudie laat zien dat een internationale eindberging van kernafval op korte termijn niet zal gebeuren.
Volgens de routekaart gaat de minister (nu een BBB'er) aan de hand van deze studie het ambitieniveau van Nederland bepalen. Gokje? Vervolgonderzoek.In het eerste nationale programma was opgenomen dat 'voor het realiseren van een eindberging internationale samenwerking niet bij voorbaat [is] uitgesloten'. Dit is de 'duale strategie' gaan heten.
NRG Pallas beschrijft voor het tweede programma nu zes mogelijke vormen van internationale samenwerking, variërend van kennisdeling tot een daadwerkelijke gezamenlijke eindberging. Slechts twee scenario’s bestempelen ze als enigszins kansrijk – en zelfs die vereisen langdurige diplomatieke trajecten, politieke wil en maatschappelijke acceptatie in meerdere landen.
4 weken vertraagd: Scenariostudie multinationale strategie eindberging radioactief afval
— Rijks-antedatering (@rijks-antedatering.bsky.social) 2025-07-02T07:03:08+00:00
Het scenario waarin Nederland zijn kernafval zou overbrengen naar een buitenlandse dump (het "ADD-ON-scenario") wordt als ronduit onrealistisch bestempeld. Geen enkel land heeft zich bereid verklaard om het kernafval van onze industrie te accepteren. En dat is niet verwonderlijk: net als in Nederland is er in vrijwel alle andere landen nauwelijks publieke acceptatie van eindberging en is die afhankelijk van de garantie dat het uitsluitend om nationaal afval gaat. Overigens: "Mocht Nederland zelf wel als gastland voor berging van [kernafval] van andere landen – met een klein [afval]-inventaris – willen optreden, dan bestaat daar zeker belangstelling voor". Tekenen bij het kruisje, wie wil?
Maar toch noemt NRG-PALLAS België als meest (één-oog) kansrijke partner, vanwege gedeelde geologie (klei) en de bestaande samenwerking. Maar ook daar geldt: het Belgische beleid is gericht op nationale berging, en het accepteren van buitenlands afval zal niet gebeuren. Zonder brede maatschappelijke steun is een dergelijk scenario onhaalbaar. Dus sure, partner voor onderzoek, maar dat is niet wat Nederland eigenlijk wil, met haar volle ondergrond....
Zo bevestigt de stilletjes opgeleverde scenariostudie dus wat iedereen al wist: een multinationale eindberging gaat er niet komen. Ondertussen is dit geschmier over een multinationale eindberging al weer haast tien jaar aan de gang. In plaats van te blijven suggereren dat een ander land het voor Nederland wel zal opknappen, moet de sector eindelijk eens verantwoordelijkheid nemen voor zijn eigen nucleaire rotzooi. Oh wacht,
#Euratom201170 -
Scenariostudie: multinationale eindberging kernafval gaat niet gebeuren
Een maand geleden zette het ministerie van IenW stilletjes een in de routekaart eindberging aangekondigde studie naar een multinationale eindberging online. De door NRG-PALLAS uitgevoerde scenariostudie laat zien dat een internationale eindberging van kernafval op korte termijn niet zal gebeuren.
Volgens de routekaart gaat de minister (nu een BBB'er) aan de hand van deze studie het ambitieniveau van Nederland bepalen. Gokje? Vervolgonderzoek.In het eerste nationale programma was opgenomen dat 'voor het realiseren van een eindberging internationale samenwerking niet bij voorbaat [is] uitgesloten'. Dit is de 'duale strategie' gaan heten.
NRG Pallas beschrijft voor het tweede programma nu zes mogelijke vormen van internationale samenwerking, variërend van kennisdeling tot een daadwerkelijke gezamenlijke eindberging. Slechts twee scenario’s bestempelen ze als enigszins kansrijk – en zelfs die vereisen langdurige diplomatieke trajecten, politieke wil en maatschappelijke acceptatie in meerdere landen.
4 weken vertraagd: Scenariostudie multinationale strategie eindberging radioactief afval
— Rijks-antedatering (@rijks-antedatering.bsky.social) 2025-07-02T07:03:08+00:00
Het scenario waarin Nederland zijn kernafval zou overbrengen naar een buitenlandse dump (het "ADD-ON-scenario") wordt als ronduit onrealistisch bestempeld. Geen enkel land heeft zich bereid verklaard om het kernafval van onze industrie te accepteren. En dat is niet verwonderlijk: net als in Nederland is er in vrijwel alle andere landen nauwelijks publieke acceptatie van eindberging en is die afhankelijk van de garantie dat het uitsluitend om nationaal afval gaat. Overigens: "Mocht Nederland zelf wel als gastland voor berging van [kernafval] van andere landen – met een klein [afval]-inventaris – willen optreden, dan bestaat daar zeker belangstelling voor". Tekenen bij het kruisje, wie wil?
Maar toch noemt NRG-PALLAS België als meest (één-oog) kansrijke partner, vanwege gedeelde geologie (klei) en de bestaande samenwerking. Maar ook daar geldt: het Belgische beleid is gericht op nationale berging, en het accepteren van buitenlands afval zal niet gebeuren. Zonder brede maatschappelijke steun is een dergelijk scenario onhaalbaar. Dus sure, partner voor onderzoek, maar dat is niet wat Nederland eigenlijk wil, met haar volle ondergrond....
Zo bevestigt de stilletjes opgeleverde scenariostudie dus wat iedereen al wist: een multinationale eindberging gaat er niet komen. Ondertussen is dit geschmier over een multinationale eindberging al weer haast tien jaar aan de gang. In plaats van te blijven suggereren dat een ander land het voor Nederland wel zal opknappen, moet de sector eindelijk eens verantwoordelijkheid nemen voor zijn eigen nucleaire rotzooi. Oh wacht,
-
NRC: “Onderzoek Rijk naar veilig beheer van kernafval is dusdanig slecht dat het opnieuw moet”
Uit het NRC Handelsblad: Volgens de onafhankelijke commissie die milieuefffectrapportages controleert, zijn de milieugevolgen van de opslag van kernafval „niet of nauwelijks onderzocht, uitgediept, onderbouwd en deels onjuist”.
Net als zestienhonderd anderen, had Laka in maart een kritische zienswijze over de milieueffectrapportage van PVV-staatssecretaris Jansen opgesteld. De zienswijzes en het advies van de commissie verschijnen vrijdag. Het is gebruikelijk dat de regering het advies van de commmissie mer opvolgt. Maar met deze regering weet je het maar nooit.Lees het volledige artikel in het NRC hier.
Update: Het advies is gepubliceerd.
Uit het advies:
#Euratom201170 #Milieueffectrapportage #PVV"Het hele rapport is door de vreemde zinsconstructies en de vele herhalingen moeilijk leesbaar. Er lijkt daarbij sprake van een ‘slechte’ vertaling uit het Engels. De schrijvers lijken een beperkt begrip van de Nederlandse situatie en context te hebben. Zo ligt de COVRA niet in landelijk gebied en niet vlak bij de Oosterscheldekering, de Maasvlakte ligt niet in een laag gelegen polder, de A15 loopt niet vast als de stortplaats op de Maasvlakte moet worden uitgebreid, Den Haag heeft geen groot industriegebied, enzovoorts."
(...)
Denk aan in het MER positief beoordeelde milieuthema’s, waarbij de onderbouwing éénzijdig is of niet serieus. Het gaat onder meer om positieve scores voor:- stralingsbescherming: bijvoorbeeld de vermelde verbetering van stralingsbescherming lijkt onwaarschijnlijk bij ongewijzigd beleid;
- hulpbronnen: omwille van opwerking van splijtstoffen, waarbij voorbijgegaan wordt aan de milieueffecten daarvan en aan de beperkte mogelijkheden voor reële recyclage en de daaraan verbonden bijkomende afvalstromen;
- landschap en erfgoed: kunstbehoud en gratis te bezoeken kunsttentoonstellingen bij de COVRA.
-
“In de mist”: Laka publiceert zienswijze kernafval
Vandaag, op de laatste dag dat dit kan, dient Laka haar zienswijze in op het ontwerp nationale programma radioactief afval. Laka geeft haar zienswijze als titel "in de mist".
Wat deze keer heel bijzonder was dat pas helemaal aan het einde van de inspraakprocedure de 7-jaarlijkse evaluatie van de COVRA werd gepubliceerd en dat COVRA afgelopen vrijdag ook nog pardoes nog met twee safety cases en een nieuwe kostenschatting kwam. En daaruit bleek dan ook nog een keer dat er wèl een aparte audit is gedaan naar de vorige kostenschatting. Nou ja, in de mist dus.In 2015 heeft Laka ook een zienswijze ingediend op het eerste ontwerp NPRA, toen was de titel “Wait and see”. In de aanloop van het eerste NPRA waarschuwde onder andere het hoofd van de Zweedse stralingsbeschermingautoriteit Strålsäkerhetsmyndigheten ons land namelijk om eerder dan het jaar 2130 werk te maken van de eindberging van radioactief afval. Maar de regering stak haar kop in het zand en week in het NPRA niet af van het toen al dertig jaar oude beleid om het aanleggen van een kernafval eindberging op de hele lange baan te schuiven.
Alles is nu anders, maar alles is toch ook het zelfde gebleven. De regering heeft namelijk forse kernenergie ambities, en dan moet je toch wat met dat kernafval. De staatssecretaris van IenW besloot daarom vorig jaar, mede op advies van het Rathenau Instituut, om voor de aanleg van die eindberging niet meer terug te redeneren vanaf het jaar 2130, maar nu “gewoon” te beginnen in een stapsgewijze participatieve aanpak. Dat zou dan mogelijk kunnen leiden tot een beheer- en locatiekeuze in 2050. Vijftig jaar eerder, tel uit je winst.
Tekst gaat door onder de video
En alhoewel de uitbouw van kernenergie in Nederland momenteel niet zo vlot verloopt als een meerderheid in de Tweede Kamer wensdenkt – waarbij de nadruk vooral ook lijkt te liggen bij het frustreren van effectief klimaatbeleid – blijft het toch opmerkelijk hoe veel voortvarender kernenergie wordt opgepakt dan het afhechten van de kernenergie back end. Dan krijg je toch het idee dat dit zaakje stinkt.
Voor twee nieuwe kerncentrale was direct een voorkeurslocatie in beeld, maar zodra iemand ook maar suggereert dat de eindberging uiteindelijk toch in Groningen of Drenthe komt “dan zijn we daar nog helemaal niet aan toe”. Zo stelt dezelfde staatssecretaris van IenW nu dat we rond 2050 goed in kaart hebben wat de mogelijkheden zijn en of we eindberging in Nederland, of toch in het buitenland gaan doen. Akkoord, het is vijftig jaar eerder, maar het is nog steeds pas over 25 jaar dat de overheid overweegt een echt gesprek over eindberging te gaan voeren. Dan vraag je je toch af: hoe moeilijk is het dan om een mijn te bouwen?
De nota radioactief afval uit 1984 had over een bovengrondse opslagtermijn van 100 jaar, het NPRA-2015 over 115 jaar, en het voorliggende ontwerp-NPRA over nog zeker 25 jaar. Hoe het ook zij: comfortabel ver weg. En Laka heeft zo het vermoeden dat zodra die 25 jaar haar ommekomst nadert, enige decennia nader uitstel niet ver weg zullen zijn.
Laka heeft ook nog steeds een kater van de “klankbordgroep” die op grond van het NPRA-2015 zou worden opgezet. Dat werd eerst een kwartiermaker die in 2018 concludeerde dat ‘klankborden’ wel wat passief klonk. Daarop heeft het ministerie van IenW het Rathenau Instituut verzocht op zoek te gaan naar hoe maatschappelijke betrokkenheid bij eindberging wel kan worden georganiseerd. En dat resulteerde dus in een advies om eindberging naar voren te halen.
Daarom geeft Laka haar zienswijze dit maal als titel “In de mist”. Met de geproclameerde vervroeging van de eindberging prijkt er opeens een gat van ruim honderd keer COVRA’s jaaromzet in de eindbergingsbegroting - dat toch echt door de afvalproducenten zal moeten worden gedicht, van de nieuwe participatieve stapsgewijze aanpak bestaat nog niet meer dan een schets, pal op de deadline publiceerde COVRA pardoes nog een nieuwe kostenschatting en twee safety cases die nog kijken naar 2130(!): Eigenlijk hebben we nog geen idee van wat er nu écht gaat gebeuren.
‘Klankborden’ is ondertussen tien jaar bezig maar de overheid houdt maatschappelijke organisaties zoals Laka nog steeds angstvallig buiten de deur. Met die ervaring in het achterhoofd vragen we ons hardop af, welke garantie is er dat als “participatieve stapsgewijze aanpak”, die in 2027 zou moeten beginnen, niet opnieuw een adviestraject wordt ingezet?
En dan is het 2035 voordat je er erg in hebt.
Vandaag is de laatste dag dat je ook zelf een zienswijze kan indienen. Zie voor voorbeelden hier, hier en hier.
#Euratom201170 #Klankbordgroep #Laka #NPRA #Rathenau -
“In de mist”: Laka publiceert zienswijze kernafval
Vandaag, op de laatste dag dat dit kan, dient Laka haar zienswijze in op het ontwerp nationale programma radioactief afval. Laka geeft haar zienswijze als titel "in de mist".
Wat deze keer heel bijzonder was dat pas helemaal aan het einde van de inspraakprocedure de 7-jaarlijkse evaluatie van de COVRA werd gepubliceerd en dat COVRA afgelopen vrijdag ook nog pardoes nog met twee safety cases en een nieuwe kostenschatting kwam. En daaruit bleek dan ook nog een keer dat er wèl een aparte audit is gedaan naar de vorige kostenschatting. Nou ja, in de mist dus.In 2015 heeft Laka ook een zienswijze ingediend op het eerste ontwerp NPRA, toen was de titel “Wait and see”. In de aanloop van het eerste NPRA waarschuwde onder andere het hoofd van de Zweedse stralingsbeschermingautoriteit Strålsäkerhetsmyndigheten ons land namelijk om eerder dan het jaar 2130 werk te maken van de eindberging van radioactief afval. Maar de regering stak haar kop in het zand en week in het NPRA niet af van het toen al dertig jaar oude beleid om het aanleggen van een kernafval eindberging op de hele lange baan te schuiven.
Alles is nu anders, maar alles is toch ook het zelfde gebleven. De regering heeft namelijk forse kernenergie ambities, en dan moet je toch wat met dat kernafval. De staatssecretaris van IenW besloot daarom vorig jaar, mede op advies van het Rathenau Instituut, om voor de aanleg van die eindberging niet meer terug te redeneren vanaf het jaar 2130, maar nu “gewoon” te beginnen in een stapsgewijze participatieve aanpak. Dat zou dan mogelijk kunnen leiden tot een beheer- en locatiekeuze in 2050. Vijftig jaar eerder, tel uit je winst.
Tekst gaat door onder de video
En alhoewel de uitbouw van kernenergie in Nederland momenteel niet zo vlot verloopt als een meerderheid in de Tweede Kamer wensdenkt – waarbij de nadruk vooral ook lijkt te liggen bij het frustreren van effectief klimaatbeleid – blijft het toch opmerkelijk hoe veel voortvarender kernenergie wordt opgepakt dan het afhechten van de kernenergie back end. Dan krijg je toch het idee dat dit zaakje stinkt.
Voor twee nieuwe kerncentrale was direct een voorkeurslocatie in beeld, maar zodra iemand ook maar suggereert dat de eindberging uiteindelijk toch in Groningen of Drenthe komt “dan zijn we daar nog helemaal niet aan toe”. Zo stelt dezelfde staatssecretaris van IenW nu dat we rond 2050 goed in kaart hebben wat de mogelijkheden zijn en of we eindberging in Nederland, of toch in het buitenland gaan doen. Akkoord, het is vijftig jaar eerder, maar het is nog steeds pas over 25 jaar dat de overheid overweegt een echt gesprek over eindberging te gaan voeren. Dan vraag je je toch af: hoe moeilijk is het dan om een mijn te bouwen?
De nota radioactief afval uit 1984 had over een bovengrondse opslagtermijn van 100 jaar, het NPRA-2015 over 115 jaar, en het voorliggende ontwerp-NPRA over nog zeker 25 jaar. Hoe het ook zij: comfortabel ver weg. En Laka heeft zo het vermoeden dat zodra die 25 jaar haar ommekomst nadert, enige decennia nader uitstel niet ver weg zullen zijn.
Laka heeft ook nog steeds een kater van de “klankbordgroep” die op grond van het NPRA-2015 zou worden opgezet. Dat werd eerst een kwartiermaker die in 2018 concludeerde dat ‘klankborden’ wel wat passief klonk. Daarop heeft het ministerie van IenW het Rathenau Instituut verzocht op zoek te gaan naar hoe maatschappelijke betrokkenheid bij eindberging wel kan worden georganiseerd. En dat resulteerde dus in een advies om eindberging naar voren te halen.
Daarom geeft Laka haar zienswijze dit maal als titel “In de mist”. Met de geproclameerde vervroeging van de eindberging prijkt er opeens een gat van ruim honderd keer COVRA’s jaaromzet in de eindbergingsbegroting - dat toch echt door de afvalproducenten zal moeten worden gedicht, van de nieuwe participatieve stapsgewijze aanpak bestaat nog niet meer dan een schets, pal op de deadline publiceerde COVRA pardoes nog een nieuwe kostenschatting en twee safety cases die nog kijken naar 2130(!): Eigenlijk hebben we nog geen idee van wat er nu écht gaat gebeuren.
‘Klankborden’ is ondertussen tien jaar bezig maar de overheid houdt maatschappelijke organisaties zoals Laka nog steeds angstvallig buiten de deur. Met die ervaring in het achterhoofd vragen we ons hardop af, welke garantie is er dat als “participatieve stapsgewijze aanpak”, die in 2027 zou moeten beginnen, niet opnieuw een adviestraject wordt ingezet?
En dan is het 2035 voordat je er erg in hebt.
Vandaag is de laatste dag dat je ook zelf een zienswijze kan indienen. Zie voor voorbeelden hier, hier en hier.
-
“In de mist”: Laka publiceert zienswijze kernafval
Vandaag, op de laatste dag dat dit kan, dient Laka haar zienswijze in op het ontwerp nationale programma radioactief afval. Laka geeft haar zienswijze als titel "in de mist".
Wat deze keer heel bijzonder was dat pas helemaal aan het einde van de inspraakprocedure de 7-jaarlijkse evaluatie van de COVRA werd gepubliceerd en dat COVRA afgelopen vrijdag ook nog pardoes nog met twee safety cases en een nieuwe kostenschatting kwam. En daaruit bleek dan ook nog een keer dat er wèl een aparte audit is gedaan naar de vorige kostenschatting. Nou ja, in de mist dus.In 2015 heeft Laka ook een zienswijze ingediend op het eerste ontwerp NPRA, toen was de titel “Wait and see”. In de aanloop van het eerste NPRA waarschuwde onder andere het hoofd van de Zweedse stralingsbeschermingautoriteit Strålsäkerhetsmyndigheten ons land namelijk om eerder dan het jaar 2130 werk te maken van de eindberging van radioactief afval. Maar de regering stak haar kop in het zand en week in het NPRA niet af van het toen al dertig jaar oude beleid om het aanleggen van een kernafval eindberging op de hele lange baan te schuiven.
Alles is nu anders, maar alles is toch ook het zelfde gebleven. De regering heeft namelijk forse kernenergie ambities, en dan moet je toch wat met dat kernafval. De staatssecretaris van IenW besloot daarom vorig jaar, mede op advies van het Rathenau Instituut, om voor de aanleg van die eindberging niet meer terug te redeneren vanaf het jaar 2130, maar nu “gewoon” te beginnen in een stapsgewijze participatieve aanpak. Dat zou dan mogelijk kunnen leiden tot een beheer- en locatiekeuze in 2050. Vijftig jaar eerder, tel uit je winst.
Tekst gaat door onder de video
En alhoewel de uitbouw van kernenergie in Nederland momenteel niet zo vlot verloopt als een meerderheid in de Tweede Kamer wensdenkt – waarbij de nadruk vooral ook lijkt te liggen bij het frustreren van effectief klimaatbeleid – blijft het toch opmerkelijk hoe veel voortvarender kernenergie wordt opgepakt dan het afhechten van de kernenergie back end. Dan krijg je toch het idee dat dit zaakje stinkt.
Voor twee nieuwe kerncentrale was direct een voorkeurslocatie in beeld, maar zodra iemand ook maar suggereert dat de eindberging uiteindelijk toch in Groningen of Drenthe komt “dan zijn we daar nog helemaal niet aan toe”. Zo stelt dezelfde staatssecretaris van IenW nu dat we rond 2050 goed in kaart hebben wat de mogelijkheden zijn en of we eindberging in Nederland, of toch in het buitenland gaan doen. Akkoord, het is vijftig jaar eerder, maar het is nog steeds pas over 25 jaar dat de overheid overweegt een echt gesprek over eindberging te gaan voeren. Dan vraag je je toch af: hoe moeilijk is het dan om een mijn te bouwen?
De nota radioactief afval uit 1984 had over een bovengrondse opslagtermijn van 100 jaar, het NPRA-2015 over 115 jaar, en het voorliggende ontwerp-NPRA over nog zeker 25 jaar. Hoe het ook zij: comfortabel ver weg. En Laka heeft zo het vermoeden dat zodra die 25 jaar haar ommekomst nadert, enige decennia nader uitstel niet ver weg zullen zijn.
Laka heeft ook nog steeds een kater van de “klankbordgroep” die op grond van het NPRA-2015 zou worden opgezet. Dat werd eerst een kwartiermaker die in 2018 concludeerde dat ‘klankborden’ wel wat passief klonk. Daarop heeft het ministerie van IenW het Rathenau Instituut verzocht op zoek te gaan naar hoe maatschappelijke betrokkenheid bij eindberging wel kan worden georganiseerd. En dat resulteerde dus in een advies om eindberging naar voren te halen.
Daarom geeft Laka haar zienswijze dit maal als titel “In de mist”. Met de geproclameerde vervroeging van de eindberging prijkt er opeens een gat van ruim honderd keer COVRA’s jaaromzet in de eindbergingsbegroting - dat toch echt door de afvalproducenten zal moeten worden gedicht, van de nieuwe participatieve stapsgewijze aanpak bestaat nog niet meer dan een schets, pal op de deadline publiceerde COVRA pardoes nog een nieuwe kostenschatting en twee safety cases die nog kijken naar 2130(!): Eigenlijk hebben we nog geen idee van wat er nu écht gaat gebeuren.
‘Klankborden’ is ondertussen tien jaar bezig maar de overheid houdt maatschappelijke organisaties zoals Laka nog steeds angstvallig buiten de deur. Met die ervaring in het achterhoofd vragen we ons hardop af, welke garantie is er dat als “participatieve stapsgewijze aanpak”, die in 2027 zou moeten beginnen, niet opnieuw een adviestraject wordt ingezet?
En dan is het 2035 voordat je er erg in hebt.
Vandaag is de laatste dag dat je ook zelf een zienswijze kan indienen. Zie voor voorbeelden hier, hier en hier.
-
COVRA publiceert op de valreep eindbergingsonderzoek in zout en klei
Met nog krap 4 dagen te gaan tot het sluiten van de termijn voor het indienen van zienswijzes op het nieuwe nationale kernafval plan, publiceert COVRA vanmiddag twee uitgebreide studies naar de eindberging van kernafval in kleilagen en in noordelijke in zoutkoepels. Bij elkaar ruim 300 kantjes, dus als je daar iets nog over wil zeggen in je zienswijze, wordt het een lang weekend. Maar misschien is dat ook wel niet nodig is want Covra's onderzoeken lijken er nog steeds van uit te gaan dat een eindberging pas in 2130 klaar hoeft te zijn, terwijl PVV-staatssecretaris Jansen vorig jaar, na een advies van Rathenau, die planning juist losliet.
Maar omdat we het niet kunnen laten: drie observaties.-
COVRA: concept zout
COVRA heeft plaatjes gemaakt over hoe een eindberging in zout er uit zou kunnen zien. Maar wat valt dan meteen op? Inderdaad: de liftschacht. De eindberging in het Finse Olkiluoto is juist zo duur vanwege de kilometerslange hellingbaan (spiral ramp) die is geboord om het kernafval naar beneden te rijden. Want liften gaan wel eens stuk. Dan zit je lelijk in de knel met je lift met hoogradioactief afval.
- Kostenschatting is nu 3 miljard euro. Op zich opmerkelijk dat dit voor de twee types berging vergelijkbaar is, maar die schatting was was in 2018 nog 2,05 miljard. in 2023 was 2,05 gecorrigeerd voor inflatie toegenomen tot 2,3 miljard, dus kort door de bocht wordt de eindberging ieder jaar 100 miljoen duurder.
- En dan Drenthe. Ondanks sussende geluiden uit de provincie gaat COVRA onverminderd door. Men vaart nog steeds op onderzoek uit 1993, maar in beeld blijven zoutstructuren onder 1) Veendam, 2) Zuidwending, 3) Winschoten, 4) Anloo, 5) Hooghalen, 6) Schoonloo,7) Gasselte-Drouwen, 8) Pieterburen, 9) Slochteren/Noordenbroek, 10) Hoogezand, 11) Onstwedde.
-
-
COVRA publiceert op de valreep eindbergingsonderzoek in zout en klei
Met nog krap 4 dagen te gaan tot het sluiten van de termijn voor het indienen van zienswijzes op het nieuwe nationale kernafval plan, publiceert COVRA vanmiddag twee uitgebreide studies naar de eindberging van kernafval in kleilagen en in noordelijke in zoutkoepels. Bij elkaar ruim 300 kantjes, dus als je daar iets nog over wil zeggen in je zienswijze, wordt het een lang weekend. Maar misschien is dat ook wel niet nodig is want Covra's onderzoeken lijken er nog steeds van uit te gaan dat een eindberging pas in 2130 klaar hoeft te zijn, terwijl PVV-staatssecretaris Jansen vorig jaar, na een advies van Rathenau, die planning juist losliet.
Maar omdat we het niet kunnen laten: drie observaties.-
COVRA: concept zout
COVRA heeft plaatjes gemaakt over hoe een eindberging in zout er uit zou kunnen zien. Maar wat valt dan meteen op? Inderdaad: de liftschacht. De eindberging in het Finse Olkiluoto is juist zo duur vanwege de kilometerslange hellingbaan (spiral ramp) die is geboord om het kernafval naar beneden te rijden. Want liften gaan wel eens stuk. Dan zit je lelijk in de knel met je lift met hoogradioactief afval.
- Kostenschatting is nu 3 miljard euro. Op zich opmerkelijk dat dit voor de twee types berging vergelijkbaar is, maar die schatting was was in 2018 nog 2,05 miljard. in 2023 was 2,05 gecorrigeerd voor inflatie toegenomen tot 2,3 miljard, dus kort door de bocht wordt de eindberging ieder jaar 100 miljoen duurder.
- En dan Drenthe. Ondanks sussende geluiden uit de provincie gaat COVRA onverminderd door. Men vaart nog steeds op onderzoek uit 1993, maar in beeld blijven zoutstructuren onder 1) Veendam, 2) Zuidwending, 3) Winschoten, 4) Anloo, 5) Hooghalen, 6) Schoonloo,7) Gasselte-Drouwen, 8) Pieterburen, 9) Slochteren/Noordenbroek, 10) Hoogezand, 11) Onstwedde.
-
-
COVRA publiceert op de valreep eindbergingsonderzoek in zout en klei
Met nog krap 4 dagen te gaan tot het sluiten van de termijn voor het indienen van zienswijzes op het nieuwe nationale kernafval plan, publiceert COVRA vanmiddag twee uitgebreide studies naar de eindberging van kernafval in kleilagen en in noordelijke in zoutkoepels. Bij elkaar ruim 300 kantjes, dus als je daar iets nog over wil zeggen in je zienswijze, wordt het een lang weekend. Maar misschien is dat ook wel niet nodig is want Covra's onderzoeken lijken er nog steeds van uit te gaan dat een eindberging pas in 2130 klaar hoeft te zijn, terwijl PVV-staatssecretaris Jansen vorig jaar, na een advies van Rathenau, die planning juist losliet.
Maar omdat we het niet kunnen laten: drie observaties.-
COVRA: concept zout
COVRA heeft plaatjes gemaakt over hoe een eindberging in zout er uit zou kunnen zien. Maar wat valt dan meteen op? Inderdaad: de liftschacht. De eindberging in het Finse Olkiluoto is juist zo duur vanwege de kilometerslange hellingbaan (spiral ramp) die is geboord om het kernafval naar beneden te rijden. Want liften gaan wel eens stuk. Dan zit je lelijk in de knel met je lift met hoogradioactief afval.
- Kostenschatting is nu 3 miljard euro. Op zich opmerkelijk dat dit voor de twee types berging vergelijkbaar is, maar die schatting was was in 2018 nog 2,05 miljard. in 2023 was 2,05 gecorrigeerd voor inflatie toegenomen tot 2,3 miljard, dus kort door de bocht wordt de eindberging ieder jaar 100 miljoen duurder.
- En dan Drenthe. Ondanks sussende geluiden uit de provincie gaat COVRA onverminderd door. Men vaart nog steeds op onderzoek uit 1993, maar in beeld blijven zoutstructuren onder 1) Veendam, 2) Zuidwending, 3) Winschoten, 4) Anloo, 5) Hooghalen, 6) Schoonloo,7) Gasselte-Drouwen, 8) Pieterburen, 9) Slochteren/Noordenbroek, 10) Hoogezand, 11) Onstwedde.
-
-
Ontwerp-Nationaal programma radioactief afval: eindberging eerder dan 2130
Iedere tien jaar moeten de lidstaten van de Europese Unie een Nationaal programma maken voor de opslag en het beheer van radioactief afval en verbruikte splijtstoffen ("NPRA") . In dit Nationaal programma beschrijft een lidstaat hoe nu en in de toekomst met haar kernafval omgaat. Veiligheid is hierbij het belangrijkste uitgangspunt om zo mens en milieu te beschermen. Nederland moet voor augustus 2025 een nieuw nationaal programma vaststellen. Een jaar geleden was de commissie MER al erg kritisch over voorgestelde afbakening van het NPRA. Vanochtend is alsnog het vertraagde concept gepubliceerd waarop iedereen tot 24 maart kan reageren.
De belangrijkste reden waarom we benieuwd zijn naar ontwerp Nationaal Programma Radioactief Afval (NPRA) is de aankondiging van staatssecretaris Jansen dat de regering de tijdsplanning voor de aanleg van de eindberging naar voren haalt. Tot nu ging het beleid sinds 1984 en er namelijk vanuit dat pas in 2100 een beslissing genomen zou worden over de eindberging. De Routekaart, één van de vandaag gepubliceerde stukken, bevestigt opnieuw dat die planning is losgelaten: “Dit betekent dat niet langer een einddoel wordt gesteld waaruit terug geredeneerd wordt. In plaats daarvan wordt gekozen voor een participatieve stapsgewijze aanpak. De beslissingen over het tijdspad volgen dan uit het stapsgewijze proces. De voorbereidingen voor het besluitvormingsproces starten na publicatie van het NPRA in 2025 en kunnen leiden tot een eerdere datum voor besluitvorming over de locatie en beheermethode.” Vaag; we gaan er eerst maar weer eens over praten met “alle stakeholders”. Maar toch ook winst want 2130 is – vooralsnog – van tafel, iets waar Laka al heel lang voor pleit.
Bericht gaat door onder de video
Maar goed, wat gaat er dan nu gebeuren: er wordt voornamelijk een nieuwe ronde overleggen en onderzoeken opgestart. Inclusief opnieuw een Klankbordgroep (waar kennen we die ook al weer van?) Aan het slot van de Routekaart is een schema met 24 ‘acties’ die er nu moeten volgen.
Er is ook een Plan-MER opgesteld door consultancy bureau Mott MacDonald. Het is 277 bladzijden, kost wat tijd om het door te nemen, maar iets wat ons opviel: zoals altijd is opwerking en hergebruik slecht uitgewerkt: heel veel nauwelijks onderbouwde aannames over hergebruik: geen enkele melding van emissies bij opwerking - want in Frankrijk dus dat telt niet; geen enkele melding van het feit dat hergebruik hooguit maar voor enkele procenten van het kernsplijtingsafval geldt, en ook niet dat de Franse nucleaire toezichthouder ASN al jaren meldt dat verbruikte MOX-brandstof nooit opgewerkt wordt; erg optimistisch over ‘nieuwe reactorontwerpen’ die actiniden kunnen verbranden - zonder de vermelding dat technologie om actiniden, behalve uranium en plutonium, te isoleren uit het kernsplijtingsafval grotendeels nog ontwikkeld moeten worden; en stelt dat opwerken (hergebruik) veel goedkoper is. Dat is dan zeker waarom maar een heel klein aantal landen opwerken en hergebruiken; en dat het Verenigd Koninkrijk net vorige maand besloot al haar plutonium, met daarbij het plutonium uit Dodewaard (140 ton) gereed te maken voor eindberging. Men heeft lang gespeeld met de gedachte dit plutonium te verwerken tot MOX-kernreactor-brandstof, maar deze route is onzeker, en opslag en beveiliging zijn erg kostbaar; etc. Maar wel één van de eerste keren (we zijn al met weinig tevreden) dat vermeldt wordt dat het Nederlandse hoogradioactief afval dat uit de opwerkingsfabriek terug komt niet hergebruikt kan worden, omdat het verglaasd is.
Kortom wij gaan er goed naar kijken. Tot 24 maart is er de gelegenheid om een zienswijze in te dienen. Daarna komt er een nieuwe advies van de commissie MER, worden alle reacties verwerkt en komt er een definitief NPRA wat dan door de Kamer kan worden vastgesteld. Wij eten alvast onze hoed op dat dat voor augustus allemaal gedaan is.
#Euratom201170 #NPRA -
COVRA publiceert onderzoek naar eindberging van kernafval in Zeeuwse kleilaag
Kernafvalverwerker COVRA publiceerde onlangs een afgerond TNO-onderzoek naar de Watervliet-kleilaag onder COVRA in Zeeland. Diep onder de gemeente Borsele ligt namelijk dit "Laagpakket van Watervliet", een kleilaag die mogelijk geschikt is om een eindberging voor kernafval in aan te leggen. TNO heeft nu onderzocht hoe snel radioactieve deeltjes zich door deze kleilaag kunnen verspreiden.
COVRA laat dit onderzoek uitvoeren om zich voor te bereiden op de uiteindelijke aanleg van een ondergrondse kernafval eindberging. Afgelopen najaar besloot PVV-staatssecretaris Jansen de aanleg van zo'n eindberging te versnellen. De onderzochte boormonsters zijn echter al in 2011 genomen bij de voorbereidingen van de na Fukushima afgeketste plannen voor Borssele-2.
Ook opmerkelijk is dat het onderzoek is gefinancierd door het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Want het is juist wettelijk verplicht dat de kosten voor onderzoek en ontwikkeling van een eindberging onderdeel zijn van de tarieven die COVRA rekent aan kernafvalproducenten zoals kerncentrale Borssele. Anders is het verboden staatssteun.
Geologische onderzoek ter voorbereiding van kernafval-eindberging leidt vaak tot "gedoe". Daarom ziet COVRA zich genoodzaakt dit soort onderzoeken in de marge van andere projecten te laten uitvoeren. Zoals hier, met boringen bij de vorige ronde "nieuwe kerncentrales", of, twee jaar geleden, bij een onderzoek naar geothermie onder Delft.
Eerder deze week maakte het Ministerie van IenW bekend dat het vertraagde ontwerp Nationaal programma radioactief afval, waarin ook meer informatie komt over het traject naar eindberging, komende dinsdag 11 februari alsnog wordt gepubliceerd.
-
Nationaal programma radioactief afval vertraagd; publicatie ‘op korte termijn’
De planning was om afgelopen maandag, 13 januari, het concept van het Nationaal Programma Radioactief Afval (NPRA) en het milieueffectrapport (mer) te publiceren, waarna iedereen kan reageren op het concept. Dat is niet gelukt, het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat liet vanmorgen weten dat er momenteel nog de hand word gelegd aan een aantal stukken. Publicatie is wel op korte termijn te verwachten, maar een concrete datum kan niet genoemd worden. Het vorige NPRA, verplicht vanaf 2015, was ook ruim een jaar vertraagd.
Het programma is van belang omdat naar verwachting invulling wordt gegeven aan het voornemen van PVV-staatssecretaris Jansen om te werken aan eerdere eindberging dan 2130. Iets waar Laka al heel lang voor pleit. Het NPRA is het programma waarin Nederland het kernafvalbeleid uiteenzet en wat iedere tien jaar moet worden herzien. -
PVV-staatsecretaris in Kamer over nieuw kernafval-plan
Vorige maand ging er kleine schokgolf door kernenergieminnend Nederland. Chris Jansen, de racistische PVV-staatssecretaris voor openbaar vervoer en milieu had namelijk besloten om te stoppen met het een eeuw vooruitschuiven van de eindberging van kernafval en in plaats daarvan een sneller en participatief besluitvormingsproces in te richten. Dat op basis van een advies van het Rathenau instituut, wat hij als trotse PVV’er omarmde.
In een toelichting in de Kamer gaf hij vorige week woensdag aan dat het ministerie in januari volgend jaar een eerste routekaart naar eindberging publiceert. En eind 2027 komt er dan een eerste plan van aanpak voor een participatieve stapsgewijze aanpak naar de Kamer.De nieuwe Kamercommissie Externe Veiligheid behandelde afgelopen woensdag het Rathenau-advies over een participatief besluitvormingstraject voor de eindberging van kernafval. Het was al snel duidelijk dat het onderwerp van de eindberging van kernafval niet erg leeft bij de Kamer. Zo had niemand Kamerlid Bamenga van D66 verteld dat het kabinet het jaar 2100 juist had verlaten. En PVV'er Boutkan had zelfs niet eens door dat het deze keer niet over kerncentrales ging. Hij bleef maar roepen dat het sneller moest.
Met het omarmen van het Rathenau-advies om de planning voor de aanleg van de eindberging om te draaien is in september eigenlijk het volledige kernafval-eindbergingsbeleid overhoop gehaald. Dat beleid was namelijk gericht op een eeuw zo min mogelijk doen en daarna dan verder te zien. Omdat dat plan nu door de shredder is, zijn ambtenaren van het Ministerie van IenW dus druk bezig het Nationaal programma radioactief afval (NPRA) te updaten. Het NPRA is het programma waarin Nederland het kernafvalbeleid uiteenzet en wat iedere tien jaar moet worden herzien. Nu de regering vorige maand de eindbergingsplanning heeft omgedraaid moet dat nu worden meegenomen in de nieuwe routekaart naar eindberging die in het NPRA komt. In dat nieuwe NPRA zal dan ook komen te staan hoe de regering eind 2027 tot een plan van aanpak voor de nieuwe participatieve stapsgewijze aanpak komt, aldus Jansen in de Kamer. Maar voor het nieuwe NPRA is dat niet heel veel werk, Rathenau had dat namelijk al uitgewerkt.
Het nieuwe ontwerp-NPRA, samen met de mer, wordt 13 januari 2025 gepubliceerd. Iedereen kan dan een zienswijze indienen. In augustus '25 wordt het programma dan door de Kamer vastgesteld (alhoewel dat tien jaar geleden een jaar vertraging opliep)
https://www.laka.org/nieuws/2024/pvv-staatsecretaris-in-kamer-over-nieuwe-planning-kernafval-530845
#Euratom201170 #Rathenau #Voorpagina #Eindberging #RegeringEnParlement
-
PVV-staatsecretaris in Kamer over nieuw kernafval-plan
Vorige maand ging er kleine schokgolf door kernenergieminnend Nederland. Chris Jansen, de racistische PVV-staatssecretaris voor openbaar vervoer en milieu had namelijk besloten om te stoppen met het een eeuw vooruitschuiven van de eindberging van kernafval en in plaats daarvan een sneller en participatief besluitvormingsproces in te richten. Dat op basis van een advies van het Rathenau instituut, wat hij als trotse PVV’er omarmde.
In een toelichting in de Kamer gaf hij vorige week woensdag aan dat het ministerie in januari volgend jaar een eerste routekaart naar eindberging publiceert. En eind 2027 komt er dan een eerste plan van aanpak voor een participatieve stapsgewijze aanpak naar de Kamer.De nieuwe Kamercommissie Externe Veiligheid behandelde afgelopen woensdag het Rathenau-advies over een participatief besluitvormingstraject voor de eindberging van kernafval. Het was al snel duidelijk dat het onderwerp van de eindberging van kernafval niet erg leeft bij de Kamer. Zo had niemand Kamerlid Bamenga van D66 verteld dat het kabinet het jaar 2100 juist had verlaten. En PVV'er Boutkan had zelfs niet eens door dat het deze keer niet over kerncentrales ging. Hij bleef maar roepen dat het sneller moest.
Met het omarmen van het Rathenau-advies om de planning voor de aanleg van de eindberging om te draaien is in september eigenlijk het volledige kernafval-eindbergingsbeleid overhoop gehaald. Dat beleid was namelijk gericht op een eeuw zo min mogelijk doen en daarna dan verder te zien. Omdat dat plan nu door de shredder is, zijn ambtenaren van het Ministerie van IenW dus druk bezig het Nationaal programma radioactief afval (NPRA) te updaten. Het NPRA is het programma waarin Nederland het kernafvalbeleid uiteenzet en wat iedere tien jaar moet worden herzien. Nu de regering vorige maand de eindbergingsplanning heeft omgedraaid moet dat nu worden meegenomen in de nieuwe routekaart naar eindberging die in het NPRA komt. In dat nieuwe NPRA zal dan ook komen te staan hoe de regering eind 2027 tot een plan van aanpak voor de nieuwe participatieve stapsgewijze aanpak komt, aldus Jansen in de Kamer. Maar voor het nieuwe NPRA is dat niet heel veel werk, Rathenau had dat namelijk al uitgewerkt.
Het nieuwe ontwerp-NPRA, samen met de mer, wordt 13 januari 2025 gepubliceerd. Iedereen kan dan een zienswijze indienen. In augustus '25 wordt het programma dan door de Kamer vastgesteld (alhoewel dat tien jaar geleden een jaar vertraging opliep)
https://www.laka.org/nieuws/2024/pvv-staatsecretaris-in-kamer-over-nieuwe-planning-kernafval-530845
#Euratom201170 #Rathenau #Voorpagina #Eindberging #RegeringEnParlement
-
PVV-staatsecretaris in Kamer over nieuw kernafval-plan
Vorige maand ging er kleine schokgolf door kernenergieminnend Nederland. Chris Jansen, de racistische PVV-staatssecretaris voor openbaar vervoer en milieu had namelijk besloten om te stoppen met het een eeuw vooruitschuiven van de eindberging van kernafval en in plaats daarvan een sneller en participatief besluitvormingsproces in te richten. Dat op basis van een advies van het Rathenau instituut, wat hij als trotse PVV’er omarmde.
In een toelichting in de Kamer gaf hij vorige week woensdag aan dat het ministerie in januari volgend jaar een eerste routekaart naar eindberging publiceert. En eind 2027 komt er dan een eerste plan van aanpak voor een participatieve stapsgewijze aanpak naar de Kamer.De nieuwe Kamercommissie Externe Veiligheid behandelde afgelopen woensdag het Rathenau-advies over een participatief besluitvormingstraject voor de eindberging van kernafval. Het was al snel duidelijk dat het onderwerp van de eindberging van kernafval niet erg leeft bij de Kamer. Zo had niemand Kamerlid Bamenga van D66 verteld dat het kabinet het jaar 2100 juist had verlaten. En PVV'er Boutkan had zelfs niet eens door dat het deze keer niet over kerncentrales ging. Hij bleef maar roepen dat het sneller moest.
Met het omarmen van het Rathenau-advies om de planning voor de aanleg van de eindberging om te draaien is in september eigenlijk het volledige kernafval-eindbergingsbeleid overhoop gehaald. Dat beleid was namelijk gericht op een eeuw zo min mogelijk doen en daarna dan verder te zien. Omdat dat plan nu door de shredder is, zijn ambtenaren van het Ministerie van IenW dus druk bezig het Nationaal programma radioactief afval (NPRA) te updaten. Het NPRA is het programma waarin Nederland het kernafvalbeleid uiteenzet en wat iedere tien jaar moet worden herzien. Nu de regering vorige maand de eindbergingsplanning heeft omgedraaid moet dat nu worden meegenomen in de nieuwe routekaart naar eindberging die in het NPRA komt. In dat nieuwe NPRA zal dan ook komen te staan hoe de regering eind 2027 tot een plan van aanpak voor de nieuwe participatieve stapsgewijze aanpak komt, aldus Jansen in de Kamer. Maar voor het nieuwe NPRA is dat niet heel veel werk, Rathenau had dat namelijk al uitgewerkt.
Het nieuwe ontwerp-NPRA, samen met de mer, wordt 13 januari 2025 gepubliceerd. Iedereen kan dan een zienswijze indienen. In augustus '25 wordt het programma dan door de Kamer vastgesteld (alhoewel dat tien jaar geleden een jaar vertraging opliep)
https://www.laka.org/nieuws/2024/pvv-staatsecretaris-in-kamer-over-nieuwe-planning-kernafval-530845
#Euratom201170 #Rathenau #Voorpagina #Eindberging #RegeringEnParlement
-
PVV-staatsecretaris in Kamer over nieuw kernafval-plan
Vorige maand ging er kleine schokgolf door kernenergieminnend Nederland. Chris Jansen, de racistische PVV-staatssecretaris voor openbaar vervoer en milieu had namelijk besloten om te stoppen met het een eeuw vooruitschuiven van de eindberging van kernafval en in plaats daarvan een sneller en participatief besluitvormingsproces in te richten. Dat op basis van een advies van het Rathenau instituut, wat hij als trotse PVV’er omarmde.
In een toelichting in de Kamer gaf hij vorige week woensdag aan dat het ministerie in januari volgend jaar een eerste routekaart naar eindberging publiceert. En eind 2027 komt er dan een eerste plan van aanpak voor een participatieve stapsgewijze aanpak naar de Kamer.De nieuwe Kamercommissie Externe Veiligheid behandelde afgelopen woensdag het Rathenau-advies over een participatief besluitvormingstraject voor de eindberging van kernafval. Het was al snel duidelijk dat het onderwerp van de eindberging van kernafval niet erg leeft bij de Kamer. Zo had niemand Kamerlid Bamenga van D66 verteld dat het kabinet het jaar 2100 juist had verlaten. En PVV'er Boutkan had zelfs niet eens door dat het deze keer niet over kerncentrales ging. Hij bleef maar roepen dat het sneller moest.
Met het omarmen van het Rathenau-advies om de planning voor de aanleg van de eindberging om te draaien is in september eigenlijk het volledige kernafval-eindbergingsbeleid overhoop gehaald. Dat beleid was namelijk gericht op een eeuw zo min mogelijk doen en daarna dan verder te zien. Omdat dat plan nu door de shredder is, zijn ambtenaren van het Ministerie van IenW dus druk bezig het Nationaal programma radioactief afval (NPRA) te updaten. Het NPRA is het programma waarin Nederland het kernafvalbeleid uiteenzet en wat iedere tien jaar moet worden herzien. Nu de regering vorige maand de eindbergingsplanning heeft omgedraaid moet dat nu worden meegenomen in de nieuwe routekaart naar eindberging die in het NPRA komt. In dat nieuwe NPRA zal dan ook komen te staan hoe de regering eind 2027 tot een plan van aanpak voor de nieuwe participatieve stapsgewijze aanpak komt, aldus Jansen in de Kamer. Maar voor het nieuwe NPRA is dat niet heel veel werk, Rathenau had dat namelijk al uitgewerkt.
Het nieuwe ontwerp-NPRA, samen met de mer, wordt 13 januari 2025 gepubliceerd. Iedereen kan dan een zienswijze indienen. In augustus '25 wordt het programma dan door de Kamer vastgesteld (alhoewel dat tien jaar geleden een jaar vertraging opliep)
https://www.laka.org/nieuws/2024/pvv-staatsecretaris-in-kamer-over-nieuwe-planning-kernafval-530845
#Euratom201170 #Rathenau #Voorpagina #Eindberging #RegeringEnParlement
-
CieMer: betere afbakening Nationaal Programma Radioactief Afval noodzakelijk
De Commissie voor de milieueffectrapportage adviseert de regering om meer duidelijkheid te geven over de besluitvorming rond kernenergie en radioactief afval. De CieMer vindt dit belangrijk omdat er sprake is van “een stapeling van onzekerheden”. Duidelijkheid over afbakening is noodzakelijk om een goed milieueffectrapport op te kunnen stellen voor het tweede nationaal programma radioactief afval voor de periode tot 2035. Het kabinet had de Commissie Mer om advies gevraagd over de benodigde inhoud van het milieueffectrapport.
De Europese richtlijn 2011/70/EURATOM verplicht iedere lidstaat om tenminste iedere tien jaar een nationaal programma voor een veilig beheer van radioactief afval en verbruikte splijtstoffen vast te stellen en te onderhouden. Vanwege deze richtlijn heeft Nederland in 2016 het Nationaal Programma Radioactief afval (NPRA) opgesteld, dat in 2025 afloopt. Het kabinet stelt daarom een nieuw programma op voor de periode tot 2035. Dat moet het veilig beheer van radioactief afval en verbruikte splijtstoffen van ontstaan tot aan eindberging beschrijven.
De Commissie merkt in haar, door het kabinet gevraagde advies over de benodigde inhoud van het mer, op dat de afbakening van het nationaal programma onduidelijk is. Gaat het alleen over bestaand beheer richting eindberging of meer? Voorbeelden hiervan zijn het wel of niet anticiperen op plannen voor nieuwe kerncentrales en op mogelijk nieuw afvalbeleid over hergebruik van laag radioactief afval. Onzeker is waar, wanneer wat besloten wordt. Consequentie hiervan is dat ook onduidelijk is waarvan precies wanneer de milieugevolgen onderzocht moeten worden.Verder moet er in gegaan worden op een aantal vragen: op grond van welke (milieu)argumenten is elektriciteitsproductie uit kernenergie, nuttig of noodzakelijk? Ga hierbij in het bijzonder in op de daaraan verbonden toename van de hoeveelheid radioactief afval en hoe dit zich verhoudt tot het NPRA-principe om de hoeveelheid radioactief afval te minimaliseren. Ga ook in op de rol van kernenergie in de energiemix en afhankelijkheden van het buitenland (bijvoorbeeld voor uranium, MOX-brandstof en opwerking). De keus voor opwerking is volgens de commissie “namelijk onduidelijk”. Bijzonder is dat de commissie onomwonden stelt (p.6) dat MOX niet opgewerkt wordt. En wat moet er dan mee gebeuren als dat teruggezonden wordt naar Nederland (op dit moment loopt er een procedure van Laka tegen de export en transportvergunning van MOX-brandstof naar Frankrijk: het wordt niet opgewerkt, maar dat is wel de wettelijke grondslag voor het transport). Ook neemt de Commissie de zienswijze van Laka mee dat het NPRA inzicht moet geven in de gevolgen van de mogelijke eerdere ontmanteling van de kerncentrale Dodewaard.
In haar advies gaat de Commissie er ook vanuit dat het milieueffectrapport in ieder geval zal ingaan op de milieugevolgen van de zogenoemde ‘routekaarten eindberging’ voor hoog radioactieve afval en de verbruikte splijtstoffen. Er moeten alternatieve routekaarten voor de eindberging ontwikkeld worden met de optie “besluiten naar voren halen”; eerdere eindberging dan 2130, dus.
#Euratom201170 #Milieueffectrapportage #Voorpagina #Eindberging #Euratom #NieuweKerncentrales #Opwerking #RadioactiefAfval